Kleine letter Middelgrote letter Grote letter
Klara logo. Klik voor homepage
Presentatie: Krsistof Lowyck
Klara online beluisteren

Concerto

Krsistof Lowyck

Klara Continuo beluisteren
  • Home
  • Programma's
    • Programma's vandaag
    • Programma's gisteren
    • Programma's morgen
    • Programma's weekschema
    • Programma's printservice
    • Klara Continuo
  • Herbeluisteren
    • Programma's on demand
    • Podcasts
  • Cd's
    • Programma's vandaag
    • Eigen producties
    • Programma's vandaag
  • Aanbevolen
  • Nieuwsbrief
  • Veelgestelde vragen
  •  

Held van de dag

Athena (18/12)



Als Athena gewapend ter wereld komt, uit het in tweeën gekliefde hoofd van haar vader Zeus, slaakt zij een strijdkreet die hemel en aarde doet beven. Athena dient zich van meet af aan als een krijgsgodin. Dat is lang niet haar enige kwaliteit, want Athena is ook begiftigd met verstand, handigheid en menslievendheid. Die combinatie zorgt ervoor dat zij in veel verhalen optreedt: zij helpt Jason bij het bouwen van het schip de Argo. Als de Trojaan Paris haar niet kiest als mooiste godin, steunt zij de Grieken in hun oorlog tegen Troje. Ze assisteert Herakles bij zijn twaalf werken en doet er alles voor om Odysseus veilig naar huis te laten keren. Athena is ook de weldoende stadsgodin. Zij heeft er zelf veel over om de patrones van de stad Athene te worden. Zij plant op de Akropolis de eerste olijfboom en produceert de eerste olijfolie. Als verstandige godin is Athena de beschermster van tal van intellectuele en ambachtelijke activiteiten: filosofie in de eerste plaats, maar ook literatuur en schone kunsten, en spinnen, weven en borduren. Athena heeft -beter had- ook iets met muziek: zij is de uitvindster van de fluit. Maar haar muzikale loopbaan vond een bruusk einde toen ze haar uitvinding zelf versmaadde en weggooide. Athena had namelijk in een riviertje gezien hoe haar wangen tijdens het bespelen van het instrument onelegant bol gingen staan. En dat was het fluitspel haar niet waard.

Ava Gardner (17/12)



Ava Gardner wordt geboren in Brogden, North Carolina, op 24 december 1922. Zij begint haar filmcarrière op achttienjarige leeftijd, wanneer haar foto in het raam van de fotostudio van haar schoonbroer wordt opgemerkt door de mensen van Metro-Goldwyn-Mayer. Men is het eens dat Ava Gardner weinig acteertalent bezit, maar dat haar uiterlijke schoonheid enorm geschikt is voor de filmindustrie, of om het met de woorden van filmtycoon Louis B. Mayer te zeggen: “She can’t sing, she can’t act, she can’t talk. She’s terrific.” Na heel wat bijrolletjes, draait ze in 1946 haar eerste belangrijke film “The Killers”, met Burt Lancaster in de mannelijke hoofdrol. In die periode is Ava Gardner echter vooral gekend om haar stormachtige huwelijken met de acteur Mickey Rooney, de jazzbandleider Artie Shaw en vooral met Frank Sinatra. Daarbij heeft zij ook nog tussendoortjes met de excentrieke miljonair Howard Hugues en met de toreador Miguel Dominguín. Ava Gardner is een grillige actrice, bekend om haar uitspraak: “Ik wil 150 jaar oud worden, maar wanneer ik sterf wil ik dat doen met een sigaret in de ene hand en een glas whisky in de andere.” Toch draait zij onvergetelijke filmklassiekers. En vanavond vertoont de Cinematek één van die pareltjes, namelijk “The Barefoot Contessa” van Jospeh Mankiewicz met in de hoofdrollen Humphrey Bogart en de sublieme, verrukkelijke, onweerstaanbare Ava Gardner.

Nostradamus (14/12)



Michel de Nostredame wordt geboren in Saint – Rémy de Provence op 14 december 1503, dag op dag 509 jaar geleden. Vanaf zijn vijftiende begint Nostradamus te studeren aan de universiteit van Avignon. Wanneer de universiteit haar deuren moet sluiten wegens het uitbreken van de pest, verlaat hij Avignon. In 1529 begint hij geneeskunde te studeren aan de universiteit van Montpellier. Hij wordt echter van de universiteit verwijderd omdat hij ook een apothekerspraktijk uitoefent. In 1534 sterven zijn vrouw en zijn twee kinderen ten gevolge van de pest en Nostradamus begint met lange reistochten door Frankrijk en naar Italië. Zoals veel van zijn collega’s uit de renaissance beoefent Nostradamus ook de astrologie. Catharina de Medici, de echtgenote van Koning Hendrik II is een groot bewonderaar van Nostradamus en zij ontbiedt hem naar Parijs om horoscopen te tekenen en benoemd hem tot Raadgever en Buitengewoon geneesheer van de Koning. Nostradamus is vooral bekend voor zijn “Prophéties”, cryptische geschriften waarin zijn aanhangers – en die zij er nog altijd- de voorspellingen zien van de Wereldoorlogen, Hitler, het communisme, het terrorisme en zelfs de aanslag van “nine eleven”! Maar de uitspraken zijn veel te vaag en men kan er met gemak om het even welke interpretatie aan geven die past in de hedendaagse situatie. Hoewel: zijn voorspelling van de komst van een zekere “Chiren”, die een langdurige wereldvrede zou brengen, wil ik er graag bijnemen.

Hans Castorp (13/12)



Hans Castorp is het hoofdpersonage uit de “Toverberg”, de magistrale roman van de grote Thomas Mann. En ik zeg het u meteen, beste luisteraars, het is één van mijn mooiste leeservaringen. In 1924 verschijnt in Duitsland een boek van bijna zevenhonderd dichtbedrukte bladzijden, dat binnen de vier jaar een oplage haalt van meer dan honderdduizend exemplaren. Vijf jaar later ontvangt Thomas Mann de Nobelprijs voor Literatuur, voor dit boek in het bijzonder. “De Toverberg” is het verhaal van de jonge Duitse Hans Castorp die zijn neef bezoekt in een sanatorium in het Zwitserse Davos. Betoverd door de verleidelijke, maar zieke Madame Claudia Chauchat – what’s in a name!- blijft Hans geen drie weken in het sanatorium maar zeven jaar. “De Toverberg” is een “Bildungsroman” in de Duitse traditie, een hoogtepunt in het oeuvre van Thomas Mann, dat op een sublieme wijze verbeeldt hoe de Duitse elite aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog vlucht in de ijle wereld van de cultuur en de kunst. Naast zijn inwijding in de liefde, beleeft Hans Castorp een leerproces, dat zijn inwijding in het leven is, waarbij de idealistische humanist Ludovico Settembrini en de sinistere, reactionaire Leo Naphta strijden om zijn ziel, maar zijn hart heeft Hans Castorp voor eens en altijd verpand aan de betoverende Madame Chauchat. Bij de Arbeiderspers verscheen er een nieuwe vertaling van dit absolute meesterwerk aan de hand van Hans Driesen, een prachtig boek…mét leeslint.

Gustave Flaubert (12/12)



Gustave Flaubert wordt geboren in Rouen op 12 december 1821, dag op dag 191 jaar geleden. Na zijn humaniora trekt hij naar Parijs om er rechten te studeren. Flaubert is een middelmatige student en hij vindt Parijs een walgelijke stad. In oktober 1849 vertrekt hij met zijn vriend Maxime Du Camp voor een reis van anderhalf jaar door de Oriënt. Tijdens deze tocht genieten de twee mannen van de cultuur en de architectuur, maar ook brengen zij geregeld bezoekjes aan de plaatselijke bordelen. Flaubert zal dit alles tot in het detail beschrijven in “Reis door de Oriënt”. Flaubert is altijd op zoek naar “le mot juste”; hij zwoegt op zijn teksten en is dolblij wanneer hij na een dag van hard labeur, één bladzijde heeft geschreven. De critici noemen de auteur van “La Tentation de St-Antoine” dan ook “le martyre du style”. In 1850 begint hij aan “Madame Bovary”. Hij schrijft er vijf jaar aan, wordt één met zijn personage, want “Madame Bovary, c’est moi”. Wanneer de roman in 1856 verschijnt, moet hij voor het gerecht verschijnen voor immoraliteit. Madame Bovary is volgens de rechtbank immoreel, niet omdat zij haar man bedriegt, maar omdat zij, net zoals Anna Karenina, zelfmoord pleegt. Zijn hele leven is Gustave Flaubert enkel en alleen met de literatuur bezig en voor het overige heeft hij geen al te hoge dunk van de mensheid die volgens hem vooral uit domoren bestaat. Want “domoren”, zo zegt Gustave Flaubert “zijn mensen die anders denken dan jezelf.”

Hector Berlioz (11/12)


Foto: Pierre Petit

Hector Berlioz wordt geboren op 11 december 1803, dag op dag 209 jaar geleden. Hij krijgt muzieklessen van zijn vader die plattelandsdokter is en zijn eerste muzikale kick krijgt hij wanneer hij tijdens zijn eerste communie het meisjeskoor hoort zingen. In 1821 sturen zijn ouders hem naar Parijs om in navolging van zijn vader, geneeskunde studeren. Maar na een voorstelling in de Opéra de Paris beslist hij, tegen de wil van zijn ouders, om componist te worden. Hector Berlioz ontdekt Beethoven, maar ook Goethe en Shakespeare en zijn passie voor de grote William is zo groot dat hij tot over zijn oren verliefd op de Ierse Shakespearevertolkster Harriet Smithson. In 1830 wint hij de Prix de Rome, maar hij verveelt zich want in Rome valt er niet veel te beleven, althans op muzikaal vlak. Na heel wat amoureuze verwikkelingen huwt hij in 1833 Harriet Smithson. Om zijn composities uitgevoerd te krijgen beslist Berlioz zich toe te leggen op het dirigeren en ontwikkelt zich tot één van de beste dirigenten van zijn tijd. Van 1856 tot 1858 schrijft hij de grote opera “Les Troyens”, die hij echter nooit in zijn geheel opgevoerd krijgt. En om in zijn onderhoud te voorzien schrijft Hector Berlioz ook muziekkritieken, en met zijn scherpe pen jaagt hij heel wat mensen tegen zich in het harnas, getuige deze mooie boutade: “En France, tout le monde adore la musique, mais personne ne l’aime.”

Edward Hopper (10/12)



Ik ken niemand die niet van Edward Hopper houdt en in het Grand Palais in Parijs wordt het bewijs van zijn immense populariteit nog eens bewezen: alle toegangskaartjes met reservatie zijn uitverkocht en het is gemiddeld twee uur aanschuiven. Edward Hopper wordt geboren op 22 juli 1882 in Nyack, op 40 kilometer van New York. Als hij 18 is, schrijft hij zich in aan de New York School of Art en hij is zo begaafd dat hij, nog tijdens zijn studiejaren, al les mag geven aan zijn medestudenten. Hij werkt als illustrator voor een reclamebureau en in 1907 reist hij naar Parijs, waar hij de impressionisten ontdekt. Terug in New York huurt hij een atelier op Times Square waar hij tot op het einde van zijn leven zal blijven werken. Hopper werkt traag, bedachtzaam, soms maakt hij slechts één schilderij per jaar. Hopper maakt van de Amerikaanse “middle class” de iconen van Amerika en van de schilderkunst! Hopper is de schilder van de tijd die stil staat, ook zijn personages zitten stil, dikwijls zijn zij in een boek of een tijdschrift aan het lezen, ofwel zitten ze gewoon te genieten in de zon, of wachten op wat komen zal. Zijn personages zijn alleen, en als hij een koppel schildert, ligt het accent op de eenzaamheid van elke partner. Nog tot 28 januari in het Grand Palais in Parijs, en voor wie niet in de file wil staan is er het magnifieke boek “Edward Hopper, schilderijen en tekeningen”. Een publicatie met de belangrijkste schilderijen en voorbereidende tekeningen, uitgegeven bij Ludion.

Achilles (07/12)


"De toorn van Achilles", François-Léon Benouville

Achilles is het hoofdpersonage van de “Ilias” van Homeros. De “Ilias” beschrijft een episode uit het laatste jaar van het tienjarige beleg van Troje. De Griekse troepen staan er niet goed voor: Achilles, hun grootste held, heeft zich na een twist met Agamemnon teruggetrokken uit de strijd. Wanneer zijn dierbare vriend Patroklos omkomt, sluit hij zich weer aan bij het leger, hij neemt wraak voor zijn overleden strijdmakker en hij geeft uiteindelijk ook Hectors lijk terug aan zijn vader Priamos. Op de achtergrond van strijdgewoel en menselijke passies zijn er natuurlijk ook de goden, die hun machtsspel op de Olympos maar al te graag verbeeld zien door stervelingen die in Troje gevechten op leven en dood. De “Ilias” is een epos vol oorlog en heldenmoed, eerzucht en wraak, vriendschap en liefde met onvergetelijke scènes als de wrok van Achilles, het afscheid van Hektor en Andromache, de dood van Patroklos en het gesprek tussen Priamos en Achilles. In 2012 verscheen een prachtige, metrische Nederlandse vertaling aan de hand van de dichter Patrick Lateur en vandaag start Patrick met een vijfdaagse voorleesmarathon van dit absolute meesterwerk in het Allard Pierson Museum van Amsterdam, en het begint als volgt: “De wrok godin, moet gij bezingen van Peleus’ zoon Achilles. Hij was dodelijk, bracht voor Achaïers rampspoed zonder einde en stuurde naar de Hades vele schimmen van forse helden; lijken werden voer voor honden en voor vogels allerhande.”

Baldassar Castiglione (06/12)



Baldassar Castiglione wordt geboren op 6 december 1478, dag op dag 534 jaar geleden. In 1499 treedt hij in dienst van de hertog van Mantua en in 1504 dient hij aan het glorievolle hof van Urbino en wordt een jaar later als ambassadeur naar Rome gestuurd. Hij wordt er bevriend met Rafaël die zijn portret schildert. Tot daar zijn politieke carrière, want het is vooral om zijn essay “Het boek van de Hoveling” dat Baldassar Castiglione onze held van de dag is. Macchiavelli die zijn “Principe” voltooit in 1513 en Castiglione zijn de twee belangrijkste prozaschrijvers van hun tijd. Maar zo pragmatisch als Macchiavelli is in zijn boek over de vorst, zo idealistisch is Castiglione in zijn boek voor diens medewerker, de hoveling. Voor de hoveling geldt een algemene regel: hij moet in de eerste plaats een zeer steile en gevaarlijke klip omzeilen, namelijk die van de gekunsteldheid en in alles een zekere achteloosheid aan de dag leggen, waarmee hij verbergt hoe knap hij is en de indruk wekt van niets van wat hij doet of zegt hem moeite kost! Hij blinkt uit als musicus, als minnaar, als liefhebber en beoefenaar van de schone letteren, van kunst en wetenschap, als dichter en als scherpzinnig en subtiele spreker. En wie meer wil weten over deze exquise heer, kan terecht in “Het Boek van de Hoveling” bij Athenaeum – Polak & Van Gennep, dat als leidmotief heeft: “Echte moed is eerder te herkennen in kleine, dan in grote dingen.”

Doornroosje (19/01)


Gustave Doré - La Belle au Bois Dormant (1897)

De heldin van de dag is Doornroosje.

Bij de geboorte van zijn dochtertje geeft de koning een groot feest waarop hij ook de feeën uitnodigt. Maar omdat er dertien feeën zijn en hij maar twaalf gouden borden heeft, nodigt hij één fee niet uit. Nadat de elfde fee haar wens heeft uitgesproken, verschijnt plotseling de fee die niet was uitgenodigd. Zij voorspelt dat het meisje zich op haar vijftiende verjaardag zal prikken aan een spinklos en daaraan zal sterven. De twaalfde fee kan de wens verzachten: de koningsdochter zal in een honderdjarige slaap vallen. De koning laat alle spinklossen in het land verbranden. Op de dag dat Doornroosje vijftien wordt, komt zij in een kamertje waar een oud vrouwtje zit te spinnen. Doornroosje is nieuwsgierig naar de draaiende spinklos, pakt hem vast, prikt zich ermee in haar vinger en iedereen in het kasteel valt in slaap. Pas honderd jaar later geraakt een mooie prins door het dichte struikgewas en hij kan Doornroosje met een kus tot leven wekken.

In zijn essay “Het nut van sprookjes” schrijft de psychoanalyticus Bruno Bettelheim dat Doornroosje zich prikt tijdens haar prille puberteitsjaren, en daarom is het bloed afkomstig van haar eerste menstruatie en de op en neergaande spinklos, die Doornroosje zo nieuwsgierig vastpakt, staat voor een penis in volle actie.
Hoe dan ook, vanavond danst het Koninklijk Ballet van Vlaanderen “Doornroosje” van Peter Tsjaikovski in de Antwerpse Stadsfeestzaal.
 

Robin Hood (10/10)



De held van de dag is Robin Hood.

Robin Hood is de legendarische roodharige Engelse bandiet die zich met zijn trawanten in de 13° eeuw ophoudt in de bossen van Sherwood. Hij is een zeer goede boogschutter, leeft van de jacht, steelt van de rijken en beschermt de armen en de zwakken. Robin Hood is de aanvoerder van een bende die in het groen gekleed gaat en zich verschuilt in het machtige eikenbos van Sherwood Forrest, waar ze naar hartenlust stropen en de argeloze reizigers beroven. Ondanks al hun boevenstreken zijn zij door een onwrikbare loyaliteit verbonden met koning Richard Leeuwenhart. Wanneer de vorst op kruistocht vertrekt, wordt hij vervangen door de verraderlijke prins John. Deze terroriseert het volk met boetes en belastingen. Robin bestrijdt hem met man en macht. Zijn gevaarlijke en spannende leven eindigt wanneer hij op zevenentachtig jarige leeftijd dringend medische hulp nodig heeft. Zijn mannen brengen hem naar de abdij van Kirkley maar een verraderlijke priores laat hem bij een aderlating opzettelijk doodbloeden. Met een zijn laatste krachten schiet Robin een pijl naar zijn geliefde Sherwood Forrest. Volgens zijn laatste wens zal hij begraven worden op de plek waar de pijl neerkwam.

Deze week is het de week van het bos. Waar wacht u nog op om uw groene collants aan te trekken en de vrolijke bende Robin Hood te vervoegen?
 

Django Reinhardt (20/01)



De held van de dag is Django Reinhardt.

Django Reinhardt wordt geboren in Liberchies op 23 januari 1910. Zijn ouders, die zigeuners zijn, hebben dit dorp uitgekozen omdat het op de grens van drie gemeenten ligt. Zo kunnen zij hun wagens gemakkelijk verplaatsen als ze worden uitgewezen. Samen met zijn jongere broer leert Django gitaar, banjo en viool spelen zonder muzieklessen te volgen en zij treden op in de bal musette. Django leert pas in de jaren ‘30 muziek lezen en schrijven van Stéphane Grappelli. Als hij 18 jaar is, raakt Django bij een brand in zijn woonwagen zwaar gewond. Door zijn linker hand, waarbij pink, ringvinger en middelvinger misvormd en verlamd zijn, lijkt gitaarspelen niet meer mogelijk. Hij moet twee jaar in het ziekenhuis blijven, maar leert terug gitaar spelen en vindt zijn eigen stijl uit: de jazz manouche is geboren. In 1934 richt hij samen met Stéphane Grappelli het legendarische “Quintet du Hot Club de France” op. In 1946 speelt Django in Amerika, op uitnodiging van de grote Duke Ellington. Muzikanten en dirigent zijn verbaasd wanneer Reinhard na de opmerking “Speel maar, ik volg wel”, de mooiste improvisaties uit zijn mouw schudt. Als Django op een avond voor Andres Segovia speelt, vraagt deze hem waar hij die partituren kan kopen, niet begrijpend dat hij gewoonweg de meest virtuoze jazzimprovisaties had gehoord.
 

Falstaff (19/06)



De held van de dag is Falstaff.

Hij is de gezette, van levensvreugde stralende gezel van de Engelse kroonpretendent. De jonge prins houdt van het onparlementaire gezelschap van Falstaff en zijn trawanten. Het clubje vergadert in de taverne met de veelzeggende naam “De Varkenskop”. Hier houdt Falstaff op zijn onnavolgbare wijze hof en bluft hij met zijn zogezegde heldendaden en zijn vrouwelijke veroveringen. Maar eens op het slagveld doet hij alsof hij dood is want: “De grootste moed toont zich in de discretie.” Als de jonge prins de troon bestijgt, voltrekt zich een snelle ommekeer in zijn karakter. Hij wordt zich bewust van zijn zware verantwoordelijkheden, en terwijl Falstaff zich verheugt op zijn maatschappelijke promotie dankzij zijn vriendschap met de prins, verbreekt de jonge koning alle banden met zijn vroegere drinkebroer en wijst hem af met de wrede woorden: “Ik ken je niet oude man, je bent niet meer dan een dwaze nar.” Toch is Falstaff niet uitgespeeld: meer gedreven door geld- en vraatzucht dan door liefde, dingt hij naar de gunsten van Mistress Ford en Mistress Page, maar hij wordt door beiden uitvoerig bij de neus genomen en te kijk gezet. Het laatste restje waardigheid verdwijnt als hij, getooid met een hertengewei, midden in de nacht het mikpunt van spot wordt in het park van Windsor. Eigenlijk is Falstaff het type van de antiheld, maar dankzij Shakespeare en Verdi werd Falstaff het archetype van de bon vivant.
 

Gaetano Donizetti (29/11)


Portret: Giovanni Carnevali

Gaetano Donizetti wordt geboren in Bergamo op 29 november 1797, dag op dag 215 jaar geleden. Hoewel zijn familie niet bepaald muzikaal is, krijgt hij een uitstekende muzikale opleiding. Al op jonge leeftijd valt Donizetti op door het grote gemak waarmee hij melodieën en complete composities uit zijn pen laat vloeien. Zo kan hij de complete partituur van een opera reproduceren door enkel en alleen naar drie live uitvoeringen te luisteren. Dit gemak van componeren komt hem natuurlijk goed van pas voor het hectische operabedrijf in het toenmalige Italië, waar elke provinciestad die zich respecteert, een opera heeft. Gaetano werkt met een strak schema en haalt de deadlines. De grote doorbraak komt met Anna Bolena in 1830 en twee jaar later triomfeert hij met de komische opera “L ‘elisir d’amore”. Het gaat goed met Donizetti: hij is docent harmonieleer aan het conservatorium van Napels en de grote Rossini nodigt hem uit voor een productie in het “Théâtre Italien” in Parijs. In september 1835 is hij terug in Napels voor de creatie van “Lucia di Lammermoor”. De première – naar het schijnt met zeer goede solisten – is een fabuleus succes en vandaag is Lucia nog altijd een topper. Aan Gaetano Donizetti wordt de compositie toegeschreven van 75 opera’s, 16 symfonieën, 19 strijkkwartetten, 193 liederen, 45 duetten, 3 oratoria, 28 cantates, soloconcerten, sonates en kamermuziek…Wie biedt meer?
 

Jeanne Moreau (23/01)



De heldin van de dag is Jeanne Moreau.

François Truffaut noemde haar “la plus grande amoureuse du cinéma français” en vandaag vieren wij haar verjaardag. De gentleman in mij verbiedt mij haar leeftijd te verklappen, maar in de Cinematek kan u de hele maand terecht voor een retrospectief. Jeanne Moreau maakt haar toneeldebuut op het festival van Avignon en wordt meteen uitgenodigd om lid te worden van de “Comédie Française”. Zij gaat ook kleine rollen spelen in B- films. De filmregisseurs vinden haar echter niet fotogeniek genoeg om een grote filmster te worden, waarschijnlijk omdat zij geen make up wil gebruiken. In 1957 kent zij haar grote doorbraak met “Ascenseur pour l’Echafaud”, de thriller met de onvergetelijke sound track van Miles Davis. In 1961 draait zij “Jules et Jim”, een sublieme hymne aan de liefde en aan de dood, een film over de vriendschap tussen twee mannen die alle twee van dezelfde vrouw houden. In april 1971 ondertekent Jeanne Moreau het beruchte “Manifeste des 343”, een oorkonde waarin meer dan 300 bekende en minder bekende vrouwen onderschrijven dat zij ooit een abortus pleegden. Jeanne Moreau werkt met de grootste filmauteurs van Rainer Werner Fassbinder tot Marguerite Duras. Zij is mijn lievelingsactrice, ik zag al haar films, en de meeste van haar theatervoorstellingen. Zo zag ik haar vorig jaar in “Un condamné à Mort” van Jean Genet, het was adembenemend, en toen begreep ik wat “monstre sacré” echt wil zeggen want nog nooit waren de woorden “monstre” en sacré” zo aan elkaar gewaagd.
 

Franz Schubert (20/06)



De held van de dag is Franz Schubert.

“Wonderlijke oude man, moet ik met je meegaan? Zal je draailier voortaan ook mijn lied spelen?”, zo luidt de slotvraag in Schuberts “Winterreise”. Franz Schubert schildert bij dit gedicht van Wilhelm Müller een kaal en desolaat landschap, waarin enkel de obstinate bourdon van de draailier te horen is. De “Winterreise” is niet alleen een tocht door een kaal en desolaat landschap, het is een queeste, een proeve van emotionele loutering tegen het besneeuwde decor van een kille, burgerlijke samenleving en kan beschouwd worden als een weerspiegeling van Schuberts levensloop. Franz Schubert is een harde werker, hij componeert in het jaar 1815, het vruchtbaarste jaar van zijn leven, niet minder dan vier opera’s, twee symfonieën,144 liederen, twee missen, een strijkkwartet en twee pianosonates. Ondanks zijn werkdrift heeft hij voortdurend te kampen met armoede, ziekte en ongeluk in de liefde. Op 26 maart 1828 organiseert hij op eigen risico een concert waarin alleen werken van hem gespeeld worden. Het succes is groot maar hij weigert te komen groeten omdat hij te armoedig gekleed is. Na een zware doodstrijd sterft hij aan tyfus op 31 jarige leeftijd. De Oostenrijkse dichter Grillparzer stelde zijn grafschrift op: “De dood begroef hier een rijk bezit, doch nog schoner verwachtingen.” Vanavond kunt u in Bozar naar de Winterreise gezongen door bariton Gerald Finlay en Julius Drake begeleidt hem aan de piano.
 

Jean – Baptiste Lully (28/11)



Jean – Baptiste Lully wordt geboren als Giovanni Battista Lulli in Florence op 28 november 1632, vandaag 380 jaar geleden. Hoewel hij de zoon van een eenvoudige molenaar is, leert de jonge Giovanni dansen, viool- en gitaarspelen. Als hij 14 jaar oud is worden zijn muzikale talenten ontdekt door de graaf van Guise die hem meeneemt naar Parijs. Hij studeert er compositie, klavecimbel en bestudeert ook aandachtig de Franse dansmuziek. Zo komt hij in contact met de jonge koning Lodewijk XIV en in februari 1653 danst hij, samen met de koning, het “Ballet de la Nuit”, waarin de vorst de rol van de Zonnekoning vertolkt, wat hem zijn fameuze “Le Roi Soleil” zal opleveren. Jean Baptiste Lully ligt goed in de markt en vanaf 1673 schrijft hij één opera per jaar. Lully, die een echte hoveling is, heeft het volledige monopoly van het Franse muziekleven in de handen en dankzij zijn goede relatie met de koning, geniet hij van ontelbare privileges en in 1681 wordt hij tot “secretaire du roy” genoemd. Op 8 januari 1687, tijdens het dirigeren van het “Te Deum” dat uitgevoerd wordt om de genezing van de koning te vieren, geeft Lully, zoals het de gewoonte is, de maat aan door met een lange stok krachtig op de grond te stampen. Per ongeluk raakt hij hierbij één van zijn tenen zo hard dat hij zich ernstig verwondt. Omdat hij danser is, wil hij zijn been niet laten amputeren en Jean Baptiste Lully overlijdt aan gangreen, enkele maanden later.

Salome (24/01)

 
Titiaan - Salomé con la testa del Battista (c.1515)             Persfoto De Munt

De heldin van de dag is Salome.

Salome is de heldin van de gelijknamige opera van Richard Strauss, naar het toneelstuk van Oscar Wilde. Salome speelt zich af aan het decadente hof van Herodes, de koning van Judea. Johannes de Doper provoceert de koning om zijn perversiteiten. De profeet, die de komst van Jezus aankondigt, is een asceet wiens levenswijze fel contrasteert met die van de koning. In het Nieuwe Testament lezen wij: “En deze Johannes had zijn kleding van kemelshaar, een leren gordel om zijn lendenen en zijn voedsel bestond uit sprinkhanen en wilde honing.” Op een wild feest voert Salome, de dochter van Herodes’ tweede vrouw Herodias, een wulpse dans voor de koning op. De koning belooft haar dat hij al haar verlangens zal inwilligen. Haar moeder fluistert haar in dat zij het hoofd van Johannes moet vragen, keurig opgediend op een zilveren schaal in een jus van bloed. De koning zwicht voor de wrede wens van Salome en zij krijgt eindelijk wat ze al zo lang verlangt: de mond van Johannes te mogen kussen en zij barst uit in het orgastische aria “Ach! Ich habe dienen Mund geküsst Jochanan”.
Vanavond gaat Salome in première in de Brusselse Muntschouwburg. Carlo Rizzi dirigeert , Guy Joosten regisseert, Herodes heeft de look van Karl Lagerfeld en de opera speelt zich af in het decadente klimaat van overdaad, luxe en geperverteerde seksualiteit.
 

Jonathan Swift (30/11)



Jonathan Swift wordt geboren in Dublin op 30 november 1667, 345 jaar geleden. Zijn bekendste werk is “Gulliver’s travels” dat ten onrechte als een kinderboek aanzien wordt. Gulliver is natuurlijk een spannend verhaal, maar in werkelijkheid vormen de vier delen één van de felste en geestigste satires die er ooit zijn geschreven. Zij zijn een aanklacht tegen de politieke en sociale wantoestanden van de achttiende eeuw, maar ook tegen de hele mensheid. Zo trekt Swift vooral fel van leer tegen vulgaire en domme mensen die hij “yahoo’s” noemt. Eén van de scherpste en bekendste satiren van Jonathan Swift is “Een bescheiden voorstel om te voorkomen dat kinderen van arme mensen in Ierland hun ouders of vaderland tot last zijn, en om hen in een maatschappelijke functie te laten voorzien.”
Als oplossing voor de armoede en voor het voedseltekort in Ierland stelt Swift voor dat de kinderen van arme mensen als voedsel zouden kunnen dienen voor de rijken. In de stijl van de achttiende-eeuwse koele rekenaar, die volgens de wetten van de logica redeneert en kostenbesparend denkt, stelt Swift voor een vierde deel van alle kinderen onder de twee jaar vet te mesten om hen vervolgens als delicatessen aan de feodale landheren op te dienen. Zij hebben er tenslotte het meest recht op aangezien zij ook hun ouders al verslonden hebben.
Swift is een meester van het aforisme, getuige deze laatste quote: “Iedereen wil lang leven, maar niemand wil oud zijn.”

Ed Wood (12/10)



De held van de dag is Ed Wood.

Ed Wood is één van de opmerkelijkste figuren van de Amerikaanse cinema. Als kind is hij verslingerd aan strips, pulpmagazines en westernfilms. Omdat de moeder van Ed liever een dochtertje had, kleedt zij hem in meisjeskleren. Volgens Wood is dit de reden waarom hij later een heteroseksuele travestiet is geworden. In 1942 gaat hij in dienst bij de Amerikaanse mariniers en tijdens de gevechten draagt hij vrouwenlingerie en jarretelles onder zijn uniform. Na de oorlog ontmoet hij de aan lager wal geraakte Bela Lugosi, de legendarische Dracula –vertolker, en hij kan een pornoproducer ertoe overhalen een film met de oude ster te financieren. De film wordt een grandioze flop, maar Ed geeft het niet op. Hij schrijft een scenario in drie dagen en tien draaidagen en een belachelijk klein budget volstaan. En dat is aan zijn films te zien: de plots rammelen aan alle kanten, er wordt ontroerend slecht geacteerd en de bijzonder simpele “special effects” zijn gewoon lachwekkend. In “Plan 9 from Outer Space” zijn de vliegende schotels gemaakt van geverfde keukenborden, en je ziet zelfs de touwtjes waaraan zij bengelen. Een paar jaar na zijn dood wordt hij uitgeroepen tot “slechtste regisseur aller tijden”, waardoor zijn films echte “cult” worden.

In 1994 brengt Tim Burton hem een cinefiel eresaluut met de biopic “Ed Wood”. En deze prachtige film wordt vanavond vertoond in de Cinematek van Brussel.
 

Stefan Zweig (11/10)



De held van de dag is Stefan Zweig.

Vandaag is hij een beetje vergeten, maar bij het begin van de twintigste eeuw was Stefan Zweig de meest gelezen schrijver van zijn tijd. Hij werd op 28 november 1881 in Wenen geboren in een welgesteld joods zakenmilieu. Hij noemt zijn epoque “de gouden eeuw van de zekerheid”. Wenen is een “wonderbaarlijke georkestreerde stad” en in Wenen wordt de liefde voor de kunst als een gemeenschapsplicht gezien. Na zijn humaniora studeert hij filosofie en literatuurgeschiedenis want hij heeft zijn ziel aan de literatuur verpand.
Zweig is populair, zijn romans zijn bestsellers. Hij wordt gevraagd voor lezingen, doorkruist Europa en komt in contact met de invloedrijke intellectuelen en kunstenaars van zijn tijd. Door de opkomst van het nazisme komen zijn boeken op de brandstapel terecht. Samen met zijn vrouw vlucht hij naar Brazilië. Zonder te kunnen beschikken over zijn archief en zijn bibliotheek, schrijft hij zijn autobiografie “De wereld van gisteren. Herinneringen van een Europeaan.”
Stefan Zweig, die getuige was van het rijke Europese erfgoed, kan de opkomst van de barbaren niet langer aan en op 22 februari 1942 stapt hij, samen met zijn vrouw Lotte uit het leven.

Wie nu “De Wereld van Gisteren” opnieuw wil meemaken, die kan vanavond naar de Kaaistudio’s voor “Villa Europa” door het Nederlandse acteurscollectief “De Warme Winkel”.
 

Jean – Paul Sartre (21/06)




De held van de dag is Jean – Paul Sartre.

Jean – Paul Sartre werd geboren in Parijs op 21 juni 1905. Hij is een begaafde leerling en wordt toegelaten aan de prestigieuze Ecole Normale Supérieure waar hij Simone de Beauvoir ontmoet die zijn levensgezellin wordt. Sartre schrijft filosofische essays en raakt vooral beroemd met zijn roman “La Nausée” en met zijn toneelstuk “Huis Clos” met die onvergetelijke oneliner “L’enfer, c’est les autres”. Als echte intellectueel zit hij het liefst van al in het café “Le Flore” op Saint Germain des Prés. Daar houdt hij cenakel te midden van zijn vele bewonderaars en bewonderaarsters, want de vrouwen vallen voor hem. Boris Vian neemt hem mee naar de jazzconcerten en voor de mooie Juliette Gréco, op wie Sartre een oogje heeft – c’est le cas de le dire – , schrijft hij een chanson. Sartre predikt de existentiële vrijheid in een wereld zonder god. De mens is in essentie vrij en kan zijn verantwoordelijkheid niet van zich afschuiven. Sartre neemt bijgevolg actief deel in het politieke debat en als in 1964 hem de Nobelprijs voor literatuur wordt toegekend, weigert hij de prijs omdat hij bang is dat deze erkenning hem van zijn vrijheid zou beroven. Hij laat wel weten dat ze hem het bedrag altijd mogen storten. In 1967 presideert hij samen met Bertrand Russel het Russeltribunaal over de Amerikaanse rol in de Vietnamoorlog en in met ’68 is hij natuurlijk ook van de partij.
“Als je je eenzaam voelt als je alleen bent, dan ben je in slecht gezelschap”, schreef hij.
 

Lenny Bruce (13/10)



De held van de dag is Lenny Bruce .

Alleen al voor zijn autobiografie “How to talk dirty and influence people” is Lenny Bruce één van mijn favorieten.
Zijn moeder is revueartieste en heeft een grote invloed op zijn latere carrière. Als hij 22 is begint Lenny op te treden als stand-up comedian. Zijn eerste doorbraak naar een groot publiek, is een televisieoptreden in een talentenjacht, waar hij Humphrey Bogart imiteert. In 1951 komt hij voor het eerst in aanraking met de politie omdat hij in priesterkleren geld bedelt voor een leprakolonie in Brits Guinea. Later zou blijken dat van de 8000 dollar die hij in drie weken ophaalde, hij er slechts 2500 had overgemaakt voor het goede doel. Lenny Bruce treedt op in comedy clubs en spaart geen taboe: vaderlandsliefde, religie, rassenscheiding, abortus, drugs, seks, de Ku Klux Klan en zijn eigen Joodse achtergrond. In oktober 1961 wordt hij gearresteerd omdat hij in een sketch vertelt over het woord “to come” en beweert dat die woorden zo onschuldig zijn, dat als je er niet mee kan omgaan, je waarschijnlijk niet kan klaarkomen. De politie begint zijn shows meer en meer te controleren en hij wordt opgepakt voor drugsbezit. Hij raakt zeer verslaafd aan heroïne en verstrikt in een net van politiecomplotten.
In juni 1966 geeft hij een laatste optreden met Frank Zappa en de Mothers of Invention, en vandaag vieren wij de 86ste verjaardag van de vader van alle stand-up comedians.
 

Martha Argerich (25/01)

  

De heldin van de dag is Martha Argerich.

Als er één vrouwelijke pianovirtuoze is, dan is zij het wel, de leeuwin Martha Argerich. Ze wordt geboren in Buenos Aires op 5 juni 1941, begint al op haar derde jaar met pianospelen en op vijfjarige leeftijd, krijgt zij haar eerste privélessen. Omdat zij een echt wonderkind is, zorgt de Argentijnse dictator Juan Peron ervoor dat haar ouders te werk worden gesteld in de Argentijnse ambassade van Wenen, waar Martha les krijgt van de grote Friedrich Gulda. In 1964 is zij laureate van de Koningin Elizabeth wedstrijd, een jaar later wint zij de zevende editie van het International Frédéric Chopin Piano Concours in Warschau en datzelfde jaar maakt zij haar eerste plaatopnamen. Haar repertoire reikt van Bach tot Bartok en haar spel wordt gekarakteriseerd door passie en virtuositeit. En ook in haar privéleven is Martha Argerich temperamentvol, met drie dochters van drie verschillende mannen. Voor Martha Argerich is leven, piano spelen maar ze heeft een grondige hekel aan de muziekbusiness en aan journalisten. Omdat Martha Argerich zich eenzaam voelt bij solo optredens, concerteert ze het liefst in het gezelschap van andere muzikanten en zij heeft haar eigen festival, het “Martha Argerich Project”, waar ze elk jaar de kans ziet om jonge pianisten te promoten.

Vanavond speelt ze in het Brusselse Bozar in het gezelschap van haar goede vriend Gidon Kremer en zijn onvolprezen Kremerata Baltica.
 

Joseph Conrad (03/12)



Joseph Conrad wordt geboren in Oekraïne op 3 december 1857, vandaag precies 155 jaar geleden. Zijn hele leven is in een waas van mysterie gehuld en na zijn overlijden op 3 augustus 1923 schrijft Virginia Woolf over hem: “Onze gast is heel plotseling vertrokken. Hij maakte altijd een geheimzinnige indruk.” Joseph Conrad was inderdaad een raadselachtige man die zichzelf steeds opnieuw moest uitvinden. Na een moeilijke jeugd in het Oostenrijks – Hongaarse keizerrijk monstert hij als matroos aan bij de Engelse koopvaardijvloot. Hij vaart naar het Verre oosten en de Kongo Vrijstaat. Daar doet hij de inspiratie op voor zijn magistrale roman “Heart of Darkness” die Francis Coppola zal bewerken tot zijn niet minder magistrale “Apocalypse Now”. De tocht over de rivier met een stoomschip wordt pakkend beschreven en de reis naar het binnenland dient als metafoor voor een reis naar het innerlijke van de menselijke psyche. Geschokt door het wangedrag van de koloniale mogendheden tegenover de lokale bevolking, beslist Joseph Conrad na één reis ontslag te nemen. Net als Marlon Brando in “Apocalyps Now” had ook hij de “horror” gezien. In 1894, na bijna twintig jaar op zee, begint Joseph Conrad aan zijn grote metamorfose: van matroos tot familieman en groot, maar vaak miskend schrijver. Gans het leven van Joseph Conrad ligt misschien vervat in die ene zin van hem: “Perhaps life is just that…a dream and a fear”.”

Gustav Mahler (22/06)



De held van de dag is Gustav Mahler.

Vanaf zijn vijfde jaar was het duidelijk dat Gustav Mahler heel begaafd was. Ondanks zijn talent voelt Mahler zich een “Einzelgänger” en hij zegt: “Ik ben driemaal zonder land: een Bohemer onder de Oostenrijkers, een Oostenrijkers onder de Duitsers en een jood onder alle andere volkeren van de wereld.” In april 1897 krijgt hij een betrekking als dirigent – Kapellmeister aan de opera van Wenen en halverwege het seizoen wordt hij benoemd tot directeur. Wanneer hij in 1901 de mooie Alma Schindler ontmoet kan hij dankzij haar in een schitterend isolement leven, zonder te worden lastig gevallen door “vervelende, nutteloze mensen”. In de zomer laat hij de mooie “Villa Mahler” bouwen, met in de tuin een houten huisje, een kluizenaarscel om ongestoord te kunnen componeren. De zone rond de villa moet zo geluidsvrij mogelijk gehouden worden, zodat men zelfs een orgeldraaier geld toesteekt om de buurt te verlaten. Ondanks de idyllische omgeving, blijft Mahler geobsedeerd door de doodsgedachte en wanneer zijn dochtertje Putzi sterft, dreigt de depressie. Ondanks ziekte en verlies is Gustav Mahler de goddelijke schepper van een immens oeuvre. En hoewel ik het nog een beetje moeilijk heb met zijn symfonieën, kan ik niet zonder zijn “Lieder eines fahrende Gesellen”.
Volgend weekend brengt de Vlaamse opera in de Singel zijn monumentale Derde Symfonie onder de muzikale leiding van Eliahu Inbal.
 

Daniel Cohn Bendit (04/12)



Daniel Marc Conh Bendit wordt geboren als kind van Joodse ouders die nazi–Duitsland in 1933 zijn ontvlucht. Aanvankelijk groeit hij op in Frankrijk, maar zijn middelbare schooltijd brengt hij in Duitsland door. Als hij 18 jaar oud is, krijgt hij zowel het Duitse als het Franse staatsburgerschap aangeboden, maar het Franse wijst hij af om de dienstplicht te ontlopen. In 1965 keert hij terug naar Frankrijk om aan de universiteit van Nanterre sociologie te studeren en al snel wordt hij er een van de leidende figuren van de studentenbeweging. Op het anti – Vietnamoorlog – congres dat in 1968 in Berlijn georganiseerd wordt, leert hij de activist Rudi Dutschke kennen. Wanneer deze enkele weken later vermoord wordt, is dit voor Cohn Bendit de aanleiding om de Franse studenten te mobiliseren. Hij is de aanstichter van “Mai 68” en wordt “Danny Le Rouge” genoemd, om zijn linkse gedachten en om zijn rosse haartooi. Na het feest van de revolutie wordt hem de toegang tot Frankrijk ontzegd. Hij trekt naar Duitsland, wordt lid van de Duitse groenen en in 1994 wordt hij als lid van het Europees Parlement voor de Duitse Groenen verkozen. Vanavond gaat in Bozar Daniel Cohn Bendit in dialoog met Guy Verhofstadt over hun boek “Voor Europa”, een manifest voor een Europa in crisis. En ik ben benieuwd om te horen of “Danny le Rouge” zijn uitspraak van weleer al dan niet overleefd heeft, en die was: “Ceux qui lancent les révolutions sont les cocus de l’ histoire”.

Antoni Gaudi (25/06)



De held van de dag is Antoni Gaudi.

De Catalaanse architect Antoni Gaudi wordt geboren op 25 juni 1852, vandaag 160 jaar geleden. Op zijn zeventiende trekt hij naar Barcelona om architectuur te studeren. Hij is geen goede student maar valt op door zijn eigenzinnigheid en bij de diploma uitreiking zegt de directeur van de academie: “Ik heb een dwaas of een genie laten slagen.” Als hij twintig is, wordt hij lid van de vrijmetselarij, maar als hij op oudere leeftijd zijn katholieke geloof herontdekt, geeft hij zijn maçonnieke lidmaatschap op. Het Barcelona van Gaudi is in volle bloei. De rijke intellectuele burgers omringen zich graag met jonge kunstenaars en hoewel hij sjofel gekleed is, floreert Gaudi als een echte dandy in de chique salons. Voor de textielbaron Eusebi Güell ontwerpt hij een huis dat een combinatie is van verschillende stijlen met gietijzeren poorten en torentjes op het dak. In 1900 ontwerpt Gaudi het Park Güell, waarin een kleurrijke, mozaïeken bank als een reuzenslang door het park kronkelt. Het belangrijkste werk van Gaudi is de Sagrada Familia, een basiliek gebouwd in opdracht van een rooms – katholieke vrome broederschap ter ere van de heilige Jozef. Als hij 62 is besluit Gaudi alleen nog aan de Sagrada Familia te werken, hij gaat zelf geld inzamelen en woont tot aan zijn dood op de bouwwerf. Het eindresultaat heeft Antoni Gaudi echter nooit mogen meemaken en tot vandaag wordt aan de kerk nog altijd gebouwd.
 

Paul van Ostaijen (26/01).

 

Omdat hij verslaafd is aan cinema en jazz is Paul Van Ostaijen mijn Vlaamse lievelingsdichter.
Altijd piekfijn uitgedost, schuimt de dandy Van Ostaijen de Antwerpse bars af en schrijft: “Ik heb de lange, lege nachten/ Bij moeë meiden doorgebracht”.
Hij heeft een eigenzinnig karakter, maar met zijn vrienden gaat hij graag stappen en drinken.
Eind oktober 1918 vertrekt Paul Van Ostaijen naar Berlijn.
Met de “kleine Jeanne/Coco, de cocaïne, zinkt alles weg buiten het eigen ratelend hart dat je kino/je dinamo is, en blijven de ik en de anderen als schaamteloze wezens achter.”
Paul van Ostaijen ontdekt er de jazzmuziek en schrijft in zijn dagboek: “Jazz is mij nodig als brood”.
Voor zijn bundel “Bezette Stad” maakt hij gebruik van bestaande teksten, straatliedjes, reclameslogans, filmtitels, etiketten, affiches. Sommige bladzijden zijn één grote typografische improvisatie, met andere woorden, pure jazz
Het slotgedicht “Angst een dans” is zijn existentiële tango: “Zo is mijn dans vol angst, zo is mijn dans een volle angst”.
Lees, herlees op deze dag van de poëzie de grote Paul Van Ostaijen en ga vanavond naar de KVS voor de rapversie van “Bezette Stad”.
 

Gilberto Gil (26/06)



De held van de dag is Gilberto Gil.

Vandaag wordt hij zeventig, Gilberto Gil, Braziliaans muzikant en voormalig Minister van Cultuur. Als kind is hij gefascineerd door de muzikanten die het hele jaar door carnaval vieren. Hij leert accordeon en eind jaren ’50 speelt hij in een band met de veelzeggende naam “Os Desafinados”, wat “valsspelers” betekent. Rond deze tijd hoort hij voor het eerst de muziek van Joao Gilberto, de uitvinder van de bossa nova. Hij volgt gitaarlessen, studeert bedrijfskunde en maakt jingles voor reclamespotjes. Gilberto Gil ontmoet de zanger Gaetano Veloso, zij schrijven samen muziek en zijn een beetje het Braziliaanse antwoord op het duo Lennon - McCartney. Maar door hun sociaal – kritische teksten worden Gil en Veloseo door het militaire bewind, dat in 1964 aan de macht komt, als subversief gezien. Na een korte gevangenschap verhuist het duo naar Londen waar Gilberto Gil meespeelt bij de legendarische Pink Floyd. In 1972 keren Gil en Veloso terug naar Brazilië en voegen Noord- Amerikaanse en Afrikaanse invloeden toe aan hun muziekstijl. In 2002 vraagt president Ignacio Lula da Silva hem als Minister van Cultuur. Als minister wil hij de drugswetgeving hervormen en wil het drugsgebruik meer zien als een gezondheidsprobleem dan als een justitieel probleem. Op 31 juli 2008 treedt hij af om zich weer op de muziek te concentreren. Een wijze beslissing, als je ’t mij vraagt.

Op 5 juli concerteert Gilberto Gil in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten.
 

Chaïm Soutine (05/12)



Hoewel hij minder gekend is dan zijn tijdgenoot en vriend Amadeo Modigliani, is Chaïm Soutine een authentiek kunstenaar, een volbloed schilder, met de klemtoon op bloed. Soutine wordt geboren in 1893 als het tiende kind in het gezin van een arme Joodse kleermaker. Zijn vader, een orthodoxe, strenge jood, verzet zich tegen het tekentalent van zijn zoon: hij wil dat Chaïm kleermaker wordt en bovendien is het maken van afbeeldingen door de Talmoed ten strengste verboden. Soutine vlucht naar Vilnius, waar hij les volgt aan de kunstacademie. Een mecenas geeft hem het nodige geld om naar Parijs te trekken. In 1913 komt Soutine aan in Parijs, hij is eenentwintig jaar oud en straatarm. Bij één van zijn bezoeken aan het Louvre raakt hij in de ban van Rembrandts “Geslachte Os”. Soutine is gefascineerd door dit schilderij, maar ook door de bloedige, viscerale ondertoon. In het slachthuis koopt hij een karkas, hangt het op in zijn atelier en begint het te schilderen. De buren, verontrust door de stank en de dikke vliegen, bellen de politie. De commissaris toont begrip voor de artiest en raadt hem aan het kadaver in te spuiten met formol. Na vier dagen is het karkas helemaal opgedroogd. Om de rode kleur terug te krijgen, gooit Soutine emmers koeienbloed op het karkas…tot het bloed door het plafond sijpelt en de buren vrezen dat hij iemand vermoord heeft. Wie meer wil zien van deze kunstenaar “pur sang”, kan tot 16 januari naar het “Musée de l‘ Orangerie” in Parijs.

Ingmar Bergman (14/10)



De held van de dag is Ingmar Bergman.

Wie Ingmar Bergman met loodzware kunstcinema associeert, doet de Zweedse grootmeester oneer aan. Niet alleen wees Bergman hippe regisseurs als Lars von Trier en David Lynch de weg, hij versierde ook meer vrouwen dan George Clooney en in de jaren zestig sloopte hij zowat alle heilige huisjes. Woody Allen noemt Bergman zijn mentor, “de filmmaker die hem alles heeft geleerd”, maar moet wel toegeven dat hij Bergmans werk pas had leren kennen toen hij als tiener stiekem de bioscoop was binnengeglipt om de blote kont te zien van Harriet Andersson in het schandaalsucces “Zomer met Monika”.
Bergman is ook theaterregisseur en noemt het theater zijn veeleisende echtgenote en film zijn opwindende maîtresse.
De belangrijkste figuur uit Bergmans leven is zonder twijfel zijn vader Erik, een Lutheraans predikant die door iedereen en vooral door vrouwen wordt bemind, maar in de films van zijn zoon steevast wordt afgebeeld als een gewetenloze, tirannieke patriarch. Zowel privé- als professioneel besteedt Bergman een flink deel van zijn leven aan het doorgronden van de vrouwelijke psyche. Minstens even legendarisch als de complexe vrouwenrollen in zijn films zijn dan ook zijn stormachtige romances.

Films als “De Wilde Aardbeien”, “Het Zwijgen” en “Persona” moet u gezien hebben en deze en nog vele anderen staan op het affiche van het Internationaal Filmfestival van Gent en in het Caermersklooster kan u naar de tentoonstelling: “Ingmar Bergman: Over leugen en waarheid.”
 

Jane Birkin (27/01)

 

Alleen al voor haar jarenlange volharding aan de zijde van Frankrijks meest destructieve drankorgel, Serge Gainsbourg, is zij heroïsch.
Jane Birkin staat voor het eerst in het daglicht in 1966 met haar rol als naaktmodel in “Blow Up”, de controversiële film van Michelangelo Antonioni. In 1968, het jaar van de grote revolutie, ontmoet zij Serge Gainsbourg, de cynische “Quasimodo” van de Franse yéyé. Één jaar later, in 1969 neemt het koppel het hijgende, kreunende en steunende “Je t’aime moi non plus” op.
Het nummer wordt op de deftige radiozenders verboden, het duo vliegt in de ban van de kerk en de onstuitbare opkomst van Birkin en Gainsbourg kan beginnen.
Jane Birkin is de Pygmalion van de geniale Gainsbourg.Hij schrijft wondermooie liedjes voor haar en ook na hun hartverscheurende scheiding blijft hij haar hofleverancier.
Na zijn dood blijft zij zijn uitgelezen vertolkster, zij het op haar manier zoals in “Versions Jane”, of in duetten met Paulo Conte en Bryan Ferry.
Ik ben al jaren verliefd op de frêle Jane, ik ga naar al haar optredens en bewonderde haar in 1985 toen zij in het Parijse Théâtre des Amandiers ”La fausse suivante” van Marivaux speelde met Michel Piccoli, in een regie van de grote Patrice Chéreau.
En vanavond heb ik rendez- vous met haar in de Concertzaal van de Handelsbeurs in Gent!
 

Billy Wilder (30/01)

Billy Wilder is een van de belangrijkste regisseurs uit de filmgeschiedenis.
Hij levert kritiek op alles en iedereen en een filmcriticus schreef over hem: “In de loop van zijn carrière is Billy Wilder erin geslaafd zowat iedereen te beledigen: het publiek, de critici en uiteindelijk Hollywood zelf”.
Wilder is geboren in Wenen op 22 juni 1906. Hij werkt als journalist en vertelt in zijn memoires dat hij in één en dezelfde dag interviews afnam van Richard Strauss, Arthur Schnitzler en Sigmund Freud.
Hij trekt naar Berlijn, komt in contact met de filmbusiness, wordt aangenomen als scenarioschrijver en in 1939 boekt hij zijn eerste succes met “Ninotchka” van Ernst Lubitsch met een onvergetelijke Greta Garbo in de hoofdrol.
Hij moet vluchten voor het nazisme en later zal hij vernemen dat zijn hele familie in de concentratiekampen is omgekomen.
Wilder is een meester van het perfecte scenario en hij wijkt nooit af van zijn eigen, gouden regel: “Het publiek is wispelturig. Grijp ze bij de keel en laat ze niet meer los.”
In 1959 draait hij met Marilyn Monroe “Some like it hot” en nooit acteerde de onweerstaanbare blonde diva zo goed als in deze dolle komedie over twee muzikanten die achtervolgd worden door de maffia en die als vrouw verkleed onderduiken in damesorkest waarin de wulpse Marilyn ukelele speelt.


Tot eind februari kan U in de Cinematek in Brussel genieten van de films van Billy Wilder
 

Robinson Crusoë (27/06)



De held van de dag is Robinson Crusoe.

Robinson Crusoe is de hoofdpersoon van de wereldberoemde roman van Daniel Defoe. Robinson verlaat zijn vaderland om het geluk op zee te zoeken. Na enkele reizen ontstaat het plan om in Afrika slaven te gaan halen voor zijn plantage in Brazilië. Dit plan lijdt letterlijk schipbreuk en Robinson belandt op een onbewoond eiland. Op het eiland creëert Robinson een nieuwe wereld. Hij vindt een gezel in Vrijdag, die hij redt van zijn kannibalistische stamgenoten. Nadat Robinson 28 jaar op het eiland geleefd heeft, arriveert er een schip waarmee hij kan terugkeren naar het vasteland. Vrijdag blijft achter op het eiland om Robinsons nieuwe wereldorde te bewaren. Als reisverhaal geniet Robinson Crusoe een enorme populariteit en ook na Daniel Defoe is er leven voor Robinson Crusoe. In de 20° eeuw wordt Robinson gebruikt om het kolonialisme aan de kaak te stellen. In “Mr. Foe en Mrs. Barton” van de Zuid Afrikaanse Coetzee wordt ene Susan Barton door muiters overboord gezet en in haar roeiboot spoelt zij aan op een eiland, waar zij Robinson en Vrijdag ontmoet. De twee mannen hebben een maatschappij gevestigd waar strikte regels gelden: Crusoe is de baas en de neger Vrijdag, wiens tong is afgesneden zodat hij niet over de macht van het woord beschikt, is de slaaf. Op Susans vraag waarom hij in al die jaren geen boot gebouwd heeft om te ontsnappen antwoordt Crusoe: “Een geredde Crusoe zou de wereld ernstig teleurstellen.”
 

Maurice Ravel (17/10)




De held van de dag is Maurice Ravel.

Samen met Stravinsky is hij een van de belangrijkste componisten van de twintigste eeuw. Ondanks het succes leeft Ravel een teruggetrokken leven en het is niet bekend of hij ooit liefde voor iemand heeft gevoeld, man, vrouw, of wie dan ook. Wij schrijven 1927, Ravel is 52 jaar en hij vertrekt op het luxe passagiersschip “Le France” naar de Verenigde Staten. Het is de eerste keer dat hij dat doet, het zal ook de laatste keer zijn. In zijn eskadron reiskoffers zitten zestig overhemden, twintig paar schoenen, vijfenzeventig stropdassen en vijfentwintig pyjama’s. Ravel heeft altijd de laatste modetrends gevolgd: hij is de eerste in Parijs die pastelkleurige hemden draagt en de eerste die zich volledig in het wit kleedt. Het portret van de dandy wordt vervolledigd met een Gitane sigaret in de linkerhand. Ravel heeft de nonchalance zo ver doorgedreven dat hij de begeleiding van zijn “Ronsard à son âme” voor de linkerhand heeft getransponeerd zodat hijzelf zou kunnen roken met de rechter.
Ravel is echt een “coole” gast, bij de eerste uitvoering van zijn Bolero roept een oude dame in de zaal: “Dit is waanzin”. Ravel knikt en zegt tegen zijn broer: “toch iemand die het begrepen heeft”.

Vanavond wordt die “Bolero” van Ravel uitgevoerd door de “Sinfonia Varsava” onder leiding van Marc Minkowski in Bozar te Brussel
 

Leonard Cohen (31/01)



De held van de dag is Leonard Cohen.

43 jaar na zijn debuut verschijnt vandaag “Old ideas”, de nieuwe cd van de 78 jarige “Ladies man”, Leonard Cohen. Het zijn meer dan songs, het zijn overpeinzingen van een oude wijze man die in deze turbotijden echt iets te vertellen heeft: over de grillige wegen van de liefde en hoe leeftijd weegt op het leven, en vooral over die weemoed die niemand kan verklaren. Aanvankelijk wil hij schrijven, maar als zijn boeken niet verkopen, wordt hij singer-songwriter. Na een verblijf op een Grieks eiland, trekt hij in 1967 naar New York waar hij wat rondhangt in Andy Warhol’s Factory. Zijn eerste album “Songs of Leonard Cohen” met de onvergetelijke “Suzane” is meteen een schot in de roos. Maar het dolle rock ’n roll circus is niets voor hem, zijn platen en optredens zijn schaars en in 1994 trekt hij zich terug in een Zen klooster in de buurt van Los Angeles. Zijn Dharma naam is “Jikan”, het Japans voor stilte.
In 2001 brengt hij na twee jaar studio het album “Ten new songs” uit. Als In oktober 2005 blijkt dat hij voor 5 miljoen dollar opgelicht is door zijn manager is hij verplicht terug “on the road “ te gaan. En het is een overrompelend succes want ook de jongeren hebben de pelgrim van de liefde leren kennen en de optredens van Cohen zijn gewoon adembenemend.

Hildegarde Knef (1/02)



De heldin van de dag is Hildegarde Knef.

Vandaag is zij tien jaar geleden overleden, Hildegarde Knef, actrice, zangeres en schrijfster. “Wer nicht verrückt wird, der ist nicht normal”, “Wie niet een beetje gek is, is niet helemaal normaal” was haar geliefde uitspraak. Hildegarde Knef is het voorbeeld van de vrijgevochten, zelfbewuste vrouw die geen blad voor haar mond neemt en in haar autobiografie “Het gegeven paard” schrijft zij vrijuit over haar liefdes en haar ziektes. Meer dan 20 jaar heeft zij de kanker in haar lichaam bestreden, werd 50 keer geopereerd, lag eens drie weken in de coma en raakte verslaafd aan pijnstillers. Haar carrière begint in 1946 met “Die Mörder sind unter uns”, de eerste naoorlogse Duitse film die haar “wereldberoemd in Duitsland” maakt. Zij wordt uitgenodigd om in Hollywood te draaien, maar wel op twee voorwaarden: zij moet haar naam veranderen en zij moet zeggen dat zij Oostenrijkse is. Natuurlijk weigert Hildegarde Knef het aanbod. In 1951 heeft zij een korte, kuise naaktscène in de film “Die Sünderin”. De katholieke kerk trekt heftig van leer tegen het beetje bloot en Hildegarde reageert “cool”: “Wat een tumult…vijf jaar na Auschwitz”. Echt grote films heeft Hildegarde Knef niet gemaakt, maar iedere keer ontroert zij door haar onweerstaanbare waarachtigheid. En een echt mooie stem heeft zij ook niet maar haar geraffineerde allure doen je het schorre, doorrookte geluid vergeten. Het is gewoon een vrouw voor wie je valt.
 

Rousseau (28/06)



De held van de dag is Jean – Jacques Rousseau.

Vandaag vieren wij de driehonderdste verjaardag van de filosoof en schrijver Jean–Jacques Rousseau. Zijn moeder overleeft de bevalling niet en sterft een week later, “Mijn geboorte was mijn eerste rampspoed” zal hij later schrijven. De eerste tien jaar van zijn leven wordt hij door de jongste en muzikale zus van zijn vader verzorgd. In 1742 trekt hij te voet naar Parijs, waar hij in de intellectuele kringen welwillend werd ontvangen. Hij raakt er bevriend met Denis Diderot en werkt mee aan zijn groot project: de encyclopedie, het monument van de Verlichting. Rousseau verzorgt de artikels over muziek en zal ook enkele komische opera’s schrijven, waaronder de baanbrekende “Le Devin du Village”, die in aanwezigheid van koning Louis XV en zijn maîtresse madame de Pompadour succesvol wordt opgevoerd in het kasteel van Fontainebleau. Rousseau wil in de eerste plaats een filosoof zijn: In zijn “Vertoog over de ongelijkheid tussen de mensen” stelt hij dat de mens van nature goed is en alleen door zijn ervaringen in de maatschappij gecorrumpeerd wordt. Zijn autobiografie “Confessions”, die na zijn dood verschijnt, is een zeer openhartig en voor die tijd hoogst ongewoon werk. Rousseau analyseert er al zijn innerlijke roerselen en eigenaardigheden, ook seksuele.
 

Werther (2/12)

 

 

 

Werther is het hoofdpersonage uit “Die Leiden des jungen Werther” van Johann Wolfgang Goethe.
Liefde, natuur en literatuur dwingen de jonge Werther tot exaltatie en “Weltschmerz”. In zijn getormenteerde hoofd is er geen plaats voor het compromis.
In Charlotte vindt Werther een verwante, gevoelige ziel. Zij is verloofd met Albert en als deze voor een tijdje afwezig is, brengt Charlotte vele uren met Werther door.
Natuurlijk raakt hij hopeloos verliefd op Lotte, “Als ik alleen haar zwarte ogen maar zie, ben ik al tevreden!”.
Lotte wil haar verloving echter niet onderbreken maar zij wil ook de vriendschap van Werther niet opgeven.
Bij zijn thuiskomst tracht Albert Werther te genezen van zijn onredelijke liefde: “en laten wij met elkaar het geluk van echte vriendschap smaken.” Dit heeft echter een averechts gevolg: Werther meent dat het opgeven van Lotte gelijkstaat aan het burgerlijk instemmen met de stand van zaken.
De afloop is faliekant: Werther zegt Lotte en het leven vaarwel. Na een tranenrijk laatste bezoek aan Lotte berooft Werther zich met Alberts pistool van het leven: “Gegroet, ik zie geen ander einde aan deze treurnis dan het graf.” De ontsteltenis van Albert en Lotte is enorm en er wordt zelfs gevreesd voor haar leven.
In 1892 schrijft Jules Massenet de opera “Werther” en deze kan u vanavond kan u in UGC Brouckère in Brussel rechtstreeks meemaken vanuit de Opéra Bastille van Parijs met Jonas Kaufman in de titelrol.
 

William Faulkner (29/06)



De held van de dag is William Faulkner.

William Faulkner werd geboren op 25 september 1897 in New Albany, Mississippi. Zijn grootvader is een belangrijke figuur in de geschiedenis van de noordelijke Missisippi: hij dient als kolonel in het leger, richt een spoorverbinding op en schrijft romans. Het is meer dan begrijpelijk dat de jonge William beïnvloed wordt door de geschiedenis van zijn familie en zijn grootvader zal model staan voor de figuur van kolonel Sartoris in zijn latere werk. Zijn romans spelen zich in de imaginaire stad Yoknapatawpha. Zijn moeilijke boeken hebben weinig succes, toch krijgt hij in 1949 de Nobelprijs voor literatuur. Maar voor we zover zijn, gaat Faulkner om te overleven in dienst in Hollywood als scenarioschrijver. Ironisch genoeg schrijft hij scenario’s van romans van schrijvers die meer succes hebben dan hij: “To have and to have not” van Ernest Hemingway en “The Big sleep” van Raymond Chandler. Faulkner schrijft geen gemakkelijke boeken, soms is het verhaal een collage die verteld wordt door verschillende personages, maar eens je zijn stijl te pakken hebt, ben je klaar voor een beklijvend leesavontuur.
Een tip: je begint het best met “Sanctuary”, het start als een klassieke “crime novel” maar gaat stilaan uitdeinen tot een Griekse tragedie. Faulkner overleed vijftig jaar geleden en vanmiddag wijdt Babel een “special” aan deze reus van de Amerikaanse literatuur, die schreef: “Het verleden is niet dood, het ligt niet eens achter ons”.
 

Claude Debussy (3/01)



De held van de dag is Claude Debussy.

Claude Debussy wordt op 22 augustus 1862 geboren in een eenvoudig gezin. Dankzij de bemiddeling van een zekere madame Mauté, de schoonmoeder van Paul Verlaine, krijgt de jonge Paul zijn eerste pianolessen. Toeval of niet, maar als volwassen componist zal Debussy de gedichten van Verlaine op muziek zetten. Hoogbegaafd als hij is, slaagt Claude in alle proeven van het conservatorium en als hij 24 is, behaalt hij met “L’Enfant et les Sortilèges” de felbegeerde “Prix de Rome”. Hij kan twee jaar in Rome werken en studeren maar hij kan niet tegen het klimaat, interesseert zich niet voor de antieke kunst en ergert zich aan het mondaine leven. In 1888 bezoekt hij Bayreuth en hij komt onder de dwingende invloed van de muziek van Richard Wagner. In 1902 componeert hij “Palléas et Mélissande”, naar het gelijknamige toneelstuk van Maurice Maeterlinck. Wanneer Debussy hem, na een copieuze maaltijd zijn operabewerking op de piano voorspeelt, valt Maeterlinck in slaap. Wat de impressionisten in de schilderkunst te weeg brachten, heeft Debussy voor de muziek gedaan: hij heeft haar bevrijd uit oude structuren, hij heeft nieuwe vormen, kleuren en timbres aangedragen, hij heeft vers bloed gebracht in het levende wezen dat zij is.
“Van alle leugens is kunst de mooiste” zei Debussy, en wie ben ik om geen gelijk te geven aan de man aan wie ik mijn voornaam te danken heb.
 

François Truffaut (6/02)

 
                                                                                                         Jules et Jim
De held van de dag is François Truffaut.

Vandaag, 80 geleden werd mijn lievelingsregisseur François Truffaut geboren. Na een woelige jeugd en een mislukte carrière in het leger vindt hij zijn weg in de film. Hij begint als criticus bij het befaamde en gevreesde “Cahiers du Cinéma” en schrijft heftige artikels tegen de conservatieve Franse film, die hij de “cinéma de papa” noemt. In 1959 draait hij “Les Quatre Cents Coups”, een sterk autobiografische film die internationaal de deur opent voor de “nouvelle vague”, de jonge ‘film-Turken’ met Jean – Luc Godard als bendeleider. Nadien volgen meesterwerken als “Jules et Jim” en “La nuit américaine”, dat in 1973 de Oscar wint voor de beste buitenlandse film. De Amerikanen houden van François Truffaut en Steven Spielberg vraagt hem voor een belangrijke rol in zijn “Close Encounters of the third Kind”. Truffaut schrijft een schitterend boek over Alfred Hitchcock en maakt de “Antoine Doinel” trilogie, een semi autobiografische serie met zijn alter ego Jean Pierre Léaud in de hoofdrol. Naast film heeft Truffaut nog twee andere passies: boeken en vrouwen. Zijn lievelingsauteurs zijn Honoré de Balzac en Paul Léautaud en zijn vrouwen, ja, die mogen er ook zijn: Jeanne Moreau, Catherine Deneuve, Fanny Ardent en de vele anderen want François fladdert graag. “Filmfans zijn zieke mensen” was een geliefkoosde boutade van Truffaut. Wel, ik lijd al meer dan vijftig jaar aan die zalige ziekte en ik moet toegeven dat ik mij opperbest voel.
 

Charles Dickens (7/02)

 

 

 

Vandaag precies 200 jaar geleden werd Charles Dickens geboren, de vader van Oliver Twist.
Het leven van Dickens is als dat van zijn hoofdpersonages:
als hij twaalf jaar oud is, wordt zijn vader, die altijd boven zijn stand leefde, opgesloten in de gevangenis. Het was toen gebruikelijk dat mensen die hun schulden niet meer konden aflossen werden vastgezet, vaak met gezin en al.
Dickens’ moeder en de jonge kinderen verbleven dus ook in de gevangenis.
De schulden, de angst, boze schuldeisers die op de deur bonsden, de deurwaarders, pandjesbazen, het leven in die kale, koude kamers van de gevangenis, ze maakten grote indruk op hem. Amper zestien jaar oud vindt Dickens werk als klerk op een advocatenkantoor en hij werkt zich snel op als parlementair verslaggever.
Inmiddels ontpopt hij zich ook als schrijver.
In 1836: Dickens is 24 jaar oud, zijn “Pick Wick papers” verschijnen als feuilleton en binnen de kortste tijd is hij én een cultfiguur én een volksschrijver. Zelfs toen was er al een commerciële “spin-off” met Pick Wick snoepjes en gebakjes.
Vaak werkt Charles Dickens aan twee romanfeuilletons tegelijk, die als de hedendaagse soaps het publiek in hun ban houden.
Hij is een beroemdheid, en zelfs de analfabeten weten wie hij is, omdat foto’s met zijn portret hen aanstaren vanachter de winkelramen. Dickens is de auteur die mij initieerde in de grote literatuur en ik benijd iedereen die “Grote Verwachtingen” nog niet gelezen heeft.
 

Boris Vian (18/10)


 

De held van de dag is Boris Vian.

Boris Vian komt uit een welgestelde en artistieke familie. Zijn moeder noemt haar zoon Boris naar “Boris Godounov”, de opera van Moussorski. Hoewel hij het diploma van technisch ingenieur behaald heeft, zal Boris het enkel gebruiken om vrijblijvend thuis te knutselen en te sleutelen aan zijn sportwagen. Zijn levensmotto is: “Je ne vais pas perdre ma vie à la gagner”. Boris speelt trompet en is de ongekroonde prins van Saint - Germain - des Prés. Vian zegt dat hij niet ouder dan veertig zal worden en wil dat zijn leven één grote vakantie is. Als hij 19 is, woont hij een concert van Duke Ellington bij. Deze “kick” zal bepalend zijn voor zijn verdere leven: Boris speelt jazz, luistert naar jazz, is jazz. Voor Vian is jazz even belangrijk als Mozart, want jazz is de muziek van de vrijheid. Hij schrijft zo’n 500 liedjes, waaronder “Le Déserteur”, dat tot 1962 op alle Franse zenders verboden zal blijven. Zijn roman “l’Ecume des Jours” (“Het Schuim der dagen”), het verhaal van een “amour fou”, heeft als credo: “ In het leven zijn er maar twee dingen die van belang zijn: de liefde, uiteraard met mooie vrouwen en de muziek van Duke Ellington”.

Vandaag gaat er in de Bibliothèque Nationale de France te Parijs een tentoonstelling over Boris Vian open. Hij heeft dus gelijk gehaald toen hij zei: “Ik zal pas gelukkig zijn als men zal zeggen: “V” als “Vian”.
 

Dorian Gray (19/10)


 

De held van de dag is Dorian Gray.

Dorian Gray is het hoofdpersonage uit “The Picture of Dorian Gray” van Oscar Wilde. De schilder Basil, maakt een portret van Dorian en toont die aan Lord Henry Wootton. Deze is zo gefrappeerd door de schoonheid van Dorian dat hij hem absoluut wil ontmoeten. Dorian raakt in de ban van Lord Henry , die de schoonheid boven alles stelt. Dorian wil alles geven opdat zijn portret in zijn plaats ouder zou worden en dat hij van de eeuwige jeugd zou genieten.
Dorian wordt verliefd op de actrice Sybil Vane. Op een dag wijst hij Sybil af omdat zij die avond slecht geacteerd heeft. Sybil kan de afwijzing niet verkroppen en pleegt zelfmoord. Wanneer Dorian ’s avonds zijn het portret bekijkt, ziet hij dat hij een vals trekje om de mond gekregen heeft. Gedurende 18 jaren vermeit Dorian zich in het kwade, maar zijn uiterlijk blijft hetzelfde. De Dorian op het schilderij wordt als maar ouder en lelijker. In Londen wordt er kwaad over hem gesproken en Dorian wil zijn leven beteren. Op een avond gaat hij met een mes het schilderij te lijf. Zijn huishoudster hoort een luid kabaal en als zij gaat kijken vindt zij het schilderij dat weer zijn oorspronkelijke staat heeft. Op de vloer ernaast ligt het lichaam van Dorian, dat veranderd is in dat van een afschuwelijke oude man, met een dolk in het hart.

Vanavond brengt Theater Artemis “Dorian Gray” op de planken van de Stadschouwburg van Brugge.
 

Harpagon (20/10)


 

De held van de dag is Harpagon.

Harpagon is het hoofdpersonage uit “De Vrek” van Jean – Baptiste Poquelin, alias Molière. De weduwnaar Harpagon is geobsedeerd door geld. Hij is doodsbang dat iemand de pot met tienduizend goudstukken die hij in de tuin verstopte zou ontdekken. En hij wantrouwt iedereen, zelfs zijn kinderen. Dezen hebben maar één doel: zo snel mogelijk trouwen om van hun gierige verwekker af te zijn. Maar Harpagon heeft andere plannen: zijn dochter Elise wordt aan een rijke oude man beloofd en zijn zoon Cléante krijgt een lelijke maar rijke weduwe. Harpagon zelf heeft zijn oog laten vallen op Marianne, de geliefde van zijn zoon. Wanneer Cléante zijn vader vertelt dat hij verliefd is op Marianne en Marianne op hem, wordt hij onterfd en uit het huis gezet. Als wraak gaat Cléante het geld van zijn vader stelen. Harpagon ontbiedt de politiecommissaris om een onderzoek in te stellen en in zijn opwinding wil hij dat alle inwoners van Parijs ondervraagd worden. In ruil voor zijn toestemming om met zijn geliefde Marianne te trouwen geeft Cléante het geld aan zijn vader terug. En eind goed, al goed: de geliefden trouwen.
Of zij lang en gelukkig leefden, komen wij bij Molière niet te weten. Wat wel zeker is, is dat Harpagon helemaal alleen achterblijft met zijn pot goud als enige gezelschap.

Vanavond speelt in Toneelgroep Amsterdam “De Vrek” in een regie van Ivo van Hove in de Singel
 

Alma Mahler (21/10)




De heldin van de dag is Alma Mahler.

Alma Mahler is de muze voor componisten, schilders en schrijvers in het Weense “fin de siècle”. Als zij zeventien is, ontmoet zij Gustav Klimt. Hij heeft een onverzorgde baard, draagt lange kleren en Alma raakt in de ban van deze “wildeman”. Als zij twintig is, ontmoet zij de componist Alexander von Zemlinsky. Hij wordt haar muziekleraar en enkele weken later is het zover: “Ik nam zijn hoofd in mijn handen, en we kusten elkaar zo hevig dat onze tanden er pijn van deden”, schrijft zij in haar dagboek. Als zij op 7 november 1901 Gustav Mahler ontmoet, heeft zij weer prijs en zij trouwen enkele maanden later. Alma bevalt van een dochtertje. Maar het kindje krijgt roodvonk en sterft. Door de dood van hun dochter gaan Alma en Gustav helemaal van elkaar vervreemden. Na een korte affaire met de schilder Oskar Kokoshka, trouwt zij met de architect Walter Gropius. Tijdens de oorlog is hij verantwoordelijk voor de opleiding van oorlogshonden. Alma neemt het niet de echtgenote van een “hondendresseur” te zijn en bovendien is het tijd voor een nieuwe minnaar: de schrijver Franz Werfel. Alma is de vijftig gepasseerd en weer verliefd. Na twee schilders, twee componisten, één architect en één schrijver, is het de beurt aan een priester: Johannes Hollnsteiner. Wie biedt er meer?

Morgen brengt het Nederlandse gezelschap “De Warme Winkel” in het kader van “Weense Herfst” in het Brusselse Kaaitheater “Alma”, de flamboyante muze, weer tot leven.
 

Zorro (8/02)


(Douglas Fairbanks als Zorro)

De held van de dag is Zorro.

Zorro, wat in het Spaans “vos” betekent, is de naam van de gemaskerde held uit boeken, films en televisiefeuilletons. Zorro bestrijdt het onrecht en de corruptie in Californië. Hij gaat altijd in het zwart gekleed, hij draagt een cape, een hoed en een masker. Zorro is het alter ego van Don Diego, een elegante en dromerige jongeman met een fijn gigolo snorretje, maar als het gevaar dreigt, verandert hij in de onversaagde wreker. Zijn wapens zijn een zweep en een degen, waarmee hij steevast zijn “handelsmerk” op de plaats van de actie achterlaat, een “Z” gekrast met drie snelle degentrekken. Zorro rijdt op een zwart paard Tornado genoemd.
En nu volgt er een stukje vaderlandse geschiedenis: dit paard werd op de Expo 58 geëxposeerd op een Amerikaanse roadshow. Bij gebrek aan belangstelling ging de manager failliet en hij moest de inboedel verkopen, paard incluis. En nu komt het: het paard van Zorro werd opgekocht door onze Bobbejaan Schoepen die het lange tijd gebruikte voor de stunts die hij in zijn shows opvoerde. Zorro is één van de eerste superhelden uit de populaire cultuur: op het witte doek werd hij vertolkt door Douglas Fairbanks, Errol Flynn, Gene Kelly en Alain Delon. Isabel Allende schreef een roman over hem en Zorro inspireerde een hilarisch liedje van Henri Salvador.
De jongere (en oudere) filmfans, die kunnen vanmiddag naar de Cinematek voor “The Mask of Zorro” van Robert Mamoulian
 

Al Jolson (9/02)



De held van de dag is Al Jolson.

Asa Youlson, beter bekend als Al Jolson, wordt in 1896 in Litouwen geboren als zoon van een Russische jood. Al Jolson is wereldberoemd voor “The Jazz Singer”, de eerste geluidsfilm met een immens commercieel succes. Zijn carrière op Broadway is ongeëvenaard, bijna dertig jaar staat hij op het affiche en is de beste betaalde entertainer van Amerika. In 1948 wordt hij uitgeroepen tot de populairste mannelijke zanger: hij is voor de blues wat Elvis betekent voor de rock ’n roll. Zijn opname van “Sonny Boy” is de eerste grammofoonplaat waarvan er één miljoen exemplaren verkocht werden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog is Al Jolson de eerste artiest die gaat optreden voor de troepen. Voor zijn optredens schminkt hij zijn gezicht in het zwart, een gewoonte die terug gaat naar de traditie van de “minstel shows” uit het Amerikaanse variété theater. Volgens critici is het zwartgeverfde gezicht een metafoor voor het lijden van de joodse en zwarte de bevolking. Al Jolson is dan ook de enige blanke die toegelaten werd in de exclusieve, “zwarte” night clubs van Harlem. Terwijl hij op 23 oktober 1950 met vrienden aan het kaarten is, krijgt hij ineens een hartaanval. Zijn laatste woorden zijn: “Boys, I’m going”. Om hem te eren worden de lichten op Broadway gedurende tien minuten gedoofd en 20.000 man volgt de uitvaart
Vanavond wordt in de Cinematek de ontroerende “Jazz Singer” vertoond.
 

Candide (24/10)



De held van de dag is Candide.

Candide is de hoofdpersoon van “Candide of het Optimisme”, het filosofische sprookje van Voltaire. Hij is een eenvoudige, eerlijke jongen, leeft in een prachtig kasteel en krijgt les van meester Pangloss, de grootste filosoof ter wereld.
Op een dag ontmoet hij de mooie Cunegonde, de dochter van de baron: zij laat haar zakdoek vallen, Candide raapt hem op, zij pakt in alle onschuld zijn hand vast, en de jongen kust in alle onschuld de hand van de jonge dame. Hun lippen vinden elkaar, hun ogen beginnen te stralen, hun knieën knikken en hun handen dwalen af. Wanneer de baron het verliefde koppel ontdekt, wordt Candide uit het kasteel gejaagd.
Vanaf dat moment beleeft Candide de ongelooflijkste avonturen. Hij wordt geconfronteerd met oorlog en natuurrampen en met mensen die elkaar afslachten omwille van nationalistische gevoelens of religieus fanatisme. Maar eind goed, al goed. Na vele omzwervingen vindt Candide zijn leermeester en zijn geliefde terug. Hij trouwt met haar en trekt zich terug op een boerderij. Candide besluit zijn woelige bestaan met de eenvoudige, wijze woorden: “Wij moeten onze tuin bewerken”. “Il faut cultiver son jardin.”

Van “Candide” verscheen een nieuwe uitgave in de onvolprezen “Perpetua Reeks”, een serie die de 100 best boeken ter wereld uitgeeft. Als dat geen argument is om Voltaire te lezen.
 

Odin (25/10)


 

De held van de dag is Odin.

Odin is de voornaamste god van het IJslandse epos, de “Edda”. De belangrijkste attributen van Odin zijn de speer en zijn ring. De speer treft altijd haar doel en de ring is een onuitputtelijke bron van rijkdom want iedere nacht produceert hij acht even voortreffelijke ringen. De god Odin heeft een achtvoetig paard, twee vraatzuchtige wolven en twee raven, waarvan de ene voor de gedachte en de andere voor de herinnering zorgt. Het paleis van Odin heeft een dak van puur zilver en als hij op zijn zetel zit kan hij de hele wereld overzien. Odin trekt de hele wereld door om kennis te verwerven. Zijn onophoudelijk rondtrekken houdt verband met zijn weten dat er een tijd zal komen dat de vijanden van de goden, de wereld ten onder zullen doen gaan. Zijn kennis en wijsheid moeten hem helpen die ondergang tegen te houden.
De naam Odin wordt meestal in verband gebracht met het adjectief “razend”, “woedend”, “bezield”. Odin is immers de god van de extase, de bezetenheid. Deze bezieling uit zich op het terrein van de strijd en van de dichtkunst. Odin is de god van de dichters en de god van de krijgers. Hij is de god die de mensen tot razernij in de strijd kan brengen, maar ook de god die sommigen de gave van het dichten verleent.

Wie alles over Odin wil weten kan ik de gloednieuwe vertaling van de “Edda” aanbevelen, verschenen bij Athenaeum – Polak en Van Gennep.
 

Bertolt Brecht (10/02)

   

De held van de dag is Bertolt Brecht.

Alleen al voor zijn uitspraak “Eerst komt het eten en dan pas de moraal” verdient die man een monument. Bertolt Brecht werd 114 jaar geleden in Augsburg geboren. Hij is dichter, dramaturg en toneelregisseur en werkt samen met de componisten Hanns Eisler en Kurt Weil. Tijdens zijn studies is hij zeer actief met het schooltoneel. In een opstel bekritiseert hij fel de waanzin van de eerste wereldoorlog die volop aan de gang is. De soldaten, waar Duitsland zo trots op is, noemt hij kanonnenvlees. Brecht voelt zich thuis in het decadente Berlijn van de jaren twintig waar in 1928 zijn “Dreigroschenopera” in première gaat. De tekst is voor het overgrote deel door een medewerkster geschreven en voor de liederen heeft hij ongestoord François Villon bestolen, maar Brecht signeert voluit en strijkt zonder gêne de auteursrechten op. In 1933 vlucht hij uit Duitsland en komt na vele omzwervingen terecht in de Verenigde Staten. Daar wordt hij binnen de kortste tijd vervolgd wegens Anti – Amerikaanse activiteiten en hij vertrekt naar Oost-Berlijn waar hij met zijn Berliner Ensemble” “Mutter Courage” creëert.
Ik las de monumentale, vreselijke biografie “Brecht en Co” van John Fuegi: wij leren Brecht kennen als dogmatische paus van het theater, als communist met een bankrekening in Zwitserland, als vrouwengek, dief, de leugenaar, bedrieger maar ook als het genie dat het theater revolutioneerde en als de dichter van de pijn en de hunkering.
 

Josef K (13/12)



De Held van de dag is Josef K.

Josef K. is de hoofdfiguur van de Franz Kafka’s magistrale roman “Het Proces”.
Het boek begint met die onvergetelijke, dreigende zin: “Iemand moest kwaad van K. hebben gesproken, want zonder dat hij iets had gedaan werd hij op een ochtend gearresteerd.” Die morgen begint voor Josef K een lange en ellendige procesgang: tussen arrestatie en smadelijke dood probeert hij gerechtigheid te vinden bij een gerecht dat daarin helemaal niet geïnteresseerd is. Hij raakt verstrikt in een ondoorgrondelijk rechtssysteem en verzeilt in een verwarrende wereld van armoedige griffiekantoren in afgelegen buitenwijken, een doolhof waarin advocaten, onderzoeksrechters, aalmoezeniers en prostituees opduiken. Het is de wereld van Kafka bij uitstek, die zelfs buiten zijn roman om, zijn naam is gaan dragen: “kafkaësk”. Josef K is de metafoor voor de uitzichtloze strijd van de eenling tegen de onzichtbare en ongrijpbare macht. De roman is geschreven in 1914 en verbeeldt het klassieke model van de terreurstaat. “Het Proces” voorspelt het verborgen sadisme en de hysterie die het totalitarisme veroorzaakt: het is vrijwel ondoenlijk “Het proces” te lezen zonder het dreunen van de laarzen in de straat te horen en prikkeldraad met wachttorens te zien.
En nu een stukje “vaderlandse geschiedenis”: de Belgische popgroep K’s Choice is genoemd naar Josef K. En in de exquise “Perpetua” reeks verscheen er een nieuwe vertaling van dit absolute meesterwerk.
 

Kapitein Haddock (26/10)

De held van de dag is Kapitein Haddock.

De fans beweren het en de statistieken confirmeren het: niet Kuifje maar kapitein Archibald Haddock is de populairste figuur uit de “Avonturen van Kuifje”. In “De Krab met de Gulden Scharen” ontmoet Kuifje voor het eerst de drankzuchtige kapitein. Dankzij Kuifje ontdekt Haddock dat zijn schip in de handen is van de stuurman Allan, die de immer dronken kapitein misbruikt om drugs te smokkelen. Haddock is een nietsnut die alleen maar aan whisky denkt, zo steekt hij een reddingsboot in brand en hij probeert Kuifje te wurgen omdat hij hem voor een fles champagne aan ziet. Gaandeweg krijgt Haddock grip op zijn drankprobleem. In “De geheimzinnige Ster” schopt hij het tot erevoorzitter van de “Liga der zeevarende Geheelonthouders”. Maar het is enkel schone schijn. In “Mannen op de Maan” besluit hij halverwege uit de raket te springen omdat hij, dronken als hij is, ineens geen zin meer heeft in de reis. Gelukkig wordt Haddock van zijn drankprobleem afgeholpen. In “Kuifjes en de Picaro’s” vindt professor Zonnebloem een middel uit dat aan elke druppel alcohol een vreselijke smaak geeft. Kenmerkend voor de kapitein is zijn repertoire aan scheldwoorden. Het bekendste is “Duizend bommen en granaten”, maar er is meer: “Aftandse lekkerbek, ellendige aardworm, gepaneerde mestbol, mislukte handelaar in tweedehands vogelmest, schijnheilige mispel…”

Vanaf vandaag zijn de avonturen van Kuifje, pardon, van Haddock te zien in de bioscoop.
 

Romeo en Julia (14/02)

 

Romeo en Julia zijn de tragische geliefden uit de gelijknamige tragedie van William Shakespeare.
Hun families, de Montagues en de Capulets zijn twee rijke geslachten uit Verona die al eeuwen ruzie met elkaar hebben. Als Romeo, de enige zoon van de Montagues, naar een feest van de vijandelijke Capulets gaat, wordt hij op slag verliefd op de dochter des huizes, Julia.
En zoals elke verliefde jongen begaat Romeo de ene stommiteit na de andere: niet alleen wil hij in het geheim met Julia trouwen, in een straatgevecht dood hij ook nog Tybalt, de neef van zijn geliefde.
Romeo wordt uit Verona verbannen en is gedoemd om Julia nooit meer te zien.
Ondertussen hebben de ouders van Julia ook niet stil gezeten, zij willen absoluut dat hun dochter trouwt met de rijke Paris.
Maar Julia is nog altijd stapelzot van haar Romeo en zij vraagt aan broeder Lawrence een drankje dat ervoor zorgt dat zij een tijdje dood lijkt om zo aan het huwelijk met Paris te ontsnappen.
In een brief aan Romeo legt zij haar schijndood uit, maar de brief zal hem nooit bereiken!
Wanneer Romeo haar in de graftombe ziet liggen wil hij niet langer leven en hij drinkt een flesje met vergif leeg.
Op dat moment wordt Julia wakker en zij ziet de stervende Romeo. Zij pakt zijn dolk en doodt zichzelf.
Eind goed, al goed, zou ik zo zeggen
Maar, wie er nu een muzikaal- romantische avond wil van maken, die kan vanavond naar Bozar voor de ouverture “Romeo en Juliet” van Peter Tsjaikovski. Het Symfonie-orkest van de Munt staat o.l.v. Carlo Rizzi.
 

Oblomov (27/10)



De held van de dag is Oblomov.

Ilja Oblomov is de jonge Russische edelman die niet in staat is een besluit te nemen. In de eerste 150 bladzijden van de roman van Gontsjarov kan hij zelfs niet uit zijn bed komen. Hij verlaat het stoffige, verwaarloosde vertrek vol met onafgewassen borden niet. “Liggen was zijn normale toestand. Wanneer Oblomov thuis was – en hij was bijna altijd thuis - lag hij altijd”. Hij wordt verliefd op Olga, maar nu beginnen de problemen pas. Trouwen is natuurlijk mooi, maar het brengt zoveel zorgen met zich mee, het landgoed en de financiën moeten op orde worden gebracht en er moet een geschikte woning gezocht worden. Dit is te veel voor Oblomov en hij doet wat hij in zulke gevallen altijd doet, namelijk niets. Olga verbreekt de verloving en Oblomov vindt troost in de armen van een forse weduwe, de “geniale huisvrouw”, die ervoor zorgt dat Oblomov niets meer moet doen. Oblomovs luiheid evolueert van een vermakelijke zwakte tot een doem die alleen naar zijn ondergang kan leiden. Hij wordt weliswaar gechanteerd en van bijna al zijn geld beroofd, maar hij kan rustig in een betrekkelijke welstand en in zijn bed sterven. Ondanks dit “milde einde” is de beschrijving van Oblomovs langzame neergang een meesterstuk van zachte treurigheid.

“Oblomov” wordt volgende vrijdag en zaterdag in de KVS opgevoerd door het gezelschap “Lazarus”. Ik zag de voorstelling, het is heerlijk theater over de kunst van het niets doen. Ga dat zien!
 

Tarzan (15/02)

 

Tarzan verscheen voor het eerst in 1914 in het boek “Tarzan of the Apes” van de Amerikaanse schrijver Edgar Rice Burroughs.
Tarzan is de verweesde zoon van aristocratische Engelse ouders, Lord en Lady Greystoke, die einde 19° eeuw na een muiterij op het schip dat hen naar Afrika brengt, stranden aan de Westkust.
Wanneer zijn ouders overlijden wordt de mensbaby door de apin Kala, die net haar eigen jong verloren heeft, geadopteerd en zij geeft hem de naam “Tarzan”, wat blanke huid betekent.
Jaren later vindt Tarzan in de hut van zijn ouders een aantal kinderboekjes en met behulp van plaatjes en letters leert hij zichzelf lezen en schrijven.
De eerste mensen die hij leert kennen zijn Amerikaanse ontdekkingsreizigers, onder wie de beeldschone Jane.
Zij leert hem de menselijke taal en via taal- en andere spelletjes worden zij verliefd op elkaar.
Tarzan ziet er goed uit: hij heeft een gespierd lichaam; in de bagage van zijn vader heeft hij een scherp mes gevonden waarmee hij zich elke ochtend scheert, zijn zwart haar draagt hij half lang en die prachtige superbody is verpakt in een elegante slip in luipaardvel.
Maar het geheim van Tarzan’s “look “ zijn de mysterieuze pillen die hij ooit kreeg van een zwarte toverdokter en die hem de eeuwige jeugd bezorgen.
Vandaag vertoont de Cinematek “Tarzan, The Ape man” met Cheetah, Jane en zwemkampioen Johnny Weismuller met de onsterfelijke oerkreet die door merg been gaat.

 

Keith Haring (16/02)

 

Twaalf jaar geleden overleed de graffiti kunstenaar Keith Haring,
We kennen hem allemaal van zijn grappige figuurtjes op koffiekoppen, bandhanddoeken,T Shirts en skate borden.
Keith Haring is een artiest die zich meer thuis voelt op straat dan in het museum. Zijn vader, die stripverhalen tekent, geeft hem zijn eerste tekenlessen. Een andere leermeester is Andy Warhol en van Christo leert hij dat kunst niet voor een elite, maar voor iedereen is.
Keith Haring zit midden in de populaire cultuur, de rockmuziek van de jaren ’70, de hippie beweging en de psychedelische cultuur. Hij put zijn inspiratie uit stripverhalen, tekenfilms en videoclips en ook bij Cobra en “onze” Pierre Alechinsky.
En als hij op negentienjarige leeftijd in de metro van New York graffiti tekeningen ziet, heeft hij voor goed zijn draai gevonden.
Hij maakt krijttekeningen in de metro op lege affichepanelen, de muren van het “subway” zijn zijn canvas geworden.
In 1982 wordt hij ontdekt door een belangrijke New Yorkse galeriehouder en dan is het vertrokken: een jaar later staat hij op de Documenta van Kassel en het jaar daarop exposeert hij op de Biënnale van Venetië.
Maar Keith Haring wil in contact blijven met zijn jonge publiek: in 1986 opent hij zijn eigen “Pop” shop en met zijn monumentale muurschilderingen steunt hij de acties voor kinderen in nood.
Tegen het einde van zijn leven, wanneer hij weet dat hij seropositief is, wordt zijn werk nog vrolijker en zotter.
 

Kaspar Hauser (28/10)


 

De held van de dag is Kaspar Hauser.

Als hij 16 jaar oud is, meldt een zekere Kaspar Hauser zich in 1828 bij een ritmeester in Neurenberg. De jongen is in het bezit van een raadselachtige brief waaruit men enkel kan opmaken is dat zijn naam Kaspar is. De jongen, die nauwelijks kan spreken of schrijven en zich moeilijk kan bewegen, is opgegroeid in een donkere, lage kelderruimte zonder het minste contact met de buitenwereld. Verder onthult de brief dat de jongen soldaat moet worden, en de jongen stamelt voortdurend: “Ik wil een ruiter zijn, zoals mijn vader was.” Het plotse opduiken van de knaap ontketent een ware sensatie en al spoedig zijn er twee strekkingen. Volgens de ene is de zwijgzame Kaspar het slachtoffer van duistere intriganten, die er baat bij hebben zijn ware identiteit verborgen te houden. Volgens de andere is Kasper gewoon een aansteller en een bedrieger. In 1833 wordt hij door een onbekende met een dolksteek dodelijk verwond. Kaspar Hauser sterft zonder dat er een tip van de sluier is opgelicht. Zijn laatste woorden zijn: “Ik heb het zelf niet gedaan”. De figuur van Kaspar Hauser veel bijval en er wordt gefluisterd dat hij de zoon zou zijn van de mooie Stéphanie de Beauharnais, de aangenomen dochter van Napoleon.

Morgen is het op Klara de “Dag van de stilte”, gedenk de stille jongen die de taal nog moest ontdekken die hem naar zijn dood zou voeren.
 

Thelonius Monk (17/02)



De held van de dag is Thelonius Monk.

Hij is niet zo virtuoos als Radu Lupu, Alfred Brendel of Arturo Benedetti Michelangeli, maar mijn lievelingspianist is Thelonius Monk, de eenzame monnik van de jazz. Monk heeft een unieke improvisatiestijl en is de auteur van jazzklassiekers als “Round about Midnight” en “Straight, no chaser”. Na Duke Ellington is hij de meest gespeelde jazzcomponist met dien verstande dat Ellington duizend nummers schreef en Monk zeventig. Thelonius Monk houdt van dissonante harmonieën en melodische kronkels die nukkig en onorthodox zijn en die combineert hij dan met een dramatisch gebruik van stiltes en aarzelingen. Het spreekt vanzelf dat niet iedereen zijn pianospel apprecieert en een beroemde jazzcriticus omschrijft Thelonius Monk als “de olifant van de piano”. Ook zijn hele manier van doen is nogal eigenaardig: ik zag hem in 1972 in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel, hij had een grote zwarte zonnebril en een bonten baret op zijn hoofd. In het midden van een nummer, terwijl zijn muzikanten volop aan het spelen waren, stopt hij ineens, staat recht en hij waagt zich aan een paar elegante danspasjes, om nadien verder te improviseren alsof er geen vuiltje aan de lucht is. Het is gewoon geniaal, hoe Monk met zo weinig zo veel kan uitdrukken.
Vandaag is het dertig jaar geleden dat deze pianoheld overleden is.
 

Dracula (31/10)



De held van de dag is Dracula.

Dracula gaat terug op de historische figuur Vlad Dracula, die in de 15° eeuw regeert over Walachije, het huidige Roemenië. Dracula betekent: “zoon van de draak”. Vlad Dracula wil van zijn rijk een moderne staat maken en daarbij gaat hij meedogenloos te werk. Opstandelingen, ongeneeslijke zieken en zigeuners worden bij duizenden geëxecuteerd.
De associatie van Vlad Dracula met de bloedzuigende vampier is een creatie van de schrijver Bram Stoker. Door een vampier te maken van de historische Dracula kan hij zijn vampierenroman een hoger realiteitsgehalte geven.
Een Engelse klerk reist in opdracht naar Transsylvanië om met Dracula de verkoop van een landgoed te bespreken. Op het sinistere kasteel verneemt hij de strafste verhalen: de graaf kan zich als een vleermuis over de muren voortbewegen en hij raakt bijzonder opgewonden als hij bloed ziet. De roman vervolgt met krantenberichten waarin beschreven wordt hoe in Engeland een schip arriveert waarop geen enkel bemanningslid meer is en waaruit vijftig kisten worden geladen. Gaandeweg wordt het duidelijk dat met de ontscheping van de kist Dracula en zijn trawanten zijn aangekomen om zich te laven aan vers Engels bloed, door hun scherpe tanden in de hals van het slachtoffer te zetten. Waardoor hun slachtoffers op hun beurt ook vampiers worden.

Vandaag wordt “Halloween” gevierd. U bent gewaarschuwd!
 

Nina Simone (21/02)



De heldin van de dag is Nina Simone.

Vandaag zou zij 79 worden, Nina Simone, de hogepriesteres van de soul. Als de kleine Nina twee jaar is, speelt zij op het harmonium de kerkliederen na die zij tijdens de eredienst hoorde. Drie jaar later wordt zij aangesteld als pianiste van de methodistische kerk. Dankzij een rijke weldoenster kan Nina klassieke piano studeren en zij is verbazend snel vertrouwd met Mozart, Liszt en Bach. “Dankzij Bach heb ik mijn leven aan de muziek gewijd”, schrijft zij in haar memoires. Zij wil concertpianiste worden maar om den brode speelt zij in een kroeg in New Jersey, voor een publiek dat helemaal niet op klassieke muziek zit te wachten. Nina combineert klassiek, citeert kerkliederen, en bestrooit het geheel met gospel en populaire deuntjes. Als zij daarbij ook nog zingt, zijn publiek en kritiek wild enthousiast. Zij treedt op in de chique clubs en begint aan een reeks uitputtende tournees. Wanneer Nina Simone zich engageert voor de burgerrechten van de zwarten, wordt zij geschaduwd door de CIA. Het slopende concertleven en de dreigende paranoia probeert zij te temperen met drank en pillen. Als gevolg krijgt zij wilde woedeaanvallen en haar optredens zijn, op zijn zachtste gezegd, nogal onvoorspelbaar. Op 3 juli 1976 zingt Nina op het Montreux Jazz festival. Dit legendarische concert slingert voortdurend tussen virtuositeit en zelfdestructie. Maar op de illegale plaatopnamen klinkt het als een laatste, heroïsche zwanenzang met een stem vol tranen.
 

Apollo (2/11)




De held van de dag is de Griekse god Apollo.

Apollo is de god van de poëzie en van de muziek. Op de Parnassos zit hij voor als de Muzen er hun kunsten beoefenen en hij inspireert dichters, muzikanten en kunstenaars. Met zijn Muzen heeft hij ook wel eens iets amoureus. Want Apollo is behalve een machtige, ook een mooie god: groot, perfecte proporties, lange lokken… Hij beleeft talloze liefdesavonturen, doorgaans met mensenvrouwen en meestal met een ongelukkige afloop. In Troje wordt Apollo verliefd op de koninklijke dochter Kassandra. Om haar te verleiden belooft hij dat hij haar zal initiëren in de kunst van de profetie. Kassandra heeft daar oren naar, maar weigert na de les op de avances van de god in te gaan. Als straf zorgt Apollo ervoor dat niemand de voorspellingen van Kassandra ooit nog gelooft. Twee jongens figureren ook in Apollo’ s liefdescatalogus: Hyakinthos en Kyparissos. Alle twee beantwoorden zij de liefde van de god en alle twee sterven zij een tragische dood. Op een dag zijn Apollo en Hyakinthos discus aan het gooien. De discus botst tegen een rots en komt als een boemerang teruggevlogen. Hyakinthos krijgt de zwarte schijf tegen het hoofd en sterft meteen. Van zijn bloed maakt Apollo een nieuwe bloem, de hyacint. Kyparissos heeft een tam hert als lievelingsdier. Door zijn eigen onoplettendheid treft hij het dier met zijn eigen speer. In zijn wanhoop wil hij voor altijd wenen. Apollo verandert Kyparissos in een cipres, de boom van het verdriet.
 

Panamarenko (3/11)

De held van de dag is Panamarenko.

Op de burgerlijke stand staat hij ingeschreven als Henri Van Herwegen maar wereldberoemd is hij als Panamarenko. In 1970 ontstaan de eerste schaalmodellen van zijn talrijke imaginaire vliegtuigen, ballonnen en helikopters. Of ze echt kunnen vliegen…dat is net hun mysterieuze charme. Met de duikboot Panama Spitsbergen Nova Zemblaya is het mogelijk om met 3.000 liter diesel aan boord, van Antwerpen naar het Noorse Spitsbergen te varen. De tocht zou 14 dagen duren tegen een snelheid van 10 km per uur. De “Hazenrug” is een vliegende rugzak. Hij werd ooit getest op de Vrije Universiteit van Brussel. Met een motor van zestig pk ging een stalen pop van 100 kg de lucht in. Het feest was maar van korte duur want niemand kon het oorverdovende lawaai langer aanhoren. De muren van het labo vlogen aan diggelen, maar vliegen deed de rugzak wel.
Panamarenko maakt kunstwerken die over onze utopische verlangens spreken, hij is de kunstenaar van het onmogelijke. In 2005 kondigt Panamarenko aan dat hij zich als actief kunstenaar zou terugtrekken. Maar het genie kruipt waar het niet gaan kan en in oktober dit jaar verrast hij vriend en vijand met een nagelnieuw kunstwerk op het Zegemeer in Knokke- Heist: De “Wuivende Krabben”, een onvergetelijk poëtisch tafereel.

En in de Scharpoort loopt nu de tentoonstelling: “De Panamarenko Paradox”
 

Andy Warhol (22/02)



De held van de dag is Andy Warhol.

25 jaar geleden overleed Andy Warhol, uitverkoren held van de hedendaagse kunstscène. Andy Warhol is beeldend kunstenaar, filmmaker, fotograaf, auteur, uitgever, interviewer, model, acteur, regisseur, ondernemer, modeconsultant, televisiepresentator, platenproducer, jetsetter, trendsetter, hondenliefhebber en danser. Andy Warhol verandert onze normen en waarden, en de manier waarop wij naar onszelf, beeldende kunst en de wereld om ons heen kijken. Als de ongekroonde koning van de pop art, gebruikt hij zijn doeken met afbeeldingen van dollarbiljetten, soepblikken, rampen en beroemdheden om de grens tussen elitaire en populaire kunst te laten vervagen. Warhols spectaculaire loopbaan omvat en beïnvloedt de alternatieve wereld van kunst, drugs, seks en muziek. Maar tegelijkertijd is hij net zo actief betrokken bij de al even dubieuze wereld van politiek, het grote geld, showbusiness en de sociale elite. Hij begint als etaleur en reclame-ontwerper, vestigt zich in de jaren ’60 in New York en werkend vanuit zijn legendarische “Factory” wordt hij wereldberoemd met schilderijen van soepblikken, dollar biljetten en elektrische stoelen. Warhol parafraseert Oscar Wilde met uitspraken als “Life doesn’ imitates art, it imlitates bad television”. En op het toppunt van de roem verklaart hij in één van zijn zeldzame interviews: “Eigenlijk wou ik nooit schilder worden, ik was liever tapdanser geweest.”
 

Max Havelaar (23/02)



De held van de dag is Max Havelaar.

“Ik ben makelaar in koffie, en woon op Lauriergracht, nummer 37”, zo begint: “Max Havelaar, of de koffieveilingen der Nederlandse Handel – Maatschappij” van Multatuli, alias Edouard Douwes Dekker. De lange ondertitel riep destijds veel kritiek op want het boek is alles behalve een bedrijfsgeschiedenis. Veel meer is het een aanklacht tegen de koloniale uitbuiting en de corrupte bureaucratie in het Nederlands Indië van de negentiende eeuw, en de oneerlijke behandeling van de auteur. Eduard Douwes Dekker werkt als ambtenaar in Nederlands Indië. Daar loopt het mis, en hij keert berooid terug naar Europa, waarna hij in “Max Havelaar” afrekent met alles wat hij gezien heeft. Dit boek vestigde definitief zijn naam als schrijver, maar verhielp niets aan de wantoestanden want zijn boek werd niet “au sérieux” genomen. Twee hoofdpersonages staan lijnrecht tegenover elkaar: de fantasieloze Droogstoppel en de idealistische Max Havelaar, die als volgt beschreven wordt: “Havelaar was een man van vijfendertig jaren. Hij was slank en vlug in zijn bewegingen…Hij was een vat vol tegenstrijdigheden. Scherp als een vlijm, en zacht als een meisje, voelde hij altijd het eerst de wonde die zijn bittere woorden geslagen hadden, en hij leed daaronder meer dan de gekwetste.”
Al meer dan honderdvijftig jaar staat dit boek op een eenzame hoogte en het werd nu opnieuw uitgegeven in de prestigieuze Perpetua reeks. Een absolute must!
 

Alberto Manguel (4/11)




De held van de dag is Alberto Manguel.

Alberto Manguel is een Argentijnse schrijver en bibliofiel met een bibliotheek van meer dan 30.000 boeken. Als jongeman komt hij in contact met de blinde schrijver Luis Borges aan wie hij de meesterwerken van de literatuur mag voorlezen. Manguel leest, verslindt boeken en schrijft er heerlijke essays over zoals “De Bibliotheek bij nacht. De liefde voor boeken en de kunst van het verzamelen”.
Manguel stelt dat de literatuur geen oplossingen biedt, maar wel een middel is om de groeiende intolerantie in onze maatschappij te lijf te gaan. In al zijn boeken speelt de lezer een belangrijke rol. De ideale lezer reconstrueert een verhaal niet, hij recreëert het. Of zoals Flaubert het zei: “Lire, afin de vivre”, “Lezen om te leven”; In tijden van crisis, chaos, wanneer wij ons stuurloos voelen, zoeken wij troost in het geschreven woord, waardoor wij terug grip krijgen op de wereld, hoe gruwelijk hij ook is. Manguel maakt zich echter geen illusies want “lezen is een langzame, moeilijke daad die geen geld oplevert, terwijl de samenleving juist snelheid, gemak en geld waardeert.”

De boekenindustrie maakt en verkoopt boeken volgens het supermarktmodel. Door de nieuwe Dan Brown in torenhoge stapels te leggen breng je volgens Manguel onvermijdelijk de boodschap dat het een belangrijk boek is. En de waardevolle boeken met een subtiele stem worden aan de kant geschoven.
Dus als u straks naar de Boekenbeurs gaat, kijk dan uit voor de hoge boekentorens.
 

Raymond Goethals (24/02)



De held van de dag is Raymond Goethals.

Ik moet toegeven dat ik niets van voetbal weet en over het algemeen het “No sport” adagio van Winston Churchill koester, maar voor Raymond Goethals heb ik een zware boon. Hij is Brusselaar, ijdel, kettingroker, zat graag en veel op café en kwatongen beweren dat hij zijn haar verfde. Maar wat ik vooral bij Raymond Goethals apprecieer, is de manier waarom hij zo obsessief met zijn vak bezig was. Raymond Goethals was één van de laatste Belgen, een relikwie van een geschiedenis hoe België ooit was. Hij was bondscoach van de Belgische nationale ploeg van 1968 tot 1976, won de Europacup met Anderlecht en haalde de finale met Standard Luik. Naar aanleiding van een louche affaire verhuisde hij naar Portugal om strafvervolging te ontkomen. Wat er precies aan de hand was, weet ik niet, ik zei het al, ik weet meer over filmsterren dan over sport. In 1993 pakte hij met het Olympique Marseille van Bernard Tapie de UEFA Champions League. Hij was toen al de 70 gepasseerd, maar zijn haar was nog altijd ravenzwart. Zijn bijnaam was niet voor niets “De Tovenaar”, of “Raymond la Science”. Raymond Goethals moest niet weten van ingewikkelde speltheorieën en – strategieën, zijn devies was: “Nie Zievere…Speile”.
Door de magie van het theater speelt Raymond Goethals vanaf morgen opnieuw. Niet op een voetbalveld, maar op de planken van KVS. Josse Depauw brengt de legendarische voetbalheld opnieuw tot leven in “Raymond, een monoloog in 27 sigaretten”.
 

Brad Mehldau (27/02)



De held van de dag is Brad Mehldau.

Sinds begin jaren ’90 schittert er een nieuwe ster aan het jazzfirmament. Zelden was iedereen, zowel het grote publiek als de jazzayatollahs het eens dat pianist Brad Mehldau een hele grote is. Brad Mehldau is geboren in 1970 in Florida. Hij speelt vanaf zijn vijfde piano en volgt les bij excellente professoren zoals Fred Hersch. In 1994 richt hij zijn eigen trio op en met dat trio brengt hij bijzonder spannende concerten en een meesterlijke serie van vijf platen uit, “The Art of the Trio”. Want “in trio” is Mehldau echt op zijn best. Sinds 2000 is hij meerde keren winnaar van de “Best pianist award” van “Downbeat”. Mehldau is een pianovirtuoos met twee muzikale gezichten. Eerst en vooral is hij een improvisator, want hij houdt van de verrassing en de verwondering die worden opgewekt bij een spontaan muzikaal idee, dat rechtstreeks en in “real time” tot uiting komt. Maar hij houdt ook van de formele architectuur van de muziek. Terwijl hij speelt, luistert hij hoe ideeën zich ontwikkelen, hoe ze elkaar opvolgen en hoe hij die moet structureren. De twee kanten van Mehldau’s persoonlijkheid – de improvisator en de formalist, het spitsvondig samenspel en de roekeloze improvisaties – spelen zich in elk concert tegen elkaar uit en het resultaat is een heerlijk georchestreerde chaos.
Vanavond speelt Brad Mehldau in trio in de Brusselse Bozar, en wie zit er op de eerste rij denkt U?
 

Michel de Montaigne (28/2).

 

Michel Eyquem de Montaigne werd geboren op 28 februari in Bordeaux, precies 479 jaar geleden.
Na een juridische en politieke carrière, trekt hij zich terug in de toren van zijn kasteel.
In zijn belangrijkste werk “Les Essais”, vertrekt hij van zichzelf om de mens te bestuderen. Naar aanleiding van persoonlijke belevenissen schrijft Montaigne over vriendschap, hartstocht, erotiek, (“Een vrouw die men nooit getracht heeft te verleiden, kan niet op haar kuisheid pochen”), wreedheid, moed (“De rede beweegt ons altijd dezelfde weg te gaan, maar niet altijd hetzelfde tempo te houden”), wijsheid, (“Wij zijn soms nederig uit trots”) over belangrijke maatschappelijke kwesties de godsdienstoorlogen, politieke moorden, heksenprocessen en kindermishandeling.
Ondanks zijn eruditie is Montaigne de bescheidenheid zelve, zijn lijfspreuk is “Que sais-je?” en over doceren antwoordt hij: “Je n’enseigne pas, je raconte”,” ik geef geen les, ik vertel”.
De mooiste bladzijden gaan over zijn vriendschap met Etienne de la Boétie. Op de vraag waarom die twee mannen zo van elkaar houden is Montaignes antwoord klaar en duidelijk: “Parce que c’était lui, parce que c’était moi”.
Montaigne is een groots schrijver…zoals anderen lezen in de Bijbel, raadpleeg ik regelmatig “De Essays”. Ik zoek zijn gezelschap op, zoals je uitkijkt naar een vriend. Een vriend die mij leert dat “leven mijn ambacht en mijn kunst is”.

Balthus (29/02)

 
                                                                                               Balthus - Les beaux jours (1944 - 45)
De held van de dag is Balthus.

Balthasar Klossowski de Rola, beter gekend als Balthus, werd 104 jaar geleden geboren, op een schrikkeldag als deze. Balthus is de schilder van wat Proust “les jeunes filles en fleur” noemt. Hij komt uit een goede familie, waar Jean Cocteau en André Gide kind aan huis zijn, zijn vader is kunstcriticus en zijn moeder heeft een liaison met en Rainer Maria Rilke. Je zou van minder kunstenaar worden. In de jaren dertig, wanneer het kubisme hoogtij viert en de abstracte kunst uitgevonden wordt, schildert Balthus heel figuratief, in de stijl van renaissance schilders zoals Pierro Della Francesca. Als hij 12 jaar oud is publiceert hij zijn eerste boekje “Mitsou”,met tekeningen van zijn kat en de minnaar van mama schrijft het voorwoord. Vervolgens maakt hij tekeningen bij “Woeste Hoogten”, het meesterwerk van Emily Brontë. Balthus wordt zeer geapprecieerd door de artistieke en intellectuele Parijse incrowd en Albert Camus en Antonin Artaud vragen hem decors en kostuums voor hun theaterproducties te maken. Maar bovenal is Balthus de schilder van de dromerige, verwende meisjes, die in hun ogenschijnlijke onschuld lichtjes pervers zijn. Zij lezen, slapen, spelen, dromen, kijken voor zich uit, kammen hun haar, doen alsof er niets aan de hand is, maar zij weten maar al te goed dat zij de voyeur in elke man beroeren.
 

Norma (1/03)



De heldin na de dag is Norma.

Norma is de heldin van de sublieme opera van Vincenzo Bellini, het koninginnenstuk van de bel canto. Wij zijn in Gallië, 50 jaar voor Christus. De Gallische krijgers verzamelen zich in het heilige bos en wachten op de hogepriesteres Norma. Wat niemand weet, is dat Norma in het geheim twee kinderen heeft met de Romeinse consul, Pollione. Poliones liefde is echter bekoeld en zijn nieuwe vlam is de jonge priesteres Adalgisa. Wanneer Norma zijn bedrog ontdekt, is ze zo woedend dat zij overweegt de kinderen van Pollione te doden, maar haar moederliefde overwint haar jaloezie. De Galliërs nemen Pollione gevangen en hij zal op de brandstapel geofferd worden. Norma belooft zijn leven te redden als hij voor haar kiest in plaats van Adalgisa, maar hij weigert. Norma bekent hierop haar liaison met de Romein en zegt aan haar vader dat zij de plaats van Pollione op de brandstapel wil innemen. Zij draagt de zorg van haar kinderen over aan Adalgisa. Pollione, die geraakt is door de grootse edelmoedigheid van Norma, volgt haar op de brandstapel. Norma is voor mij onlosmakelijk verbonden met de goddelijke Maria Callas, die een leven vol pijn en passie, verrukking en verraad kende en Norma vertolkte alsof zij speciaal voor haar geschreven was. Maar vanavond is het Daniela Dessi die “Norma” zingt in het Teatro Communale di Bologna, en U kan het rechtstreeks meemaken in Cinema UGC Brouckère te Brussel.
 

Daidalos en Ikaros (7/11)




De helden van de dag zijn Daidalos en Ikaros.

Daidalos bouwde op Kreta het paleis van koning Minos. Wanneer de werken klaar zijn wil Daidalos terug naar zijn vaderland maar Minos wil de begaafde architect niet laten gaan. Dat is echter buiten het talent van de vernuftige ingenieur gerekend. Hij construeert voor zichzelf en voor zijn zoon een paar vleugels van vogelveren, die hij met was aan elkaar kleeft. Daidalos geeft zijn zoon duidelijke instructies: hij moet vooral niet te laag over de zee vliegen, want dan bestaat het gevaar dat de veren door hoog opschuimende golven zwaar van het water zouden worden. Maar nog fataler zou het zijn, wanneer hij te hoog vliegt, te dicht bij de zon die de was zou doen smelten.
En dan stijgen zij op. De vader vliegt voorop, als een vogel die zijn jongen het nest uit leidt. Eerst volgt Ikaros hem wat angstig maar weldra glijdt hij moeiteloos door het luchtruim en hij geniet van de ongekende wijdheid om hem heen.Onder het vliegen wordt Ikaros steeds overmoediger, hij luistert niet naar de vermaningen van zijn vader en stijgt hoger en hoger. Steeds gloeiender brandt de zon op zijn vleugels, de veren verschroeien, de was begint te smelten en in een duizelingwekkende vaart stort Ikaros neer in de zee.

En vandaag is het precies tien jaar geleden dat de Société Anonyme Belge d’Exploitation de la Navigation Aérienne, beter gekend als SABENA en in de wandelgangen als Such A Bloody Experience Never Again, failliet werd verklaard.
 

Tartuffe (2/03)



De held van de dag is Tartuffe.

Tartuffe is het hoofdpersonage van het gelijknamige toneelstuk van Molière. Molière levert hier in de eerste plaats zware kritiek op de clerus en de aartsbisschop van Parijs verbiedt het stuk en dreigt met excommunicatie van iedereen die het stuk zou opvoeren of een voorstelling zou bijwonen. Tartuffe is een manipulatieve oplichter die met zijn verhalen over vroomheid en deugdzaamheid de rijke burger Orgon weet in te palmen en een wig drijft tussen de leden van zijn gezin. De invloed van Tartuffe is zo goot dat Orgon zijn dochter aan hem wil uithuwelijken en de familiezittingen aan hem overmaakt. Ondertussen probeert Tartuffe Orgons vrouw te verleiden, want zoals Tartuffe het zelf zegt “Ik mag dan wel godsvruchtig zijn, ik ben toch ook maar een man”. Wanneer Orgon uiteindelijk het bedrog doorheeft, is het te laat. Enkel de tussenkomst van de koning zorgt ervoor dat recht geschiedt. Tartuffe wordt gearresteerd en de vrede in huize Orgon keert terug.
Vanaf morgen kan u terecht in NTG voor “Tartuffe” in een regie Dimiter Gotscheff. Hij herwerkt Molières klassieker tot een grimmige komedie over de wereld van vandaag waarin decadentie en normvervaging de orde van de dag bepalen.
In de hoofdrollen schitteren Wim Opbrouck en Frieda Pittoors, maar de ster van de avond is Molière, de dramaturg die zei: “Schrijven is een beetje als prostitutie. Eerst doe je het uit liefde, dan voor enkele vrienden en uiteindelijk doe je het voor het geld.”
 

Pier Paolo Pasolini (5/03)



De held van de dag is Pier Paolo Pasolini.

Was hij op Allerzielen 1975 niet vermoord, dan zou Pier Paolo Pasolini vandaag negentig jaar zijn. Pasolini, filmregisseur, dichter, schrijver, marxist, intellectueel en homoseksueel. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakt hij in Duits krijgsgevangenschap, maar hij kan ontsnappen. Na de oorlog wordt hij lid van de Communistische Partij, zijn lidmaatschap wordt hem een paar jaar later ontnomen wanneer hij er openlijk voor uitkomt dat hij homoseksueel is. Hij woont samen met zijn mama in de verpauperde buitenwijken van Rome, die hij pakkend beschrijft in de novellen “Ragazzi di Vita” en in zijn eerste film “Acattone”. Met zijn “Il Vangelo secondo Matteo” overtuigt Pasolini vriend en vijand van zijn absolute filmkunst. Na Jezus Christus volgt de heerlijk erotische trilogie “Decamerone”, “Canterburry Tales” , en “Duizend en één Nacht”. Zijn film “Theorema” is een hulde aan de sacrale seksualiteit en het ronduit degoutante “Salo” is de extreme afrekening met het fascisme. Pasolini is de ultieme kunstenaar met een leven als een schilderij van Caravaggio. Pasolini, de dichter die schreef: “Ik ben een kracht uit het verleden. Enkel in de traditie bevindt zich mijn liefde. Monsterlijk is wie geboren is uit de ingewanden van een dode vrouw. En ik, volwassen foetus, dool rond, moderner dan al het moderne, om broeders te vinden die er niet meer zijn.”
 

Don Quichote ( 8/11)

Don Quichote en Sancho Panza door Gustave Doré

 

 

Don Quichote de la Mancha is de naam die een arme edelman kiest, na de tomeloze lectuur van ridderverhalen. Door het vele lezen is zijn fantasie op hol geslagen, wat aanvankelijk leidt tot de ambitie om zelf een ridderroman te schrijven. Maar in plaats van de heldendaden op papier te zetten, wil Don Quichote ze in het echt beleven. Dus worden de schrijfplannen ingeruild voor een veel heldhaftiger en eervoller taak om voor god en geliefde te strijden en als een onverschrokken ridder weerloze jonkvrouwen en wezen te beschermen.
Als helm draagt hij een scheerkom en een oud paard krijgt de verheven naam Rossinante. Een eenvoudig boerenmeisje wordt omgedoopt tot de verheven geliefde Dulcinea en het grote avontuur kan beginnen.
Als Don Quichote na vele avonturen terug thuis komt, is hij ziek en ontgoocheld. Op zijn sterfbed neemt hij afscheid van zijn literaire waan en overspannen kijk op de wereld en sterft als een eenvoudige, doch gelouterde edelman.
Degenen die Don Quichote interpreteren als een idealistische dromer hebben Cervantes niet gelezen. Don Quichote is in de eerste plaats is de patroon van alle gretige lezers, want voor hem is de kunst van het lezen onlosmakelijk verbonden met de kunst van het leven.
Bovendien prijkt “Don Quichote” in de lijst van de 100 beste boeken van de onvolprezen Perpetua reeks.Dus als U naar de Boekenbeurs gaat, laat de kookboeken voor wat ze zijn en stort U op de avonturen van Don Quichote.

 

Davy Crockett (6/03)

De Held van de Dag is Davy Crockett.

Op 6 maart 1836, vandaag precies 106 jaar geleden, overleed de legendarische David,                                                                 “Davy” Crockett. Crockett is de Amerikaanse volksheld “par excellence”. Zijn leven als pionier, soldaat en politicus bezorgden hem de naam van “Koning van het Wilde Westen”. Trouwens, Crockett is van goede familie, één van zijn voorouders heette: “Monsieur de la Croquetagne” en was kapitein van de Koninklijke Garde van de Franse Koning Lodewijk XIV. Tijdens zijn jeugdjaren volgt het ene avontuur op het andere: vanaf zijn achtste gaat hij met zijn oudere broers op jacht en als hij dertien is loopt hij weg van school nadat hij de lokale bullebak een flink pak rammel verkocht heeft.  In september 1813, David Crockett is 27, en hij gaat in dienst bij de “Tennessee Volunteers”, waar hij snel de leiding neemt want hij is een sluwe woudloper. Om zijn dapper gedrag wordt hij verkozen tot congreslid en hij verdedigt de rechten van de “squatters” die, omdat ze geen bezittingen hebben, in het Westen geen grond mogen kopen. Maar David Crockett heeft zijn strepen echt verdiend tijdens de verdediging van Fort Alamo wanneer het aangevallen wordt door de vijandelijke Mexicaanse troepen. Zijn lijfspreuk, “Be sure you are right, then go ahead”, indachtig, vecht David Crockett, de bontmuts met staart op het hoofd, tot het bittere einde.
Dit is allemaal te zien in de film “Alamo” met John Wayne - wie anders- in de hoofdrol
 

Marilyn Monroe (7/03)

De heldin van de dag is Marilyn Monroe.

 

Marilyn Monroe wordt geboren als Norma Jean in Los Angeles op 1 juni 1926. Twee weken na haar geboorte plaatst haar moeder haar in een pleeggezin.  Als kind wil Norma Jean absoluut naar de cinema, maar haar pleegouders maken haar snel duidelijk dat zij tot een gezin van kerkgangers behoort en niet van bioscoopbezoekers.  Als zij dan toch op een zondagnamiddag kan wegglippen, gaat Norma naar een film met Jean Harlow, de platinablonde vamp en zij doet alles om op haar idool te lijken .  In februari 1949 wordt haar eerste film “Love Happy”uitgebracht met de Marx Brothers . Marilyn verdient goed als fotomodel, maar zij wil hogerop : zij volgt toneelles en leest Rilke, Proust en Freud. In 1958 draait zij “Some Like it Hot” met Billy Wilde en de film is een echte triomf.  Zij draait filmklassiekers als “The Seven year Itch” en “The Misfits” . Maar pillen, alcohol en vooral te veel foute mannen eisen hun tol. Op 5 augustus 1962 wordt zij dood aangetroffen. De politie noteert: “Waarschijnlijk zelfmoord”. Wat mij in Marilyn Monroe, deze “zoete engel van de seks” zo intrigeert is waarom zij altijd op de verkeerde mannen valt: op een domoor als base ball speler Joe Di maggio, op egoïstische “French Lover” Yves Montand, op de getormenteerde Arthur Miller, of op een schoft als John Fitzgerald Kennedy.
Wie er meer wil van weten, die kan vanaf vandaag naar de film “My week with Marilyn”
 

Nora (8/03)

 

 

 

 

"Et dukkelhjem" (Het poppenhuis)  / Tore Segelcke als Nora / Nationaltheatret 1936

 

Op deze Internationale Vrouwendag wil ik U Nora voorstellen.
Nora is het hoofdpersonage uit “Nora, of het Poppenhuis”, van de Noorse toneelschrijver Henrik Ibsen.
Toen het stuk in december 1879 in Kopenhagen in première ging, sloeg het in als een bom, te vergelijken met de première van “Who’s Afraid of Virgina Woolf”.
Ook hier gaat het om een getrouwd koppel, maar bij Nora blijft alles bedekt onder de hypocrisie van het huwelijk.
Althans, voorlopig
Nora is getrouwd met een bankier en leidt een lekker bourgeois leventje.
Het stuk begint wanneer Nora terugkomt van de “Chistmas Shopping” die zij heerlijk vindt, want zonder dat zij het weet is in haar leven alles even nep en namaak als Kerstmis.
Zij krijgt het bezoek van haar vriendin Christine en Nora vertelt dat ze ooit geld leende bij een zekere Krogstad en daarbij de handtekening van haar vader vervalste.
Geld dat nodig was om haar man te verzorgen, die toen zwaar ziek was.
Krogstad chanteert Nora en zij moet alles aan haar man bekennen.
Deze is woest, zegt dat zij onwaardig is hun kinderen nog verder op te voeden maar voor de schone schijn, en enkel hiervoor, zal hij met haar getrouwd blijven.
Krogstad komt tot inkeer en verscheurt de schuldbekentenis.
Alles lijkt vergeven en vergeten, maar niet voor Nora.
Zij ziet de nep van haar man, haar kinderen en haar huwelijk in.
Zij doet haar trouwring uit, gaat weg en slaat de deur achter zich dicht. Met een luide knal, staat er in de regieaanwijzing.
 

Thomas More (3/09)



De held van de dag is Thomas More.

Thomas More wordt geboren in Londen in 1478. Als tiener is hij de page van de aartsbisschop van Canterbury, waar hij in contact komt met de bredere cultuur. Zijn ontmoeting met Erasmus in 1499 is een scharnierpunt in zijn leven. Als gezant van de Engelse koning Hendrik VIII bezoekt Thomas More Brugge, Brussel, Antwerpen en Mechelen. More is een vooraanstaand politicus, maar in de eerste plaats is hij een diepgelovig mens, een humanist en een geleerde. Wanneer hij protesteert tegen de scheiding van de koning, wordt hij beschuldigd van hoogverraad. Hij wordt door een Koninklijke commissie onder druk gezet, maar houdt voet bij stuk, waarop hij ter dood veroordeeld wordt en onthoofd. Het belangrijkste werk van Thomas More is: “Utopia”, wat even goed de “goede plaats” als “nergensland “ kan betekenen. Uit onvrede met zijn eigen land verzint Thomas More een heilstaat die sterk doet denken aan het latere socialisme en communisme. Hij beschrijft de samenleving op het fictieve eiland Utopia, de beste samenleving ter wereld omdat er geen privébezit bestaat. Een visionair wereldbeeld waar overheersing en luxe zijn afgeschaft en waar euthanasie is toegelaten.
Wie wil kennis maken met het nieuwe Utopia, kan tot 10 december naar “Newtopia” in Mechelen, een internationaal tentoonstellingsparcours waarin hedendaagse kunstenaars peilen naar de staat van de mensenrechten.
 

Turandot (9/11)



De heldin van de dag is Turandot.

“Turandot” is de laatste opera van Puccini. Wij zijn in China: prinses Turandot geeft iedere man die naar haar hand dingt, drie raadsels op. Elke prins die de raadsels niet kan oplossen wordt onthoofd. Nadat al de hoofden van de prinsen op staken aan het volk ten toon zijn gesteld, arriveert er een onbekende prins. Ondanks de waarschuwingen van de drie ministers Ping, Pang en Pong zet hij door en hij kan de drie raadsels oplossen. Maar hij biedt Turandot een uitweg: als zij voor het ochtendgloren zijn naam weet, zal hij zich van het leven beroven en is zij weer vrij. Turandot doet de grootste moeite om achter de naam van de prins te komen, maar slaagt er niet in. Nog voor het licht is, dringt de onbekende prins haar kamer binnen, hij verklaart haar zijn liefde, kust haar en fluistert haar zijn naam toe: Calaf. Die ochtend verschijnt Turandot aan het wachtende volk en ze maakt bekend wat de naam van de prins is: Liefde.
Puccini heeft zijn hele leven lang minnaressen gehad. Na de beëindiging van de zoveelste relatie componeert de zestigjarige maestro “Turandot”, over een vrouw die gevangen zit in een duistere, ijselijke gevoelswereld. Alleen een waardige tegenspeler kan haar koelheid doorbreken. In het derde bedrijf zingt Turandot: “In jouw ogen sprankelde het licht van de held, de gloed van de zekerheid…en daarom heb ik je gehaat en daarom heb ik je liefgehad.” Dit weekend is het “Klara 4 Kids” en Prinses Turandot komt ook naar het feest.
 

Maurice Maeterlinck (09/11)

 

 

 

Maurice maeterlinck en Georgette Leblanc.

 

De held van de dag is Maurice Maeterlinck  (1862 – 1949 ).
Hij studeert Rechten en onder het voorwendsel om zich in het pleiten te bekwamen heeft hij van zijn vader geld gekregen om een paar maanden in Parijs te verblijven, waar hij zich niet verdiept in de jurisprudentie maar wel in de poëzie van Baudelaire en Rimbaud. Als hij 27 is, verschijnt zijn eerste dichtbundel “Serres Chaudes” . In de volgende jaren bevestigen een aantal toneelstukken zijn talent, met als hoogtepunt “Pelléas et Melissande” , het drama van de absolute liefde, dat Claude Debussy in een onvergetelijke opera zal vereeuwigen. Maeterlincks grote liefde is de befaamde zangeres Georgette Leblanc. Zij is zijn “heldin van de grote dromen” en zij haalt hem weg uit het provincialisme en lanceert hem in het exuberante Parijs. Samen met zijn vaderland laat “de zwijgzame kunstenaar” ook zijn gereserveerdheid achter zich. De zwaarmoedigheid die hem tot grootse creaties had gedreven, maakt onder invloed van de liefde en de champagne plaats voor een rooskleuriger kijk op het leven.
Maeterlinck schrijft minder sombere toneelstukken met als succesvolste “L’oiseau bleu”. George Cukor verfilmt het met Elisabeth Taylor in de hoofdrol. Maar mooier dan deze superproductie is de poëtische verfilming van de 26 – jarige Gust Van de Berghe. En vandaag is het precies honderd jaar geleden dat onze Gentenaar de Nobelprijs mocht ontvangen.

Champagne!

 

Ludwig van Beethoven (4/09)



De held van de dag is Ludwig van Beethoven.

De jonge Ludwig is zeer muzikaal en zijn vader wil, in navolging van Mozart van hem een wonderkind maken. Als hij 19 jaar oud is, leert de hoforganist van Bonn hem de werken van Bach, Haydn en Mozart kennen. Hij onderneemt een reis naar Wenen om bij Mozart bles te nemen, maar waarschijnlijk hebben de twee genieën elkaar nooit ontmoet want Beethoven moet halsoverkop naar Bonn waar zijn moeder op sterven ligt. Op 6 oktober 1795 geeft Ludwig van Beethoven zijn eerste openbaar concert in het Weense Burgtheater. Hij sukkelt met zijn gezondheid en schrijft zijn testament waarin hij zijn wanhoop over zijn toenemende doofheid uitspreekt: eigenlijk wil hij als dove musicus niet langer leven, maar voelt zich verplicht in leven te blijven om de wereld van zijn composities te laten genieten. In 1810 ontmoet hij Goethe en hij componeert drie liederen op teksten van de grote dichter. Zijn gehoor neemt sterk af en Beethoven gebruikt de zogenoemde “Konversationshefte”, de tientallen schriftjes waarin de mensen hem schriftelijk vragen stelden die hij wel mondeling beantwoordde. Maar zijn handicap staat zijn genie niet in de weg en hij componeert het ene meesterwerk na het andere. Vanavond dirigeert , in het kader van het Klarafestival, in de Brusselse Bozar, Emmanuel Krivine het Chambre Philharmonique Orchestra, zij spelen de Zesde symfonie van Beethoven, de “Pastorale”. Beethoven omschrijft ze als “meer uitdrukking van gevoelens dan schildering.”
 

John Cage (5/09)



De held van de dag is John Cage.

Vandaag is het honderd jaar geleden dat John Cage in Los Angeles geboren werd. Tijdens zijn jeugd houdt hij zich niet, zoals andere componisten, met muziek bezig… de jonge John heeft andere, zij het vage ambities. Op school is hij een goede maar dwarse leerling, hij breekt zijn studies af en reist voor anderhalf jaar naar Europa. Terug in de Verenigde Staten volgt hij compositieleer bij Arnold Schönberg. Deze zegt hem: “U bent geen componist maar eerder een uitvinder”. Cage, die zeer anti – autoritair is aangelegd, breekt na twee jaar zijn studie bij Schönberg af. Hij schrijft experimentele composities waarin niet melodie en harmonie, maar klankkleur en ritme de belangrijkste pijlers zijn. In zijn “Sonatas and interludes for Prepared Piano” bevestigt hij allerlei voorwerpen tussen de snaren van de piano om verschillende percussie geluiden te produceren. De grote ommekeer komt in 1950 wanneer Cage het Chinese Boek van de “I Ching”, het boek van de Veranderingen, ontdekt. De 64 hexagrammen gebruikt hij om “at random” het materiaal en de volgorde voor zijn composities te bepalen, zoals in zijn “Music Changes I” uit 1951 voor piano solo. In zijn volgende compositie 4’33” moeten de muzikanten gedurende de gegeven tijd geen enkele noot spelen. Het hele stuk bestaat uit toevallig aanwezige, niet gecomponeerde omgevingsgeluiden. Om 12.30 kunt u naar de Muntschouwburg voor een “Happy Birthday Mr Cage” concert en “Babel” wijdt een hele special aan de jarige.
 

Roman Polanski (10/11)

 

Roman Polanski wordt geboren op 18 augustus 1933 als kind van Joods- Poolse ouders. Als hij 21 jaar oud is, schrijft hij zich in aan de filmacademie van Warschau terwijl hij, naar eigen zeggen, nog nooit een film gezien had. Zijn enige motivatie om aan de filmacademie te studeren is dat hij zo aan de militaire dienstplicht kan ontsnappen.

Polanski maakt de ene succesfilm na de andere en in 2002 ontvangt hij een Oscar voor “The Pianist”. In 1969 wordt zijn acht maanden zwangere vrouw Sharon Tate in L.A. vermoord door de bende van Charles Manson. Na deze moord belandt Polanski in een zware depressie en in 1974 komt hij opnieuw in het nieuws met de beschuldiging dat hij een dertienjarig meisje zou gedrogeerd en seksueel misbruikt hebben. Wanneer Polanski door heeft dat – in tegenstelling tot zijn verwachtingen- de rechter hem een gevangenisstraf zal opleggen, vlucht hij via Londen naar Parijs.
Maar op 2 september 2009 wordt hij op de luchthaven van Zürich gearresteerd. Zijn arrestatie veroorzaakt een golf van beroering en de tenoren van de filmwereld komen in actie om hem vrij te krijgen. Op 12 juli 2010 wordt zijn huisarrest opgeheven en is hij weer een vrij man. Het leven van Polanski lijkt op een film, of op een roman en in zijn meesterlijke “Schervengericht” confronteert A.F.Th. Polanski met Charles Manson.


Vandaag opent in BOZAR de tentoonstelling ”Roman Polanski. Acteur en regisseur”

 

Vaslav Nijinski (12/03)



De held van de dag is Vaslav Nijinski.

Op 12 maart 1890, 122 jaar geleden, werd Vaslav Nijinski geboren, de geniale danser die de uitspraak van Friedrich Nietzsche levend heeft gemaakt: “Ik zou alleen kunnen geloven in een god die danst”. Nijinski is een van de meest getalenteerde mannelijke dansers uit de geschiedenis. Hij kon sprongen uitvoeren die een belediging waren voor de zwaartekracht: een sprong, waarbij hij even in de lucht bleef hangen om vervolgens twee keer zo langzaam neer te komen als hij omhoog was gegaan. Hij volgt de dansopleiding aan de school van het Mariinski ballet te Sint Petersburg. Het beslissende moment in zijn leven is zijn ontmoeting met Serge Diaghilev die zijn mentor en minnaar wordt. Diaghilev, met als levensmotto “Verbaas mij”, is de grootste kunstmanager ooit, met trawanten als Stravinsky, Picasso en Cocteau. Maar de ster van zijn “Ballets Russes” is Nijinski: de moeilijkste pirouettes maakt hij nonchalant, alsof het hem niets kost. Dit is geen dans meer, geen danser, het is de menselijke ziel die los probeert te breken uit het leven. Wanneer Nijinski trouwt, stoot Diaghilev hem uit het gezelschap. Nijinski kan de afwijzing niet verwerken en het begint te deemsteren in het hoofd van “de clown van god”, zoals Arthur Japin het zo mooi beschrijft in zijn roman “Vaslav”.
Hij danst nog één allerlaatste keer en na het optreden richt hij zich tot het publiek en zegt: “Nu is het kleine paardje moe”.
 

Klaus Kinski (13/03)



De held van de dag is Klaus Kinski.

Klaus Kinski wordt geboren op 18 oktober 1926. Kinski is zowel bekend om zijn intense rollen als om zijn temperamentvolle en agressieve karakter. Hij groeit op in Berlijn en tijdens de Tweede Wereldoorlog dient hij bij de Wehrmacht. Na de oorlog begint hij te werken als toneelacteur en hij excelleert in monologen op teksten van Williams Shakespeare en François Villon. In 1948 maakt hij zijn filmdebuut en vanaf dan volgt de ene film na de andere. Klaus Kinski speelt in meer dan 130 films, het overgrote deel is echte troep, waarin hij steevast, voor heel veel geld, de gedoodverfde slechterik speelt. De internationale doorbraak komt in de jaren zeventig en tachtig dankzij zijn samenwerking met de Duitse regisseur Werner Herzog. Het avontuur duurt vijf jaar en levert vijf magistrale films op waaronder “Woyzzeck”, “Fitzcarraldo” en vooral “Aguirre der Zorn Gottes”. Iedere keer zijn het moeizame, zie levensgevaarlijke producties. Niet alleen door de harde werkomstandigheden maar ook door die dodelijke liefde-haat-verhouding tussen regisseur en acteur. Tijdens de opnamen van “Aguirre” loopt Kinski regelmatig weg van de filmset en dreigt ermee de productie te stoppen. Herzog kan hem enkel overtuigen verder te werken door te dreigen dat hij hem zou neerschieten en daarna zichzelf als hij niet verder werkt.
“Aguirre, der Zorn Gottes,” deze onvolprezen cinematografische waanzin, is vanavond te zien in de Cinematek in Brussel.
 

Lon Chaney (14/11)


Lon Chaney in The Phantom of the Opera               

De held van de dag is Lon Chaney.

Daar zijn beide ouders doofstom zijn, moet de jonge Leonidas, want zo is zijn echte naam, zich met gebaren behelpen en binnen de kortste tijd is hij een echte mimekunstenaar. In 1912 krijgt hij een contract bij de Universal Studios. Omdat hij goed overweg kan met make - up wordt hij al snel gevraagd voor karakterrollen, met een voorliefde voor macabere personages. Door zijn vaardigheid met de make-up krijgt hij de bijnaam “Man of Thousand faces” , “Man met de Duizend Gezichten”. Hij kan zich zo goed transformeren dat hij vooral rollen in misdaad- en avonturenfilms krijgt, waarin hij vooral vermomde of verminkte personages speelt. Hij kan zichzelf zo goed schminken en verkleden dat hij zonder de minste moeite in dezelfde film twee verschillende rollen kan spelen. Weinig acteurs gaan fysiek zover als Chaney om hun type te vertolken en soms gaat hij tot op het randje van de zelfverminking. Buiten de filmstudio is Chaney een voorbeeldige huisvader die alles doet om zijn privéleven te beschermen. Zijn afschuw voor de glamour en de gossip van Hollywood levert hem de reputatie op een rot en wreed karakter te hebben. Hetzelfde publiek dat storm loopt om Lon Chaney als monster op het witte doek te bewonderen neemt het niet dat hij in het dagelijkse leven een gewone, brave mens is.

En vanavond kunt u naar de Cinematek in Brussel naar het absolute meesterwerk van Lon Chaney “The Phantom of the Opera”.
 

Mildred Pierce (14/03)



De Heldin van de dag is Mildred Pierce.

Mildred Pierce is het hoofdpersonage van de gelijknamige roman van James Cain, de Amerikaanse “série noire” auteur, die ook “The Postman always rings twice” op zijn conto heeft. Wij schrijven Californië, 1931. De huisvrouw Mildred Pierce heeft haar ontrouwe man voorgoed naar zijn maîtresse verbannen. Vanaf nu staat zij er alleen voor en moet zij voor haar twee opgroeiende dochters zorgen. Ooit kocht Mildred bontjassen en had ze twee auto’s, nu kan zij nauwelijks het hoofd boven water houden. Ook het familiefortuin is in de aandelencrisis in rook opgegaan. Mildred is er niet een om bij de pakken te gaan zitten. Ze is niet stuk te krijgen en kan goed koken. Dankzij die eigenschappen – plus een stel mooie benen – wordt ze een succesvolle zakenvrouw in het restaurantwezen en kan ze zich weer begeven in de hogere kringen. Maar Mildred heeft een zwak voor nutteloze mannen en is onverantwoord, blindelings toegewijd aan haar oudste, veeleisende dochter. Foute minnaars en een afschuwelijk egoïstische dochter zullen haar hele bestaan weer ten val brengen. Michael Curtiz verfilmde in 1945 “Mildred Pierce” met de sublieme Joan Crawford in de hoofdrol. Joan Crawford over wie een jaloerse - ik zeg wel jaloerse – collega ooit zei: “Ze is met elke acteur van MGM tussen de lakens gedoken. Behalve met Lassie.” En deze “Mildred Pierce” met de goddelijke Joan Crawford in de hoofdrol, is op een spiksplinternieuwe kopie, te bewonderen in de Cinematek.
 

Allen Ginsberg (06/09)

De held van de dag is Allen Ginsberg

Allen Ginsberg wordt geboren in een joodse familie in New Jersey op 3 juni 1926. Zijn vader is dichter en professor aan de hogeschool, zijn moeder Naomi is actief lid van de communistische partij en zij neemt de jonge Allen mee naar de politieke meetings. Met als gevolg dat Ginsberg als tiener al lezersbrieven naar de New York Times stuurt om de rechten van de arbeider te verdedigen. Wanneer Naomi sterft, zal Allen haar eren in de het prachtige gedicht 'Kaddisj': “Vreemd nu te denken aan jou, die ging zonder korsetten & ogen, terwijl ik loop op het zonnig plaveisel van Greenwich Village”. Tijdens zijn eerste jaar aan de Columbia University ontmoet hij de beat schrijvers William Burroughs en Jack Kerouac. Een andere belangrijke ontdekking zijn de gedichten van de Engelse dichter William Blake, een ervaring die Ginsberg de “Blake Vision” noemt. In 1955 draagt hij voor het eerst zijn gedichte 'Howl' in het openbaar voor, dat begint met de onvergetelijke zin: “Ik zag de knapste koppen van mijn generatie verwoest door waanzin, hongerend, hysterisch en naakt". Terwijl hij voorleest, begeleidt hij zichzelf op een klein harmonium. Je krijgt een kick als bij een rockconcert en binnen de kortste tijd is Allen Ginsberg het idool van de contesterende jeugd, met onder zijn verwoede aanhangers de jonge Bob Dylan. Bij Uitgeverij IJzer verscheen een prachtige tweetalige uitgave van 'Howl, Kaddisj en andere gedichten', een must voor elke 'oude hippie'.
 

Gennaro Rubino (15/11)



De held van de dag is Gennaro Rubino.

Gennaro Rubino wordt geboren op 23 november 1859 in Apulië. Zijn vader is een arme smid, zijn moeder sterft als hij negen jaar oud is en Gennaro moet gaan bedelen. Als hij 20 is, gaat hij in dienst. De militaire discipline is echter niets voor de rebelse Gennaro. In 1884 wordt hij veroordeeld voor het schrijven van artikels in een revolutionair blad. Terug vrij, wijkt hij uit naar Londen, waar hij in dienst treedt van de Italiaanse geheime dienst om de anarchistische organisaties te bespioneren. Hij blijft echter niet lang in dienst, want zijn bazen komen er snel achter dat hij met de anarchisten sympathiseert en de anarchisten ontdekken op hun beurt dat Rubino banden heeft met de geheime dienst. Om zijn trouw aan het anarchisme te bewijzen, besluit Rubino een moordaanslag te plegen op de Belgische koning Leopold II. Rubino denkt dat in België een proletarische opstand mogelijk zou zijn. In 1902 is er immers een algemene staking uitgebroken en bij de bloedige straatrellen heeft de burgerwacht zes stakers neergeschoten. Rubino vindt dat verantwoordelijkheid voor die genadeloze repressie bij Koning Leopold II ligt.

Elk jaar woont de Belgische Koninklijke familie een Te Deum bij op de dag van de heilige Leopold, namelijk 15 november. Op de ochtend van 15 november 1902, precies 109 jaar geleden, vuurt Rubino drie kogels af op Leopold II. Gelukkig missen zij hun doel.
Beste luisteraars, ik wens u nog een schone dag.
 

Limonov (19/03)



De held van de dag is Limonov.

Limonov is het hoofdpersonage van de gelijknamige roman van de Franse auteur Emmanuel Carrère. Limonov heeft vele levens: hij is straatboef in een onooglijk stadje in Oekraïne, jonge god van de literaire underground in Moskou, clochard en hoer in New York, rebelse poëet in Parijs, verdwaasde soldaat in de Balkanoorlog en geweigerde presidentskandidaat in de Sovjet Unie. Bovenal is hij één van die tragische zonen van het uiteengespatte Sovjetrijk. Limonov groeit op zowel in de herinnering aan de twee miljoen Russische doden van de Tweede Wereldoorlog als in de negatie van de evenveel doden die Stalin maakte. Melancholie tekent het bloed dat door zijn aderen stroomt. Met meesterlijke klasse verbindt de auteur de wilde levenssprongen van Limonov met de al even wilde en tragische geschiedenis van de Sovjet – Unie, de Balkan en het Westen. De levensvisie van Limonov is deze: “De waarheid is dat de mensen lafaards zijn, smeerlappen en dat ze je gaan vermoorden als je zelf niet als eerste toeslaat”. “Limonov“ is een mix van Michel Houellebecq en Lou Reed, van Soljenitsine en Dostoiëvski en gunt de lezer een genadeloze, adembenemende blik op de Sovjet - Unie van Vladimir Poetin. “Limonov” is de verpersoonlijking van Nietzsches uitspraak: “Alles wat mij niet doodt, maakt mij alleen maar sterker”. Emmanuel Carrère ontving vorig jaar de prestigieuze Prix Goncourt en het boek verscheen onlangs in een Nederlandse vertaling bij de Bezige Bij, een absolute must.
 

Antonio Vivaldi (07/09)

De held van de dag is Antonio Vivaldi

Antonio Vivaldi wordt geboren in Venetië op 4 maart 1678. Hij heeft een zwakke gezondheid en lijdt aan astma, maar dat weerhoudt de jonge Antonio niet om viool te leren en actief deel te nemen aan het muzikale leven van Venetië. Als hij vijftien is, studeert hij voor priester en in 1703 wordt hij gewijd. Omwille van zijn 'Venitiaans blonde' haarkleur – c’est le cas de le dire- is zijn bijnaam 'Il Prete Rosso', de rode priester. Priester, tot daartoe maar Vivaldi weet zijn zwakke gezondheid handig te gebruiken om vrijgesteld te worden van elke kerkdienst. Hij kan zich helemaal aan de muziek wijden en wordt 'maestro di violino' van het wezenhuis 'Pio Ospedale della Pietà', waar hij verantwoordelijk is voor de muzikale opleiding van de weesmeisjes. (De jongens moeten een echt vak leren). Vivaldi is zowel een briljante violist als een uitzonderlijke componist. In de 18° eeuw is in Venetië de opera razend populair, en in 1713 wordt zijn eerste opera 'Ottone in Villa' opgevoerd. Door zijn progressieve compositiestijl raakt hij in conflict met de conservatieve musici. Maar Vivaldi geeft niet op, en naast de talloze concerti zou hij 94 opera’s gecomponeerd hebben, waarvan er tot vandaag 50 ontdekt zijn. Antonio Vivaldi staat vanavond op het programma van het Klara Festival. De Akademie für Alte Musik Berlin brengt in het Bozar zijn Vier Concerti voor dwarsfluit en Basso Continuo.

Stanley Kubrick (21/03)



De held van de dag is Stanley Kubrick.

Stanley Kubrick, één van de geniaalste en meeste excentrieke filmregisseurs, wordt geboren in de New Yorkse Bronx, in een gezin van Joodse emigranten. Als kind is hij gesloten, zegt niet veel en heeft geen vrienden.
Zijn schoolcijfers zijn allesbehalve, maar in wiskunde is hij een echt genie. Nog maar tien jaar oud speelt hij in Central Park voor een dollar een potje schaak met professionele schakers. Later zal hij zeggen: “schaken is een sadistisch spel, een zorgvuldig geplande executie zonder bloedvergieten”. Voor zijn twaalfde verjaardag krijgt hij een fotocamera en hij trekt de stad ron om foto’s te nemen. Kubrick heeft zoveel talent dat hij op zestienjarige een contract krijgt bij het prestigieuze tijdschrift “Look”. In 1956 draait hij zijn eerste grote film “The Killing” en vanaf dat moment is elke prent van Kubrick een cinematografisch evenement.  Hij is één van de zeldzame filmregisseurs die alleen maar meesterwerken draait: in “Lolita” evenaart hij de grote Nabokov, “Dr. Strangelove” is een meesterlijke parodie op de koude oorlog, “A Space Odyssey” is de beste sciencefictionfilm ooit en het geweld van zijn visionaire “Clockwork Orange” is jammer genoeg realiteit geworden. Het adagio van Orson Welles indachtig: “Een film regisseren is de ultieme speelgoedtrein”, kent de creativiteit van Kubrick geen grenzen. Maar hij begon als fotograaf en die foto’s zijn tot 1 juli te zien in het Museum voor Schone Kunsten te Brussel
 

Franz Biberkopf (16/11)

    

 
De held van de dag is Franz Biberkopf.

Franz Biberkopf is het hoofdpersonage uit “Berlin Alexanderplatz”, de meesterlijke roman van Alfred Döblin. Het boek is een grote stadsroman die zich afspeelt in Berlijn, begin jaren dertig. Het is een epos van dieven en prostituees, moordenaars en souteneurs met als achtergrond het opkomende nazisme.
Het boek begint bij de vrijlating van Franz Biberkopf. Hij heeft vier jaar in de gevangenis gezeten omdat hij in een blinde woede zijn vriendin Ida heeft vermoord. Om geld te verdienen verkoopt Franz fascistische kranten. Hij heeft niets tegen de Joden, maar is voor orde. Hij verbergt dat voor zijn cafévrienden maar zij komen het toch te weten en Biberkopf gaat schoenveters verkopen. Hij raakt bevriend met een zekere Reinhold, een crimineel en een vrouwenversierder. Reinhold kan Biberkopf overhalen hem te helpen bij een diefstal. Wanneer zij moeten vluchten, gooit Reinhold hem uit de vluchtauto. Eén van de achtervolgers rijdt over de arm van Biberkopf en hij moet worden geamputeerd. Biberkopf herstelt en hij gaat werken als pooier. Eén van zijn hoertjes wordt zijn vaste vriendin. Zij heet Emilie maar Biberkopf noemt haar Mietze en houdt echt van haar. Wanneer Mietze zich verweert tegen de avances van Reinhold, vermoordt hij haar. Dit is de fatale klap voor Biberkopf. Hij stort ineen en belandt in het gekkenhuis.

Vanavond speelt toneelgezelschap SKAaGeN de toneelbewerking van “Berlin Alexanderplatz” in het Stuk in Leuven.
 

Alfred Jarry (22/03)



De held van de dag is Alfred Jarry.

Waarom is, op deze Wereldwaterdag ,de Franse schrijver Alfred Jarry de held van de dag? Niet alleen omdat het eerste woord van zijn toneelstuk “Ubu Roi”: “Merdre” is, maar vooral omdat hij ooit zei: “Water is zo’n onzuivere vloeistof, dat één enkele druppel volstaat om je glas absint helemaal troebel te maken”. Jarry heeft vanalles geschreven maar hij is de geschiedenis ingegaan met zijn toneelstuk “Ubu Roi”. De première van “Ubu Roi” is een echt schandaal, met rumoer en gevechten in de zaal, maar nu blijkt dat “Ubu” de “founding father” is van het dadaïsme, het absurde theater, The Marx Brothers, Monty Python en een Amerikaanse rockband. Jarry respecteert niets en bombardeert de heilige huisjes van zijn tijd, de politici, de clerus, de intellectuelen. Jarry is ook wetenschapper en uitvinder van de “Pataphysica”, de wetenschap die voor elk probleem een imaginaire oplossing heeft. Maar bovenal is Alfred Jarry bekend voor zijn dolle excentriciteit: absint, een revolver en een fiets zijn zijn onmisbare attributen. Zijn maaltijden eet hij in omgekeerde volgorde en begint steevast met een koffie en een pousse- café. Jarry is er heilig van overtuigd dat vrijheid erin bestaat van nooit op tijd te komen en dat de vrouw de nobelste verovering van het paard is. Jarry is excentriek tot in de kist: wanneer men hem op zijn sterfbed vraagt wat zijn laatste wens is, antwoordt hij doodserieus: “Een tandenstoker”.
 

Friedrich Nietzsche (10/09)

De held van de dag is Friedrich Nietzsche

 


Friedrich Nietzsche wordt geboren als zoon van een dominee op 15 oktober 1844. Het grootste gedeelte van zijn jeugd brengt hij door tussen vijf vrouwen: zijn moeder, zijn jongere zus, zijn grootmoeder en twee ongetrouwde tantes. Nietzsche studeert korte tijd theologie aan de universiteit van Bonn, maar stapt over op filologie, klassieke literatuur en filosofie. Hij is een voorvechter van de Dionysische bevestiging van de levenswil, een strijdlustig concept dat belichaamd wordt in de Übermensch. Deze gedachte komt het sterkste tot uiting in zijn ‘Also sprach Zarathustra’, waarin hij een nieuwe manier van filosoferen gebruikt: in plaats van het droge essay, schrijft hij op declamerende toon profetisch klinkende fictie met een overdadig gebruik van uitroeptekens. Nietzsche de ‘filosoof met de hamer’, met uitspraken als “Alles wat mij niet dood, maakt me alleen maar sterker”! Uitroepteken! Filosoof en schrijver, schrijver en filosoof. Met zijn ‘Die Geburt der Tragödie’, een nieuwe benadering van de Griekse tragedie, ontwikkelt Friedrich Nietzsche in een weergaloos poëtische taal zijn liefde voor de muziek. Want “dank zij de muziek genieten de hartstochten van zichzelf.” Op basis van deze teksten creëert Pascal Dusapin een liedcyclus voor de zanger – acteur Georg Nigl. Dit portret van Nietzsche als eenzame, zoekende reiziger wordt vanavond gepresenteerd in de Muntschouwburg in het kader van het weergaloze Klarafestival.
 

Buster Keaton (11/09)

De held van de dag is Buster Keaton


Joseph Francis (Buster) Keaton wordt geboren in Kansas op 4 oktober 1895. Zijn ouders zijn vaudeville acteurs en samen met de beroemde goochelaar Houdini reizen ze rond met de ‘The Mohawk Indian Medicine Company’, een show waarbij men naast het podium geneesmiddelen verkoopt. Als hij drie jaar oud is, speelt hij mee met zijn ouders in ‘The Three Keatons’. De show gaat over hoe je een kind moet opvoeden. Moeder Myra speelt saxofoon en Joe en Buster acteren. Buster speelt de rol van het ongehoorzame kind, waarop vader Joe hem tegen het decor of zelfs in het publiek gooit. De act wordt alsmaar sterker naarmate Joe goed op zijn pootjes terecht komt. Op een paar blauwe plekken na, loopt hij zelden verwondingen op. Toch worden zijn ouders van kindermishandeling beschuldigd, en hij houdt er zijn bijnaam ‘Buster’ aan over, wat tuimeling betekent. In 1917 maakt hij zijn debuut bij de film. Dankzij zijn ervaring als theateracteur is de overstap van de stille naar de sprekende film voor hem geen probleem en snel is hij samen met Charlie Chaplin de populairste komiek ter wereld. Het handelsmerk van Buster Keaton is de ‘physical comedy’, hij acteert met een stoïcijnse uitdrukking op zijn gezicht, die hem de bijnaam ‘The Great Stone Face’ oplevert. Cinema Zuid in Antwerpen vertoont vanavond twee films van de grote Buster Keaton. De ongeëvenaarde acrobatische komiek vertoont zijn kunsten in ‘Sherlock Jr.’en ‘The Play House’.
 

Dionysos (17/11)




De held van de dag is Dionysos.

Zijn vader Zeus omschrijft de jongen als “de vreugde van de mensen”. Dionysos komt ter wereld uit de dij van Zeus. Dat komt omdat zijn moeder in de zesde maand van haar zwangerschap is doodgebliksemd. Zij had gesmeekt dat haar minnaar Zeus zich in al zijn majesteitelijkheid zou vertonen. De aanblik van de vurige god was onmenselijk en zij is daaraan gestorven. Zeus heeft toen haar embryo in zijn dij genaaid, tot het kind voldragen ter wereld kan komen. De jongen zwerft over de hele wereld en in India leert Dionysos de wijnstok kennen. Na lange omzwervingen komt hij terug in Griekenland. Zijn macht neemt almaar toe en zijn gezelschap breidt zich uit. Het bestaat uit wilde dieren, silenen, saters en bacchanten en vrouwen die hun held ’s nachts in de ruige natuur van de berglanden bevredigen. Zij zijn gehuld in dierenhuiden, eten wilde dieren en brengen zichzelf tot extase door de opzwepende muziek van fluiten en cimbalen en door wervelende dansen. Overal openbaart Dionysos zich stilaan als een god en hij kan zijn plaats bij de Olympische goden innemen. De god van de wijn en van de inspiratie wordt vereerd met tumultueuze, orgiastische feestelijkheden, hoogtepunten van wilde wanorde.

Vandaag is het de derde donderdag van de maand november en dan is het zover, dan wordt de “Beaujolais Nouveau” op de markt gebracht.
 

Stendhal (23/03)



De held van de dag is Stendhal.

Op 23 maart 1842, 170 jaar geleden werd Stendhal door een tweede hartaanval getroffen die hij niet zou overleven. Hij is een grote muziekliefhebber en schrijft biografieën van Haydn, Mozart en Rossini en is de auteur van twee absolute meesterwerken uit de Franse literatuur “La Chartreuse de Parme” en “Le Rouge et le Noir”. Stendhal dient in het leger van Napoleon maar bovenal is hij dandy en rokkenjager. Stendhal predikt het egotisme, de cultus van het eigen ik, én een permanente analyse van de spontane gevoelens. In zijn “Journal” lezen wij hoe hij telkens een analyse maakt van de momenten waarop zijn passies hem dreigen te overmeesteren. In zijn exquise essay “De L’amour” maakte hij – hoe tegenstrijdig het ook moge klinken – een rationele analyse van de romantische passie, lang voor Roland Barthes het deed in zijn niet minder exquise “Fragments d’un discours amoureux”. Stendhal vergelijkt de verliefdheid met het ontstaan van een zoutkristal, die hij “crystallisation” noemt en hij onderscheidt volgende stappen: eerst is er de bewondering, men merkt hoe leuk het is om een kus te geven en te ontvangen, er is hoop, de liefde is geboren, men heeft er plezier in de beminde te zien en dan treedt de kristallisatie op, waarbij men de beminde duizenden perfecte eigenschappen gaat toedichten. Maar ondanks de vivisectie van de liefde besluit Stendhal dat er niets boven de liefde gaat: “L’ amour a toujours été pour moi la plus grande des affaires et plutôt la seule”.
 

André Breton (13/09)

De held van de dag is André Breton.


André Breton, de paus van het surrealisme wordt geboren op 19 februari 1896. Aanvankelijk studeert hij geneeskunde, maar hij voelt zich vooral aangetrokken tot de poëzie en de schilderkunst. Door zijn krachtige, haast dictatoriale persoonlijkheid wordt hij de leider van een groep kunstenaars die zich surrealisten noemt. Via de geschriften van Freud heeft Breton het belang van het onderbewuste ontdekt en hij bepaalt dat een schilderij meer moet verbeelden dan wat men op het eerste zicht waarneemt. Zijn ‘Manifeste du Surréalisme’ is de bijbel van de avant garde kunstenaars van de jaren ’20 en André Breton decreteert wie wel en wie niet tot de club mag behoren. Breton gedraagt zich dikwijls als een fanatieke ayatollah en wie niet zijn rechte pad bewandeld wordt in de ban geslagen: bijvoorbeeld, tijdens een ontmoeting met René Magritte maakt Breton de schilder belachelijk omdat zijn vrouw Georgette een gouden kruisje draagt, waarop Magritte adieu zegt aan de Parijse surrealisten en met Georgette terug naar Bussel keert. Eén van de favoriete thema’s van de surrealisten is ‘l’amour fou’, de onbeperkte en irrationele liefde die zij in prachtige verzen bezingen, maar die ook tot zelfdestructie en tot de vernietiging van de partner kan leiden. In het Brusselse Museum der Letteren en Manuscripten loopt tot 21 oktober de tentoonstelling ‘De surrealistische vonk’ met uitzonderlijke documenten van André Breton en zijn trawanten.
 

Gilbert & George (12/09)

De helden van de dag zijn Gilbert & George.


Gilbert & George ontmoeten elkaar tijdens hun studie aan de St. Martins School of Art en, zoals zij het graag zelf vertellen was het: “liefde op het eerste gezicht”. Hun eerste belangrijke werk dateert van 1969, een ‘Singing Sculpture’, waarin zij zichzelf als zingende standbeelden opstellen en de evergreen “Underneath the Arches” zingen. Gilbert & George worden vanaf dan in heel de wereld gevraagd om deze performance op te voeren, soms tot acht uur per dag. Omdat dit niet vol te houden is, en zij toch elke kunstminnaar tevreden willen stellen, besluiten zij het werk te filmen en te fotograferen. Hun volgende werk gaat over dronkenschap, een video met slapstick allures: beide heren filmen elkaar in beschonken toestand terwijl zij het ene glas gin na het andere drinken, zij luisteren naar muziek van Elgar en zeggen, lallend om beurt: “Gordon’s makes us very drunk.” Na hun performances beginnen zij met hun grote glas – in lood- achtige fotomontages, waarin leven en dood, verval en hoop, schoonheid en perversiteit een grote rol spelen. Hun laatste werk heet ‘London Pictures’ en bestaat uit fotomontages die geïnspireerd zijn op de affiches die aan de Londense krantenkiosken hangen en het publiek, met de meest sensationele krantenkoppen moeten overtuigen de krant te kopen. De woorden die in de advertenties het meest voorkomen zijn “seks”, “moord” en “verkrachting”. Deze fotomontages zijn te bekijken in de Brusselse galerie Albert Baronian tot 13 oktober.
 

Clint Eastwood (14/09)

De held van de dag is Clint Eastwood (1930)

In de jaren 50 is Clint Eastwood beroemd geworden door een wekelijkse televisiewestern met dappere cowboys en bange indianen. Toch maakt Clint niet de overstap naar Hollywood, want daar worden, sinds de dood van John Ford, geen westerns meer gedraaid. Hij trekt naar Italië, waar regisseur Sergio Leone een nieuw filmgenre, aan het uitvinden is, dat oneerbiedig de spaghetti western wordt genoemd. Sergio Leone ziet in Clint Eastwood en in zijn onderkoelde manier van acteren de geknipte acteur voor zijn ‘Dollar Trilogie’. Een lange gestalte, grimmig gezicht en peinzende ogen, een smeulend sigaartje in de mondhoek…en Clint die ondertussen met achteloze snelheid en intelligent cynisme zijn Colt 45 uit de holster trekt. Na de stoere cowboy vertolkt Clint Eastwood de keiharde politieman Harry Callahan in ‘Dirty Harry’. En Clint gaat ook regisseren: in 1992 verbaast hij vriend en vijand met ‘Unforgiven’, en hij wint de Oscar voor de beste film en de beste regie. In 2005 wint hij een tweede Oscar als beste regisseur voor ‘Million Dollar Baby’. Ik geef toe dat zijn uitspraken over president Obama niet fraai zijn, Clint Eastwood is nu eenmaal een cowboy en van een revolverheld kan je geen fijnzinnige analyse verwachten. Maar: vanavond vertoont de Brusselse Cinematek ‘A fistful of dollars’ van Sergio Leone, de eerste aflevering van een Wagneriaanse trilogie met Clint Eastwood in de hoofdrol.
 

Tennessee Williams (26/03)



De held van de dag is Tennessee Williams.

Tennessee Williams wordt geboren op 26 maart 1911 als kleinzoon van een dominee. Als kind verslindt hij Dickens en Shakespeare. Zijn vader ergert zich aan zijn verwijfde maniertjes en noemt hem “Miss Nancy”. Als hij 12 jaar is krijgt Tennessee van zijn oma een schrijfmachine en hij ontdekt dat kunst de enige manier is om te ontsnappen aan een wereld waarin hij zich helemaal niet thuis voelt. Op 26 december 1944 is het de première van zijn eerste toneelstuk “The Glass Menagerie”. Triomf, de spelers komen 25 keer groeten en het stuk wordt uitgeroepen tot de beste productie van het jaar. Met zijn meesterwerk “A Streetcar named Desire” in een regie van Elia Kazan met Marlon Brando in de hoofdrolrol, gaat het New Yorkse theaterpubliek helemaal uit de bol, het blijft meer dan twee jaar op de affiche en het wordt nog altijd hernomen. Tennessee Williams is de beroemdste en de rijkste Amerikaanse theaterauteur. Hij krijgt twee keer de Pulitzer Prijs en verdient 200.000 dollar per jaar. Hij werkt volgens een vast ritueel: hij begint om negen uur ’s morgens, doet een witte badjas aan, maakt een dubbele martini dry klaar, steekt een sigaret in een lange witte sigarettenkoker en gaat aan de slag tot de middag, en dan is het tijd om te aperitieven. Williams, die zwaar depressief is, gaat zich te buiten aan cocktails van wodka, amfetamines en tranquillizers. Een laatste mix is hem fataal en een hartaanval velt hem op 24 februari 1983

Terry Gilliam (17/09)

De held van de dag is Terry Gilliam (1940)


Hoewel hij lid is van het honderd procent Britse gezelschap Monty Python, is Terrence Vance ‘Terry’ Gilliam geboren in de Verenigde Staten, Minneapolis op 22 november 1940. Hij begint als striptekenaar en verhuist naar Groot Brittannië, waar hij voor de BBC animatiefilms voor kinderuitzendingen maakt en hij ontmoet er zijn toekomstige kornuiten John Cleese en Michael Palin. Na de succesvolle televisiereeks ‘Monty Python’s Flying Circus’, draait het gezelschap hilarische langspeelfilms als ‘Life of Brian’ en ‘Monty Python and the Holy Grail’. Terry Gilliam houdt van barokke situaties die uit de hand lopen, van een hallucinair universum dat helemaal op hol slaat. Daarbij is hij de eerste om zichzelf te vergalopperen, hij maakt graag films waarbij de productiekosten aardig uit de hand lopen. Zijn prachtige ‘Baron van Münchausen’ kost 46 miljoen dollar, maar zal slechts 8 miljoen opbrengen. Toch vindt Terry Gilliam iedere keer geldschieters die gek genoeg zijn om hem te volgen in zijn waanzinnige dromen…en iedere keer maakt hij een klein meesterwerk. In mei 2011 maakt Terry Gilliam zijn debuut in de English National Opera als regisseur van ‘La Damnation de Faust’ van Hector Berlioz, een opera die hem op het lijf geschreven lijkt en waarin hij zijn grenzeloze fantasie de vrije teugel kan laten. Deze briljante versie van ‘La Damnation de Faust’ is nu te zien in de Vlaamse Opera.
 

Greta Garbo (18/09)

De heldin van de dag is Greta Garbo (1905-1990)


Greta Garbo wordt geboren in Stockholm als Greta Lovisa Gustafsson op 18 september 1905, precies 107 jaar geleden. Als zij veertien jaar is, overlijdt haar vader en zij moet haar studies stopzetten. Na wat modellenwerk, doet zij figuratie in films en volgt toneel les. Haar leraar geeft haar de bijnaam Greta Garbo. Tijdens de filmopnamen van ‘Die Freudlose Gasse’, in Berlijn ontmoet zij filmtycoon Louis B. Mayer die haar naar Hollywood lokt. In het begin wordt zij gekweld door heimwee, maar naarmate zij beter Engels spreekt, krijgt zij meer en meer zelfvertrouwen. Tijdens haar derde film ‘Flesh and the Devil’, ontmoet zij de mooie John Gilbert. Hun romantische scènes zijn zo intens dat er al snel roddels ontstaan over een affaire tussen de twee. De geruchten blijken waar te zijn en Gilbert doet publiekelijk een huwelijksaanzoek aan Garbo. Zij haast zich echter weg en laat hem onbeantwoord achter. Haar hele liefdesleven is een opeenvolging van aanzoeken en afwijzen en haar vertolking van ‘Anna Karenina’ is dan ook ontroerend echt. Het fenomeen Garbo blijft uniek en paradoxaal: steeds is zij ontevreden over haar films, over de rollen die ze moet vertolken, misnoegd over het stereotiepe denken van Hollywood, waarin zij beurtelings functioneert als drijfveer en slachtoffer. Maar met films als ‘Queen Christina’ en ‘Ninotchka’ is zij voor eens en altijd de onvergetelijke prinses van de cinema.
 

Alexander Calder (27/03)


Wervelend Oor (1958) - Kunstberg Brussel

De held van de dag is Alexander Calder.

Alexander Calder wordt geboren in Philadelphia op 12 juli 1898 in een artistieke familie: vader en grootvader zijn beeldhouwers en zijn moeder schildert. Als kind is hij bijzonder handig, hij maakt zijn eigen speelgoed als een echte “bricoleur”. Hij studeert voor ingenieur en volgt tekenles. Als hij 28 is, trekt hij naar Parijs, net op tijd om “les années folles” mee te maken. In 1925 exposeert hij er zijn eerste beweeglijke beeldhouwwerken. Kunstpaus, Marcel Duchamp die op de tentoonstelling aanwezig is, noemt ze “mobielen”. Calder zelf noemt zijn beelden tekeningen in de ruimte: hij gebruikt ijzerdraad zoals een tekenaar zijn potlood. Terwijl het model erbij zit, kneedt Calder zijn portret in ijzerdraad en vereeuwigt Miro, Joséphine Baker en Edgar Varèse. Hij krijgt prestigieuze opdrachten voor Kennedy Airport in New York, La Défense in Parijs en ook op de Brusselse Kunstberg staat, of liever beweegt, er een Calder. Het meesterwerk van Calder is zijn “Magic Circus” : een miniatuurcircus met 69 personages, 90 accessoires en 34 muziekinstrumenten. Het is Barnum en Bailey in miniatuur: hij heeft 5 assistenten om de show te doen draaien en tijdens de pauze worden er pindanootjes en frisco’s verkocht. Alexander Calder, of het portret van de kunstenaar als circusartiest. Vanavond kunt u naar de Cinematek voor de documentaire “Calder, Sculpteur de l’Air” en tot 28 mei is er een expo in het Gemeente Museum van den Haag.
 

Robert Mitchum (19/09)

De held van de dag is Robert Mitchum (1917-1997)


Robert Mitchum wordt geboren op 6 augustus 1917. Hij is auteur, acteur, toondichter en zanger en een absoluut icoon van de Amerikaanse film. Als kind houdt hij ervan een robbertje vechten en hij vliegt regelmatig van school, niet alleen omdat hij zijn speelkameraadjes maar ook zijn leraren graag op een paar rake meppen trakteert. Robert Mitchum zwerft wat rond en uiteindelijk belandt hij in Long Beach, Californië waar hij werk vindt als toneelknecht en af en toe een kleine rol krijgt. Hij speelt mee in enkele films, klimt snel op tot één van de helden van de Amerikaanse ‘film noir’ en in 1954 is hij de partner van Marilyn Monroe in ‘River of no Return’. Het jaar daarop draait hij één van de meesterwerken van de filmgeschiedenis. ‘The Night of the Hunter’ van Charles Laughton vertelt het verhaal van een valse predikant die twee kinderen terroriseert die het geheim kennen van een verborgen schat. De vertolking van Mitchum is ijzingwekkend, onvergetelijk, op de vingers van zijn linkerhand zijn de woorden “hate” getatoeëerd en op die van de rechterhand staat “love”. En ook in de volgende film, ‘Cape Fear’ is hij de absolute slechterik. Vanavond kunt u Robert Mitchum in de Brusselse Cinematek op Flagey bewonderen in ‘Angel Face’ en ‘Out of the Past’. De programmatoren hebben er gelukkig voor gezorgd dat u geen hartverscheurende keuze moet maken, maar beide films kunt meepikken.
 

Cyriel Buysse (20/09)

De held van de dag is Cyriel Buysse (1859 1932)


Cyrillus Gustave Emile (Cyriel) Buysse wordt geboren in Nevele op 20 september 1859, precies 153 jaar geleden. Zijn vader wil dat hij de cichoreifabriek zou overnemen, maar zijn tante, de schrijfster Virginie Loveling, weet beter: zij spoort Cyriel aan om te schrijven. Aanvankelijk combineert hij zijn schrijverschap met het zakenleven: hij reist naar New York om er een cichoreifabriek op te richten en tevens is hij medestichter van het cultuurmagazine ‘Van Nu en Straks’. De literaire invloeden van de Franse naturalisten Emile Zola en Guy de Maupassant vinden wij terug in zijn romans ‘Het Recht van de Sterkste’ en de ‘Biezenstekker’. Het meest van al is Cyriel Buysse bekend voor zijn prachtig toneelstuk ‘Het Gezin van Paemel’, dat begint met die unieke one liner “Ze hebben op ’t werkvolk geschoten!” en het enige Vlaamse toneelstuk is, dat 100 jaar nadat het geschreven is, nog altijd op het repertoire staat. Als vrijzinnig liberaal met socialistische sympathieën, maar ook als tegenstander van zowel Franshatende flaminganten als Franssprekende Vlaamshaters botst Buysse met zowat alle taboes van zijn tijd. Buysse is ‘absolument moderne’: hij is één van de eersten in Vlaanderen die met een automobiel rijdt en is een fervent sportbeoefenaar. Hij roeit, speelt golf, maar schaatsen is zijn ware passie, en die beschrijft hij in zijn ironische en weemoedige ‘Roman van een Schaatsrijder’.
 

César Franck (21/09)

De held van de dag is César Franck (1822-1890)


César-Auguste-Jean-Guillaume-Hubert Franck wordt geboren in Luik op 1822. César Franck is componist, pianist, organist, dirigent en muziekpedagoog. Hij brengt het grootste deel van zijn leven door in Parijs en al in 1837 wordt hij op vijftienjarige leeftijd genaturaliseerd tot Fransman. Maar alles begint in het conservatorium van Luik, waar hij solfège, piano en harmonieleer studeert. Binnen de kortste tijd is hij een echte virtuoos, hij componeert trio’s voor piano, cello en viool en begint aan zijn eerste grote compositie, het oratorium “Ruth”. In 1859 wordt César Franck, organist van de nieuwe Eglise Sainte Clotilde, waar hij tot zijn dood werkzaam zal zijn. Organist, pianist, componist en ook bevlogen lesgever, zeker wanneer we zijn leerling en hagiograaf Vincent d’Indy mogen geloven, die César Franck beschrijft als een moderne Beethoven, die erin slaagt een magistrale synthese van het Latijnse en het Germaanse genie te bewerkstelligen en die de Wagneriaanse esthetiek met het classicisme van Rameau kan verzoenen. Qui dit mieux? In 1885 krijgt hij het “Légion d’Honneur”. In 1890 wordt hij echter aangereden door een omnibus. Hij blijft maandenlang met inwendig letsel doorwerken en overlijdt tenslotte, ernstig verzwakt, aan griep. Volgende zaterdag wijdt de Muntschouwburg een hele namiddag aan deze baanbrekende en veeleisende componist naar aanleiding van het verschijnen van zijn Complete Kamermuziek op het label Cypres.
 

Mackie Messer (18/11)

   
 

De held van de dag is Mackie Messer.

Mackie Messer is het hoofdpersonage uit de “Driestuiversopera” van Bertolt Brecht en Kurt Weill. Wij zijn in de achterbuurten van Londen. De grote heersers zijn superboef Mackie Messer en de bedelaarskoning Peachum. De twee bandieten worden ongestraft rijk dankzij de politiechef Tiger Brown die zij hebben omgekocht. En ze zullen alle drie nog rijker worden door de massale opkomst voor de kroning van de nieuwe koningin. De bedelaars zullen de zakken rollen van de kijklustige dagjestoeristen terwijl de inbrekers hun huizen zullen plunderen. Maar er is een kink in de kabel. Mackie Messer is stiekem getrouwd met Polly, de dochter van de bedelaarskoning Peachum en deze is razend. Mackie Messer mag dan wel zijn “partner in crime” zijn, maar van zo’n schoonzoon wil hij helemaal niet weten. Bovendien is Mackie met een andere vrouw getrouwd en op de koop toe is zijn maîtresse Jenny zwanger van hem. Peachum dreigt ermee dat hij met zijn bende bedelaars de koningsstoet zal verstoren als Tiger, de politiechef, Mackie Messer niet achter de tralies draait. Dit is echter een moeilijke opdracht voor Tiger want hij en Mackie zijn oude maten. Tiger wordt zo onder druk gezet dat hij niet anders kan dan Mackie Messer te veroordelen. Maar de sluwe Mackie ontsnapt aan de galg.

Vanavond speelt het gezelschap “Tutti Fratelli” de “Driestuiversopera” in NTGent.
 

Marianne Faithfull ( 28/3)

 

De heldin van de dag is Marianne Faithfull.


In de zomer van 1964 veroverde zij onze harten met “As Tears Go By”, een song die speciaal voor haar geschreven was door de heren Mick Jagger en Keith Richards.
Marianne Faithfull wordt geboren op 29 december 1946.
Haar vader is beroepsmilitair en haar moeder, Barones Eva von Sacher Masoch, is een verre nicht Leopold von Sacher Masoch, auteur van “Venus in Bont” en “founding father” van het masochisme.
Als tiener houdt ze van Coltrane en Beethoven, ze verslindt Kafka en Céline en kijkt naar de films van Bergman en Godard.
Haar heerlijk snobisme zal ze in haar autobiografie als volgt beschrijven: “Het was tamelijk bespottelijk, maar zo waren we nu eenmaal. Je vroeg je afspraakje: “Ken je Jean Genet? Heb je ‘ A Rebours’ gelezen?”, en als hij ja zei ,ging je met hem naar bed.
In de jaren zestig is zij de ongekroonde koningin van het “Swinging London” en haar liefjes zijn Mick Jagger, Bob Dylan, Jimi Hendrix en David Bowie.
Na het uizinnige drank – en drugsfeest volgt de grote kater met ontwenningskuren, depressies, anorexia en een zelfmoordpoging.
In 1979 maakt Marianne Faithfull een indrukwekkende come back met “Broken English” en zij acteert in “De Drie Zusters” van Tsjekov en speelt Ophelia in “Hamlet” .
Morgen staat zij op de planken van Bozar. Samen met het Brussels Pilharmonic vertolkt zij “Die Sieben Todsünden” van Bertolt Brecht en Kurt Weill en als er iemand is die weet wat een hoofdzonde is, dan is het wel Marianne Faithfull.

Victor Hugo (29/03)



De held van de dag is Victor Hugo.

Hij is schrijver, dichter, toneelschrijver, tekenaar, essayist en staatsman, maar bovenal is hij het boegbeeld van de Franse romantische school. Zijn tijdgenoot, Gustave Flaubert noemt hem “de oude krokodil”, als aan André Gide gevraagd wordt wie de grootste dichter is, antwoordt hij: “Victor Hugo, hélas” en Jean Cocteau doet er nog een schepje bovenop: “Victor Hugo was een gek die dacht dat hij Victor Hugo was”. Hugo maakt zijn roeping als schrijver op veertienjarige leeftijd bekend waneer hij in zijn dagboek schrijft: “Ik wil Chateaubriand zijn of niets” en een jaar later krijgt hij voor zijn verzen de erkenning van de Académie Française. Zijn toneelstuk “Hernani” is vandaag niet meer te spelen maar de première is de geschiedenis in gegaan als “La Bataille d’Hernani”: de veldslag tussen de classicisten en de romantici, republikeinen versus royalisten, liberalen versus conformisten. Naast zijn immens literair oeuvre is “Le Père Hugo” ook politiek actief: in het parlement pleit hij voor de afschaffing van de doodstraf, hij verdedigt de persvrijheid en hij klaagt de sociale ongelijkheid aan. En ook zijn liefdesleven beslaat boekdelen: naast de wettige echtgenote en de officiële maîtresse zijn er de talloze meisjes van lichte en andere zeden. Morgen is het precies 150 jaar dat zijn “Les Misérables” verscheen bij een Brusselse uitgever en vandaag hoort U in “Babel” alles, maar dan ook alles wat U wou weten over de geniale reus van de Franse literatuur.
 

Scott Fitzgerald (24/09)

De held van de dag is Scott Fitzgerald (1896 1940)


Francis Scott Fitzgerald wordt geboren op 24 september 1896, vandaag 116 jaar geleden. Hij is de woordvoerder van de ‘lost generation’, de Amerikanen die geboren zijn in de laatste tien jaar van de negentiende eeuw. Tijdens zijn legerdienst ontmoet hij de chique Zelda Sayre, de absolute ‘top girl’. Hij werkt in een reclamebureau, schrijft kortverhalen, maar dat is allemaal niet genoeg om te kunnen voorzien in hun opulente levensstijl: drank, feestjes en ‘all that jazz’. Tussen twee ontwenningskuren in, lukt het Scott Fitzgerald om ‘The Great Gatsby’ te schrijven, een absoluut meesterwerk. De Fitzgeralds maken grote sier aan de Franse Rivièra en in Parijs. De emotionele gezondheid van Zelda wordt er van al die drank niet beter op en Scott beschrijft haar psychische teloorgang in ‘Tender is the Night’, een vernietigende roman over een destructief koppel, dat de genadeloze beschrijving is van zijn eigen hellevaart met Zelda. Wanneer Zelda merkt dat Scott ongegeneerd passages uit haar intieme brieven voor zijn roman gebruikt, is zij de waanzin nabij. Zelda wordt opgenomen in een psychiatrische instelling, wat de schofterige Scott goed uitkomt want zo kan hij zijn affaire met de jonge Sheilah Graham ongegeneerd verder zetten. Maar het overdadige drankgebruik eist zijn tol en Scott overlijdt aan een hartaanval in het appartement van zijn maîtresse. Zelda sterft op een gruwelijke manier in de brand van de psychiatrische instelling.
 

John Wilmot (21/11)




De held van de dag is John Wilmot, de graaf van Rochester.

Op zijn portret staat John Wilmot, de graaf van Rochester, afgebeeld met de roodomrande ogen van alcohol en syfilis. Op datzelfde portret zien wij hem een aap kronen die zijn gedichten aan flarden scheurt. Het is een voorbeeld van speelse zelfkritiek, de schrijver als aap. Het levensmotto van John Wilmot is immers: “een mens verschilt meer van een andere mens dan van een dier”. Het korte maar onstuimige leven van deze voluptueuze libertijn is een aaneenschakeling van gloriemomenten, ontsporingen en mislukkingen. Zijn werk bestaat uit satires, gedichten en een pornografisch toneelstuk met als titel “Sodoma, de kwintessens van de losbandigheid” waarin alle obsessies van zijn tijd samen komen: erotiek, atheïsme, wetenschap en barokke sensualiteit. En John Wilmot weet waarover hij het heeft. Als edelman leeft hij aan het hof van Charles II, het grootste bordeel van Engeland, waar pornografie en politiek hand in hand gaan. De gedichten van Wilmot geven inkijk op een hoogst getroebleerde persoon van wie de grenzeloze levensdrang een diepgewortelde doodsangst moet verbergen. Zijn werk is een schreeuw, een poging om het grote zwart gat te lijf gaan.

Deze excentrieke graaf is de spilfiguur van het niet minder excentrieke festival “Baroque Bodies”, dat vanavond in de Brusselse Beursschouwburg van start gaat.
 

Maurice Béjart (22/11).

 

Maurice Béjart 1927 2007

“Ik ben choreograaf geworden omdat ik niets anders kon” zegt Maurice Béjart, de man die de moderne dans naar het grote publiek bracht
Zijn “Ballet van de XX° Eeuw” ,opgericht in 1959 heeft alles om de jeugd te bekoren: sensuele bewegingen, moderne muziek en actuele thema’s
En mooie langharige mannen met ontbloot bovenlijf en vrouwen met eindeloze benen. Béjart houdt van eclectisme, hij voegt yoga – elementen, Perzische dans en Nietzsche toe aan het moderne ballet en doorbreekt de sterk hiërarchische wereld door mannen een hoofdrol te geven. De dansers van Béjart hebben de status van rocksterren en de foto’s van Jorge Don en Tania Bari sieren de kamers van de pubers
Bij de uitvoering van de Negende Symfonie van Beethoven dansen er 25 verschillende nationaliteiten op het podium en komen er 17.000 toeschouwers naar het Antwerpse Sportpaleis die collectief uit de bol gaan wanneer het koor de “Ode aan de Vreugde” aanheft. Béjart danst op muziek van Wagner en de Rolling Stones, van Pierre Henry en Queen, van Berlioz en de Beatles. Béjart houdt van schoonheid in het groot.
Ik had het geluk met Maurice Béjart te mogen werken, wees gerust: niet als danser en het is één van de meest creatieve en genereuze mensen die ik ooit mocht meemaken.
Vanavond kan u in de Cinematek in Brussel genieten van de verfilmingen van “Le Sacre du Printemps” en “Bhakti”.

 

Glenn Gould (25/09)

De held van de dag is Glenn Gould (1932-1982)


Geboren op 25 september 1932 zou Glenn Gould vandaag tachtig worden. Zijn eerste lessen krijgt hij van zijn moeder die pianolerares is. De jonge Glenn is bijzonder begaafd: als hij 13 jaar oud is, treedt hij voor het eerst op en vijf jaar later geeft hij zijn eerste radiorecital. In 1955 tekent hij een contract bij CBS en zijn eerste opname zijn de Goldbergvariaties van Bach. Deze opname is een enorm succes en twee jaar later maakt Glenn Gould een tournee door Europa en de Sovjet-Unie. Zeven jaar later, op 10 april 1964 geeft hij zijn laatste optreden en maakt zo een einde aan wat hij anachronistische ‘schijnvertoningen’ noemt en wijdt zich voortaan enkel en alleen nog aan studio-opnamen. Glenn Gould, die zich ‘de laatste puritein’ noemt, is vooral gekend voor zijn eigenzinnige interpretaties van het klavierwerk van Johann Sebastian Bach. En ook zijn opvattingen over muziek doen nogal wat stof opwaaien: voor het romantische repertoire van Liszt en Chopin heeft hij maar weinig waardering en voor hem is Mozart eerder te laat dan te vroeg gestorven. Ook zijn manier van spelen is excentriek: hij zit helemaal krom over het klavier gebogen en heeft zelfs een speciale stoel waardoor hij opvallend laag bij de toetsen zit. De interpretaties van Glenn Gould mogen dan wel omstreden zijn, ik vind hem een formidabele boogie woogie pianist aan wie de eveneens meeneuriënde jazzpianist Keith Jarret heel wat schatplichtig is.
 

Peter Sloterdijk (30/03)



De held van de dag is Peter Sloterdijk.

De Duitse cultuurfilosoof Peter Sloterdijk, zoon van een Duitse moeder en een Nederlandse vader, studeert van 1968 tot 1974 filosofie, germanistiek en geschiedenis. Als in 1983 zijn “Kritiek van de cynische Rede” verschijnt is hij meteen een van de meest gelezen en vooral beruchte hedendaagse filosofen, en hij krijgt het epitheton “de nieuwe Nietzsche”. Wat Sloterdijk in ieder geval met Nietzsche gemeen heeft, is zijn unieke taal. Hij schrijft gedachte-explosies neer met een literaire zwier, als een soort Baudelaire van de filosofie. Zijn nieuwste boek “Je moet je leven veranderen” noemt hij een trainingsethiek voor “het gebrek dat mens heet”. En hij formuleert een eigenzinnige these: de mens is in de eerste plaats een wezen dat geen genoegen neemt met het leven zoals dat hem is gegeven. Mensen oefenen zich voortdurend om hun leven te veranderen en daarmee zichzelf te herscheppen. Maar de mens kan dat niet alleen. Om ons leven te veranderen moeten wij In de eerste plaats onze ecologische voetafdruk op de aarde zo klein mogelijk maken. En ik citeer Sloterdijk: Ik voorzie een cultuur in Europa waarin een nieuwe CO2 ethiek zal doorzetten en men mij nog een beperkt emissierecht zal geven. Als ik een keer heen en weer naar New York vlieg, zal mijn CO2 te goed snel opgebruikt zijn.”
Morgen is Peter Sloterdijk, de meester van de vrolijke wetenschap, te gast op het “Feest van de Filosofie” in de Schouwburg van Leuven.
 

Bonnie & Clyde (26/09)

De helden van de dag zijn Bonnie & Clyde


Bonnie Elizabeth Parker en Clyde Chestnut Barrow zijn het vogelvrijverklaarde koppel bij uitstek. Met hun overvallen en moorden teisteren zij het Amerika van de Grote Depressie, maar ondanks hun misdaden zijn zij bij het publiek zeer populair. In de jaren ’30 zijn de ‘public enemies’ immers een soort nieuwe Robin Hood en de lezers storten zich gretig op de kranten die uitgebreid relaas doen over vreselijke gangsters. Het publiek is in de ban van de avonturen van de knappe John Dillinger en de elegante ‘Pretty Boy’ Floyd doet zijn naam alle eer aan. Maar met Bonnie & Clyde is een koppel aan het werk, zij zijn jong, ongehuwd, er hangt seks in de lucht en dat levert vette kopij op. En Bonnie & Clyde spelen het mediaspel helemaal mee: om hun public relations te verzorgen sturen zij foto’s naar de kranten waarop zij poseren als een verliefd paar en om haar look te verzorgen steekt Bonnie voor de fotograaf een sigaar op. Tot ze in een hinderlaag gelokt worden en helemaal doorzeefd aan flarden worden geschoten. Als zij niet aan het roven zijn, schrijft Bonnie korte teksten, waaronder ‘The Ballad of Bonnie and Clyde’, een tekst die Serge Gainsbourg aardig naar zijn hand zet in zijn versie met Brigitte Bardot. Vanavond organiseert de Brusselse Cinematek een ‘Gangster Movie Night’ met onder meer de ‘Bonnie & Clyde’ van Arthur Penn, een sexy, vonkende gangsterfilm met de koele Warren Beatty en de adembenemende Fay Dunaway in de hoofdrollen.

Marcel Broodthaers (23/11).


Was de Belgische beeldende kunstenaar Marcel Broodthaers een surrealist, een dadaïst of iemand die gewoon met de voeten van het publiek speelde? De meningen zijn verdeeld. Ongetwijfeld is de ongrijpbare Broodthaers een van de meest intrigerende en invloedrijke figuren uit de Belgische kunstgeschiedenis.
Marcel Broodthaers wordt geboren op 28 januari 1924 en hij sterft op 28 januari 1976, precies op zijn tweeënvijftigste verjaardag. Hij debuteert als dichter maar zijn dichtbundels hebben geen succes.
Hij dompelt zijn onverkochte boeken in een bad met plaaster, laat alles drogen en biedt het aan als beeldhouwwerk. Hiermee heeft Marcel Broodthaers de stap gezet van dichter naar beeldend kunstenaar.
Soms oogt zijn werk bedrieglijk eenvoudig. Het is opgebouwd aan de hand van de aller-noodzakelijkste objecten: steenkool, eieren, mosselen en friet.  En die elementen worden dikwijls gemerkt met de kleuren van de Belgische vlag.
In zijn woonplaats in Brussel richt hij zijn eigen “Musée d’Art Moderne” op. Het bestaat uit transportkisten waarin zogezegd  nog niet uitgepakte kunstwerken zitten en tegen de wand gespijkerde reproducties van meesterwerken en gewone toeristische ansichtkaarten.
Bij Uitgeverij Voetnoot verscheen de langverwachte heruitgave van “Marcel Broodthaers. Marcel Broodthaers” het glasheldere en toegankelijke boekje dat Freddy De Vree zaliger in 1976 over onze mosselman publiceerde. Een must!
 

Jules Chéret (2/04)

 
                                                                                 Jules Chéret, Bal du Moulin Rouge, 1889

De held van de dag is Jules Chéret.

De schilder Jules Chéret, geboren in Parijs op 31 mei 1836 is wereldberoemd: niet voor zijn schilderijen, maar voor zijn kleurrijke, zwierige affiches. Zijn ontelbare posters zorgen voor een nieuwe wind in het Parijs van de “Belle Epoque”. We zijn in Parijs, 1889, de honderdste verjaardag van de Franse revolutie wordt gevierd met de Wereldtentoonstelling en de bouw van de Eiffeltoren. Vier jaar later wordt de eerste “Tour de France” gereden, de impressionisten vinden een nieuwe schilderkunst uit, de nieuwe sensaties heten cinema en fotografie, de dames gaan shoppen in “La Samaritaine” , Jacques Offenbach is de koning van de operette en de literatuurliefhebbers verslinden de romans van Gustave Flaubert en Guy de Maupassant. Wie zich wil amuseren, kan naar de “Moulin Rouge” en uit de bol gaan op de “French can can”. Voor al dat moois wordt er reclame gemaakt met de superfraaie affiches van Jules Chéret en vandaag leren zij ons even veel over het begin van de negentiende eeuw als een roman van Emile Zola. De kunstcritici herkennen meteen het uitzonderlijke en vernieuwende talent van Chéret en de verzamelaars bieden veel geld voor de prachtige affiches . 
Jules Chéret is “joie de vivre”, de levende kunst die open staat voor iedereen. Wie het Parijs van de “Belle Epoque” in Brussel wil meemaken, die kan naar het onvolprezen Museum van Elsene, waar tot 20 mei een heerlijke tentoonstelling van Jules Chéret loopt. Een expo die je gewoon blij maakt.
 

Arturo Bispo Do Rosario (24/11)

  


De held van de dag is Arturo Bispo Do Rosario.

Een van de interessantste evenementen van de Braziliaanse Europalia tsunami is een heerlijke tentoonstelling in het boeiende museum “Arts & Marges” in de Brusselse Hoogstraat, hartje Marollen. Arturo Bispo do Rosario is een sleutelfiguur van de hedendaagse Braziliaanse kunst. Hij is bokser, matroos en wanneer hij in 1989 op 77- jarige leeftijd overlijdt, heeft hij als kunstenaar vijftig jaar in een psychiatrische instelling doorgebracht. Bispo Rosario maakt aantekeningen om de wereld te inventariseren. Hij begint met kleine dingen die hij borduurt met blauwe draad, met de draden van het uniform dat hij draagt in de inrichting. Bispo ontrafelt het hele universum en begint met zijn eigen kleren. Wanneer zijn verplegers inzien dat hij een onbeheerste drang heeft om te naaien en te creëren, geven zij hem draad en naald, zodat hij vanaf dan zijn eigen kleren heel kan laten. Hij maakt fragiele, kleurrijke artefacten die een inventaris zijn van zijn doortocht op deze aarde. Hij werkt met hout, stukjes plastic, speelgoed, alles wat hem aangeleverd wordt aan materialen door verplegers en medepatiënten als zij doorkrijgen dat hij mooie objecten maakt. Is het krankzinnig of is het kunst? Het ontroert alleszins mateloos.

Arturo Bispo de Rosario: nu in de Marollen en volgend jaar in het Museum of Modern Art in New York
 

Victor Servranckx (27/09)

De held van de dag is Victor Servranckx (1897-1965)


Victor Servranckx wordt geboren op 26 juni 1897 in Diegem bij Brussel. In 1913 behaalt hij het diploma van landmeter, en in de voormiddag volgt hij les aan de Brusselse kunstacademie en ’s namiddags werkt hij als hulptekenaar in een behangpapierfabriek. Op de academie leert hij René Magritte kennen met wie hij bevriend wordt. De jonge, debuterende kunstenaars voelen zich verbonden door hun afkeer voor de figuratieve kunst en zij gaan op zoek naar nieuwe, artistieke vormen. In 1924 heeft hij een eerste solotentoonstelling in Brussel maar datzelfde jaar stopt hij met schilderen. Hij legt zich meer en meer toe op architectuur en design, en maakt de overstap van de figuratie naar de abstractie. Servranckx experimenteert met uiteenlopende stijlen: nu eens met een levendig kleurenpalet, dan weer kiest hij voor serene composities en monumentale kleurenvlakken. Gaandeweg worden zijn werken strakker en soberder, hij opteert voor een geometrische abstracte stijl (daar heb je de landmeter!). Hij verheerlijkt de moderne, industriële samenleving. Zijn fascinatie voor de machine gaat zover dat hij zijn schilderijen en beelden een neutrale titel en een serienummer geeft, als ging het om lopendebandwerk. Hij beoefent verschillende stijlbewegingen: futurisme, geometrische abstractie en surrealisme. In het Mu.Zee van Oostende loopt er nu een heel mooie tentoonstelling over deze ongemeen boeiende kunstenaar.

Edgar Degas (4/05)

  
The Rehearsal - 1873                                                         La petite danseuse de quatorze ans - 1881


De held van de dag is Edgar Degas.

Edgar Degas wordt geboren in Parijs op 19 juli 1834, met een Napolitaanse bankier als vader en een Franse Creoolse als moeder. Hij is een echte “Parisien” en hij ziet Parijs tot een moderne stad evolueren. Als dandy en muziekliefhebber is hij op 5 januari 1875 bij de opening van de nieuwe opera, het “Palais Garnier”. Hij heeft er zijn vaste fauteuil maar het zijn vooral de coulissen en de balletklas die hem interesseren. Hier zal hij zijn inspiratie vinden voor zijn vele balletschetsen en voor zijn wereldberoemd beeldje “La petite danseuse de quatorze ans”. Als Degas het danseresje in 1881 exposeert, is het een echt schandaal, het meisje lijkt helemaal niet zo onschuldig te zijn dan zij eruit ziet, ze heeft zelfs iets uitdagends en zij ontlokt de uitroep: “Ik hoop dat mijn dochter nooit danseres wordt”. Degas is een harde werker, hij schildert graag en veel, zonder dat hij zijn doeken moet verkopen, want hij kan rustig van het fortuin van zijn vader leven. Naast schilderijen van danseresjes en paardenkoersen schildert Edgar Degas vooral naakten. Bij hem is er geen verleiding of begeerte, zoals bij zijn collega’s de impressionisten, bij hem is het naakt in de eerste plaats een manier om het leven te bestuderen. Zijn schilderijen zijn een zoektocht naar de moderniteit, naar een nieuwe manier van schilderen die haar meester zal vinden in Pablo Picasso. Al dat moois is nu te zien in de tentoonstelling “Degas et le Nu” in het Musée d’Orsay in Parijs.
 

John Ford (28/09)

De Held van de dag is John Ford (1894-1973)


John Ford is geboren op 1 februari 1894 in een gezin van Ierse migranten. Als filmregisseur is hij zo bekend voor zijn westerns als ‘Stagecoach’ als voor zijn verfilming van de grote Amerikaanse romans zoals ‘The Grapes of Wrath’ van John Steinbeck. John Ford is de reus van de Amerikaanse cinema en hij is de geschiedenis ingegaan als de regisseur die met zijn film ‘How Green was my valley’ de Oscar voor de beste Film in de wacht sleepte, vóór de alom geroemde ‘Citizen Kane’ van Orson Welles. Tussen 1917 en 1928 draait hij niet minder dan zestig stille films, en in 1928 draait hij zijn eerste sprekende film met de toen nog ongekende John Wayne in de hoofdrol. John Ford verlaat de filmstudio’s en draait op locatie. Hij draait de western’Stagecoach’ helemaal buiten, in het adembenemende natuurlijke decor van Monument Valley. De film kost 400.000 dollar en brengt het eerste jaar meer dan één miljoen dollar op. De carrière van Ford is gelanceerd en hij draait het ene meesterwerk na het andere. John Ford, die met zijn zwarte ooglap het uitzicht van een piraat heeft, houdt van boude uitspraken, tegen een filmjournalist zei hij ooit: “U zegt mij dat ik de grootste dichter van de saga van het Westen ben. Wel, ik ben geen dichter en ik kan mij niet voorstellen wat de saga van het Westen kan voorstellen…ik zou zeggen dat het paardendrek is.” Vanavond vertoont de Cinematek in Brussel ‘My darling Clementine’ met Henry Fonda, één van de beste westerns aller tijden.

Herbert von Karajan (5/04)



De held van de dag is Herbert von Karajan.

De legendarische Herbert von Karajan wordt geboren in Salzburg op 5 april 1905, vandaag 104 jaar geleden. Voluit heet hij Heribert Ritter von Karajan, een benaming die hoort bij “het fenomeen von Karajan”. In 1933, Herbert von Karajan is 28 jaar oud, maakt hij zijn debuut op de Salzburger Festspiele. Het daaropvolgende jaar dirigeert hij, eveneens in Salzburg, voor het eerst de Wiener Philharmoniker. Twee maanden nadat Adolf Hitler in Duitsland de macht in handen krijgt, op 8 april 1933, wordt von Karajan lid van de NSDAP, de Nationaal Socialistische Arbeidspartij. In 1935 wordt hij benoemd tot Duitslands jongste “Generalmusikdirektor” en twee jaar later krijgt hij een contract bij de Deutsche Grammophon Gesellschaft. Na de oorlog volgt er een “Berufsverbot” om zijn naziverleden, maar hij neemt anoniem deel aan de Salzburger Festspiele en het jaar daarop mag hij weer dirigeren. In 1955 wordt hij muziekdirecteur voor het leven van de Berliner Philharmoniker. Niets of niemand kan de onstuitbare opmars van “der” Herbert nog tegenhouden en de Deutsche Grammophon wordt zo machtig dat de concurrentie het label het “gele gevaar” noemt. Von Karajan is niet alleen een briljante dirigent, hij heeft ook een flamboyante levensstijl. Hij laat filmopnamen maken van de Symfonieën van Beethoven waarin hij zich ontpopt als de fotogenieke “Meister” van het witte doek, waarbij Beethoven en de hele “Berliner” in het niets verdwijnen.
 

Madame Grès (01/10)

De heldin van de dag is Madame Grès (1903-1993)


Germaine, Emilie Krebs, beroemd als Madame Grès, wordt geboren in Parijs in 1903. Aanvankelijk wil zij balletdanseres worden maar dat mag niet van haar chique familie. Beeldhouwster mag evenmin, dus wordt het – nog altijd tegen de zin van vader Krebs – , couturière. De jonge vrouw heeft talent en na wat werkervaring bij een groot couturehuis, gaat zij solo en zij verandert haar meisjesnaam in madame Grès. Zij beschouwt mode als kunst en verklaart: “Of ik nu met marmer of met stof moet werken, dat is voor mij hetzelfde.” Zij toont haar eerste collectie in 1933 en negen jaar later opent zij haar eigen couturehuis. Al heel snel heeft zij een cliënteel, dat dol is op haar verfijnde en vaak geplisseerde jurken. Onder hen Edith Piaf, Marlène Dietrich en Grace van Monaco. Madame Grès mouleert en sculpteert de verfijnde jurken rond hun lichaam. Soms gebruikt zij 21 meter stof voor één jurk, en dat resulteert altijd in een ranke, lange jurk waar weinig overdadige details aan te pas komen. Madame Grès is de couturière van de zuivere lijn, en haar creaties lijken op de gewaden van de Griekse godinnen. Zijzelf leeft teruggetrokken, is mysterieus en wordt de sfinx genoemd. Haar enige ‘folie’ is een blauwe Jaguar waarvan de zetels overtrokken zijn met nerts en daarin een televisie. In het Modemuseum van Antwerpen loopt er een heerlijke expo over deze dame van de haute couture.

Albert Ayler (26/11)




De held van de dag is Albert Ayler.

De zwarte Amerikaanse jazzsaxofonist Albert Ayler is één van de helden van de free jazz. Als hij tien jaar is, speelt hij mee in de fanfare van zijn vader op begrafenissen en erediensten. Tijdens zijn legerdienst speelt hij in de Special Service Band en de invloed van marsmuziek zal later in zijn vrije composities altijd terugklinken. Eén van zijn geliefkoosde stukken is de “Marseillaise”, die hij voor de gelegenheid omdoopt tot “mayonaise”. Omdat zijn revolutionaire muziek, ondanks de steun van de grote John Coltrane in de Verenigd Staten niet aanvaard wordt, speelt Albert Ayler vooral in Frankrijk en Zweden. Critici verwijten hem zijn kakofonie, zijn muzikaal analfabetisme en zijn rauwe agressiviteit. De kritiek weet niet of zij de muziek van Ayler “au sérieux” moest nemen, of dat het gewoon een parodie is. Ayler speelt mystieke, compromisloze muziek die wij vandaag meer dan acceptabel vinden.
Maar het gaat niet goed met hem: hij experimenteert met LSD, voelt zich schuldig over de dood van zijn broer, is depressief en op 25 november 1970, vandaag precies 41 jaar geleden, wordt zijn lichaam teruggevonden in de East River bij New York. Volgens zijn vriendin is het zelfmoord, later doet het gerucht de ronde dat Albert Ayler vermoord werd.
“John Coltrane was de vader, Pharoah Sanders de zoon en ik ben de heilige geest”, was zijn geliefkoosde uitspraak.
 

Anna Magdalena Bach ( 06/4)

De heldin van de dag is Anna Magdalena Bach.


Eén van de mooiste aforismen van de Roemeense schrijver Emile Cioran is: “Als er iemand is, die alles aan Bach te danken heeft, dan is het wel God”.
En Bach zelf, zou die niet alles, zo niet veel te danken hebben aan zijn Anna Magdalena?

In 1920 verschijnt: “De kleine Kroniek van Anna Magdalena Bach”, een apocriefe autobiografie, geschreven door de Britse musicologe Esther Meynell, die eerder een biografie over Bach publiceerde.
De schrijfster kruipt in de huid van Anna Magdalena en laat de lezer getuige zijn van het dagelijkse leven van de Cantor van Leipzig. Johan Sebastian Bach trouwt met Anna Magdalena in 1721, één jaar na de dood van zijn eerste echtgenote die hem zeven kinderen schonk. Met Anna Magdalena zal Bach nog eens dertien kinderen hebben, waarvan er zeven op jonge leeftijd sterven. Anna Magdalena schrijft hoe zij een groot huishouden bestuurt, hoe blij zij is als zij het “Klavier Büchlein” cadeau krijgt, hoe zij Bach helpt bij het kopiëren van zijn partituren en ook hoe bang zij is voor dat verontrustende doodsverlangen dat Bach zijn leven lang in zich droeg.
Maar het mooiste van al is als zij vertelt over haar ontroering wanneer zij op Goede Vrijdag 1729 , voor het eerst de Matthäuspassion hoort
En de Matthäuspassion kan U vanmiddag bij ons beluisteren in een uitvoering van de Nederlandse Bachvereniging onder de leiding van Jos Van Veldhoven.
 

Peanuts (02/10)

De helden van de dag zijn de Peanuts


Op 2 oktober 1950, vandaag 72 jaar geleden verschijnt voor het eerst een strip van de Peanuts in niet minder dan negen dagbladen, waaronder ‘the Washington Post’ en ‘The New York Times’. De Peanuts werden gepubliceerd in meer dan 2.600 dagbladen en tijdschriften, met meer dan 335 miljoen lezers in 75 landen en zij hebben een opbrengst van meer dan één biljoen dollar. Voor de goede verstaander: één biljoen betekent één miljoen keer een miljoen. Nochtans is het hoofdpersonage het type van de antiheld: hij is weemoedig, zenuwachtig en heeft helemaal geen zelfvertrouwen. Hij kan geen vlieger oplaten, laat staan een baseball wedstrijd winnen. De eerste aflevering zet meteen de toon van de hele serie: Charlie Brown stapt voorbij twee andere kinderen: Shermy en Patty. Shermy zegt heel joviaal goedendag aan Charlie Brown: “Hey, good old Charlie Brown”. Als Charlie zijn hoofd gedraaid heeft, zegt hij tegen Patty: “How I hate him”. De tekenaar Charles Schulz doet alles helemaal alleen, van het bedenken tot het uittekenen van de strips. Vandaar dat ze minimalistisch zijn, zonder decors, zonder accessoires. Het belangrijkste personage naast Charlie Brown is het pestkopje Lucy. De tekenaar zegt over haar pesterijen tegenover Charlie: “Als een jongen een meisje plaagt is dat niet grappig, maar een meisje dat gemeen doet tegenover een jongen, dat is pas lachen geblazen”. Een trieste waarheid, als u het mij vraagt.

Louis Lumière (10/04)

 

De held van de dag is Louis Lumière.

Samen met zijn broer August is Louis Lumière de uitvinder van de cinema. Hij wordt geboren op 19 september 1862 en sterft op 10 april 1954, 58 jaar geleden. Vader Lumière heeft een bedrijfje voor fotografische apparatuur, hij heeft een demonstratie van de kinetoscoop van Edison gezien en spoort zijn zonen aan om ook zo’n apparaat te ontwikkelen. Op 13 februari nemen de broers het octrooi op hun nieuwe uitvinding, de “cinématographe”. Dit apparaat is een filmcamera en filmprojector in één: het is in staat om filmbeelden op te nemen, deze te ontwikkelen en ze vervolgens te tonen op een scherm voor een publiek. De eerste film die met de “cinématopgraphe” geschoten werd, is “La sortie des usines Lumière”. De meeste films duren niet meer dan één minuut en worden gefilmd door Louis Lumière. Alles bij elkaar heeft Louis Lumière er meer dan honderd gedraaid, waaronder “L’arroseur arrosé” de eerste komedie in de filmgeschiedenis. De eerste succesvolle filmvertoningen zijn vooral te danken aan de attractiestatus van de film en niet aan het verhaal in de film. Iedereen wil naar de cinema en de gebroeders Lumière maken een hele wereldtournee: op 1 maart 1896 vertonen zij hun kunsten in de Brusselse Koninginnegalerij.
Maar ondanks het succes geloven de broeders niet dat er voor hun uitvinding toekomst is en richtten zij zich vooral op de kleurenfotografie. Het kan verkeren!
 

Steve Reich (03/10)

De held van de dag is Steve Reich (1936)


Geboren in New York,op 3 oktober 1936, viert hij vandaag zijn zesenzeventigste verjaardag. Steve Reich, die de grootst levende Amerikaanse componist genoemd wordt. Zijn ouders scheidden van elkaar als hij nog een baby is, en veel van zijn kindertijd brengt hij door op treinen, heen en weer van New York naar Los Angeles waar zijn moeder, een gevierde zangeres, woont. Jaren later zal de componist vertellen dat het “clickety clack” van de treinwielen op de sporen zijn gevoel voor ritme bepaald heeft. Als puber is hij dol op muziek en hij luistert zowel naar de ‘Brandenburgse concerten’ en ‘Le Sacre du Printemps’ als naar Charlie Parker en Miles Davis. Hij studeert aan de Juilliard School en zet zijn muziekstudies verder bij Luciano Berio en Darius Milhaud. Zijn eerste werk bestaat uit experimenten met twaalftoonsmuziek, later is hij geïnspireerd door Afrikaanse muziek en uiteindelijk reist hij naar Ghana om drums te studeren. Met als resultaat ‘Drumming’ uit 1971 waarop Anne Teresa De Keersmaeker een adembenemende choreografie maakt. Sinds de jaren ’80 laat Steve Reich zich inspireren door joodse, christelijke en islamitische thema’s en muziek. Die verwerkt hij bijvoorbeeld in ‘Tehellim’, joodse psalmen voor koor en ensemble en in zijn opera ‘The Cave’, waarin hij op zoek gaat naar de wortels van het judaïsme, het christendom en de islam. In 2009 krijgt Steve Reich de Pulitzerprijs voor muziek.

Karl May (11/04)



De held van de dag is Karl May.

Karl May mag wel honderd jaar geleden overleden zijn, Winnetou en Old Shatterhand zijn nog altijd springlevend. Vele generaties groeiden op met zijn legendarische Wildwest – personages en als kind kies je voor de blanke of voor de gevederde held. De wereldberoemde “Winnetou”-trilogie wordt gepubliceerd in 1893 met die eerste, haast surrealistische zin: “Als ik aan een Indiaan denk, zie ik altijd een Turk voor me”. May bedoelt hiermee dat het Ottomaanse Rijk op het moment van publicatie op sterven ligt, net als al die indianenrijkjes waarmee de kaart van Noord – Amerika ooit bespikkeld was. De “Winnetou”-trilogie begint met Old Shatterhand, een “Greenhorn”, een groentje dat een Duitse landmeter is en die een spoorwegtraject voorbereidt maar voortdurend stuit op verzet van de Indianen. Gelukkig is onze landmeter de slimste, de beste schutter en zijn morzelvuist “Shatterhand” weet elke tegenstander altijd op de juiste plek te treffen. Winnetou is superheld nummer twee: wijs, behendig en een lezer: wij treffen hem voor het eerst aan met het epische gedicht “The Song of Haiwatha” van Longfellow in de hand. Karl May, die pas jaren later naar Amerika reisde, heeft altijd beweerd dat hij de belevenissen van Old Shatterhand zelf had meegemaakt…maar het is dankzij de macht van de fantasie en enkele goede encyclopedieën dat hij alle avonturen aan zijn schrijftafel heeft uitgevonden. Als iemand kan liegen alsof het gedrukt staat, dan is het wel Karl May.
 

Edvard Munch (04/10)

De held van de dag is Edvard Munch (1863-1944)


De Noorse schilder Edvard Munch wordt geboren op 12 december 1863. De confrontaties met ziekte en dood tijdens zijn jeugdjaren zijn verschrikkelijk. Zo verliest hij op jeugdige leeftijd zijn moeder, zijn vader en zijn jongste zusje. De angst voor het verlies van zijn naasten blijft hem dan ook tot aan zijn dood achtervolgen. In de winter van 1908 krijgt hij een zenuwinzinking. Zijn angst vereeuwigt hij in het wereldberoemde doek ‘De Schreeuw’, één van de meest geplagieerde en geciteerde schilderijen. Én het duurst geveilde. Door deze kaskraker zou men haast zijn andere oeuvre vergeten, want Munch is veel meer dan dit ene meesterwerk. Na zijn dood laat hij meer dan duizenden schilderijen, etsen en tekeningen achter. Hij breekt radicaal met alle heersende conventies en experimenteert met materiaal en techniek, laat delen van het canvas onbeschilderd, krast in de verf, attaqueert het doek en past de zogenaamde ‘paardenkuur’ toe door zijn werk in de open lucht bloot te stellen aan zon, regen en sneeuw. Sommige doeken zijn naturalistisch uitgewerkt, anderen zijn bijna abstract. Maar altijd worstelt hij met zijn angsten en onzekerheden, met de melancholie, en de cyclus van leven en dood. In het mooie Museum Folkwang in Essen, en dat is helemaal niet zover van hier, loopt de schitterende tentoonstelling ‘Im Farbenrausch’, wat kleurenroes betekent. Het expressionisme van Edvard Munch gaat er in dialoog met het fauvisme van Henri Matisse, voorwaar een geschenk voor het oog.

Joséphine Baker (12/04)



De heldin van de dag is Joséphine Baker.

Joséphine Baker wordt geboren op 3 juni 1906 in Saint Louis, Missouri. Haar moeder werkt in een wasserij en haar vader is de beste paradedrummer van Saint Louis. In de hele stad weerklinkt de ragtime, de aanstekelijke muziek die de zwarte componist Scott Joplin op een gammele piano creëerde. Zij begint op te treden in kleine bars en langzaam klimt zij naar de top. Samen met Sidney Bechet speelt zij op 2 oktober 1925 de “Revue Nègre” in “Théatre des Champs Elysées”, dezelfde zaal waar twaalf jaar eerder de wereldcreatie plaatsvond van “Le Sacre du Printemps”, dat andere “succes de scandale”. “Le tout Paris” is op het appel en het publiek is wild enthousiast over de naakte, ebbenhouten schoonheid van Joséphine Baker. Eén van haar onvoorwaardelijke aanbidders is een tweeëntwintigjarige journalist uit Luik, zijn naam is Georges Simenon. Wanneer de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, gaat zij in dienst bij de Franse “Résistance”. In de koffers met de kostuums zitten er landkaarten verstopt en op de muziekpartituren zijn er met onzichtbare inkt militaire codes aangebracht. Na de oorlog koopt Joséphine een immens landgoed waar zij niet minder dan twaalf kinderen herbergt. Om dit alles te kunnen betalen blijft zij alsmaar optreden, tot zij er bij valt, letterlijk. Na een laatste show stuikt Josephine Baker in , zij wordt in allerijl naar het ziekenhuis gebracht, komt niet meer bij en sterft op 12 april 1975, vandaag 37 jaar geleden.
 

Pelléas en Mélisande (13/04)


Edmund Blair Leighton

De helden van de dag zijn Pelléas en Mélisande.

De geschiedenis van Pelléas en Mélisande gaat over een tragische driehoeksrelatie. De prins Golaud, kleinzoon van koning Arkel, verdwaalt tijdens de jacht in het bos en daar ontmoet hij de schuchtere Mélisande. Diep onder de indruk van haar frêle schoonheid brengt Golaud haar naar het kasteel van zijn grootvader, waar Mélisande Golauds halfbroer Pelléas ziet. Tussen Pelléas en Mélisande bloeit er spoedig een fatale genegenheid, een dodelijke zielsverwantschap op. Golaud betrapt het koppel tijdens één van hun geheime ontmoetingen en hij doodt zijn halfbroer Pelléas. Mélisande sterft in het kraambed, nadat zij Golaud gezworen heeft dat zij hem niet bedrogen heeft. Het toneelstuk van Maurice Maeterlinck inspireert Claude Debussy tot een opera die een mijlpaal is in de geschiedenis. Over zijn eerste kennismaking met Maeterlinck schrijft Debussy in een brief aan André Chausson, 16 november 1893: “Ik heb Maeterlinck ontmoet en met hem een dag in Gent doorgebracht. Eerst gedroeg hij zich als een klein meisje aan wie een toekomstige echtgenoot wordt voorgesteld, daarna ontdooide hij en hij werd aardig… Hij stemde volledig toe coupures aan te brengen in “Pelléas” en heeft er zelfs enkele zeer nuttige voorgesteld. Wat muziek aangaat, hij zegt daar niets van te begrijpen, hij gaat naar een symfonie van Beethoven als een blinde naar het museum.”
Morgen brengt Muziektheater Transparant “Pelléas en Mélisande” in het Concertgebouw van Brugge.
 

Jan de Lichte (05/10)

De held van de dag is Jan de Lichte


Jan de Lichte is het hoofdpersonage uit de gelijknamige roman van Louis Paul Boon ‘De Bende van Jan de lichte’. Het boek verschijnt in 1955 en het is meteen het eerste grote verkoopsucces van Louis Paul Boon. Jan de Lichte is de onverschrokken zoon van een kroegbaas uit de omgeving van Aalst. Hij wordt geboren in 1725, en wil zich verzetten tegen de onderdrukking. Daarom richt hij een bende op, een bende van dieven, bedelaars en landlopers. Jan de Lichte kan die marginalen drillen tot een geregeld leger, waarmee hij postkoetsen overvalt en kastelen plundert. De buit wordt vervolgens verdeeld onder de bendeleden en de armen. Het leger en de politie kunnen pas de rebellie van Jan de Lichte onderdrukken als enkele bendeleden zich tegen de leiding van Jan gaan verzetten en op eigen houtje beginnen te opereren. Jan de Lichte ontpopt zich dan als een op drift geraakte idealist en ergens schuilt er toch een iets van een psychopaat in hem. Galg en rad rijzen boven de streek van Aalst en in 1748 wordt Jan de Lichte op de Grote Markt van Aalst samen met enkele andere bendeleden ter dood gebracht. Volgende zondag is het de grote Louis Paul Boon Marathon in de Brusselse KVS, het slotakkoord van een heel Boonjaar. Tientallen lezers, schrijvers en kunstenaars brengen hulde aan de honderdjarige Louis Paul Boon. Treden aan: Josse De Pauw, Herman Brusselmans, Mauro Pawlowski, Peter Verhelst en veel ander schoon volk!

Slavoj Žižek ( 28/11)



De held van de dag is Slavoj Žižek.

De Sloveense filosoof Slavoj Žižek wordt graag voorgesteld als de gevaarlijkste filosoof van het Westen. Van 1967 tot 1975 studeert hij filosofie en sociologie aan de universiteit van Ljubljana en dan volgt er een militaire dienst van vier jaar. Žižek staat bekend als een dwarse geest die heilige huisjes graag tegen de vlakte ziet gaan. Als auteur van meer dan dertig boeken is Žižek een filosofische vedette en hij leeft daar ook naar. Hoewel officieel verbonden aan de Universiteit van Ljubljana, woont hij overal en nergens. In zijn “Pleidooi voor Intolerantie” ontmaskert Žižek tolerantie als een subtiele manier om onze Westerse superioriteit ten opzichte van andere culturen te bevestigen. “Kijk eens hoe tolerant wij zijn”. Ook is hij bekend om zijn analyses van populaire cultuur en film, geënt op psychoanalyse en de ideeën van de Franse denker Jacques Lacan. Onder zijn blik veranderen zelfs de meest onschuldige handelingen in een zwarte komedie, die toont hoe zinloos ze zijn. Zo beweert Žižek dat de knop in de lift die deuren zou moeten sluiten geen effect heeft op de deuren maar bedoeld is om degene die er getergd blijft op drukken het idee te geven dat hij zinvol bezig is en dat hij de zaak in eigen hand heeft.

Žižek wordt niet voor niets de Elvis Presley van de culturele theorieën genoemd. Vanavond treedt Slavoj Žižek , de filosofische rockster, op in het BOZAR in Brussel.
 

Charlie Chaplin (16/04)



De held van de dag is Charlie Chaplin.

Charlie Chaplin wordt geboren in Londen op 16 april 1889. Zijn ouders werken alle twee in een reizend toneelgezelschap. Zijn vader sterft aan een levercirrose als Charlie twaalf jaar oud is, zijn moeder stort in en samen met zijn broer Sidney wordt Charlie in een weeshuis geplaatst. Amper 14, zet hij zijn eerste stappen op het toneel en een paar jaar later reist hij met het gezelschap naar de Verenigde Staten, waar hij in dezelfde show optreedt als de komiek Stan Laurel. Chaplin speelt mee in een paar filmpjes en creëert het onvergetelijke personage van de “Tramp”, de landloper met de dandy look, snorretje, bolhoed en wandelstok incluis. Zijn films zijn razend populair want zij zijn even gemakkelijk te begrijpen voor een Chinees als voor een Europees publiek. Met meesterwerken als “Modern Times” en “The Great Dictator” schrijft Charlie Chaplin filmgeschiedenis en profileert hij zich als een uitgesproken linkse kunstenaar. Voor zijn communistische sympathieën en enkele seksschandalen wordt hij amechtig achtervolgd door FBI pitbull Edgar J. Hoover. Tijdens een reis naar zijn vaderland, besluit Chaplin in Europa te blijven, waar hij nog “Limelight” en “The Countess from Hong Kong” draait. De film is geen groot succes, maar het liedje “This my song”, in de versie van Petula Clarck, staat op nummer 1 in de hitparade. Chaplin sterft in zijn slaap op de ochtend van eerste kerstdag 1977 aan een hartstilstand, op 88 jarige leeftijd.
 

Gena Rowlands (08/10)

De heldin van de dag is Gena Rowlands (1930)


Virginia Cathryn ‘Gena’ Rowlands wordt geboren op 19 juni 1930 in Madison, in een goede familie. Haar moeder schildert en haar vader bankiert. Zij studeert aan de universiteit, waar zij heel populair is en berucht om haar schoonheid. Na een paar jaar geeft zij de universiteit op en trekt naar New York om er te studeren aan de American Academy of Dramatic Arts. Begin jaren vijftig, maakt zij haar debuut op Broadway. Gena wordt geëngageerd voor een reeks opmerkelijke televisiefeuilletons en debuteert als de doofstomme echtgenote van een politiedetective in ‘87th Precinct’, ze doet mee in de wereldberoemde soap ‘Peyton Place’ en is ook regelmatig te zien in de TV feuilletons van Alfred Hitchcock. Het grote moment in haar leven is haar ontmoeting met regisseur John Cassavetes met wie zij ook zal trouwen. Zij speelt mee in zijn eerste film ‘Shadows’ en zij zullen samen nog tien films draaien waaronder het onvergetelijke ‘Gloria’. In 1987 keert zij terug naar de televisie om de hoofdrol te spelen in de televisiefilm ‘The Betty Ford Story’. Gena Rowlands is een heel grote, sterke actrice, een ‘grande tragédienne’, als je haar eenmaal gezien hebt, laat zij je nooit meer los. Haar vertolking in ‘Opening Nights’ bijvoorbeeld, blaast je van je sokken. Als er één ‘grande dame’ van de Amerikaanse cinema bestaat, dan is het wel Gena Rowlands! Vanavond vertoont de Cinematek de aangrijpende film ‘A woman under influence’ van de geniale John Cassavetes.

BIANCA CASTAFIORE (29/08)



De heldin van de dag is Bianca Castafiore. Zij maakt haar entree op bladzijde 28 van “De Skepter van Ottokar” (1938), het achtste album van “De Avonturen van Kuifje”. Hergé, die een grote kunstliefhebber is, houdt helemaal niet van opera en hij zal deze afkeer uiten in de figuur van Bianca Castafiore, en haar “Juwelenaria “ uit “Faust”. De “Milanese Nachtegaal” verschijnt in de Kuifje – albums eerst als de statige sopraan die met haar vocalises zowel de wilde dieren als Kuifje en Bobbie de stuipen op het lijf jagen. Later wordt zij een parodie op Maria Callas. Het “stardom” van “la Castafiore” kent haar hoogtepunt in “De Juwelen van Bianca Castafiore”. Dit stripverhaal leest als een roman van Agatha Christie. Haddock is het reizen meer dan moe en hij snakt naar volledige rust op zijn riante landgoed. Maar een ongelukkige val kluistert hem aan zijn kasteel, terwijl zijn instinct hem zegt dat hij de benen moet nemen voor de komst van “la Castafiore”.

Maar wie was eigenlijk die befaamde Bianca Castafiore? In 2006 verschijnt bij een obscure Parijse uitgever “La Castafiore. Biographie non autorisée”. De auteur beweert dat Bianca Castafiore geen prima donna, maar een castraatzanger is. Bianca , toen nog Fiorentino genoemd, wordt als enige zoon van Cesare Casta en Bianca Spumante geboren in Napels op 2 maart 1892. Een zekere Padre Alessandro Moreschi ontdekt bij de knaap een zangtalent dat kan evenaren met het genie van Farinelli, en als Fiorentino 12 jaar oud is, wordt hij van zijn edele delen ontdaan. Maar in de twintigste eeuw zijn castraten niet meer aan de orde van de dag en een handige impresario beslist Fiorentino als “soprano drammatico” te lanceren. Hij, of liever zij, wordt zo beroemd dat Hergé haar als Bianca Castafiore tot stripfiguur zal sacraliseren.
 

Michel Poiccard (29/11).

 

 

De held van de dag is Michel Poiccard.


Michel Poiccard is het hoofdpersonage van de film “A Bout de Souffle”.Deze eerste film van de geniale Jean – Luc Godard is meteen het manifest van de “Nouvelle Vague”. De autodief Michel Poiccard, gespeeld door een toen nog onbekende Jean – Paul Belmondo doodt een politieman en hij duikt onder bij een jonge Amerikaanse journaliste van de Herald Tribune , gespeeld door de bloedmooie Jean Seberg. Michel Poiccard wordt haar minnaar, probeert haar te overtuigen naar Rome te vluchten, en na enkele uitzichtloze liefdesesbattementen verklikt zij hem aan de politie en Poiccard wordt doodgeschoten. Terwijl hij sterft spreekt Belmondo tot haar de onsterfelijke one liner uit: “Vous êtes vraiment déguelasse”, “je bent echt walgelijk”; waarop de mooie Amerikaanse antwoordt: “Qu’est- ce que ça veut dire dégueulasse?”
Er wordt geïmproviseerd en onvergetelijk is de scène waarin Belmondo in de camera kijkt en zegt: “Als je niet van de zee houdt, als je niet van de bergen houdt en als je niet van de stad houdt, loop dan naar de duivel.”
Op het eerste zicht lijkt het een “série noire”,maar “A bout de Souffle” is een existentialistisch drama. De plot van de film is de uitspraak van de autodief Michel Poiccard: “In het leven moet men kiezen tussen de triestheid en het niets”
Het is één van mijn absolute lievelingsfilms en vanavond is deze klassieker te zien in de Cinematek in Brussel.
 

Charlie Parker (09/10)

De held van de dag is Charlie Parker (1920-1955)


Charles Christopher Parker wordt geboren in Kansas City op 29 augustus 1920. Hij speelt saxofoon van zijn elfde, is niet bijzonder begaafd maar oefent als een bezetene, soms tot vijftien uur per dag. Om zijn muzikale carrière verder te zetten reist hij naar New York. Met zijn trawanten Thelonious Monk en Dizzy Gillespie vindt hij de bebop uit, een nieuwe jazz stijl, snel, gesyncopeerd en met veel improvisaties. Hun muziek is een protest tegen de zoetgevooisde swing van de blanke orkestleiders. “We wanted music they couldn’t play” is de strijdkreet van de boppers. Zij hebben succes bij de jazzaficionado’s en vooral de beatdichters zijn hun harde fans. Helaas is Charlie Parker verslaafd aan heroïne en hij belandt letterlijk in de goot. Gelukkig is er de mysterieuze barones Pannonica de Koeningswater die hem iedere keer in haar hotelsuite opvangt. Op amper vijfendertigjarige leeftijd overlijdt Charlie Parker aan een hartaanval; en de lijkschouwer denkt dat hij met het lichaam van een zestigjarige te doen heeft. Gelukkig kan Parker vóór zijn dood nog een droom realiseren: een plaatopname met strijkers. In 1949 opent in New York ‘Birdland’, de jazzclub die naar hem genoemd is. Bij wijze van gimmick is de ruimte versierd met talrijke kooitjes met daarin levende vogeltjes, die echter door de rokerige sfeer in de club al snel het loodje leggen. Vanavond vertoont de Cinematek ‘Bird’, de ode van jazzfan Clint Eastwood aan de geniale beboppionier.

Igor Stravinsky (17/04)



De held van de dag is Igor Stravinsky.

Wij kennen Stravinsky als de Picasso van de muziek, de man die de kunstwereld op zijn kop zette met zijn “Sacre du Printemps”, zoals Picasso het met zijn “Demoiselles d’Avgignon” deed. Stravinsky werkt samen met Diaghilev, Cocteau, André Gide en Walt Disney. Minder gekend is hij als denker, filosoof. Voor het eerst verschijnt in het Nederlands zijn “Muzikale Poëtica in de vorm van zes lessen”. In september 1939 geeft Stravinsky cursus aan de universiteit van Harvard. In deze lezingen is hij streng en polemisch over collega –componisten; de dictatuur van de dirigenten; de taak van kunstenaars, muzikanten en luisteraars; snobisme versus populisme. Maar, als hij zich zo kritisch uitlaat, is dat in de eerste plaats om de muziek te verdedigen, zoals hij dat in zijn composities met muzikale middelen deed. En ik citeer: “Ik vind dat ik ten onrecht als revolutionair ben beschouwd. Tegen mijn wil werd ik tot revolutionair gebombardeerd. Kunst is in wezen constructief. Wij leven in een tijd waarin de revolutie een zeker prestige geniet bij de elite van eergisteren. Ik erken dus dat ik totaal ongevoelig ben voor het prestige van de revolutie. Want revolutie is één ding, en vernieuwing een ander. Dissonantie is dus evenmin de brenger van wanorde als consonantie een garantie voor veiligheid is. Men kan zich niet dwingen iets mooi te vinden of lief te hebben; maar iets liefhebben betekent het kennen, en voor deze kennis, moet men zwoegen”
 

Alberto Giacometti (10/10)

De held van de dag is Alberto Giacometti (1901-1966)


Alberto Giacometti wordt geboren op 10 oktober 1901, vandaag 111 jaar geleden. In 2010 haalt hij het wereldnieuws wanneer zijn sculptuur ‘L’Homme qui Marche’ geveild wordt voor een recordbedrag van 104,3 miljoen dollar! Alberto erft het talent van zijn vader die schilder is: al op dertienjarige leeftijd maakt hij met plasticine kleine afbeeldingen van zijn broer Diego, die zijn leven lang zijn geliefkoosd model zal blijven. Hij studeert beeldhouwkunst en heeft een eerste tentoonstelling in een kleine Parijse galerie. De expo heeft succes, Giacometti wordt gefêteerd door de intellectuele avant garde, hij is de vriend van Genet en Sartre, Man Ray introduceert hem bij de modeontwerpster Elsa Schiaparelli, voor wie hij juwelen ontwerpt en Samuel Beckett vraagt hem om de decors te maken voor de première van ‘En attendant Godot’. In 1947 vindt Giacometti zijn eigen stijl: lange, broodmagere silhouetten, uiterst breekbaar, als een verkoolde lucifer. Alberto Giacometti toont de kwetsbare, eenzame mens die in zijn isolement streeft naar perfectie. Hij is de existentiële kunstenaar: zijn wereldberoemde ‘L’Homme qui marche’ toont een man, hoog op, die naar het volle leven toe loopt, maar die heel breekbaar is en op elk moment kan vallen om opnieuw recht te staan en zijn queeste te herbeginnen. Hij is de volmaakte reïncarnatie van die prachtige zin van Samuel Beckett: “Try again, fail again, fail better.”

La Traviata (19/04)



De heldin van de dag is La Traviata.

Haar echte naam is Marie Duplessis en zij is de maîtresse van Alexandre Dumas Fils die haar Marguerite Gautier noemt in zijn “La Dame aux Camélias”. Maar het is Giuseppe Verdi die haar als Violetta Valéry vereeuwigt in “La Traviata”. Parijs, begin achttiende eeuw. Alfredo aanbidt Violetta en op een feest maakt hij zich zorgen om haar wankele gezondheid. Zij wuift zijn zorgen weg en geeft hem een bloem: hij mag terugkomen als die verwelkt is. Zij vervloekt haar eenzame bestaan, maar schudt alle illusies van zich af. Tot ze de liefdesverklaring van Alfredo hoort. Alfredo en Violetta wonen samen in een villa buiten de stad. Alfredo’s vader komt Violetta opzoeken en verzoekt haar dringend een einde te maken aan hun relatie om de huwelijkskansen van zijn dochter niet te hypothekeren. Violetta geeft na lang aandringen toe op voorwaarde dat hij zijn zoon de waarheid vertelt na haar dood. Zij schrijft Alfredo een brief waarin zij zegt dat ze hem voor altijd moet verlaten. Hij is woedend en als hij haar terugziet op een feest slingert hij haar in het publiek harde verwijten naar het hoofd. Na een duel ontdekt Alfredo de waarheid en haast zich naar Violetta die zwaar ziek is. Ze neemt afscheid en na een laatste opflakkering valt zij dood neer.
“La Traviata”, een liefdesdrama vol passie en kwetsbaarheid, werd gespeeld door Sarah Bernhardt, Greta Garbo en Isabelle Huppert, maar vanavond is het de sopraan Annick Massis die “La Traviata” vertolkt in de opera van Luik.
 

Zeus ( 31/08)




De held van de dag is Zeus, de Griekse oppergod.
Bij het begin van de Olympische tijd krijgt Poseidon de zee als territorium , Hades de onderwereld en Zeus de hemel. De aarde is van alle drie, maar Zeus treedt al snel op als de natuurlijke leider en hij is het die alle goden hun functies toewijst want hij is de machtigste van allemaal, hij kan het zelfs naar believen doen regenen en bliksemen. Zeus treedt op als er op de aarde grote conflicten zijn en als de gastvrijheid in gevaar is. Hij bestraft de heiligschenners en al wie de bestaande orde niet respecteren.

Alleen voor de valse eden van geliefden toont hij enig begrip en dat is niet verwonderlijk want Zeus zelf bedriegt zijn vrouw Hera dat het een lieve lust is! Om zijn daden voor Hera verborgen te houden, vermomt Zeus zich als een dier om met de door hem begeerde vrouwen zijn gangen te gaan. Elke escapade is voor Hera een belediging. Obstinaat achtervolgt zij zowel Zeus’ geliefden als de kinderen die uit al die kortstondige relaties voortspruiten. Maar bij Zeus heeft het verwekken van een kind soms ook politieke bedoelingen: Helena zou ter wereld zijn gekomen om een bloedig conflict te veroorzaken en zo de aanwas van de bevolking, zowel in Griekenland als in Klein- Azië, tegen te gaan. Herakles heeft als opdracht de verschrikkelijke monsters van kant te maken.

Als Hera, de beschermgodin van alle getrouwde vrouwen, op een keer met de hulp van Afrodite haar eigen man Zeus verleidt, geeft de oppergod zich graag gewonnen. Hij denkt daarbij terug aan hun eerste keer, toen ze nog niet getrouwd waren en hun liefde voor hun ouders moesten verborgen houden. “Zoals ik nu van je houd en naar je verlang, heb ik nog nooit bemind en verlangd”, zegt Zeus tegen Hera.
Maar zijn trouw duurt niet lang, want het vlees is zwak, ook voor een oppergod.
 

Hermes (11/10)

 

De held van de dag is Hermes


Hermes is de bode van de goden. Zijn gouden sandalen brengen hem zo snel als de wind over aarde en zee. Hij brengt als vaste heraut de bevelen en de boodschappen van de alleswetende goden naar de onwetende mensen. Zo treedt Hermes in veel situaties op als vertolker van de goddelijke wil. En zo komt het ook dat Hermes goden en mensen vaak vergezelt, escorteert en beschermt: dat doet hij onder meer met de zielen op hun sombere tocht naar de Onderwereld. Maar ook reizigers kunnen op zijn steun rekenen, en onder die reizigers vooral de handelaren. Hermes is een handige, zorgeloze jongen met ondeugende trekjes. Dankzij zijn kwaliteiten wordt hij ook de patroon van dieven. Want al op de dag van zijn geboorte begaat hij zijn eerste diefstal: hij kan een paar runderen van Apollo ontvreemden. Apollo komt echter op het spoor van de dief. Op een onverwachte manier wordt het geschil bijgelegd: als Apollo Hermes hoort tokkelen op een lier is hij diep onder de indruk. Er wordt een compromis gesloten: Apollo krijgt van Hermes zijn lier en in ruil mag Hermes de gestolen runderen houden, zo ontstond de handel. De lier van Hermes is het allereerste instrument in zijn soort. Hermes boort gaten in de rug van een schildpad, spant een runderhuid over de holte en brengt er zeven harmonisch klinkende snaren op. Als hij de snaren een voor een aanraakt, laat de lier een wondermooi geluid horen.

Cyrano de Bergerac (20/04)



De held van de dag is Cyrano de Bergerac.

Volgende zondag is het Erfgoeddag en het thema is “Helden”. Mijn favoriete held is de flamboyante Cyrano de Bergerac. Parijs, 1640, is dichter, kapitein in het leger en heeft een lange neus. Hij is ook smoorverliefd op zijn nichtje Roxane, maar hij denkt dat zij nooit van hem zal houden, omdat hij niet bepaald de mooiste is. Op een dag vertelt Roxane hem dat ze op iemand verliefd is die volgens haar ook van haar houdt. Cyrano ’s hart begint sneller te kloppen, totdat zij zegt dat haar geliefde in zijn regiment zit en dat hij Christian heet. Hevig teleurgesteld, maar ook hevig verliefd, belooft Cyrano Roxane dat hij Christian in de oorlog zal beschermen, meer nog: als dichter zal hij Christian de woorden in de mond leggen die een verliefde vrouw zo graag hoort. Roxane zwijmelt bij Chistians geëxalteerde liefdesverklaringen, in feite “les mots d’amour” van Cyrano, die met zijn briljante verzen Roxane naar de zevende hemel voert. In feite is Roxane niet verliefd op de charmante jongeman die haar zo elegant het hof maakt, maar op de dichter die hem al die mooie woorden toefluistert. Wanneer Christian in de oorlog sterft, gaat Roxane naar het klooster. Cyrano, die nog altijd verliefd is, komt haar wekelijks bezoeken en vervoert haar nog altijd met zijn mooie woorden. Op een dag ontdekt zij de waarheid, maar het is te laat: Cyrano is zwaar gewond en sterft met panache in de armen van Roxane met de woorden: “Grâce à vous une robe a passé dans ma vie.”
 

W.C. Fields (30/11)

De held van de dag is W.C. Fields.

De Amerikaanse komiek W.C. Fields is het pseudoniem van William Claude Dukenfield. Als elfjarige jongen loopt hij van huis weg omdat hij de mishandelingen van zijn alcoholieke vader meer dan beu is. Hij zwerft door Amerika en wordt meerdere keren opgepakt voor landloperij. Uiteindelijk komt hij aan de kost met een heel virtuoze jongleeract in de kermisbarakken van Atlantic City. In 1906 maakt hij zijn entree op Broadway in een musical en in Londen speelt hij samen met de legendarische Sarah Bernhardt en Charles Chaplin. Van 1915 tot 1921 speelt hij mee in elke aflevering van de wervelende “Ziegfield Follies”. W.C. Fields houdt van absurde, cynische humor met veel drank: “Vroeger dronk ik whisky met water. Dan whisky zonder water en nu drink ik whisky als water”. En: “De beste remedie tegen slapeloosheid is veel slapen”. Ironische genoeg sterft W.C. Fields op de enige vakantiedag waarvan hij altijd zei dat hij deze verafschuwde, namelijk eerste Kerstdag. W.C. Fields is lid van de “Bundy Drive Boys” een illuster gezelschap in Hollywood met steracteurs als Errol Flynn, notoire drankorgels die hun verveling verdrijven met seks en zuippartijen. Hun lijfspreuk is: “Er bestaan geen lelijke vrouwen. Er is alleen te weinig alcohol”.

Vanavond, in de Brusselse Beursschouwburg, brengt het toneelgezelschap “Abattoir Fermé” die wreed vrolijke bende opnieuw tot leven met de nieuwe productie “Monkey”
 

Lulu (12/10)

De heldin van de dag is Lulu


Lulu is het hoofdpersonage van de gelijknamige opera van Alban Berg. De wees Lulu, een jonge en fascinerende schoonheid, maakt als kind kennis met Dr. Schön, een man uit de hoge bourgeoisie. Ze wordt verliefd en onderhoudt jarenlang een geheime relatie met hem. Uiteindelijk trouwen ze, maar Schön is bezitterig en jaloers en hij komt in een neerwaartse spiraal terecht die een dodelijke ontknoping zal kennen. Nadat hij Lulu met zijn wapen tot zelfmoord probeert aan te zetten, doodt zij hem per ongeluk. Lulu slaat op de vlucht, eerst naar Parijs en vervolgens naar Londen. Samen met Alwa, de zoon van dokter Schön en gravin Geschwitz; die beiden op haar verliefd zijn, probeert zij te ontsnappen aan de politie en ook aan elke man die haar wil misbruiken. Uit armoede belandt zij in de prostitutie en sterft een vreselijke dood onder de messteken van één van haar klanten, de serial killer Jack the Ripper. In zijn opera ‘Lulu’ toont Alban Berg het huwelijk van Eros en Thanatos en beschrijft hij de lichtende maar vaak beestachtige intensiteit van de menselijke relaties. Lulu is een bedwelmend en fataal raadsel voor wie haar benadert, zij belichaamt het contrast tussen het ideaal van de zuiverheid en de realiteit die zich in alle barbaarsheid opdringt, tot de finale moord toe. Volgende zondag gaat ‘Lulu’ van Alban Berg in première in de Brusselse Muntschouwburg, in een regie van Krysztof Walikowski, dat belooft!

Roodkapje (1/09)

De heldin van de dag is Roodkapje.
Roodkapje brengt een stuk taart en een fles wijn naar haar grootmoeder, maar in het bos ontmoet zij de wolf. Zij is niet bang voor het beest en vertelt waar ze naartoe gaat. De wolf maakt haar attent op de mooie bloemen en het meisje plukt een ruiker voor haar lieve oma. Ondertussen spoedt de wolf zich naar het huis van grootmoeder en slokt haar op met huid en haar. Wanneer Roodkapje bij het huisje aankomt, ligt de wolf in bed met de slaapmuts van oma diep over zijn kop getrokken. Roodkapje vindt dat haar grootmoeder er maar raar uitziet: ogen, oren en handen lijken allemaal veel groter geworden. En bij het “Maar grootmoeder wat heb je toch een verschrikkelijke grote bek”, verslindt de wolf Roodkapje. Voldaan valt hij in slaap en begint luid te snurken. Dit hoort een jager die juist voorbij komt, hij neemt een kijkje en ziet de volgevreten wolf. De jager snijdt de buik van het beest open en Roodkapje en grootmoeder komen er ongedeerd uit.

Er zijn heel wat psychologische interpretaties rond “Roodkapje”, waarin het sprookje verklaard wordt als het proces van de seksuele bewustwording. De auteur Charles Perrault schrijft dat hij de jonge juffrouwen wil waarschuwen voor de wolven, lees, de mannen.
En de psychoanalyticus Bruno Bettelheim gaat nog een stap verder. In “Het nut van sprookjes” schrijft hij dat Roodkapje er gewoon op een seksuele initiatie op uit is. Wanneer de wolf haar zegt dat hij zo’n grote armen heeft om haar beter te kunnen omhelzen, loopt zij niet verschrikt weg, maar blijft lekker bij hem in bed liggen.
 

Philoktetes (1/12)

 

 

       

De held van de dag is Philoktetes.

Philoktetes is een held uit de oorlog van Troje.
Volgens de Griekse overlevering erft hij van Herakles de boog en de pijlen waaraan hij vele overwinningen te danken heeft.
In de tragedie van Sofokles zit Philoktetes al bijna een decennium lang op een verlaten eiland wanneer Odysseus hem komt opzoeken. Philoktetes is op bevel van diezelfde Odysseus op het eiland achtergelaten. Hij is namelijk gebeten door een slang en heeft daarbij een etterende en stinkende wonde opgelopen. De wonde verspreidt voor de Griekse soldaten een ondraaglijke geur die de moraal van de troepen ondermijnt. Nu Odysseus te weten is gekomen dat Troje alleen kan worden ingenomen met de hulp van Philoktetes en zijn legendarische boog ,komt hij hem vragen terug mee te vechten. Philoktetes vergeeft Odysseus en trekt mee ten strijde
Waarom denk ik nu, op deze wereld aids dag aan de zieke Philoktetes?
Wel, in 1994 zag ik in het Kaaitheater één van de meest beklijvende theaterproducties die ik ooit mocht meemaken
De grote Amerikaanse acteur Ron Vawter speelde de Philoktetes Variaties van de oost Duitse dramaturg Heiner Müller.
Ron Vawter was zoals Philoktetes besmet, besmet van HIV virus.
Het was een onvergetelijke grafvoorstelling met als leidmotief “Ik lijd aan aids, ik ben op weg naar het graf maar doe onderweg nog deze voorstelling.”
 

Kathleen Ferrier (23/04)



De heldin van de dag is Kathleen Ferrier.

Zestig jaar geleden is zij overleden maar met de heruitgave van haar opnamen en een filmdocumentaire is de legendarische Kathleen Ferrier levendiger dan ooit.
De jonge Kathleen is zeer begaafd en op haar dertiende haalt zij haar einddiploma piano. Als zij veertien is moet zij gaan werken en in haar vrije tijd zingt zij in een koor, neemt deel aan festivals en wint vele prijzen. Zij trouwt in 1935, moet het beroepsleven vaarwel zeggen en heeft nu alle tijd om zich te wijden aan haar zangtalent. Als een weddingschap met haar man neemt zij deel aan een wedstrijd en wint de eerste prijs. In 1937 scheidt zij van haar man en vanaf die dag, op haar vijfentwintigste, is Kathleen Ferrier professioneel zangeres. Haar voorbeeld van de vrijgevochten, vrolijke vrouw maakt haar zeer populair bij alle lagen van de bevolking. In mei 1943 treedt zij op in de “Messias” in Westminster Abbey en zij maakt een grote indruk op Benjamin Britten die haar meteen vraagt voor de titelrol in “The Rape of Lucretia”. Zij sukkelt met haar gezondheid maar wil haar niet laten onderzoeken, tot er in 1951 borstkanker vastgesteld wordt die ondanks operaties en langdurige bestralingen niet uitgeroeid kan worden. Haar laatste optreden vindt plaats in 1953, Covent Garden in Glucks “Orfeo en Euridice”: de pijn verbijtend zingt zij haar rol tot het einde uit, maar nadien treedt zij nooit meer op.
Kathleen Ferrier: haar stem geeft glans en hoop aan de wereld.
 

Constant Permeke (15/10)

De held van de dag is Constant Permeke (1886-1952)


Hij staat geboekstaafd als Vlaams expressionist, maar hij is meer dan dat: vanuit zijn regionale, landelijke verbondenheid groeit Constant Permeke uit tot een universele kunstenaar. “Ik schilder niet wat ik zie, maar wat ik meen gezien te hebben”, is zijn artistieke credo. Permeke wordt geboren in Antwerpen op 31 juli 1886. Als hij 20 is, schrijft hij zich in aan de Koninklijke Academie, en wanneer hij tijdens zijn studies een schilderij van Van Gogh ziet, weet hij wat hem te doen staat! Na een verblijf van drie jaar in het kunstenaarsdorp Sint Martens Latem, trekt hij naar Oostende en schildert er de zee en de vissers. De zee blijft zijn geliefkoosde thema waarmee hij zijn persoonlijke emoties, gaande van kalm tot hevig bewogen tot uitdrukking kan brengen. Los van conventies of nieuwe tendensen ontwikkelt Permeke een eigen stijl: de verf wordt dik op het doek aangebracht, het palet wordt strenger, met een overheersing van zwart, vaal grijs, groen en oker. Permeke is instinctief met kunst bezig en hij wil het diepmenselijke in beeld brengen. Als geen ander verbeeldt hij het harde leven van de eenvoudige werkmens: van het vissersbestaan in Oostende tot het landelijke leven van de boer in Jabbeke. Naar aanleiding van de zestigste verjaardag van Permekes overlijden, presenteert BOZAR in Brussel een grote retrospectieve met 130 werken, voorwaar een feest voor het oog en de geest!

Philip Catherine (2/12)



De held van de dag is Philip Catherine.

Laten wij voor één keer chauvinist zijn: “onze” Philip Catherine is één van de beste levende jazzgitaristen. Hij is afkomstig uit een familie van muzikanten en op 14 jarige leeftijd ontdekt hij de muziek van Georges Brassens en Django Reinhardt. Hij koopt een gitaar en begint keihard te oefenen. In de jaren zestig, hij is amper 20 jaar oud, gaat hij op tournee met jazzgrootheden als Dexter Gordon en Stéphane Grappelli. Later is hij actief als begeleider van jazzlegendes als Charles Mingus en Toots Thielemans. Gedenkwaardig zijn vooral de opnamen en de concerten die Philip Catherine met jazzjunk trompettist Chet Baker gaf. Het was iedere keer een unieke ervaring te zien hoe Philip Catherine de “freewheelende” Chet Baker altijd veilig naar huis wist te brengen.

In zijn nieuwe cd “Philip Catherine plays Cole Porter” combineert hij op zijn eigen wijze lyriek en virtuositeit. In 1998 ontvangt hij in Parijs de “Django d’Or” als “Beste Europese jazzmuzikant” en hij krijgt ook de titel van “Maestro Honoris Causa” van de Conservatoriumstichting van Antwerpen. Maar de kers op de taart is de Klara Carrièreprijs die Philip Catherine vorige maandag mocht ontvangen.
Morgen is Philip Catherine te gast op de Klara Happening “Iedereen Klassiek” in Gent. Hij zal er enkele unieke vintage gitaren demonstreren, die geveild worden ten bate van Music Fund. Kom luisteren en doe een bod.
 

Oskar (24/04)




De held van de dag is Oskar.

De held van de dag is Oskar, de dappere trommelaar uit “De Blikken Trommel” van Günter Grass. Een schelmenroman, die zich afspeelt in een duizelingwekkende spiraal van absurde, groteske, droevige en tragische taferelen. Oskar wordt geboren in 1924 in Dantzig. Hij walgt zodanig van de hypocrisie van de volwassenen dat hij op zijn derde verjaardag weigert nog langer te groeien. Oskar heeft de ene driftbui achter de andere en dan slaat hij luid op zijn blikken speelgoedtrommel en schreeuwt hij tot de ruiten aan stukken vliegen. Wat op het eerste zicht een grap lijkt groeit uit tot een magistrale allegorische roman waarin Günter Grass peilt naar de wortels van de Duitse nachtmerrie en de opkomst van het nazisme. Enkel de kleine Oskar blijft, maar dan op zijn eigen bizarre manier, te midden van al die waanzin, de stem van het gezond verstand. Onvergetelijk is zijn uitspraak: “Ooit was er een goedgelovig volk dat in Sinterklaas geloofde, maar Sinterklaas bleek de man van het gas te zijn.” Oskar reist met een troep dwergen naar het front om de soldaten te vermaken. En als de oorlog gedaan is en het Derde Rijk valt, besluit Oskar weer te groeien. De Duitse cineast Volker Schlöndorf maakte in 1979 met zijn verfilming van “Die Blechtrommel” een prachtige prent die, voor één keer, de roman niet moet beschamen en deze film wordt vanavond vertoond in “Cinema Zuid” in Antwerpen.
 

Phaëton (16/10)

De held van de dag is Phaëton


Phaëton is een figuur uit de Griekse mythologie. Hij is de zoon van de zonnegod Helios, maar hij brengt zijn kinderjaren door zonder te weten wie zijn vader is. Als Phaëton puber is, vertelt zijn moeder hem van zijn ware afkomst. Het zijn moeilijke dagen voor de jongen, die niet meer weet wat hij moet geloven. Zij wil de jongen helpen en stuurt hem naar het zonnepaleis van Helios. De vader ontvangt zijn zoon met grote hartelijkheid en Phaëton mag van hem een wens doen. Wat het ook wordt, Helios zal het verlangen van zijn zoon inlossen. Phaëton wil een onomstotelijk bewijs van zijn hoge afkomst. Als Helios, de zonnegod, zijn vader is, dan moet hij de zonnewagen van zijn vader kunnen mennen. Vader Helios is verbijsterd. Dit kan niet. Niemand anders dan hij is in staat de wagen te besturen. Hij heeft spijt van zijn belofte, probeert Phaëton van zijn verlangen af te brengen, maar niets helpt. De paarden worden ingespannen en Phaëton gaat trots de lucht in. Nog lange tijd hoort hij de wegstervende raadgevingen van zijn vader Helios, maar het gaat hoger en sneller. Phaëton wordt bang en verliest de controle over de paarden, hij verlaat de vaste baan en gaat alsmaar hoger vliegen. Dan moet Zeus optreden. Door de bloedhete blauwe lucht slingert hij zijn bliksem. De teugels knappen, de wagen breekt in stukken en Phaëton stort neer, als een ster langs een onbewolkte hemel en Helios neemt de teugels terug in handen.

Roelant (2/09)




De held van de dag is Roelant
Roelant is de hoofdpersoon van “La chanson de Roland”, een episch gedicht uit de 11° eeuw. Roelant is ook de neef van Karel de Grote en zijn rechterhand in de strijd tegen de Saracenen. Bij de slag van Roncevaux, heeft de koning van de Saracenen de Frankische achterhoede met een reusachtig leger omsingeld. Wanneer de vijandelijke overmacht ts sterk is, krijgt Roelant de opdracht om op zijn krachtige hoorn te blazen. De keizer zal het horen en ter hulp snellen. Maar Roelant verwerpt dit bevel want de hulp inroepen van zijn heer is beneden zijn waardigheid. Hij spoort de Franken aan dapper te strijden en bij een eerste treffen worden de heidenen in de pan gehakt. Maar wanneer op het slagveld nog maar zestig Franken in leven zijn, blaast Roelant op zijn hoorn. Op het slagveld is Roelant tegenover de Saraceense koning komen te staan. Hij slaat hem de rechterhand af en doodt zijn zoon. Dan klinkt een klaroenstoot van de naderende hoofdmacht der Franken. Alleen Roelant is nog in leven maar dodelijk gewond. Hij bereidt zich voor op de dood en probeert zijn zwaard stuk te slaan op een rots om te voorkomen dat het niet in de handen valt van de vijand, maar het is de rots die in twee splijt. Stervend denkt Roelant aan zijn overwinningen, zijn vaderland, zijn familie en zijn heer Karel de Grote. Engelen dragen zijn ziel naar het paradijs.

De legende van Roelant kent vele bewerkingen. Een hoogtepunt is de “Orlando Furioso” van Ludovico Ariosto die Joseph Haydn als “Orlando Paladino” tot een meeslepende opera bewerkte.

Vanavond in het kader van het Klarafestival :“Orlando Paladino” van Haydn met het Freiburger Barockorchester olv René Jacobs.
 

Ella Fitzgerald (25/04)

De heldin van de dag is Ella Fitzgerald

 


Ella Jane Fitzgerald, bij de jazzliefhebbers gekend als de ”Queen of Jazz”, en “The First Lady of Song”, wordt geboren op 25 april 1917.
Zij heeft een arme en moeilijke jeugd, maar als zij meedoet aan een amateurwedstrijd in het befaamde Apollo Theatre wint zij de eerste prijs.
Zij krijgt een contract bij het orkest van Chick Webb en scoort een kleine hit met haar bewerking van het kinderliedje “ A – Tisket, A – Tasket”.
Vanaf 1942 gaat zij optreden met de fantastische band van Duke Ellington en het is het begin van de rondreizende concertserie “Jazz at the Philharmonic” en een magnifieke carrière.
Ella steelt de show met haar stembereik van vier octaven, haar duidelijke uitspraak, haar meeslepende scatzang en zij wordt de uitgelezen vertolkster van het “American Songbook”, die onvergetelijke songs van Cole Porter, Irving Berlin en George Gershwin.
Wanneer zij solo optreedt, kiest zij voor de beste muzikanten: Oscar Peterson als pianist en Ray Brown op de bas, met wie zij ook zal trouwen.Vanaf 1970 heeft zij te kampen met de gevolgen van diabetes, die resulteren in blindheid.
Tot begin jaren 80 blijft haar stem vitaal, maar ze sukkelt serieus met haar gezondheid.
Zij maakt nog een laatste opname in 1991 en vanaf dan gaat het snel bergafwaarts, zij kan niet meer zien en haar beide onderbenen moeten geamputeerd worden.
Ella Fitzgerald overlijdt op 15 juni 1996, en de Universiteit van Harvard erft haar unieke collectie… kookboeken.
 

Ali Baba (5/09)


 

De held van de dag is Ali Baba.
Ali Baba is die arme houthakker uit “De sprookjes van Duizend en Eén Nacht”. Op een dag hoort Ali de hoofdman van de rovers bij een rots de toverformule “Sesam, open uw poort”, uitspreken. Een deur in de rots gaat open en daar bevindt zich een grote schatkamer. Nadat de rovers hun buit hebben opgeborgen en de grot hebben verlaten, spreekt Ali de toverformule ook uit en zo kan hij de schatkamer binnen. Hij laadt het goud en de sieraden op zijn muilezels en gaat ermee naar huis. Zijn vrouw wil weten hoeveel goud er is en leent een maat bij de broer van Ali om de goudstukken te meten. Maar haar schoonzuster vertrouwt het zaakje niet en smeert de bodem van de maat in met was. Wanneer de vrouw van Ali de maatbeker terug brengt, kleeft er onderaan nog een goudstuk. De broer dwingt Ali hem te vertellen hoe hij toch aan al dat goud gekomen is. Ali Baba verklapt de toverformule en drukt hem goed op het hart deze nooit te vergeten want anders geraakt hij niet meer uit de schatkamer. Maar eens de broer binnen is, wordt hij overweldigd door al die pracht en praal en vergeet de toverspreuk. Wanneer de rovers hem ontdekken, hakken zij hem in vier stukken en willen ook het vel van Ali. Ze verstoppen zich in leren kruiken en raken zo zijn huis binnen. Gelukkig ontdekt zijn vrouw de list en zij doodt de rovers door kokende olie in de kruiken te gieten
Het zal je maar overkomen!
 

Lolita ( 05/12).

 

De heldin van de dag is Lolita.


Lolita is de heldin van de gelijknamige roman van Vladimir Nabokov
Vanaf de eerste zin is de toon meteen gezet: “Lolita, licht van mijn leven, vuur van mijn lendenen. Lolita, mijn zonde, mijn ziel.”
Aan het woord is Humbert, een Europese emigrant die in Amerika aankomt en een kamer zoekt. Hij vindt onderdak bij Charlotte Haze die een mooie dochter van 12 heeft, Lolita , waar Humbert hopeloos verliefd op wordt.
Omdat Lolita niet goed met haar moeder kan opschieten, wordt zij naar een zomerkamp gestuurd.
Ondertussen vraagt Charlotte Humbert ten huwelijk. Ondanks zijn grote afkeer voor Charlotte gaat Humbert in op haar aanzoek omdat hij dan voorgoed bij Lolita kan zijn. Zij trouwen maar op een dag ontdekt Charlotte zijn geheime dagboek waarin zijn weerzin voor haar en zijn lust voor Lolita beschreven staat. Radeloos rent zij naar buiten, komt onder een auto terecht en sterft. Humbert gaat Lolita ophalen en zegt dat haar moeder in het ziekenhuis ligt
Zij gaan naar een motel waar ze voor het eerst seks met elkaar hebben
En dan volgt er een lange zwerftocht door Amerika met een fataal einde, want jonge meisjes en oude mannen, geloof mij, dat moet slecht aflopen.
In het Museum Dr. Guislain in Gent loopt nu de intrigerende tentoonstelling “Gevaarlijk Jong. Kind in gevaar, kind als gevaar” of "hoe tonen kunstenaars hoe het kind een gevaar vormt voor volwassenen”!
Heren, U bent gewaarschuwd!
 

Jules Wabbes (17/10)

De held van de dag is Jules Wabbes (1919-1974)


Zijn naam zegt u misschien niets, maar zijn meubels heeft u zeker al gezien! Want Jules Wabbes is meubelmaker, of beter gezegd: schrijnwerker. Hij wordt geboren in Brussel op 18 maart 1919. Op zestienjarige leeftijd verlaat hij de schoolbanken en na een korte leertijd vestigt hij zich als zelfstandig fotograaf. Hij is de glamourfotograaf van de renbanen en de chique privéfeestjes. Na de Tweede Wereldoorlog opent hij met zijn vrouw een antiekzaak in Brussel: Wabbes kent de kunst om interessante voorwerpen op de kop te tikken, waar de andere antiquairs geen belangstelling voor hebben. Zijn voorkeur gaat naar oude meubelen en hij opent een restauratie-atelier en bestudeert de constructietechnieken van oud meubilair. Sommige klanten vragen hem om raad bij het plaatsen van de meubels, en zijn vrienden moedigen hem aan om zelf originele meubels te ontwerpen. We zijn in 1950 en het woord design is in onze contreien amper gekend, maar voor hij het weet is Jules Wabbes een van onze eerste industriële designers. Voor Sabena verzorgt hij de binneninrichting van de vliegtuigen en in 1959 verzorgt hij de ‘look’ van de ambassade van de Verenigde Staten in Den Haag. Wie meer wil weten over deze voorloper van de hedendaagse design kan naar de fraaie Jules Wabbes tentoonstelling in het Brusselse Bozar en wie geld heeft, die kan vanaf volgend weekend naar 'Interieur 2012' in Kortrijk.

Ludwig Wittgenstein (26/04)



De held van de dag is Ludwig Wittgenstein.

123 jaar geleden werd in Wenen Ludwig Wittgenstein geboren: geleerde, filosoof en bedenker van prachtige uitspraken zoals : “Als een leeuw kon spreken, zouden wij hem niet verstaan.” Hij heeft een tirannieke vader, en als drie van zijn broers zelfmoord plegen, wordt de jonge Ludwig aan zijn lot overgelaten. Bijzonder begaafd als hij is, studeert hij zowel aerodynamica als filosofie. Wanneer de eerste wereldoorlog uitbreekt, neemt hij dienst als vrijwilliger. Na de oorlog is hij, ondanks zijn genialiteit, gewone onderwijzer, maar als hij een minder begaafde leerling tot bloedens toe slaat, moet hij vluchten naar een klooster waar hij als tuinman aan de kost komt. In januari 1929 wordt hij benoemd als professor aan de universiteit van Cambridge. Zijn essay over taalkunde, het beruchte “Tractatus Logico – Philosophicus” is, en ik citeer Willem Frederik Hermans, “een boek om nagelbijter te worden”. Wittgenstein zal erin slagen taalgebruikers hetzelfde gevoel te geven dat iemand krijgen zou die, bij het op – en afdraven van trappen zou komen na te denken over elke stap, voordat hij zijn voet durft neer te zetten.” Een voorbeeld uit de “Tractatus”: “Wij zeggen, de hond is bang dat zijn baas hem zal slaan, maar niet: dat zijn baas hem morgen zal slaan. Waarom niet?”
Wanneer hij op het einde van zijn leven zwaar ziek is, en zijn schaarse vrienden hem komen bezoeken, is zijn laatste boodschap: “Tell them, I’ve had a wonderfull life.”
 

Toots Thielemans (27/04)



De held van de dag is Toots Thielemans.

Volgende zondag is het zover, dan vieren wij op het stadhuis van Brussel de negentigste verjaardag van Jean Baptiste Frédéric Toots baron Thielemans. De “ket “ uit de Brusselse Marollen die met zijn “mondmuziekske” wereldberoemd werd. Vanaf zijn derde jaar speelt Jeanke accordeon in het volkscafé van zijn ouders en op zijn zeventiende leert hij gitaar en mondharmonica. “De muziek heeft mij ontdekt”, zegt hij, “Het begon als kleine jongen maar het heeft mijn hele verdere leven bepaald. De eerste keer dat ik de stem van Louis Armstrong op een oude grammofoon hoorde, raakte ik in vervoering en had het jazzvirus mij voorgoed te pakken.” In 1951 is Toots Thielemans gitarist in het orkest van Bobbejaan Schoepen en een jaar later emigreert hij naar de Verenigde Staten waar hij in het orkest van de blinde George Shearing speelt. Vervolgens speelt Toots met de allergrootsten, van Charlie Parker tot Jaco Pastorius. En ook voor filmmuziek is hij een veelgevraagde studiogast: wat zou de eenzaamheid van “Midnight Cowboy” betekenen zonder zijn nostalgische toets en de vrijscènes in “Turks Fruit” zouden niet zo heet zijn zonder zijn sensuele mondharmonica. Ik zag hem tientallen keren optreden en elk jaar ben ik erbij als hij op “zijn” Jazz Middelheim optreedt, en iedere keer heb ik kippenvel als hij “Ne me quitte pas” speelt. Dan proef je de liefde en voel je de pijn in elke noot. Merci, meneer Thielemans, en tot zondag.
 

Maurice Gilliams (18/10)



De held van de dag is Maurice Gilliams.

Vandaag herdenken wij de zestigste verjaardag van het overlijden van de schrijver en dichter Maurice Gilliams. Gilliams wordt geboren in Antwerpen op 20 juli 1900, zijn vader is boekbinder. Een groot deel van zijn jeugd brengt hij door op het buitengoed van de familie in Antwerpen. Daar vindt hij de inspiratie voor zijn bekendste novelle “Elias, of het gevecht met de nachtegalen”. In “Elias” staan niet de intrige of de plot centraal, alles is gericht op de zelfanalyse die vaak zwaarmoedig is, want Maurice Gilliams is een egotripper van het melancholische kaliber. Gilliams stelt zijn leven in het teken van het schrijven, en dat schrijven heeft zijn leven als onderwerp. “Mijn werk is de getuigenis dat ik hier ben geweest”, schrijft hij in één van zijn dagboeken. Zijn hele oeuvre is doordrongen van een sterk vergankelijkheidgevoel, existentiële eenzaamheid en onvervulde liefde. Gilliams schrijft in een geest van beleving of beter, van herbeleving van het eigen bestaan. Wanneer hij schrijft, droomt hij het leven opnieuw, niet in de slaap, maar in de koortsige, nooit rust brengende dagdroom. Zijn dichtwerk toont ons een introvert en overgevoelig kunstenaar, maar af en toe kent hij een uitbarsting van vreugde en dan dicht hij: “Daarom laat God ons somtijds teder spelen, met alle madelieven van ons leven.” Vanmiddag wijdt: “Babel” een heel uur aan deze enigmatische maar boeiende figuur die Maurice Gilliams is.
 

Medea (6/09)




De heldin van de dag is Medea.
Medea is onvoorwaardelijk verliefd op Jason. Zij helpt hem het Gulden Vlies te bemachtigen, ze vluchten samen naar Griekenland en ze schenkt hem twee zonen. Maar in het vaderland van Jason komt Medea in opspraak en het gerucht doet de ronde dat zij een toverheks is. Uit angst voor deze roddels verlaat Jason Medea en vertrekt hij met zijn kinderen naar Korinthe. Daar leert hij de koningsdochter kennen en hij wil met haar een nieuw leven beginnen. Hun huwelijk wordt voorbereid, maar de bruid vraagt zich af of er nog iets is tussen Jason en Medea. En ook de bruidegom maakt zich zorgen over de veiligheid van zijn kinderen. Hun ongerustheid blijkt niet ongegrond want Medea komt de feestvreugde verstoren. Zij beschuldigt Jason van ontrouw en eist dat het huwelijk niet doorgaat. Het geluk van Jason verstoren is voor Medea een ware obsessie geworden. Zij eist hun twee zonen terug, maar Jason wil de kinderen niet afstaan. Dan begint Medea met de uitvoering van een moorddadig plan. Ze laat haar zonen de huwelijksgeschenken naar de bruid brengen, een vergiftigd kleed en zeer bijzondere sieraden. En dat is niet alles, zij wil hun geliefde kinderen vermoorden en zich zo op Jason wreken. Inmiddels hebben Medea’s geschenken hun uitwerking niet gemist, het kleed en de sieraden hebben de bruid levend verbrand. Jason vermoedt nu het ergste maar hij komt te laat. Medea heeft de kinderen vermoord en zij zweert Jason dat zij elkaar na de dood opnieuw zullen ontmoeten.

Wie het verhaal uitgebreider wil zien, kan vanavond naar De Munt. 3 jaar na de creatie van “Médée” van Cherubini zijn regisseur Krysztoff Warlikowsi en dirigent Richard Rousselet opnieuw herenigd in de Munt. Vanavond is het première en op zaterdag 17 september wordt “Médée” in het raam van “Viva l’Opéra” live vertoond in de Brusselse bioscoopzalen UGC/ Brouckère en Het Gulden Vlies.
 

Sarah Bernhardt (22/10).

 

 

Sarah Bernhardt wordt geboren in Parijs op 22oktober 1844, vandaag 168 jaar geleden.
Over haar afkomst doen allerlei legendes de ronde, men noemt haar zowel Duitse, Hongaarse, Joodse, sommigen vertellen zelfs dat zij te vondeling werd gelegd in het Parc des Tuileries.
Wat wel waar is, is dat Sarah het liefst van al in een doodkist slaapt omdat zij zo – naar eigen zeggen- zich het best kan laten doordringen van haar dramatische rollen.
Haar carrière begint in 1862, zij is dan twintig jaar oud en stagiaire bij de prestigieuze Comédie Française. Al heel snel is zij een topactrice, een diva met haar eigen theater. Wanneer de Frans – Pruisische oorlog uitbreekt, laat zij dat gebouw, het  Théätre Sarah Bernhardt,  ombouwen tot een geïmproviseerd veldhospitaal .
Rio de Janeiro, 1905: op het einde van “Tosca” pleegt de heldin zelfmoord en Sarah Bernhardt verwondt haar knie op een vreselijke manier. De wonde wil niet genezen, zij krijgt gangreen en haar been moet geamputeerd worden.
Een foorkramer doet haar het morbide voorstel om het geamputeerde bot tegen 10.000 dollar op kermissen en jaarmarkten te exposeren.De deal gaat niet door!
Ondanks haar handicap gaat Sarah Bernhardt onverdroten verder, zij is zo populair dat zij wereldtournees maakt tot in de Verenigde Staten en Cuba.
Haar glansrollen zijn Tosca, La Dame au Camélias en Hamlet, waarin zij niet de rol van Ophelia maar die van de Deense prins speelt!


 

Thomas Bernhardt (6/12)


 

De held van de dag is Thomas Bernhardt.

De Oostenrijkse schrijver Thomas Bernhardt wordt geboren in de Vroedvrouwenschool te Heerlen. Zijn moeder raakte in Oostenrijk zwanger van een man met wie zij niet gehuwd was en om haar zwangerschap te verbergen, trok zij naar een vriendin in Rotterdam. Thomas Bernhardt is negen jaar oud als zijn vader sterft, die hij enkel op een foto heeft gezien. Bij Bernhardt zijn zijn eigen leven en Oostenrijk de belangrijkste voedingsbodem en inspiratiebron voor zijn literaire werk. De romans van Thomas Bernhardt zijn vindingrijke verzinsels en tegelijkertijd een uitlaatklep voor zijn frustraties over zijn land, zijn medemensen en ook over zichzelf. Beroemd en berucht is hij geworden door zijn gemopper over de achterlijkheid van de politiek en de kunstbureaucratie van Oostenrijk. Zijn scheldkanonnades zijn ingegeven door het gevoel dat alles beter zou moeten. Zo gaat zijn toneelstuk “De Wereldverbeteraar” over een man die in zijn leven slechts één literaire daad gesteld heeft: hij heeft namelijk een traktaat geschreven over hoe de wereld kan verbeterd worden. Al bij al lijkt er maar één remedie te bestaan, namelijk de afschaffing van de wereld.

Naar aanleiding van zijn tachtigste verjaardag loopt er in het Goethe Institut in Brussel een boeiende tentoonstelling over de man die ooit gezegd heeft: “De natuur duldt geen ongeneeslijke gezondheid”.
 

Franz Lehar (30/04)



De held van de dag is Franz Lehar.

Franz Lehar werd 142 geleden geboren in Komaron, in het toenmalige Hongarije. Zijn vader is blazer in de muziekkapel van het leger. Wanneer Franz twaalf jaar oud is, schrijft hij zich in aan het conservatorium van Praag, waar hij viool studeert en compositieleer krijgt van Antonin Dvorak. In 1894 gaat zijn eerste operette “Kukushka” in première en als hij een succesvolle wals schrijft voor het bal van prinses Metternich is zijn carrière gelanceerd. In 1905 componeert Franz Lehar “Die Lustige Witwe”: de operette speelt zich af in het milieu van graven en baronnen, diplomaten en hoge militairen, en alles draait om liefde en geld. Nog nooit had een operette zo’n succes, overal ter wereld wordt zij gespeeld en in Buenos Aires wordt “De lustige Weduwe”, in dezelfde tijdspanne, in vijf verschillende theaters opgevoerd. De weduwe was ook, onder ons gezegd en gezwegen, één van de lievelingsstukken van Adolf Hitler. Wanneer, onder invloed van de Amerikaanse musical, het succes van Lehar lichtjes begint te tanen, neemt hij de populaire tenor Richard Tauber onder de arm en hun samenwerking culmineert in het overrompelende succes van “Das land des Lächelns”.
Tussen 1925 en 1934 schrijft Lehar niet minder dan zes operettes voor zijn geliefkoosde tenor. Om controle te houden op de rechten en de inkomsten van zijn oeuvre, richt hij ook nog zijn eigen muziekmaatschappij op. Wie zei ook weer dat men veel kan bekomen…met een glimlach?
 

Weegee (19/10).

 

 

De held van de dag is Weegee.

 

 

Asher Fellig, wereldberoemd geworden als de fotograaf Weegee, wordt geboren op 12 juni 1899 in Ukraine.
Als hij tien jaar oud is verhuist zijn familie naar New York en hij zal voortaan Arthur heten. Na allerlei klusjes wordt hij assistent van een fotoreporter. Aanvankelijk blijft Weegee in de donkere kamer om de foto’s te ontwikkelen, maar na een paar jaar heeft hij genoeg van en hij trekt zelf op pad.
Tijdens zijn leerjaren heeft hij wel alle knepen van de ontwikkelingstechniek geleerd en dat zal hem goed van pas komen.
Weegee trekt de straat op, het liefst van al ’s nachts, in de onveilige straten van New York.
In zijn auto heeft hij een gesofistikeerde radiozender geïnstalleerd waarmee hij de boodschappen van de New Yorkse politie kan afluisteren. Er is geen brand, overval, schietpartij, verkrachting of zelfmoord of Weegee is er als de eerste bij, heel dikwijls voor de politie is aangekomen!
In de koffer van zijn wagen heeft hij een klein fotolabo ingericht en daar ontwikkelt hij snel zijn opnamen om ze daarna “en vitesse” naar de krantenredacties te brengen zodat bij het ochtendgloren zijn foto ‘s de Front Page van de New Yorkse kranten sieren. Weegee is snel, hij is "speed" en het kan geen toeval zijn dat de tornadosaxofonist John Zorn zich voor zijn CD “Naked City” op de foto’s van Weegee heeft geïnspireerd.
In het Fotomuseum van Antwerpen loopt een spannende tentoonstelling van Weegee, de koning van de paparazzi, en die mag u zeker niet missen.


foto: Richard Sadler

Prometheus (7/09)





De held van de dag is Prometheus.
Als Zeus te autoritair wordt, kiest Prometheus ervoor om de mensen bij te staan. En hij deinst er ook niet voor terug om de macht van de oppergod met bedrieglijke listen te bekampen.
Dat gebeurt voor het eerst wanneer Prometheus op een offerplechtigheid een grote koe zogezegd eerlijk in twee verdeelt. Het eerste deel bevat het vlees en de ingewanden en is bedekt met een onsmakelijke koeienmaag. In het andere deel zitten er alleen maar beenderen, maar die liggen verborgen onder een glanzende laag vet. Zeus mag als eerste kiezen en de afspraak is dat het andere stuk voor de mensen is. Zeus kiest voor de pot met het vet. Maar zodra hij ontdekt dat er alleen maar beenderen en vellen in zitten, is hij natuurlijk razend. De oppergod zint op wraak en hij neemt de mensen het vuur af. Maar Prometheus slaagt erin op het zonnerad enkele vuurzaadjes te stelen en die brengt hij naar de mensen. Wanneer Zeus de volgende nacht op de aarde duizenden lichtpuntjes ziet, is hij buiten zichzelf van woede. En de rebelse Prometheus wordt levenslang vastgeklonken aan een rots. En dat is niet alles: overdag pikt een reusachtige arend onophoudelijk in zijn onsterfelijke lever, die ’s nachts altijd weer aangroeit. “Nooit mag de Prometheus nog vrijkomen, als de wereld ordentelijk wil blijven functioneren”, zo luidt het vonnis van Zeus. Maar…als op een dag de sterke Herakles in de buurt van Prometheus is, kan hij die vreselijke arend met een dodelijke pijl doorboren. En wij, stervelingen, kunnen Prometheus niet dankbaar genoeg zijn, want zonder hem zouden wij nog altijd in de duisternis van de zogezegde goden leven.

Vanavond in het Klarafestival: Vladimir Jurowski en de London Philharmonic Orchestra met “The Fire of Prometheus”
 

Romy Schneider (2/05)



De heldin van de dag is Romy Schneider.

Romy Schneider wordt geboren in Wenen op 23 september 1938. Moeder en vader zijn gevierde theateracteurs en hebben weinig tijd voor hun dochtertje. Al heel snel treedt zij in het voetspoor van haar ouders en de klap op de vuurpijl komt in 1955 met “Sissi”, heel Europa is in de ban van de “Sisimania”. Na de derde “Sissi” houdt Romy het voor bekeken en zegt neen tegen het aanbod van één miljoen Duitse mark om een “Sisi IV” te draaien. Zij kiest voor de Franse film “Christine” met Alain Delon, die niet alleen in de film maar ook in haar leven een grote rol zal spelen: “Alain is de belangrijkste man in mijn leven geweest…vóór hem wist ik niets”, zal zij later verklaren. De romance komt aan een eind met een afscheidbrief van twaalf bladzijden, van Alain Delon, welteverstaan. Maar in 1968 biedt hij Romy een prachtrol aan in “La Piscine”. Romy straalt, zij is dertig jaar oud, heeft zichzelf teruggevonden en is nog nooit zo mooi geweest. Zij draait in 1970 het prachtige “Les Choses de la Vie” en wordt door het publiek en de kritiek op handen gedragen. Maar het noodlot achtervolgt Romy: haar man pleegt zelfmoord en haar zoontje sterft op een vreselijke manier. Het wordt allemaal te veel en op 29 mei 1982 sterft Romy Schneider aan een gebroken hart.
In de Kunsthalle van Bonn loopt er tot 24 juni een prachtige tentoonstelling over Romy Schneider en toen ik ze bezocht, begon mijn hart weer sneller te slaan bij het zien van mijn “oude vlam”.
 

Beatrijs (8/09)


 

De heldin van de dag is Beatrijs.
Beatrijs is de hoofdfiguur van een Middelnederlandse Marialegende. Zij is een jonge kosteres die in het klooster haar habijt aflegt voor haar jeugdliefde. De minnaars vluchten samen weg, krijgen twee kinderen en leiden een luxueus leven. Als het geld op is, gaat haar vrijer ervandoor en Beatrijs blijft alleen achter met de kinderen. Beatrijs heeft geen beroep geleerd, zij kan enkel aan de kost komen door te bedelen. Maar bedelarij is de grootste denkbare schande omdat het in het openbaar gebeurt. “Dan kun je nog beter in het geheim je lichaam verkopen”, vindt zij. Dat is ook een schande, maar niet zichtbaar en dus minder erg.
Ondanks haar zondige levenswijze blijft Beatrijs Maria trouw door elke dag tot haar te bidden. Op een dag komt zij toevallig in de buurt van haar vroegere klooster en vindt er onderdak bij een weduwe. Daar ontdekt zij dat niemand haar afwezigheid gemerkt heeft. In een visioen ziet zij dat de Heilige Maagd Maria veertien jaar lang haar plaats heeft ingenomen. Beatrijs krijgt opnieuw moed. Wanneer zij haar kinderen bij de weduwe veilig kan achterlaten, neemt zij haar taak in het klooster weer op. Bij het jaarlijks bezoek van de abt gaat zij biechten en haar zonden worden haar vergeven. Dit op voorwaarde dat de abt haar verhaal mag doorvertellen, zodat anderen ervan kunnen leren.

Wat bij deze is gebeurd.
 

Tom Waits (7/12)


 

De held van de dag is Tom Waits.

Vandaag wordt hij 52 jaar, de Amerikaanse zanger, componist, schrijver en acteur Tom Waits. De man met de lage, rauwe, grauwe, grommende, hese stem. Zijn carrière begint in 1971 wanneer hij een contract krijgt van de manager van Frank Zappa. Zijn eerste album, het melancholieke “Closing Time” heeft goede kritieken en wanneer de Amerikaanse superband “The Eagles” één van zijn nummers coveren, is Tom Waits goed vertrokken. Toch blijft hij de zanger uit het nachtclubcircuit die het liefst van al optreedt in kleine zaaltjes met een swingend jazztrio. In het midden van de jaren tachtig kiest hij voor het experiment en hij vindt een nieuwe rockmuziek uit die beïnvloed is door soulmuziek en Kurt Weill. Tom Waits is een veelzijdige kunstenaar: werkt samen met de Avant-garde muzikant Marc Ribot en met William Burroughs schrijft hij de rockopera “The Black Rider”, geïnspireerd door “Der Freischutz”.

Zijn schaarse optredens zijn iedere keer een onuitwisbare beleving: hij heeft een unieke theatrale persoonlijkheid, soms zingt hij door een megafoon, hij zet op onnavolgbare wijze zijn hoed scheef en gooit wat zaagsel in de lucht. Vorige maand bracht Tom Waits een nieuwe cd uit, de eerste in zeven jaar, een extreem meesterwerk. De cd heeft helaas geen Klara prijs mogen ontvangen, maar voor mij is “Bad as Me” de beste rockplaat van 2011.
 

Pallieter (9/09)




De held van de dag is Pallieter.
Pallieter is het hoofdpersonage uit roman van Felix Timmermans. Hij woont op zijn boerderij met zijn huishoudster Charlot, zijn paard, zijn hond, een ooievaar en nog enkele andere dieren. Pallieter is molenaar en bakt zijn eigen brood. En hij “gaat een stuk van zijn hof beheren, om er nadien schorsenelen, postelein en bloemkooltjes op te planten.” Met de kermis is er een groot feest voor de hele familie. Ook het frisse petekind van Charlot, Marieke, is uitgenodigd. Pallieter wordt verliefd op haar, verklaart zijn liefde en een paar maanden later zijn ze getrouwd. Zij gaan samen op huwelijksreis en varen met een kleine boot langs de Nete. Hun geluk kan niet op en Pallieter wordt de uitbundige vader van een drieling. Het kan niet op! Maar als Pallieter verneemt dat de Nethe gekanaliseerd wordt en er een spoorlijn zal worden aangelegd doorheen het stuk land waarvan hij zoveel houdt, besluit hij met de wijde wereld in te trekken samen met Marieke, Charlot en de drie kinderen. “Alzo vertrok Pallieter, de dagenmelker, uit het Netheland en ging de wijde, schone wereld in, lijk de vogels en de wind.”
Wat een mooi woord “dagenmelker” ! Felix Timmermans schrijft “Pallieter” na een sombere periode in zijn leven, waarin hij op sterven na dood was. Zijn “Pallieter” is de getuigenis van zijn hervonden levenslust: Luister maar: “Zijn hart sprong op, juichend schoot hij zijn broek aan en holde van de trap roepend: “het geluk, het geluk, het geluk!”
 

Baal (8/12)



De held van de dag is Baal.

Baal is het eerste toneelstuk van Bertolt Brecht dat hij schreef op achttienjarige leeftijd. Baal is een jonge dichter die zich letterlijk los rukt van de burgerlijke moraal van zijn tijd. De antiburgerlijke Baal zoekt op elk gebied de absolute vrijheid en hij sleurt de anderen mee in zijn levenslust. Het stuk gaat over honger, over goesting in de wereld, in drank en in vrouwen, maar ook over de natuur en over de schoonheid. Het is dan ook niet verwonderlijk dat zowel David Bowie als Rainer Werner Fassbinder de rol van Baal met veel gretigheid vertolkt hebben. Baal speelt zich af in de duistere wereld van hoeren, nachtbrakers en gokkers en brengt tegelijkertijd een muzikale en poëtische blik op deze onderwereld. Aanvankelijk verzet de maatschappij zich tegen het losbandige gedrag van de jonge dichter, maar uiteindelijk laat iedereen zich verleiden door de tomeloze energie en het anarchistische levensgevoel van de held. Iedereen laat zich bijna bewust mee de afgrond in sleuren omdat Baal hen de bevrijding uit de verstikkende verburgerlijking biedt. Baal trekt de toeschouwer uit zijn luie zetel, Baal is het portret van de jonge rebelse Bertolt Brecht, en is tevens het prototype van onze moderne levenshouding.

Het Kortrijkse Theater Antigone maakte een adembenemende voorstelling van “Baal” en deze is vanavond te zien in het Brusselse “Théâtre National”.
 

Figaro (3/05)



De held van de dag is Figaro.

Figaro is het hoofdpersonage uit de “Barbier van Sevilla” van Rossini. De opera begint op een plein in Sevilla waar de graaf van Almaviva een serenade brengt aan de mooie Rosina. Wanneer Figaro de graaf herkent mag deze zijn identiteit niet verraden, want de graaf wil dat Rosina hem onvoorwaardelijk liefheeft en niet voor zijn titel of zijn geld. Daarom doet hij zich voor als een arme student. Rosina woont bij haar voogd, de veel oudere dokter Bartolo en die wil absoluut met haar trouwen. De graaf vraagt hulp aan Figaro, die bekend staat als gewiekste lobbyist in amoureuze intriges. Op aanraden van Figaro doet de graaf zich voor als een dronken soldaat die onderdak komt vragen bij de dokter, maar die is bijzonder op zijn hoede en door een samenloop van omstandigheden loopt het volledig in het honderd. In een tweede scenario verschijnt de graaf vermomd als muziekleraar. Tijdens de muziekles kunnen de graaf en Rosina elkaar hun liefde verklaren en plannen smeden om te ontsnappen. De graaf en Figaro schaken Rosina en tijdens de ontvoering wordt de ware identiteit van de graaf kenbaar gemaakt, wat Rosina niet erg vindt. Haar voogd probeert nog roet in het eten te strooien, maar hij moet zich bij de situatie neerleggen en neemt deel aan de finale van de opera waarin alle personages het geluk en de eeuwige trouw van het koppel bezingen.
Vanavond kan U in rechtstreeks vanuit het Teatro Regio di Parma “de Barbier van Sevilla” meemaken in Cinema UGC te Brussel.
 

Alice Liddell (4/05)



De heldin van de dag is Alice Liddell.

Alice Liddell wordt geboren op 4 mei 1852. Haar naam zegt U misschien niets, maar zonder Alice Liddell, geen “Alice in Wonderland” van Lewis Carroll. Lewis Carroll is het pseudoniem van de wiskundige Charles Dodgson die een doodserieuze lector is aan de universiteit van Oxford. Op een mooie zomerdag, op 4 juli 1862 om juist te zijn, doet hij een uitstap met zijn collega Henry Liddell en diens drie dochtertjes. Om de meisjes te vermaken verzint Lewis Carroll een vertelsel over een klein meisje dat de gekste avonturen beleeft. Op Kerstmorgen 1862 geeft hij aan de zevenjarige Alice Liddell, die de heldin is van zijn verhaal, een manuscript van 92 bladzijden cadeau met de opdracht: “Een kerstgeschenk aan een lief kind ter herinnering aan een mooie zomerdag.”Dit manuscript is de aanzet van “De Avonturen van Alice in Wonderland en Spiegelland”. Een gedeelte van het boek speelt zich trouwens af op 4 mei, de geboortedag van Alice. Hoewel het bedoeld is als kinderboek, wijkt “Alice” sterk af van de moralistische toon van andere kinderboeken. Het boek heeft vele bodems en het draait om taal, identiteit en logica, zin en onzin en wordt bevolkt door sprekende dieren en levende speelkaarten.
“Alice in Wonderland” inspireert surrealisten en andere artiesten, Walt Disney en Tim Burton maken er een film van en ook ouwe rakkers als Bob Dylan, Tom Waits en ikzelf hebben een boon voor de blonde Alice.
 

Casanova (12/09)



De held van de dag is Giacomo Casanova.
Wij schrijven oktober 1787, Praag. Een ridder komt Wolfgang Amadeus Mozart en Lorenzo Da Ponte opzoeken, enkele weken voor de première van hun “Don Giovanni”. De onbekende is Giacomo Casanova. Hoe nauw de samenwerking tussen de drie heren geweest is, weet niemand.
In zijn leerjaren verdient Casanova de kost als violist en leeft als een amoureuze vagebond. Hij kan uit Piombi gevangenis ontsnappen, waarin de inquisitie hem op verdenking van ketterij en magie heeft doen opsluiten. Casanova vlucht naar Parijs waar hij een lucratieve functie bij de staatsloterij krijgt. Zijn galante manieren en uiterlijke schoonheid zijn de troeven voor de verovering van rijke vrouwen, die hij steevast met een lege beurs en een gebroken hart achterlaat. “De vrouwen zijn bedrogen maar hebben genoten”… is zijn besluit. Hij doorkruist Europa en biedt zijn diensten aan rijke vorsten aan. Daarbij toont Casanova zich een meester in spionage en intriges. Waar hij echter het meeste in excelleert zijn de vele amoureuze avonturen, wat hem de reputatie van onweerstaanbare verleider bezorgt: ”Pas un jour sans jeu ni amour” is zijn devies. Zijn laatste levensjaren brengt hij door op het kasteel Dux in Bohemen. Daar schrijft hij het meer dan 4.000 bladzijden tellende “Histoire de ma Vie”. Het leidmotief van deze spannende, onverbloemde biografie is: “Rien ne pourra faire que je ne me sois amusé.” “Dat ze vooral niet komen vertellen dat ik mij niet geamuseerd heb.”
 

Edgar Allan Poe (7/05)



De held van de dag is Edgar Allan Poe.

Edgar Allen Poe is de vader van het moderne misdaadverhaal, hij is een avonturier in de krochten, de kelders en die verschrikkelijke ondergrondse tunnels van de menselijke ziel. Zijn leven is even somber als zijn verhalen en zijn biografie leest als een echte “gothic”. Zijn moeder sterft kort na zijn geboorte en zijn vader laat hem achter bij een oom. Dankzij het fortuin van die oom kan Edgar aan de universiteit literatuur studeren, maar hij brengt meer tijd door in de speelholen dan in de colleges. binnen de kortste tijd heeft hij immense speelschulden. Om aan zijn schuldeisers te ontsnappen neemt Poe dienst in het leger maar moet na een paar maanden ontslag nemen wegens wangedrag, want naast de spelduivel heeft ook koning alcohol zijn intrede gedaan in het leven van Edgar Allan Poe. In 1836 trouwt hij met zijn dertienjarig nichtje Virginia. Hij komt aan de kost als literaire criticus en schrijft gedichten en korte verhalen die zich in een donker en waanzinnig universum afspelen met angst in de hoofdrol. Het succes komt in 1845 met zijn gedicht “The Raven”, maar wanneer twee jaar Later Virginia sterft, geeft Allan zich helemaal over aan alcohol en opium. Na een mislukte zelfmoordpoging wordt hij op een ochtend teruggevonden op straat, ijlend in de goot.
Bij de mooie Perpetua reeks verscheen “De moorden in de rue Morgue en andere misdaadverhalen.” En geloof mij, de betovering die Edgar Allan Poe veroorzaakt heeft een verslavend effect.
 

Geert van Bruaene (8/05)



De held van de dag is Geert van Bruaene.

Vandaag vieren wij het Feest van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en hoewel hij in Kortrijk geboren is, wil ik dit vieren met Geert van Bruaene in zijn Brussels café “Het Goublommeke van Papier”. Van Bruaene is niet alleen kunstverzamelaar, galeriehouder, surrealist en anarchist. Boven al is hij een cafébaas met als levensmotto: “Elk mens heeft recht op 24 uur vrijheid per dag”. Rond 1950 vinden wij hier de boegbeelden van het Brusselse surrealisme: René Magritte en Marcel Mariën. Later zijn de stamgasten Pierre Alechinsky en Hugo Claus, die er zijn eerste huwelijk zal vieren. Van Bruaene is een rare kerel, een van die pittoreske figuren waaraan de geschiedenis weinig aandacht besteedt. Na zijn breuk met het Vlaams Volkstoneel in 1923 richt hij de galerie “Le Cabinet Maldoror” op, naar het werk van de Franse dichter Isidore Ducasse, comte de Lautréamont. De secretaris is Michel De Ghelderode en de exposanten zijn de boegbeelden van de avant –garde: Permeke, Spilliaert, Kandinsky en Paul Klee. In 1925 opent hij samen met Paul Van Ostaijen een tweede kunsthuis “A La Vierge Poupine”. Maar zijn levenswerk is zijn “estaminet littéraire”, “Het Goublommeke van papier” met een bizar interieur vol brocante en kitsch, tekeningen en schilderijen, en relikwieën uit het Brusselse literaire verleden. En van bij de ingang bent u gewaarschuwd: iedereen is welkom, maar moet wel een pintje drinken: “Ceci n’est pas un musée, ici on consomme.”
 

Baron von Münchausen (13/09)



De held van de dag is de Baron von Münchausen.
Karl Friedrich Hieronymus Baron von Münchausen is een Duitse edelman die in het Russische leger vecht in de strijd tegen de Turken. En daarover kan hij zeer sterke verhalen vertellen. Binnen de kortste tijd is Münchausen de legendarische leugenbaron geworden, die de vijandelijke linies op een kanonskogel bereikt en zichzelf en zijn paard uit een moeras weet te redden door zich aan zijn pruikenstaartje naar omhoog te trekken. De baron van Münchausen kan doorrijden op zijn paard dat in tweeën is gehakt en keert hongerige wolven binnenste buiten zodat zij zichzelf opvreten. Münchausen snoeft niet alleen met zijn militaire successen en zijn jachttrofeeën, ook de maan en de zeebodem maakt hij onveilig.
Door de fantastische Münchausen -vertellingen wordt er in de literaire kritiek een nieuw begrip geïntroduceerd: dat van “haardreiziger”, dat wil zeggen een verteller die, terwijl hij veilig thuis zit, nimmer gemaakte reizen verzint. En sinds 1951 heeft Münchausen ook zijn intrede gedaan in de medische literatuur. Het “Münchausensyndroom” is een psychiatrisch syndroom waarbij de patiënt zich herhaaldelijk bij artsen presenteert met gefingeerde klachten of zelf toegebrachte verwondingen, om daardoor zorg en aandacht te krijgen. De echte Baron van Münchausen is echter nooit ziek geweest.
 

Peter Kropotkin (9/12)

 

De held van de dag is Peter Kropotkin.

Peter Alekseevitsj Kropotkin wordt geboren op 9 december 1842. Hij is een Russische vorst en anarchist. Kropotkin voert revolutionaire propaganda onder de arbeiders en hij vliegt in de gevangenis. Na zijn ontsnapping verblijft hij noodgedwongen in het buitenland. Hij sukkelt met zijn gezondheid, moet vrouw en kind onderhouden en zijn leven wordt een soort martelaarschap. Oscar Wilde beschrijft hem als een “prachtige witte Christus”. Kropotkin constateert, dat in tegenstelling tot de mens, er bij de dieren van dezelfde soort geen sprake is van strijd om het bestaan. Wederzijdse hulp en onderlinge solidariteit blijken essentieel voor het behoud en voor de evolutie van iedere diersoort. Ook de mens is volgens Kropotkin ertoe geneigd een genereuze houding aan te nemen en onbaatzuchtig te leven als hij de competitiegeest opgeeft voor onderlinge samenwerking. Kropotkin wil dat de arbeider een wekelijkse rustdag heeft om zich te ontspannen en door cultuur, sport en bezinning zijn geest te verruimen en zijn lichaam te sterken. “Wij willen vrijheid, dat wil zeggen dat wij voor ieder menselijk wezen het recht en de mogelijkheden opeisen om te doen wat hij wil, en niet te doen wat hij niet wil…Wij geloven dat het kapitaal aan allen ter beschikking moet staan”

Morgen vieren wij de Dag van de Rechten van de Mens, Kropotkin zou tevreden zijn.
 

Aladdin (14/09)



De held van de dag is Aladdin.
Een tovenaar vraagt Aladdin hem te helpen bij het vinden van een schat. Hij geeft Aladdin een ring die hem zal beschermen, en laat hem afzakken in een onderaarde schacht die uitkomt op een wonderbaarlijke tuin, waar de prachtigste edelstenen zo maar aan de bomen hangen. Aladdin vult zijn zakken met de diamanten en neemt ook nog een brandende lamp mee. Thuis gekomen wil zijn moeder de lamp oppoetsen. Wanneer zij met een stofdoek over de lamp wrijft, verschijnt er plotseling een geest die vraagt waarmee hij hen van dienst kan zijn. Aladdin bestelt hem om een maaltijd en direct verschijnt er een overvloedig diner. Als Aladdin ‘s anderendaags de dochter van de sultan ziet, wanneer zij zich ongesluierd naar het bad begeeft, is hij meteen verliefd op haar. Hij vraagt zijn moeder de sultan te verzoeken zijn dochter hem ten huwelijk te geven en geeft haar enkele edelstenen mee voor de sultan. De sultan is diep onder de indruk en belooft dat zijn dochter met Aladdin zal trouwen op voorwaarde dat hij hem veertig potten met edelstenen kan leveren. Aladdin laat meteen deze voorwaarde door de geest van de lamp uitvoeren en het huwelijk wordt gesloten.

Aladdin is een sprookje uit “Duizend en één Nacht”. Walt Disney maakte er een tekenfilm van en ook David Bowie liet zich niet onbetuigd. In 1973 bracht hij de LP “Aladdin Sane” uit, een woordspeling op “A lad Insane”. Men is Bowie, of men is het niet.
 

Frank Sinatra (12/12)



De held van de dag is Frank Sinatra.

Precies 96 jaar geleden werd hij geboren, de man die men “the voice” noemde. Een criticus schreef over hem: “Sinatra zingt wat de jongens willen zeggen en wat de meisjes willen horen”. In 1939 scoort hij zijn eerste hit met “I’ll never smile again”, een compositie van de pianiste Ruth Lowe, die het schreef na het overlijden van haar echtgenoot. Sinatra begrijpt dat eenzaamheid zijn handelsmerk is en aan een song van drie minuten geeft hij de dimensie van een tragedie in drie bedrijven. Voor Elvis Presley en de Beatles is Frank Sinatra het eerste tieneridool. Zijn publiek bestaat hoofdzakelijk uit jonge meisjes met een plooirok, pullover, platte schoenen en witte sokken, die hen de bijnaam “bobby soxers” oplevert. De slipjes vliegen op het podium en de stoutsten vragen een handtekening op hun beha. Het liefst van al treedt Sinatra op in chique night clubs, want daar zijn mooie vrouwen en drank. Sinatra steekt zijn whiskyverslaving niet onder stoelen of banken: in zijn villa hijst hij elke morgen de vlag met het embleem van Jack Daniel’s, zijn geprefereerde bourbon. Daarnaast is er een vlag met het logo van Alka Seltzer, voor de ochtenden dat het wat moeilijker gaat. Als Sinatra in de jaren zestig op het toppunt van zijn roem is, breekt de rock ‘n’ roll revolutie uit. Aanvankelijk gruwelt Sinatra van het langharig tuig, maar sluw als hij is, recupereert hij de Beatles, door hun mooiste songs te vertolken.
 

Hamlet (9/05)



De held van de dag is Hamlet.

De Deense kroonprins Hamlet betreurt de dood van zijn vader en het haastig gesloten huwelijk van zijn moeder Gertrude met zijn vaders broer Claudius. Hij vermoedt dat Claudius zijn vader heeft vermoord om zich meester te maken van zijn vrouw en van zijn troon. De geest van de gestorven koning verschijnt aan Hamlet en vertelt hem dat zijn vermoedens juist zijn. Hij vraagt om wraak en Hamlet zweert die te zullen voltrekken. Hij komt er echter niet toe om tot de actie over te gaan en veinst krankzinnigheid. Hamlet geeft aan een troep toneelspelers de opdracht een stuk op te voeren waarin de dood van zijn vader wordt gedramatiseerd. Uit de reactie van de koning wil hij opmaken of deze zich schuldig voelt of niet. Hamlet is een gevaar geworden voor het hof en Claudius stuurt hem naar Engeland maar hij keert in het geheim terug. Intussen heeft Ophelia, krankzinnig geworden door het verdriet over de moord op haar vader en de geveinsde krankzinnigheid van haar geliefde Hamlet, zelfmoord gepleegd. Haar broer Laertes wil haar wreken en hij daagt Hamlet uit voor een duel. Laertes en Hamlet worden door een speling van het lot allebei door de vergiftigde degens gekwetst, zijn moeder Gertrude drinkt per vergissing van de gifbeker die voor Hamlet was bestemd, en voor hij sterft steekt Hamlet nog snel Claudius dood en zijn laatste woorden zijn: “The rest is silence”.
Vanaf vanavond is Hamlet te gast op het KunstenfestivaldesArts in “Hamlet II Exit Ghost” in het Théâtre 140.
 

Oedipus (15/09)


 

De held van de dag is Oedipus.
Oedipus is de zoon van Jokaste en Laois, de koning van Thebe. Laios wordt gewaarschuwd dat zijn zoon hem zal vermoorden en brengt de baby naar een onherbergzame plek. Daar wordt Oedipus gevonden door een herder die hem aan de koning van Korinthe cadeau doet. Oedipus groeit op als zoon van het koningspaar, maar op een dag verneemt hij dat hij niet hun echte kind is. Om uitsluitsel hierover te krijgen gaat hij naar het orakel van Delphi waar hij te horen krijgt dat hij zijn vader zal doden en met zijn moeder zal trouwen. Om dit te vermijden vlucht hij uit Korinthe. Op weg naar Thebe komt hij, zonder dit te weten, zijn echte vader tegen. Hij krijgt met de man ruzie en doodt hem. In de buurt van Thebe stuit hij, op de sfinx die iedereen een raadsel opgeeft en degenen die het niet kunnen oplossen, vermoordt. Door het raadsel op te lossen heeft Oedipus de macht van de sfinx gebroken. In Thebe wordt hij als redder verwelkomd en hij trouwt met Jokaste, zijn moeder. Als Thebe door de pest geteisterd wordt, verklaart het orakel dat door de aanwezigheid van de moordenaar. Wanneer uitkomt Oedipus de moordenaar is en dat hij getrouwd is met zijn moeder, pleegt Jokaste zelfmoord en Oedipos steekt zich de ogen uit.

Oedipus is de lieveling van Sigmund Freud want voor hem is hij de uiting van de heimelijke wens van alle jongetjes die met hun mama naar bed willen.
Maar vanavond kan u in de KVS in “Oedipoes. Bêt Noir” meemaken hoe Wim Vandekeybus en Jan Decorte Oedipoes te lijf gaan.

 

Jan Cremer (16/09)


De held van de dag is Jan Cremer.
Jan Cremer is een intellectuele nozem. hij rijdt op een Harley Davidson die hij “Zilvermonster” noemt, en zijn hond heet Wodka. Aan de kunstacademie noemen ze hem “Klad Jan” omdat hij abstract schildert, in Parijs is hij “Super Blouson Noir” en in Amsterdam is hij, “Het Beest”. Als Jan een boek schrijft is de titel “Ik, Jan Cremer”. Hij valt maatschappij, religie, kunst en liefde aan. Jan Cremer is een voorbode van de vrije seks en van de wilde jaren zestig. “Ik Jan Cremer” is een boek voor en door het volk. Met als onvergetelijke ouverture: “Marquis de Sade is dood. Arthur Rimbaud is dood. En ik voel me ook niet lekker”. Sinds Jan op zijn dertiende voor het eerst met een meisje naar bed ging is hij een echte Casanova met als levensmotto: “De liefde is een tijdverdrijf, men neemt daarvoor het onderlijf”. Na een korte loopbaan als matroos gaat Jan naar het vreemdelingenlegioen. Hij strijkt de inschrijvingspremie op en vlucht naar Parijs. Daar komt zijn carrière als kunstschilder van de grond. Met het geld van zijn schilderijen trekt Jan Cremer naar het magische Ibiza. Na een feest van twee jaar keert hij terug naar Nederland waar hij berucht en beroemd is geworden. Bescheiden als hij is, besluit Jan met de woorden: “Er is maar één Jan Cremer en dat ben ik”.

Ik las Jan Cremer tijdens mijn humaniora in een Brussel jezuïetencollege en sindsdien is het nooit meer goed gekomen met mij…En ik weet nog altijd niet of het aan Jan Cremer, of aan de jezuïeten ligt.
 

Fred Astaire (10/05)



De held van de dag is Fred Astaire.

Op 10 mei 1899 wordt in Omaha, Nebraska, Frederick Austerlitz geboren, die als de dansende en zingende Fred Astaire de wereld zal veroveren. Zijn ouders zijn Duitse immigranten en wanneer vader Austerlitz zijn werk verliest, verhuist de familie naar New York. Freds oudere zus Adèle is een begenadigde danseres en zij bedenkt een dansnummer met haar broertje als “side kick”. Het duo excelleert in de variététheaters met wervelende tango’s, walsen en passo doblé’s. Onder de invloed van de legendarische Bill “Bojangles” begint Fred Astaire ook te tapdansen. Wanneer zuster Adèle trouwt, gaat Fred solo en hij doet audities bij de grote filmmaatschappijen. Het negatieve rapport van zo’n screentest is legendarisch: “Kan niet acteren, is kaal aan het worden, kan wel een beetje dansen.”En toch is deze nota de start van een fabuleuze filmcarrière. Met Ginger Rogers maakt Fred Astaire meesterwerken als “The Gay Divorcee”, “Top Hat” en “Shall we dance”. Rogers en Astaire zijn meer dan een virtuoos dansduo, het is één van die legendarische filmkoppels die met hun klasse en hun seks appeal ons iedere keer laten wegdromen en stiekem doen meedansen. Astaire is een perfectionist en hij bepaalt de regels van de filmmusical: het dansnummer wordt in één shot opgenomen, het is niet zomaar een extraatje, maar maakt een inherent deel uit van het scenario.
Of om het met zijn woorden te zeggen: “Ofwel danst de camera, ofwel dans Ik.”
 

Assepoester (13/12)

 

De heldin van de dag is Assepoester.


Na de dood van haar moeder, hertrouwt de vader van Assepoester met een vrouw die twee dochters heeft.
Natuurlijk wordt Assepoester door haar stiefmoeder slecht behandeld.
Wanneer op een dag de koning een driedaags feest geeft, gaan beide stiefzusters daar naartoe.
Haar stiefmoeder wil niet dat Assepoester meegaat. Ze gooit een schaal linzen in de as: alleen als Assepoester binnen de twee uur alle linzen eruit heeft gehaald, mag ze mee. Assepoester roept twee duiven ter hulp, die het karwei klaren.
Ze gaat naar het paleis en danst daar de hele avond met de prins. ’s Anderendaags herhaalt zich hetzelfde scenario en de derde dag draagt Assepoester nog mooiere kleren en een paar gouden schoentjes.
Wanneer zij na de laatste dans ontsnapt, verliest zij haar linker schoen. De prins verklaart geen enkel ander meisje tot vrouw te willen dan degene die dit gouden schoentje past. Het schoentje is te klein voor beide stiefzusters: de oudste snijdt een stukje van haar teen af en de andere een stuk van haar hiel, maar beiden worden ontmaskerd.
Wanneer Assepoester nu het schoentje aantrekt, blijkt dat haar voet er precies in past
De prins trouwt met haar, en het is hen verdorie geraden van lang en gelukkig te leven.


En wie “Assepoester” live wil meemaken, die kan naar het prachtige “Cendrillon” van Jules Massenet in de Brusselse Muntschouwburg
 

Koning Midas (19/09)


 

De held van de dag is Midas.

Koning Midas mag van de god Bacchus een wens doen.
“Laat alles, wat ik aanraak in goud veranderen.” Zegt de koning zonder na te denken. En zie, het twijgje dat hij van een eik afbreekt verandert meteen in goud. Zot van vreugde laat Midas door zijn dienaren een rijke maaltijd klaarmaken. Hij breekt het brood en het verandert in goud en als hij van het malse vlees wil proeven breekt hij zijn tanden op de gele goudklompen. De milde Bacchus heeft medelijden met de domme koning en maakt zijn wens ongedaan. Maar Midas begaat weer een stommiteit: tijdens een muzikaal concours oordeelt hij dat Pan beter speelt dan de goddelijke Apollo. Apollo neemt hem vast bij beide oren en trekt ze in de hoogte, er groeit ruig haar op, ze worden spits en Midas’ hoofd wordt door twee ezelsoren ontsierd. Om de schande geheim te houden draagt hij voortaan een purperen tulband. Alleen voor zijn kapper kan hij zijn ezelsoren niet verbergen. Omdat de coiffeur het geheim aan niemand kan verklappen, graaft hij een diepe put waarin hij fluistert: “Koning Midas heeft ezelsoren”. Na een tijdje groeien er rietstengels op die plek en als het waait fluisteren de rietstengels “Koning Midas heeft ezelsoren. Koning Midas heeft ezelsoren.”

Midas leeft verder in Ian Flemings “Goldfinger, the man with the Midas touch”, maar waarom Midas ook staat voor auto – onderhoud, is een geheim dat alleen de goden van de automobiel kennen.
 

Friedrich Schiller (11/05)

 

 

 De held van de dag is Friedrich Schiller


Friedrich Schiller wordt geboren in Marbach am Neckar op 10 november 1759. Hij heeft een liefdevolle moeder, een vader die niet veel thuis is en groeit op in kleinburgerlijke, comfortabele omstandigheden. Zijn kindertijd is bijna idyllisch, maar dan komt hij op het internaat onder het gezag van een tirannieke hertog te staan.
Friedrich is een kind dat vaak ziek is, te snel groeit, puisterig, stijf en onbeholpen is. In zijn schooluniform ziet hij eruit als een vogelverschrikker en hij houdt niet van het uiterlijk waar hij in zit. Na die beklemmende leerjaren studeert Friedrich Schiller rechten en geneeskunde.
Zijn ware passie is de literatuur: helemaal in de ban van de “Sturm und Drang” schrijft hij revolutionaire toneelstukken zoals “Wallenstein” en idealistische gedichten zoals “An die Freude”, dat Beethoven in zijn Negende Symfonie zal verwerken. Als hij 32 jaar oud is, wordt TBC vastgesteld, wat Schiller niet zal tegenhouden nachtenlang te werken en met een ongekende wilskracht zijn geniale oeuvre uit zijn broze lichaam te persen.
Niet voor niets is zijn lijfspreuk “Je kan omdat je moet, want met de kracht van de geestdrift kan je langer leven dan het lichaam toelaat”. Schiller is de triomf van de verlichte, heldere wil.
En vanaf morgen is hij te gast op het KunstenfestivaldesArts met “Der Kommende Aufstand nach Friedrich Schiller”, een voorstelling door het Berlijnse performancecollectief Andcompany & Co.
 

Gerard Reve (14/12)



De held van de dag is Gerard Reve.

Hij schrijft één van de mooiste gedichten over de Nederlandse Natuur maar omdat hij God een ezel noemt, wordt hem een proces voor godslastering aangedaan.
Ik citeer: “Ik was een grote beer die toch heel lief was. God was een ezel en hield veel van mij. En iedereen was erg gelukkig”. Gerard Reve wordt precies 87 jaar geleden in Amsterdam geboren en samen met Harry Mulisch en Willem Frederik Hermans wordt hij tot de grote drie van de naoorlogse Nederlandse schrijvers gerekend. Beide ouders zijn overtuigde communisten. Hij heeft een moeilijke jeugd, heeft last van psychische problemen die tot een zelfmoordpoging geleid hebben. Gerard is een wereldvreemde adolescent die in boekentaal spreekt en in razernij uitbarst tegen zijn klasgenoten die hem daarmee pesten. Hij werkt als journalist bij het “Parool”, waar hij Simon Carmiggelt ontmoet. In 1946 verschijnt zijn eerste roman “De Avonden” met als ondertitel “Een Winterverhaal”, waarin Reve tien dagen beschrijft uit het leven van kantoorklerk Frits Egters. “De Avonden” is een meesterwerk en is als manuscript bekroond met de prestigieuze Reina Prinsen Gerligsprijs. Reve is ook een formidabele performer en hij komt er recht voor uit dat hij katholiek, alcoholist en homoseksueel was, niet noodzakelijk in die volgorde.

“Goedkope wijn, masturbatie, bioscoop” schrijft Céline. “De wijn is op en bioscopen zijn hier niet. Het bestaan wordt wel eenzijdig.”
 

Victor Horta (14/05)



De held van de dag is Victor Horta.

“U moest eens weten hoe graag ik zou willen vertrekken uit dit ondankbare land, op zoek naar een minder bekrompen omgeving waar de artistieke vervoering beter wordt begrepen. Mijn land lijkt me zo klein, en de mensen vaak nog kleiner. Soms heb ik het gevoel dat ik hier stik en dat de lucht vol treurnis hangt”, schrijft Victor Horta op 25 mei 1902.
De biografie van Horta is het leven van een man die zijn hele bestaan aan zijn werk wijdde. Horta was niet erg gelukkig in zijn privéleven: hij overleefde zijn twee dochters, zijn poging om het kunstonderwijs te hervormen, mislukte, hij was zeker van zijn talent maar ontgoocheld over zijn verwezenlijkingen. Hij werd bekritiseerd en uitgelachen en werd diep getroffen door de verminking van zijn ontwerpen en door de sloop van enkele prachtige gebouwen. Maar hij gaf nooit op en zette zich telkens weer voor zijn tekentafel in de hoop erkenning te krijgen en pas na de Eerste Wereldoorlog werd hem gevraagd om stations, musea en officiële gebouwen te ontwerpen. En ze staan er nog altijd het Brusselse Centraal Station en het Paleis voor Schone Kunsten. Een ander meesterwerk, het Volkshuis, werd – ondanks een wereldwijd protest - in 1965 door gewetenloze bouwpromotoren tot de laatste steen afgebroken.
Bij het Mercatorfonds verscheen Victor Horta, leven en werken, door Michèle Goslar, een duur en duurzaam boekwerk, in één woord: een mooi monument voor een geniale architect.
 

Klein Duimpje (20/09)



De held van de dag is Klein Duimpje.
Klein Duimpje is de jongste van de zeven zonen van een arm houthakkersgezin. Wanneer de hongersnood uitbreekt, willen zijn ouders hen achterlaten in het bos. Klein Duimpje stopt kiezelsteentjes in zijn zak en strooit die op de grond. Diep in het bos laten de ouders hun kinderen achter, maar Klein Duimpje vindt door de steentjes de weg terug. Als het geld weer eens op is, brengen de ouders hun kinderen nog verder in het bos. Deze keer gebruikte Klein Duimpje broodkruimels, maar de vogels hebben ze allemaal opgegeten. Nu komen zij aan bij het huis waarin de reus met zijn vrouw en zijn zeven dochters woont. Zodra hij thuis komt ruikt hij mensenvlees en hij ontdekt de zeven broertjes. Zijn vrouw krijgt hem zover dat hij de kinderen niet meteen afslacht en ze worden in de slaapkamer van de zeven dochters in een apart bed gestopt. De meisjes dragen allemaal een gouden kroontje, de zeven broertjes een mutsje. ’s Nachts verwisselt Klein Duimpje de mutsjes met de gouden kroontjes. Midden in de nacht komt de reus de slaapkamer binnen, gaat op de mutsjes af en slacht zijn eigen dochters. Klein Duimpje en zijn broers maken dat ze wegkomen maar de reus snelt hen met zijn zevenmijlslaarzen achterna. Maar hij valt in slaap en Klein Duimpje trekt hem de zevenmijlslaarzen uit, gaat naar het huis van de vrouw en zeg haar dat dieven de reus vasthouden en hem alleen loslaten als zij al zijn goud afgeeft. De vrouw geeft hem alles en Duimpje keert rijk beladen naar het huis van zijn ouders terug.

 De bedenking bij dit alles is of het wel verantwoord is om zo’n immorele, wrede verhalen aan onze kinderen te vertellen…
 

Claudio Monteverdi (15/05)




De held van de dag is Claudio Monteverdi.

Claudio Monteverdi wordt geboren als de oudste zoon van een apotheker op 15 mei 1567. Hij is muzikaal vroegrijp en tussen zijn vijftiende en zijn drieëntwintigste publiceert hij niet minder dan vijf boeken met composities, waaronder als laatste, twee boeken met vijfstemmige madrigalen. Op de titelpagina noemt hij zich een leerling van de kapelmeester van de kathedraal van Cremona, een stad die in renaissance vooral gekend is voor de virtuoze vioolbouwers als Stradivarius en Guarneri . Als hij 23 is, krijgt Monteverdi zijn eerste baan als “vedelaar” aan het hof van de hertog van Mantua. De dirigent is de Belg Giaches de Wert die hem ook de nieuwe compositietechnieken leert. Aanvankelijk roepen de composities van Monteverdi weerstand op omdat hij breekt met de regels van de polyfonie, de dichterlijke tekst een belangrijke rol geeft en zich zo concentreert op de vocale muziek, op een moment dat het vooral de instrumentale muziek is die de toon aangeeft. In 1607 componeert hij zijn eerste opera “L’Orfeo” ter opluistering van het jaarlijkse carnaval van Mantua en het is een echte triomf. Drie jaar later schrijft hij de Vespro della Beata Virgine, die hij, om in de gunst van paus Paulus V te komen, aan hem opdraagt. Op 19 augustus 1613 wordt Monteverdi met algemene stemmen gekozen als maestro di cappella aan de San Marco in Venetië en schrijft er zijn geniale, wondermooie composities, die het leven de moeite waard maken.
 

Melvin van Peebles (15/12)

    


De held van de dag is Melvin van Peebles.

Melvin Van Peebles is een zwarte Amerikaanse regisseur. Hij is bekend voor “Sweet Sweetback’s Baadassss Song”, een film die een nieuw tijdperk voor de Afrikaans – Amerikaanse film aankondigt. Na zijn diensttijd bij de Luchtmacht komt hij aan de kost als taxichauffeur en hij schrijft verhalen over zijn avonturen. Eén van zijn klanten suggereert hem dat hij die zou moeten verfilmen en Melvin draait zijn eerste kortfilm. Hij heeft de smaak van de cinema te pakken en gaat werk zoeken in Hollywood maar niemand wil hem als regisseur. Hij verhuist naar Amsterdam waar hij voor het theater werkt en hij wordt uitgenodigd om zijn kortfilms in de Parijse Cinémathèque te tonen. Nadat hij in Parijs zijn eerste langspeelfilm draait, wordt hij in 1970 uitgenodigd om in Hollywood te werken. Zijn film “Watermelon Man” is het verhaal van een onverdraagzame, blanke verzekeringsmakelaar die op een goede morgen als zwarte wakker wordt. De film die tijdens de rassenrellen van 1970 uitkomt, is binnen de kortste tijd een cultfilm. Met de winst draait Peebles zijn “blaxploitation” productie “Sweet Sweetback’s Baadassss Song”. Het is een controversiële en brutale prent over een zwarte Amerikaan die opgroeit in een bordeel. Op de vlucht voor racistische politieagenten, wordt hij opgevangen door een bende Hell’s Angels.
 

Richard Tauber (16/05)



De held van de dag is Richard Tauber.

Richard Tauber, de koning van het Belcanto wordt geboren in Linz op 16 mei 1891. Zijn moeder is danseres in de variététheaters, zijn vader is toneelspeler. Zijn ouders zijn niet met elkaar getrouwd, en als hij 12 jaar oud is, trekt Richard in bij zijn vader in Wiesbaden en studeert piano, zang en compositie. Als hij 22 jaar oud is staat Richard Tauber voor het eerst op de planken in de rol van Tamino in de “Toverfluit” van Mozart. Hij wordt de favoriete vertolker van Franz Lehar met “Dein ist mein ganzes Herz” uit “Het Land van de Glimlach” als absolute topper. Dat Richard Tauber de opera voor de operette ruilt, heeft vooral met de financiële kant te maken: in de opera van Dresden verdient hij 12.000 mark per jaar, voor de première van Lehars “Paganini” krijgt hij 5.000 mark voor één voorstelling. En Tauber kan dit geld best gebruiken want zijn scheiding met Carlotta Vanconti kost hem een alimentatie van één miljoen marken. In 1940 wordt hij Brits staatsburger en hij treedt regelmatig op voor de Britse troepen. Zijn elegante verschijning levert hem de bijnaam op “De man met de monocle”. Richard Tauber maakt talloze platenopnames, treedt op in de eerste geluidsfilms, scoort de ene hit na da andere en verdient veel, heel veel geld. En toch, als hij in 1948 aan longkanker sterft, laat hij een belastingsschuld van 700.000 mark achter. Tauber leefde immers met de schwung van de operette en hield daarbij van mooie, dure vrouwen.
 

Curzio Malaparte (23/10)



Curzio Malaparte wordt geboren in Toscane op 9 juni 1898. Eigenlijk heet hij Kurt Erich Suckert , maar hij verandert zijn naam in Malaparte, het kwade deel. “Napoleon heette Bonaparte en is raar aan zijn einde gekomen; ik heet Malaparte en zal gelukkig sterven“, is zijn statement. Zijn vader is Duits, komt naar Italië om er een textielfabriek op te zetten en trouwt met een mooie Toscaanse. Zijn Duitse en Italiaanse roots zullen altijd een belangrijke rol in het leven en werk van Malaparte spelen. Hij is schrijver en oorlogscorrespondent voor “La Stampa” en hij signeert virulente artikels tegen Hitler en Mussolini. Na de Tweede Wereldoorlog bouwt hij zijn eigen villa in de buurt van het eiland Capri, en noemt ze de “Casa Malaparte”. Filmkenners kennen het als het decor van “Le Mépris”, de wondermooie film van Jean – Luc Godard met Brigitte Bardot en Michel Piccoli in de hoofdrollen. Malaparte is vooral gekend als de auteur van de oorlogsroman “Kaputt”, een vreselijk wreed en vrolijk boek over de oorlogsgruwel. Bij de dappere uitgeverij “IJzer” verscheen nu voor het eerst in het Nederlands zijn fascinerende bundel kortverhalen met de titel “Bloed”. Laat u vooral niet afschrikken door de titel, het zijn prachtige vertellingen, en ik citeer: “Ik verafschuw bloed…En mogen sommige van deze pagina’s wreed lijken, dan heb ik ze gebruikt hoe men door de pijnlijkste ervaringen een ultiem moment van zichzelf kan bereiken.”
 

Mahagonny (21/09)




De heldin van de dag is Mahagonny.

Mahagonny is de mythische stad van het verderf uit de opera van Kurt Weill en Bertolt Brecht “Aufstieg und Fall der Stad Mahagonny”: de opgang en de ondergang van de genotstad, een beetje een mix van Miami en Sodoma en Gomorra.

Drie misdadigers, Fatty, Begbick en Mozes, zijn op de vlucht voor het gerecht en duiken onder in Mahagonny, de stad van het plezier en van het verderf.
Vanuit Mahagonny is het voor hen gemakkelijk de schepen te beroven die, beladen met goud, vanuit de goudmijnen van Alaska terugkeren. Zij zijn de haaien die de kleine mens zullen uitbuiten door hem alcohol en prostituees aan te bieden. Binnen de kortste tijd is Mahagonny een Walpurgisnacht van onrechtvaardigheid, wreedheid en brutaliteit.
“Mahagonny” is de metafoor van de kapitalistische wereld zoals Brecht die zag in de jaren van de opkomst van het nazisme: geld beheerst de wereld en deelt de maatschappij op in uitbuiters en uitgebuiten. De opera gaat in première in juni 1930. elke dag komen er duizenden nieuwe werklozen bij. Benden nazistische bruinhemden marcheren door de straten en roepen beledigingen tegen de joden en de cultuurbolsjewisten. De première is een echt schandaal: boegeroep, gefluit en bange toeschouwers vluchtten weg wanneer het tot een handgemeen komt. De kritiek is navenant. Het “Neue Zeitschrift für Musik” schreef: “Hallo fraaie heren Brecht en Weill, jullie dagen zouden wel eens evenzeer geteld kunnen zijn als die van jullie uitschot genaamd Mahagonny.

En vanavond gaat in de Vlaamse Opera in Gent “Aufstieg un Fall der Stadt Mahagonny” van Bertolt Brecht en Kurt Weill in première. En in het  programmaboekje staat: “Deze productie bevat scènes met extreem geweld en expliciete seks.” Als dat geen aanrader is!
 

Noël Coward (16/12)




De held van de dag is Noël Coward.

Precies 112 jaar geleden werd hij geboren: de Britse toneelschrijver, acteur, regisseur en componist Noël Coward. Zijn flamboyante verschijning, steevast met een sigaret in de linker hand, wordt door Time Magazine omschreven als “onbeschofte chic en onverstoorbare pose”. Als kind volgt hij dansles en op zijn elfde staat hij voor het eerst op een podium. Als teenager wordt hij de protegé en de minnaar van een mondaine schilder die hem introduceert in de “high society”. Deze beau monde wordt het decor van zijn latere toneelstukken. In 1924 creëert “The Vortex”: een blijspel over een nymfomane lady uit de beau monde en haar zoon die aan cocaïne verslaafd is. Het stuk is een echt schandaal want het is een vreselijke karikatuur van de “upper class”. Coward is zeer creatief: hij schrijft meer dan vijftig toneelstukken, bij de honderd liedjes en in 1925 lopen in Londen niet minder dan vier toneelstukken van hem. Tijdens de Tweede Wereldoorlog gaat hij in dienst van de Britse Geheime Dienst en hij gaat ook optreden voor de soldaten. Want Noël Coward is in de eerste plaats een perfecte entertainer, met mix van liedjes en geraffineerde uitspraken als: “Verwaandheid is gewoon de buitenkant van minderwaardigheid”. Wanneer hem in 1962 gevraagd wordt om de titelrol te spelen in de eerste James Bond film “Dr. No”, is zijn antwoord: “No,no, no, a thousand times,no”.
 

Charles Trenet (18/05)

De held van de dag is:

 

Charles –Louis - Augustin - Georges Trenet wordt geboren in Narbonne op 18 mei 1913.
Op 24 oktober 1930, komt hij aan in Parijs en in een jazzclub ontmoet hij de pianist Johnny Hess. Zij vormen een swingend duo met een heel bijzondere look: witte pantalon, rode vest en blauwe suède schoenen!
Na een tijdje gaat Charles solo en met zijn komische expressie en zijn vilten hoedje krijgt hij de bijnaam “Le Fou Chantant”.
Hij is beïnvloed door de muziekstijlen van Kurt Weill en Fats Waller, die hij mixt met zijn Zuiderse zorgeloosheid en een zachte weemoed. Trenet is de acrobaat van de melancholie, en bekijkt het leven altijd van de goede kant.
“Zonder Trenet zouden we allemaal boek houders zijn”, zegt Jacques Brel.
Als hij 20 is, legt hij zijn examen af bij de SACEM. Hij is de jongste kandidaat ooit. Niemand van de examinatoren kon toen vermoeden dat de jonge snaak op een dag met “La Mer” evenveel auteursrechten zou verdienen als Maurice Ravel met zijn Bolero.
Hij ontvangt de Légion d’Honneur uit de handen van François Mitterrand en Jack Lang benoemt hem tot Commandant des Arts et des Lettres.
Maar de mooiste eer krijgt hij wanneer het rapperscollectief “Carte de Séjour” “Douce France” opneemt. De boodschap is duidelijk: het “Douce France” van 1986 is gebetonneerd en gepollueerd en Frankrijk wordt bedreigd door extremistische partijen.
In totaal zou Charles Trenet 1.000 liedjes geschreven hebben, niet slecht voor een zingende zot.

 

Faust (22/09)


 

De held van de dag is dokter Faust.

Dokter Faust is het archetype van de zoekende mens wiens dorst naar kennis nooit gelest kan worden. Daarom zal Faust tot het uiterste gaan en zijn ziel verkopen aan de duivel, op voorwaarde dat die hem zeven jaar trouw zal dienen. Faust kan aan de duivel de onmogelijkste zaken vragen zoals: bouw een brug over de rivier en breek hem af zodra ik erover heen ben, zorg voor doperwtjes in de winter en druiven in maart. De duivel biedt zich aan als knecht in deze wereld, maar eist een zelfde dienstbaarheid van Faust in een volgende leven, tenzij hij één keer voldaan zou zijn en op dat moment zal zeggen “Verweile doch, du bist so schön…blijf nog een beetje, je bent zo mooi”. Mefisto sleept hem van hot naar der. Hij begint dicht bij huis, bij de platte geneugten van drank en mannenvriendschap in de kroeg, gevolgd door de liefde met Gretchen. En nadat hij Faust tijdens Walpurgisnacht op de jaarlijkse heksensabbat heeft geïntroduceerd, leidt hij hem rond in de wereld van glitter en glamour.
Maar noch aan het hof van de keizer, noch in het antieke Griekenland prijst Faust zichzelf gelukkig. Nooit krijgt hij dat supreme “Verweile doch, du bist so schön” over de lippen. Stilaan raakt Faust verstrikt in de netten van Mefistofeles en zijn verdoemenis is nabij. Gelukkig kan de hemelse liefde van Gretchen hem net op tijd van de fatale hellegang redden.

Wie “Faust” zegt, denkt natuurlijk aan Goethe, maar vanavond gaat in de Parijse Opéra Bastille de “Faust” van Gounod in première in een regie van Jean – Louis Martinoty. Dirigent is Alain Lombard en Faust wordt gezongen door Roberto Alagna.
 

Niccolo Paganini (21/05)


Eugène Delacroix - 1831

De held van de dag is Niccolo Paganini.

Met wie kunnen wij deze finale week van de Koningin Elisabeth Wedstrijd voor Viool beter beginnen dan met de geniale, demonische Paganini? Hij wordt geboren in Genua op 27 oktober 1782. Als Niccolo zeven jaar is leert hij viool spelen en door zijn immens talent en door het onverdroten oefenen, overtreft hij al heel snel zijn leermeesters. Hij is autodidact en vindt nieuwe technieken uit die hij strikt geheim houdt. Als hij vijftien jaar oud is, begint hij aan een concerttournee langs meer dan veertig steden en oogst de ene triomf na de andere. Na een optreden schrijft Goethe: “Sommige mensen staan werkelijk buiten alle normen en bij Paganini neemt dat extreme proporties aan.” Velen geloven dat Paganini een “duivelsviolist” is… er wordt zelfs verteld dat hij ’s nachts op het kerkhof viool gaat spelen. Hijzelf laat niets aan de verbeelding over en voor elke concert laat hij zijn gezicht lijkwit schminken. Op het schilderij dat Eugène Delacroix van hem maakte, zien wij een graatmagere man, met een wit gezicht, lang haar en heel lange, tengere vingers. Paganini verdient veel geld, leeft excessief, is een rockster “avant la lettre”. Hij is zo verslaafd aan de spelduivel dat hij in Parijs zelf een casino begint, maar verliest het, inclusief zijn hele kapitaal omdat hij in zijn eigen casino al zijn bezittingen in één nacht had vergokt.
En vanaf vanavond kunt u wedden wie de winnaar zal zijn van de Koningin Elisabeth Wedstrijd.
 

Suske en Wiske (19/12)

 

De helden van de dag zijn Suske en Wiske.

Op 19 december 1945, dag voor dag 66 jaar geleden, verschijnt voor het eerst in de krant de strip “Suske en Wiske” van Willy Vandersteen. Suske is een verre nazaat van Sus Antigoon die eigenlijk François heet. Oorspronkelijk woont Suske op het eiland Amoras, maar tante Sidonia adopteert hem. In het allereerste verhaal “Op het eiland Amoras”, is Suske een schaars geklede woesteling, die volledig uit zijn vel springt wanneer iemand “Seefhoek vooruit” roept. Wiske wordt door haar tante Sidonia opgevoed. Wie haar ouders zijn of wat daarmee is gebeurd, is tot op heden onbekend. In tegenstelling tot wat veel mensen denken, zijn Suske en Wiske geen broer en zus, dit verklaart waarom Wiske vaak jaloers is als Suske aandacht krijgt van andere meisjes. Verder is er ook nog de zelfgenoegzame Lambik, het prototype van de reactionaire bourgeois. Sidonia is heimelijk verliefd op hem en komt daar soms openlijk voor uit. En er zijn ook nog prachtrollen voor de sympathieke krachtpatser Jerom en voor de verstrooide professor Barabas.

Als kind waren de boeken van “Suske en Wiske” mijn introductie in de wereld van de cultuur. Met “De Dulle Griet” ontdekte ik Pieter Brueghel, met “De koning drinkt” was het Jacob Jordaens, “De Ringelingeschat” was mijn ouverture op “Der Ring des Niebelungen” en van “De Dolle Musketiers” naar “Les Trois Mousquetaires” was het maar een stap.
 

Conan Doyle (22/05)



De held van de dag is Conan Doyle.

Conan Doyle, de geestelijke vader van Sherlock Holmes, wordt geboren op 22 mei 1859 in een welgesteld Iers – katholieke familie. Als hij 10 jaar oud is, wordt hij door zijn ouders naar een jezuïetenschool gestuurd en als hij die zeven jaar later verlaat, is hij overtuigd atheïst geworden. Van 1876 tot 1881 studeert hij geneeskunde en na zijn studies begint hij een carrière als scheepsarts. Tijdens de lange zeereizen schrijft hij verhalen en in 1887 verschijnt: “A Study in Scarlet”, waarin Sherlock Holmes voor het eerst voorkomt. De verhalen rond Sherlock Holmes en dokter Watson op Baker Street 221 B zijn razend populair. Holmes is een rationele denker, die de misdaad oplost door deductie en zijn concentratie intensifieert met een snuifje cocaïne en om te ontspannen speelt hij een stukje viool. Het succes is zo groot dat Conan Doyle helemaal in beslag genomen wordt door het schrijven van zijn Sherlock Holmes stories en met lede ogen moet aanzien dat hij amper nog de tijd heeft voor zijn echte roeping: de dokterspraktijk. “Ik denk erover Holmes te doden…zodat hij voor eens en altijd uit mijn leven verdwenen is. Hij leidt mij af van betere dingen.” Schrijft hij aan zijn moeder. In december 1893 gebeurt dit ook, in “The Final Problem”, waarin Holmes en zijn aartsvijand Moriarty gezamenlijk in een afgrond vallen en omkomen. Maar de fans nemen dat niet en in een volgend verhaal is Sherlock Holmes weer springlevend…en dat is hij nog altijd.
 

Antoine Doinel (23/09)



De held van de dag is Antoine Doinel.
Antoine Doinel is het hoofdpersonage uit “Les 400 Coups”, de eerste film van François Truffaut. “Les Quatre Cents Coups” betekent niet, zoals mijn zoontje ooit dacht “de vier zonder nek”, maar wel “kwajongensstreken”, “kattenkwaad uithalen.”
We maken kennis met de dertienjarige Antoine, die wegloopt van thuis als reactie op het onbegrip en de verwaarlozing vanwege zijn ouders. Zijn vader houdt zich bezig met het organiseren van autoralleys en zijn moeder moet elke avond overuren doen in de armen van haar bureauchef. Antoine begaat enkele kleine misdrijven en komt terecht in een tuchtschool, waaruit hij gelukkig kan ontsnappen en de film eindigt met een subliem laatste shot van Antoine die eindelijk de zee bereikt heeft. Hij kijkt recht in de camera, en zonder dat hij spreekt, zeggen zijn ogen: “Nu ben ik vrije mens”.
Antoine Doinel heeft een idolate bewondering voor Honoré de Balzac. Op zijn kamertje heeft hij een soort altaar gemaakt met een foto van de schrijver, waar hij elke avond een kaars voor brandt. En als hij een opstel moet schrijven citeert hij uit het hoofd een bladzijde van Balzac. Wanneer zijn leraar hem van plagiaat beschuldigt, keert Antoine Doinel niet meer terug naar school.

“Les 400 coups”, de eerste film van de “Nouvelle Vague” wint in 1959 op het Filmfestival van Cannes de prijs van de “mise en scène” en vanavond is deze prachtige film te zien in de Cinematek in Brussel.
 

Pierrot le Fou (23/05)



De held van de dag is Pierrot le Fou.

“Pierrot le Fou” is een film uit 1965 van Jean – Luc Godard met Jean – Paul Belmondo en Anna Karina. “Pierrot le Fou” is ook een verwijzing naar de bijnaam van een beruchte Franse gangster eind jaren veertig en voormalig lid van de Gestapo. Het is het verhaal van een zekere François Griffon die zijn vrouw beu is en er vandoor gaat met de babysitter Marianne, die in feite zijn eerste geliefde is. Marianne is echter in louche affaires verwikkeld, zij heeft iemand vermoord en het koppel vlucht naar het Zuiden. Zij beleven bizarre avonturen, stelen wagens en vinden een valies vol geld die ze per ongeluk in brand steken. Uiteindelijk installeren zij zich op een verlaten eiland waar zij leven en van elkaar houden als echte Robinsons. Om aan geld te komen voeren zij voor de toeristen een pantomime op over de oorlog in Vietnam. Pierrot schrijft de hele dag aan zijn roman, Marianne verveelt zich. Zij wil gaan dansen en kleren kopen en uiteindelijk knoopt zij weer aan met haar vroegere bende, wat zij met de dood zal bekopen. Pierrot kan niet leven zonder zijn Marianne, hij koopt dynamietstaven, wikkelt die om zijn hoofd en blaast zichzelf, als een kamikaze van de liefde, de lucht in.
“Pierrot le Fou” is een prachtige film over “l’amour fou”, en ook een brandend pamflet tegen de consumptiemaatschappij, tegen het bewind van le Général de Gaulle en vooral een kleurrijke prelude op de revolutie van mei 1968. En vandaag te zien in de Cinematek te Brussel.
 

Maigret (26/09)


De held van de dag is Maigret.
Hij is de beroemdste politiecommissaris ter wereld, Jules Maigret. Zijn geestelijke vader Georges Simenon beschrijft hem als volgt: “Maigret heeft geen snor en draagt geen zware schoenen. Zijn kostuum in fijne wol is goed van snit. Hij is een man die zich elke ochtend scheert, en zijn handen zijn zeer verzorgd. Hij is heel struis”.
Maigret draagt een hoed, rookt de pijp en drinkt graag en veel, alles, behalve champagne. Hij houdt van lekker eten, van gewone “brasserie” gerechten zoals andouillettes met frietjes. Mevrouw Maigret bereidt met veel liefde de “plat préféré” van haar echtgenoot, die zij gewoon “Maigret” noemt. Eigenlijk is Maigret een anti held, hij is het tegenovergestelde van James Bond: geen gadgets, geen achtervolgingen, geen glamourgirls. Maigret is een gewone ambtenaar die graag zijn werk doet en daarvoor houd ik zo van hem. Maigret heeft empathie voor de criminelen en daarom gaat hij op zoek naar de diagnose van de misdaad. “Jamais juger, toujours comprendre” is zijn lijfspreuk. Een keer heeft hij zoveel sympathie voor de misdadiger dat hij hem gewoon laat lopen.

Georges Simenon zegt dat Maigret zijn alter ego is. Gedurende vijftig jaar lang schrijft Simenon in totaal 75 “Maigrets”. Hij is zo doordrongen van zijn personage dat hij in één week, maximum tien dagen een nieuwe “Maigret” schrijft. En wie dat allemaal wil zien, die kan naar de tentoonstelling “Georges Simenon, parcours van een Belgische schrijver” in het nieuwe Museum der Letteren en Manuscripten te Brussel.
 

Darius Milhaud (24/05)



De held van de dag is Darius Milhaud

Darius Milhaud wordt geboren in Aix en Provence op 4 september 1892. Vanaf zijn zevende jaar speelt hij viool en als hij twintig is, studeert hij compositie aan het Conservatoire National de Musique de Paris. In 1912 ontstaat er een hechte vriendschap met de dichter Paul Claudel en bij het uitbreken van de eerste Wereldoorlog neemt deze hem mee als attaché aan de Franse ambassade in Rio de Janeiro. Daar geraakt Darius Milhaud in de ban van de Braziliaanse muziek en hij verwerkt haar in zijn composities. Terug in Parijs in 1919 komt hij in contact met Jean Cocteau en Erik Satie en een jaar later richt hij samen met Arthur Honneger de “Groupe des Six” op. Darius Milhaud is gebeten door exotisme, door ongekende ritmes en melodieën, en in 1923 reist hij naar New York om er die nieuwe, revolutionaire muziek te leren kennen, de jazz. In 1923 gaat in Parijs zijn ballet. “La Création du Monde” in première. Een indrukwekkende cast schaart zich achter deze “negrokubistische” fantasie. Fernand Léger ontwerpt het decor en de kostuums, Blaise Cendrars schrijft het scenario en Darius Milhaud etaleert er zijn recente kennismaking met de jazz uit Harlem. En toch kan al dat schoon volk het niet het verhelpen dat de première uitdraait op het zoveelste “succès de scandale”, waar Parijs zo dol op is. Schandaal of niet, vanaf vanavond is er een heropvoering van dit legendarische spektakel te zien op het KunstenfestivaldesArts.
 

Ulrich, de man zonder eigenschappen (25/05)



De held van de dag is Ulrich, de man zonder eigenschappen.

“Boven de Atlantische Oceaan bevond zich een barometisch minimum; het trok oostwaarts, in de richting van een boven Rusland gelegen maximum, en vertoonde nog niet de neiging hiervoor naar het noorden uit te wijken”. Dit is de eerste zin uit het me dan duizend bladzijden tellende meesterwerk “De Man zonder Eigenschappen” van Robert Musil. Een meesterwerk, en ik kan het weten want ik ben er al tien keer in begonnen. Op een mooie augustusdag in 1913 neemt Ulrich, de man zonder eigenschappen, het ferme besluit een man met eigenschappen te worden – vooral als hij in de krant heeft gelezen dat zelfs een renpaard “geniaal” kan zijn. Met fijnzinnige ironie omringt Musil zijn hoofdpersoon Ulrich met een keur aan curieuze personages: de mooie Diotima, de met Nietzsche dwepende Clarisse, de denk- en geldmagnaat Arnheim, de vrouwenmoordenaar Moosbrugger, zijn zus Agatha, met wie Ulrich een relatie aangaat. Robert Musil geeft een satirische kijk op het Oostenrijks – Hongaarse rijk, Kakanië genoemd, aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog, een tijdperk van politieke en sociale ontwikkelingen die sterk doen denken aan het Europa van vandaag.
Volgend weekend is “De man zonder eigenschappen” te gast op het KunstenfestivaldesArts door het Antwerpse Toneelhuis in een regie van Guy Cassiers. En om mijn leesverzuim goed te maken wil ik, deze theatermarathon zeker niet missen.
 

Robert Capa (30/10)

Foto: LIFE, PHOTO BLACK & WHITE, PHOTOGRAPHERS
 

De held van de dag is Robert Capa.
 

Robert Capa wordt geboren in Budapest in een Joods gezin op 22 oktober 1913. Als jongeman sympathiseert hij met de linkse bewegingen en op de vlucht voor de “witte terreur”, trekt hij naar Berlijn.
Daar vindt hij werk bij een persagentschap en leert snel hoe hij met de kleine en superscherpe Leica moet omgaan. Zijn eerste opdracht is de toespraak van Trotski in de Berlijnse sporthal. Hij geraakt zo dicht bij de politicus dat hij een aangrijpende close up kan maken die de cover haalt van het populaire “Der Welt Spiegel”.
Voortaan is zijn lijfspreuk: “Wanneer je foto niet goed genoeg is, is het omdat je niet dicht genoeg bij je onderwerp staat.”.
Wanneer op 27 februari 1933 de Reichstag afbrandt, vlucht Robert Capa naar Parijs. En vandaar is het richting Madrid om de Spaanse Burgeroorlog te verslaan.
Hij maakt de prachtige, doch omstreden icoonfoto van de republikeinse soldaat die, getroffen door een kogel  neerstort. Die foto maakt Robert Capa wereldberoemd en voor de ontscheping in Normandië is hij de enige fotograaf die geaccrediteerd is.
Capa heeft de “kick” van de oorlog voorgoed te pakken, maar tijdens de oorlog van Indochina stapt hij op een mijn, wordt dodelijk gewond en sterft, zijn Leica in de linkerhand geklemd!
Zijn vriend Henri Cartier Bresson omschrijft hem als volgt: “Robert Capa heeft de klasse van een grote torero, maar hij doodt niet.”

Wordt vervolgd in in de Sint –Pietersabdij in Gent met de expo “Retrospectieve Robert Capa.”.
 

Roland de Lattre (27/09)


 

De held van de dag is Roland de Lattre.
Roland de Lattre is in Vlaanderen en omstreken wereldberoemd als Orlandus Lassus. Hij werd geboren in Mons, die zich voor 2015 kandidaat stelt als Culturele Hoofdstad van Europa, en is de beroemdste Franstalige componist uit de tweede helft van de zestiende eeuw. Volgens zijn biograaf, die bibliothecaris aan het hof van München was, zou de jonge Roland uit het internaat van Bergen ontvoerd zijn door een kapitein van Karel V. Dit gebeurde in 1544, Roland was nog maar dertien jaar oud, maar zijn prachtige stem genoot al een ruime bekendheid. De reis gaat naar Milaan waar hij in de kapel wordt ondergebracht en voortaan heet hij niet meer Roland maar Orlando. De vijf jaar die hij als zanger in dienst van de prinselijke kapel doorbracht, waren voor Orlando zowel leerjaren als jaren om zich te perfectioneren in de compositietechnieken. In 1549 trekt hij naar Napels, waar hij kennis maakt met de commedia dell’arte. Na een jaar verlaat hij Napels om naar Rome te gaan waar hij de prestigieuze functie van Kapelmeester van Sint-Johannes-van-Latranen zal vervullen. Na twee jaar Rome krijgt Orlando bericht dat zijn ouders zwaar ziek zijn en hij keert terug naar Mons, het stadje waar alles begonnen is.

Bij het platenlabel “Musique en Waloonie” verscheen het eerste deel van de muzikale biografie van Roland de Lassus: “Les années de jeunesse” en vandaag is het ook het feest van de Waalse gemeenschap.
 

Laurie Anderson (29/05)



De held van de dag is Laurie Anderson.

De Amerikaanse kunstenares Laurie Anderson wordt geboren op 5 juni 1947. Zij studeert kunstgeschiedenis en beeldhouwkunst en in de jaren 70 maakt zij haar eerste performances in “The Kitchen”, de New Yorkse tempel van de Avant-garde. Laurie Anderson is de archetypische multimediale kunstenares die digitale technieken gebruikt om muziek, theater en poëzie met elkaar te combineren. In 1981 maakte zij het singeltje “O Superman”, en wanneer de legendarische disc jockey John Peel het draait, wordt Laurie Anderson van de Avant-garde naar de hitparade gekatapulteerd. Wat haar niet belet te blijven werken met kunstapostels als William Burroughs, Philip Glass en Lou Reed, met wie zij in 2008 zal trouwen. In 2001 maakt zij haar hoogst persoonlijke versie van een audioboek gebaseerd op “The Body Artist” van Don DELillo. Twee jaar laten is zij de eerste “Artist in Residence” bij de Nasa en het verblijf resulteert in haar performance “The End of the Moon”. Voor haar experimentele muziek maakt Laurie Anderson haar eigen instrumenten zoals de “tape- bow violin”, waar het paardenhaar van de strijkstok vervangen is door magnetische tape en er is ook de “talking stick”, een metalen staaf van twee meter die op elke aanraking reageert met geluid. In augustus 2009 speelde Laurie Anderson een memorabel concert op Jazz Middelheim, samen met haar trawanten John Zorn en Lou Reed en vanavond concerteert zij in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten.
 

David Hockney (29/10)



David Hockney wordt geboren in Londen op 9 juli 1937. Hij studeert aan het Royal College of Art, en tijdens zijn studies neemt hij deel aan de tentoonstelling “Young Contemporaries”, een expo waar de pop art ontluikt. De pop art is namelijk niet in New York, maar in Londen geboren. In 1963 reist Hockney naar New York, ontmoet Andy Warhol en vandaar is het richting Los Angeles, waar hij vele jaren zal verblijven. Daar schildert hij zijn blauwe “swimming pools”, waar de blonde efeben liggen te luieren in de zon. David Hockney is openlijk homoseksueel en mooie jongens, al dan niet onder de douche, zijn één van zijn geprefereerde onderwerpen. Hockney is een echte duivelskunstenaar: af en toe is hij “art director” voor het glamourtijdschrift “Vogue” , hij versiert de nieuwe BMW, en hij ontwerpt ook de decors voor “The Rake’s Progress”, de “Toverfluit” en “Turandot”. Hockney is “in”, Hockney is “hot” en modeontwerpster Viviane Westwood noemt één van haar jasjes gewoon “Hockney”. David Hockney is niet vies van nieuwe technieken en schildert met het computerprogramma Quantel Paintbox. In 2001 komt Hockney in het nieuws met het boek en het BBC programma “Secret Knwowledge”, waarin hij aantoont dat de oude meesters camera obscura technieken en holle lenzen gebruikten om hun schilderijen et realiseren. En wie Hockney “Live on Stage” wil meemaken, kan in het Museum Ludwig naar de tentoonstelling “David Hockney. A bigger Picture.”

Aïda (20/12)

  


De heldin van de dag is Aïda.

Aïda is het hoofdpersonage uit de opera van Giuseppe Verdi. De opera werd geschreven voor opening van Cairo en speelt zich af in het oude Egypte. Ethiopische troepen zijn onderweg om Egypte aan te vallen. De Egyptenaren bereiden zich voor op de oorlog en Radames krijgt het opperbevel. Prinses Amneris, de dochter van de farao is verliefd op Radames, maar deze gevoelens zijn niet wederzijds, want hij heeft een heimelijke liefdesrelatie met Aïda, de slavin van de prinses. In Egypte weet niemand dat zij de dochter is van de vijandelijke koning van Ethiopië. Aïda wordt verscheurd tussen de liefde voor haar vader en Radames, die de oorlog tegen haar vaderland leidt. Radames komt als overwinnaar terug en de farao schenkt hem de hand van zijn dochter. Dit maakt hem niet gelukkig want hij bemint enkel en alleen Aïda. De jaloerse prinses beschuldigt hem van verraad en de grote held wordt veroordeeld om levend ingemetseld te worden in een tombe onder de tempel. Als Radames opgesloten zit, treurt hij dat hij noch het daglicht, noch Aïda ooit zal terugzien. Maar tot zijn verbijstering ontdekt hij ineens Aïda, die vrijwillig samen met hem ingemetseld werd en in zijn armen wil sterven.

Een theatrale versie van Aïda was vorig jaar de openingsproductie van het nieuwe NTGent van Wim Opbrouck. Deze wondermooie productie wordt nu gelukkig hernomen. Het is een oproep om te durven dromen, een pleidooi voor verbeelding, een feest dat u niet mag missen.
 

Benny Goodman (30/05)



De held van de dag is Benny Goodman.

Benjamin David Goodman, “the King of Swing”, wordt als zoon van arme Joodse immigranten geboren in Chicago op 30 mei 1909. In de goede klezmertraditie leert hij klarinet spelen en binnen de kortste tijd is hij de leider van een jeugdorkestje. Als hij zestien is, speelt Benny bij de betere bands van Chicago en in 1928 trekt hij naar New York, waar hij mag meespelen bij grote jongens als Glenn Miller en Tommy Dorsey. Vanaf augustus 1935 is hij de vaste attractie van het razend populaire radioprogramma “Let’s Dance”. Benny Goodman is zo geliefd bij het Amerikaanse publiek dat zijn manager het aloude gezegde “the sky is the limit” nog maar eens in toepassing wil brengen. Op 16 januari 1938, programmeert hij Benny Goodman in de New Yorkse Carnegie Hall, die “Heiligen Hallen”, waar er alleen maar klassieke muziek gespeeld wordt. De 2.760 tickets zijn weken op voorhand uitverkocht. Aanvankelijk is het publiek gewoon beleefd, maar als Benny er de tenoren van Duke Ellington en Count Basie bijhaalt, gaat het lauwe publiek helemaal uit de bol. Een paar maanden later waagt Benny Goodman zich aan een nieuwe gok en hij verrast vriend en vijand met een opname van het Klarinet Kwintet van Mozart . Na zijn jazzperiode interesseert Benny Goodman zich meer en meer voor klassieke muziek en hij vertolkt de concerto’s van Béla Bartók en Aaron Copland en het “Ebony Concerto” van Stravinsky. Klezmer, jazz, klassiek, ja zo horen wij het graag bij KLARA.
 

Rita Hayworth (31/10)



Rita Hayworth wordt geboren als Margarita Carmen Cansino – alleen de naam al!- in New York op 17 oktober 1918. Haar ouders zijn flamenco dansers en haar hele jeugd brengt zij door met dansen. Als zij 18 is, treedt zij op met haar vader als ‘the dancing cansinos”, en in de “Caliente Club” van Mexico City wordt zij gespot door één van de talentscouts van de Fox Film Corporation. In 1941 draait ze de musical “You’ll never get rich” met Fred Astaire, en datzelfde jaar poseert zij als pin up girl. De pin up girl bevindt zich altijd in schijnbaar onschuldige situaties en is zich van geen kwaad bewust, hoewel zij meestal een uitdagende pose aanneemt en altijd schaars gekleed is. Tijdens de Tweede wereldoorlog wordt Rita’s afbeelding door miljoenen soldaten bewonderd. De erotische kracht van Rita Hayworth komt het sterkst tot uiting in de “film noir” “Gilda”, waarin zij een legendarische handschoen strip tease ten beste geeft. Rita trouwt vijf keer en over haar mislukte huwelijken is zij zeer laconiek: “They go to bed with Gilda, and they wake up with me”. Ze heeft alcoholproblemen en sterft op 68 – jarige leeftijd aan Alzheimer. Op haar grafsteen staat: “To yesterday’s companionship en tomorrow’s reunion.” In het Gemeentemuseum Den Haag loopt de tentoonstelling “Pin Up”: Rita Hayworth poseert er in het gezelschap van Ava Gardner en Sofia Loren. Liefhebbers van vrouwelijk schoon, laat deze kans niet aan u voorbijgaan.

Serge Gainsbourg (31/05)



De held van de dag is Serge Gainsbourg.

Vandaag is het de Wereld Anti Tabaksdag en met wie kunnen we deze dag beter gedenken, dan met Serge Gainsbourg, de “Ponçonneur des Lilas”, de man van schone vrouwen, van te veel drank en van een slof ”Gitanes” per dag. Serge Gainsbourg is het “enfant” en later de “pépé” terrible van het Franse chanson. Op een avond woont hij een optreden van Boris Vian bij en Gainsbourg beslist zanger te worden . In het spoor van zijn vader begint hij als pianist in de bars van de “Rive Gauche”. Wanneer in 1964 zijn Lolita, France Gall, het Eurovisiesongfestival wint, wordt de “poète maudit” de icoon van het Franse chanson. Na een vernietigende affaire met Brigitte Bardot, ontmoet hij in 1968 de vrouw van zijn leven, Jane Birkin. Samen bezingen zij hun liefde in het verzengende “Je t’aime, moi non plus”. Gainsbourg, die altijd al geobsedeerd is door Dr.Jekyll en Mr. Hyde, vindt zijn alter ego uit: Gainsbarre. Een dronkaard die lalt en lult in televisieshows, op antenne een briefje van duizend frank verbrandt en het manuscript van “La Marseillaise” koopt. Ondanks deze destructieve en provocerende hellevaart blijft hij prachtige songs schrijvers voor “beautés” als Catherine Deneuve, Isabelle Adjani en zijn dochter Charlotte. Op de ochtend van 2 maart 1991 wordt hij dood gevonden in zijn appartement. Gainsbourg ligt begraven op het kerkhof van Montparnasse en naar Joodse gewoonte legt de bezoeker een steentje op zijn zerk, met daaronder een metroticket.
 

Marguerite Yourcenar (02/11)



Marguerite Yourcenar is het anagram van de Marguerite Antoinette Jeanne Marie Ghislaine Cleenewerck de Crayencour. Onnodig te zeggen dat haar moeder van adel en haar vader uit de hogere burgerij van “Le Nord”, Frans – Vlaanderen, stamt. Haar moeder sterft kort na haar geboorte en haar vader voedt haar op volgens zijn eigen goeddunken: hij leert haar moderne talen en Latijn, zij bewondert hem om zijn zin voor avontuur, zijn weetgierigheid en zijn non – conformisme. Dankzij de erfenis van haar moeder kan zij reizen en zich aan de literatuur wijden. In 1968 krijgt zij de prestigieuze “Prix Femina” voor haar roman “L’ oeuvre au noir”. Als geen ander schetst Yourcenar, met haar indrukwekkende eruditie, in “Het hermetisch zwart’, de worsteling van Zeno, een alchemist uit de tijd van Hieronumus Bosch en Pieter Bruegel, die gevangen zit tussen de Middeleeuwen en de moderniteit. Zeno is iemand die vrij – denkt, een intellectueel, die zowel de trekken van Erasmus als van Sartre heeft. Voor elke roman doet Yourcenar een uitgebreid onderzoek: zij leest veel en verzamelt alle mogelijke iconografie. Zij reist naar de grote musea, op zoek naar de schilderijen van de oude meesters. In de museumshop koopt zij de postkaartjes, die zij één voor één in haar plakboeken kleeft. Vertrekkende van die plakboeken heeft het “Musée de Flandre” in Cassel een verbluffende tentoonstelling gemaakt, met authentieke schilderijen van Teniers, Rubens en Bruegel.

Friedrich Hölderlin (2/01)



De held van de dag is Friedrich Hölderlin.

Friedrich Hölderlin behoort tot de allergrootsten. Hij is een dichter die zijn hele leven aan de poëzie gewijd heeft. “Altijd eenzaam is de dichter onder de hemel” schrijft Hölderlin en hij heeft een reden voor die eenzaamheid: zijn hart begeert te veel. Zijn drang om te dichten beschrijft hij in het vers: “Waarom slaapt dat nooit in mijn borst die doorn?” Als hij 25 jaar oud is, krijgt hij een betrekking als huisleraar in Frankfurt, bij de familie van bankier Gontard. Op 31 december 1795 ontmoet hij de bankier en diens vrouw, Susette. Het is alsof hij, zo schrijft hij, “in een nieuwe wereld” leeft. Aanvankelijk is de liefde platonisch en Friedrich schrijft bevlogen gedichten voor Susette en noemt haar zijn “hemelse muze die de chaos in zijn ziel tot rust kan brengen”. De bankier ontdekt de geheime liefde, die al lang niet meer platonisch is, en Hölderlin krijgt een huisverbod. In december 1801 accepteert hij een nieuwe betrekking als huisleraar in Bordeaux. Wanneer hij een jaar later terug naar huis keert is hij nauwelijks herkenbaar, hij is verward en uitgeput. Zijn vrienden noemen hem “de arme en ongelukkige Hölderlin”, maar de diagnose van een arts is “waanzin”. Na een verblijf in een instelling neemt een meubelmaker hem in huis. Ondanks de geestelijke duisternis in zijn hoofd blijft hij prachtige verzen schrijven.
En deze verschenen nu in de mooie “Perpetua” reeks. Mocht U nog een kerstcadeau zoeken…
 

Art Spiegelman (05/11)



“De dag waarop ik mijn droom om cowboy of brandweerman te worden heb opgegeven, besliste ik om een beroemde striptekenaar te worden”. En zo geschiedde: de “Mauss” boeken van Art Spiegelman zijn in 27 talen vertaald, inclusief in het Chinees, hij ontvangt de Pulitzer prijs en zijn werk wordt ten toon gesteld in het Museum of Modern Art van New York. Art Spiegelman wordt geboren in 1948 in een gezin van Poolse Joden. Als hij 10 jaar oud is, tekent hij al zijn eerste stripverhalen. In 1961 schrijft hij zich in aan de New Yorkse High School of Art and Design waar hij de afdeling striptekenen volgt en vier jaar later studeert hij aan de State University kunstgeschiedenis en filosofie. “Het is barbaars, een gedicht te schrijven na Auschwitz”, sprak de filosoof Theodor Adorno. Spiegelman, die zijn klassiekers kent, maakt niet een gedicht maar een heus stripverhaal over de concentratiekampen. “Maus” vertelt de lotgevallen van de familie Spiegelman, wier lot in de handen van de nazi’s ligt: de Joden worden afgebeeld als muizen, de Polen zijn de varkens en de Duitsers zijn de katten. Aanvankelijk stuit “Maus” op heel wat controverse, maar in 1988 behaalt hij de Prijs voor het Beste Buitenlandse Stripverhaal op het gezaghebbende Stripfestival van Angoulême. Wie nu de tekeningen van Art Spiegelman in het echt en van dichtbij wil zien, die kan tot 6 januari 2013 naar het Museum Ludwig in Keulen.

Guust Flater (3/01)

      

De held van de dag is Guust Flater.

Precies 88 jaar geleden werd André Franquin geboren, de geestelijke vader van Guust Flater. Het was de tekenaar opgevallen dat alle stripfiguren een beroep uitoefenen: Lucky Luke is een cow boy, Robbedoes een hotelhulpje en Kuifje een journalist. Daarom vond Franquin het een uitdaging om een reeks te maken rond iemand zonder beroep. Guust is “een held zonder werk”, hij is volledig onbekwaam als werknemer. Hij is lui, onhandig, gulzig, eigenwijs en hij doet vooral waar hij zelf zin in heeft. Zijn taak is het sorteren van de post en het onderhouden van het archief. Zodoende is het archief een enorme puinhoop en ligt zijn kantoor vol stapels achterstallige post. Als Guust op het kantoor niet aan het slapen is, houdt hij zich bezig met allerlei speeltjes en nutteloze activiteiten. Eigenlijk is Guust Flater vooral geïnteresseerd in de wetenschap. Daarvan getuigen zijn scheikundige experimenten die vaak tot ontploffingen leiden. Hij doet de vreemdste uitvindingen, waarvan de meeste goed werken, eigenlijk te goed, tot ze tot een rampzalig einde komen. Guust houdt van dieren, hij heeft een kat, een lachmeeuw, een muis, een goudvis, een egel en een schildpad. En hij heeft ook een vriendinnetje, Juffrouw Jannie, een lieve jongedame met rood haar, een paardenstaart en een bril. Al jaren droom ik van een collega als Guust Flater, vooral omdat hij het levende pleidooi is voor het “recht op luiheid”.
 

Adolphe Sax (06/11)



Adolphe Sax wordt geboren in Dinant op 6 november 1814, vandaag 98 jaar geleden . De jonge Adolphe studeert klarinet aan het conservatorium van Dinant. Hij beperkt zich echter niet tot de notenleer en hij zit de hele tijd aan zijn instrument te sleutelen om het te “perfectioneren”. Hiermee treedt hij gewoon in de voetsporen van zijn vader, die instrumentenbouwer is. De eerste uitvinding van Adolphe Sax is een nieuwe basklarinet. Wanneer hij in 1838 het instrument aan de “Koninklijke Harmonie” voorstelt, is het verdict van de blazers duidelijk: “Als wij op zo’n mismaakte instrumenten moeten spelen, dan nemen wij unaniem ontslag”. Deze uitspraak is typisch voor zijn hele verder carrière die een voortdurend gevecht zal zijn tegen onbegrip, vijandigheid, laster en sabotage. De eerste componist die het genie van Adolphe Sax erkent, is Hector Berlioz: “De bijdrage van Adolphe Sax aan de ontwikkeling van de blaasinstrumenten is gewoon revolutionair.” Bij de hervorming van de Franse militaire blaaskapellen kan Sax de hogere officieren overtuigen de versleten bugels en bazuinen te vervangen door zijn spiksplinternieuwe instrumenten. En het succes is navenant: nog nooit speelde militaire blaaskapel zo juist en zo…luid. En ook uit de klassieke muziek is er nu belangstelling: de saxofoon krijgt zijn partituur bij Gounod, Wagner en Richard Strauss, Boulez en Berio. En wat zou de jazz zijn zonder de sax van Charlie Parker en John Coltrane?

Miles Davis (28/09)




De held van de dag is Miles Davis.

Twintig jaar geleden overleed Miles Davis. Miles is een genie en hij wordt dikwijls met Picasso vergeleken, want evenals de Spaanse meester verandert hij om de vijf jaar van stijl en vindt hij iedere keer een nieuwe muziek uit. Ik zag hem drie maal optreden en iedere keer was het een totaal andere belevenis. Niet alleen in zijn muziekstijlen maar ook in zijn eigen persoonlijkheid is Miles een meester van de metamorfose: Miles de coole dandy, Miles de boxer, Miles de junkie, Miles de macho, Miles die met zijn rug naar het publiek speelt, Miles die denkt dat hij Jimi Hendrix is…

Miles komt uit een goede familie en zijn vader die tandarts is, schrijft hem in aan de Juilliard School of Music. Maar Miles brengt meer tijd door in de jazzclubs dan op de schoolbanken en op een dag is het zover: in 1947 mag hij meespelen in het kwintet van zijn idool Charlie Parker. Op 8 mei 1949 speelt hij in de Salle Pleyel in Parijs waar hij met open armen ontvangen wordt door Boris Vian die hem voorstelt aan Sarte en Picasso. Maar het meest van al is Miles onder de indruk van Juliette Gréco, de muze van Saint-Germain des Prés, op wie hij smoorverliefd wordt. Als Miles veertig jaar later een rustdag op zijn tournee opoffert om deel te nemen aan een televisiespecial over Gréco en de presentator hem vraagt waarom hij die geste deed, is zijn antwoord: “Because I love her. She’s my first love.”

Vandaag herdenkt Klara Miles Davis met een “Special Miles” in “Babel” en van 19u tot 24u presenteert Rob Leurentop “An evening with Miles”
 

De mooie Antonio (07/11)



De mooie Antonio is het hoofdpersonage van de roman van Vitaliano Brancati : “Il bell’ Antonio”. Hoofdpersoon is Antonio Magnano, een jongeman van 26. Politiek interesseert hem niet maar zijn levensloop is haast niet anders te lezen dan als een satire op de politieke situatie in Italië: veel grote woorden en veel uiterlijk vertoon, weinig inhoud. Antonio, met zijn fijne getekende, olijfkleurige gezicht, is van zo’n grote schoonheid dat alle vrouwen voor hem in de rij staan. Brancati introduceert zijn personage als volgt: “…vrouwen bleven voor Antonio een gevoel koesteren dat zo weinig moederlijk was dat ze stuk voor stuk meenden dat het een straffe Gods en een verschrikkelijke, welhaast onoverkomelijke beproeving moest zijn om de moeder of zuster van Antonio te zijn, met de daarbij behorende verplichting niet te sidderen bij een aanraking van zijn hand.” Behalve bij de vrouwen weet Antonio ook bij de machthebbers in Rome in het gevlei te komen. Tijdens zijn rechtenstudie papt hij aan met de fascisten, zonder dat hij enig benul heeft waar ze politiek gezien eigenlijk voor staan. De situatie van Antonio wordt zorgwekkend vanaf het moment dat hij getrouwd is met Barbara Puglisi, een van de mooiste en vermogendste vrouwen van de stad. Na drie jaar is er namelijk nog altijd geen kind. De “Mooie Antonio”, een heerlijke roman van Vitaliano Brancati is uitgegeven bij de Arbeiderspers. Een tip voor een bezoek aan de Boekenbeurs.

Maximilien de Robespierre (1/06)



De held van de dag is Maximilien de Robespierre.

Maximilien de Robespierre is één van de protagonisten in het bloeddrama dat “Franse Revolutie” heet. Hij studeert rechten maar op een dag neemt hij ontslag als bisschoppelijk rechter omdat het niet langer met zijn opvattingen strookt een misdadiger ter dood te veroordelen. Hij speelt de hoofdrol in “La Terreur”, en is verantwoordelijk voor honderden arrestaties en slachtoffers van de guillotine. Uiteindelijk zal zijn eigen schikbewind ook zijn hoofd doen rollen en wanneer de beul zijn hoofd aan de menigte toont, breekt een luid gejuich uit dat vijftien minuten duurt. Robespierre stond bekend voor zijn pietluttigheid en zijn sobere levenswijze, in tegenstelling met de losbandige levenswandel van zijn collega, de slonzige Danton. Robespierre krijgt de bijnaam “L’Incorruptible”, de “Onkreukbare”, om zijn onwankelbare principe. Hij is een strakke, consequente denker met een groot ego, waarvan gezegd wordt: “Deze man is gevaarlijk, want hij gelooft in alles wat hij zegt.” Op 25 oktober wordt hij beschuldigd van eerzucht en dictatoriale neigingen en Robespierre verdedigt zich met “Men kan geen revolutie nastreven zonder revolutie.”
Robespierre blijft tot de verbeelding spreken en het Theatercollectief “Steigeisen” brengt met de toneelproductie “De Onkreukelbare” een portret van deze omstreden figuur. Vanaf vanavond kan u met de “Onkreukelbare”, de feesten en de rituelen van de Franse revolutie opnieuw meemaken in de Brusselse KVS.
 

Ariane en Solal (4/06)


Belle du Seigneur (2012) Jonathan Rhys Meyers - Natalia Vodianova.

De helden van de dag zijn Ariane en Solal.

“Hij was afgestegen en liep tussen de hazelaars en egelantieren, gevolgd door de twee paarden, die door de stalknecht bij de leidsels werden gehouden, hij liep zijn bovenlichaam naakt onder de twaalfuurszon en hij glimlachte, vreemd en vorstelijk, zeker van een overwinning. Tot tweemaal toe, gisteren en eergisteren was hij laf geweest en had hij niet gedurfd. Vandaag, deze eerste meidag, zou hij het wel durven en zou ze van hem houden.” Zo begint: “Belle du Seigneur”, de meesterlijke roman van de Frans – Joodse schrijver Albert Cohen. Een verhaal van 800 bladzijden over de gesel die passie heet. “De Uitverkorene van de Heer” vertelt de obsessionele liefde tussen de cynische, berekende Solal en de hartstochtelijke, dweperige Ariane. Beiden behoren tot de diplomatische kringen van Genève en de auteur schetst een onverbiddelijk portret van het gekonkel van de hogere ambtenaren. Aanvankelijk is Solal het type van de koele minnaar, maar hij wordt het slachtoffer van zijn eigen liefdesspel, en van de beredeneerde verleider evolueert hij naar de passionele geliefde. Solal verleidt om zijn eigen doodangst te camoufleren, en Ariane schenkt hem de absolute passie. En zoals elke passie is ook de liefde van Ariane en Solal destructief en enkel de dood kan het veraard van de liefde verijdelen. Om hun liefde te vrijwaren, plegen zij alle twee zelfmoord in het Rits Hotel van Genève en vervoegen Romeo en Julia en Tristan en Isolde.
“Uitverkorene van de Heer” verscheen bij Van Gennep.
 

Ulysses (08/11)


Otto Greiner, Ulysses and the sirens.

Ulysses is de held van de gelijknamige roman van James Joyce. Er wordt beweerd dat Ulysses het meest bestudeerde boek ter wereld is, na de Bijbel, welteverstaan en nog steeds zijn de meningen verdeeld of het een overschat stuk egotripperij of het een absoluut meesterwerk is. Voor mij is het in ieder geval het laatste, en ik kan het weten want ik ben er al een paar keer in begonnen. “Ulysses” vertaalt het verhaal van Leopold Bloom van die ene bewuste dag, 16 juni, 1904 in Dublin. Het is 8 uur in de morgen en Leopold maakt het ontbijt klaar voor zijn vrouw, de wulpse zangeres Molly Bloom. Leopold doet boodschappen, gaat naar een begrafenis, doet zijn werk als advertentieman, flaneert, drinkt en belandt ’s avonds in de rosse buurt van Dublin. Wat op het eerste zicht een banaal verhaal lijkt, wordt doorweven met een kosmos van mythen en verhalen, vernuftige grapjes en woordspelingen, om tenslotte te culmineren in de formidabele, meeslepende “monologue intérieur van Molly Bloom met als slotzin”…en toen vroeg hij me of ik ja zei ja mijn bergbloem en eerst sloeg ik mijn armen om hem heen ja en ik trok hem op mij neer zodat ie mijn borsten voelde een en al geur ja en zijn hart sloeg als gek en ja zei ik ja zeker ja”. In de mooie “Perpetua” reeks verscheen er nu een nieuwe vertaling van dit meesterwerk. Een lekkere snobistische tip voor als u straks naar de Boekenbeurs gaat, misschien vindt u “Ulysses” wel, verdwaald tussen de kookboeken.

Anton Steenwijk (29/09)




De held van de dag is Anton Steenwijk.
Anton Steenwijk is het hoofdpersonage uit “De Aanslag” van Harry Mulisch.
Op een avond in 1945 zit het gezin Steenwijk in de huiskamer “Mens-erger-je-niet” te spelen. Plots worden zij opgeschrikt door geweerschoten: een collaborerende NSB’er is doodgeschoten. Kort na de schoten komen de buren naar buiten en leggen het lijk voor de stoep van de familie Steenwijk. Het huis van de familie Steenwijk wordt in brand gestoken door de Duitsers en Anton wordt meegenomen naar het politiebureau. Hij weet niet wat er met zijn ouders en zijn broer gebeurd is. Anton wordt de volgende dag naar zijn oom en tante in Amsterdam gebracht, waar hij opgroeit. Na zijn middelbare school gaat hij studeren voor anesthesist. Tijdens zijn studies komt hij toevallig terug op de plek waar hij vroeger woonde en ontmoet er de buren van weleer. Zij vertellen hem dat zijn ouders afgeslacht zijn op een gruwelijke manier. Later ontmoet Anton Steenwijk ook de man die de collaborateur voor de deur van het ouderlijk huis heeft neergeschoten.

Anton is zoals Harry Mulisch een kind van zijn tijd. “Ik ben de Tweede Wereldoorlog” was de geliefkoosde uitspraak van de elegantste schrijver van Nederland. En zoals Harry Mulisch is Anton Steenwijk een getuige van de grote revoltes in Amsterdam met de anti -atoombetoging in 1981 als hoogtepunt.
“De Aanslag” is een prachtig boek. Alleen al voor de openingsquote: “Overal was het dag, maar hier was het nacht. Neen, meer dan nacht.”
 

Annie (4/01)


 

De heldin van de dag is Annie.

Annie is de heldin uit het stripverhaal Little Orphan Annie uit de jaren twintig. En die strip is zo populair dat hij bewerkt werd als musical en als film. De elfjarige Annie woont in een weeshuis dat geleid wordt door de egoïstische en alcoholistische Miss Hanigan. Elke avond droomt Annie van haar ouders, ze heeft ze al elf jaar niet meer gezien maar ze weet zeker dat zij nog in leven zijn. Op een dag komt de privésecretaresse van de miljardair Oliver Warbucks naar het weeshuis om één van kinderen uit te nodigen voor de kerstvakantie. Annie wordt uitverkoren. Aanvankelijk heeft de miljardair niets met haar te maken maar Annie steelt zijn hart, zij noemt hem “Daddy” en samen gaan ze op zoek naar haar ouders. Dit blijkt echter niet zo’n gemakkelijke klus want het enige dat Annie aan haar ouders bindt is een zilveren medaillon. Vanaf het moment dat er geld beloofd wordt aan degene die iets meer kan vertellen over haar ouders komen enorm veel koppels over de vloer die beweren dat zij de ouders van Annie zijn. Ook de directrice van het weeshuis heeft geld geroken en haar broer en zijn vriendin doen zich voor als de ouders van Annie. Maar zij vallen door de mand wanneer de miljardair ontdekt dat Annies ouders al jaren geleden overleden zijn. Annie wordt getroost door “Daddy” die haar voor eens en altijd zal adopteren.

Vanmiddag wordt de film “Annie” van de grote John Huston vertoond in de Cinematek in Brussel.
 

Ivan Toergenjev (09/11)



Ivan Toergenjev is van verarmde adellijke afkomst en wordt door zijn tirannieke moeder letterlijk met de zweep opgevoed. Hij studeert literatuur en filosofie in Sint Petersburg en Berlijn. In Berlijn maakt hij kennis met de anarchist Bakoenin en hij dweept met de Duitse idealistische filosofie. Van 1847 tot 1851 woont Toergenjev in Parijs, waar hij getuige is van het revolutiejaar 1848. Af en toe keert hij terug naar Rusland, maar omdat hij er beschuldigd wordt van revolutionaire activiteiten, vestigt hij zich voor goed in Parijs, waar hij bevriend is met George Sand en Gustave Flaubert en een graag geziene gast is op de Parijse soirées. Beroemd is de anekdote waarin, Toergenjev tijdens een bezoek aan de oude Tolstoï , aan de zieke meester demonstreert hoe ze in Parijs de French cancan dansen. Toergenjev is een getuige van zijn tijd en in tegenstelling tot Dostoiëvski en Tolstoï, is hij niet geïnteresseerd in religie en het mysticisme van Tolstoï zal hij zelfs “charlatanisme” noemen. In zijn meesterlijke roman “Vaders en Zonen” beschrijft Toergenjev het conflict tussen liberalen en nihilisten. Het hoofdpersonage van “Vaders en Zonen”, Bazarov, is in Rusland het prototype geworden van de nihilist, een woord dat Toergenjev zelf bedacht heeft, en die nihilist hecht slechts waarde aan de wetenschap en verkondigt een materialistische filosofie. En ik citeer: “Een chemicus is twintig maal nuttiger dan welke dichter ook”.

Jevgeni Onegin (6/01)


Eugene Onegin and Vladimir Lensky's duel - Ilja Repin

De held van de dag is Jevgeni Onegin.

Jevgeni Onegin is een roman geschreven in verzen door Alesandr Poesjkin. Onegin is een jonge dandy uit de aristocratische kringen van Sint – Petersburg die op het landgoed woont dat zijn oom hem heeft achtergelaten. Hij is levensmoe en melancholisch maar sluit toch vriendschap met Lenski, een jonge romanticus die in Göttingen gestudeerd heeft. Lenski is verloofd met Olga en Onegin wordt verliefd op haar zus Tatjana, een stil, dromerig, wat naïef meisje. Ook zij wordt verliefd op Onegin en bekent haar gevoelens in een brief. Tijdens een bal beledigt Onegin zijn vriend Lanski, die hem direct uitdaagt voor een duel en Onegin doodt zijn vriend. Tussen haakjes, ook de schrijver Aleksandr Poesjkin kwam aan zijn einde in een duel. Gekweld door zijn geweten omdat hij zijn beste vriend gedood heeft, gaat Onegin op reis. Wanneer hij drie jaar later terugkeert is Tatjana getrouwd met een kennis van hem, een prins uit de hoge adel. Zij ontvangt hem koel maar Onegin begrijpt meteen dat zij ongelukkig is en dat zij nog van hem houdt. Hij verklaart haar zijn liefde, maar zij wijst hem af en blijft trouw aan haar huwelijksgelofte. Peter Tsjaikovski was gefascineerd door het personage en hij componeerde zijn opera “Jevgeni Onegin” met al het vuur van de Slavische romantiek.

Vanavond kunt U naar in de UGC Cinema Brussel naar “Jevgeni Onegin”, rechtstreeks vanuit de Metropolitan van New York.
 

Carlo Gesualdo (5/06)



De held van de dag is Carlo Gesualdo.

Don Carlo Gesualdo, prins van Venosa, wordt geboren op 8 maart 1561. Als kind legt hij een bijzondere ijver voor muziek aan de dag. Hij speelt luit, klavecimbel, gitaar en volgt compositie aan de Academia. In 1596 huwt hij met zijn nicht Donna Maria d’Avalos. Twee jaar na hun huwelijk begint zij een affaire met de hertog van Andria. Hoewel hun relatie de “talk of the town” is, kan Maria het jarenlang voor haar echtgenoot geheim houden. Maar op een dag gaat Gesualdo op jacht. Zogezegd, want ineens keert hij terug naar zijn paleis waar hij de vurige minnaars betrapt “in flagrante delicto” en hij vermoordt ze alletwee in het bed van de schande. De verminkte en bebloede lichamen exposeert hij op het marktplein. Daar Gesualdo van adel is, kan hij niet vervolgd worden, maar uit vrees voor de wraak van de familieleden vlucht hij naar Ferrara, de plek waar de avant garde van de Renaissance muziek in volle bloei is. Gesualdo omringt zich met de beste muziekanten en hij publiceert zijn eerste boek met madrigalen. Carlo Gesualdo wordt gekweld door wroeging en sukkelt van de ene depressie in de andere. Hij wil boeten, laat zich afranselen, maar het schuldgevoel blijft hem folteren. Inmiddels componeert hij een sublieme muziek van uitersten: van liefde, pijn, dood, extase en agonie. Vanavond kunt u naar de Brusselse Miniemenkerk naar zijn motetten voor de Goede Week door het Collegium Vocale onder de leiding van Philippe Herreweghe.
 

Sisyphus (5/01)


Titian - Sisifo (1548 - 1549)

De held van de dag is Sisyphus.

Koning Sisyphus is berucht om zijn hebzucht en zijn sluwheid. Reizigers die op zijn land komen, worden door hem beroofd en vermoord. Door die wandaden wekt hij de woede van Zeus want bovendien mengt hij zich ook nog in het privéleven van de oppergod die hij betrapt bij het schaken van een mooie nimf. Uit woede zendt Zeus Thanatos op hem af, om hem naar het rijk der doden te brengen. Maar Sisyphos kan hem gevangen te nemen, met als gevolg dat er niemand meer sterft, tot groot ongenoegen van Hades, de heerser van het Dodenrijk. Woedend sleurt deze Sisyphus naar de onderwereld. In de onderwereld aangekomen mag hij niet over de Dodenrivier en Sisyphus smeekt om terug naar de aarde te mogen. Maar eenmaal op de aarde moet Sisyphus voor al zijn zonden verschrikkelijk boeten. De rechters veroordelen hem om een geweldig rotsblok tegen een steile heuvel op te rollen, wat hij alleen met de inspanning van al zijn krachten gedaan krijgt. Als hij eenmaal boven aangekomen is, dan rolt de zware rotssteen weer naar beneden en moet Sisyphos opnieuw beginnen.

In 1942 schrijft Albert Camus het filosofische essay “Le Mythe de Sisyphe”, Camus komt met een heel originele thesis voor de dag. “Il fait imaginer un Sisyphe heureux” schrijft hij. Het geluk van de mens ligt immers niet in de zin van zijn opdracht maar in het volbrengen ervan.
Met andere woorden: het is niet de zogezegde zin van het leven die telt, maar het leven zelf.
 

Louise Michel (30/09)


 

De heldin van de dag is Louise Michel.

Louise Michel is de onversaagde vrijheidsstrijder uit de Franse Commune. Zij is een mix van Jeanne d’ Arc en Che Guevara. We schrijven 18 maart 1871: gekweld door de hongersnood komt het Parijse volk in opstand en roept de “Commune”uit, een bewind dat net geteld 72 dagen zal duren. Eén van de leidsters van de revolutionaire beweging is Louise Michel. Vóór de revolutie uitbrak, leidde ze haar eigen schooltje volgens de progressieve principes en ze was een opvallende vrouw die evenzeer op haar gemak was tussen de politieke extremisten als in het klaslokaal. Zij had een relatie met Victor Hugo die zij aanspraak als “Meester”, want hij was de enige man die haar “geëxalteerde temperament” kon begrijpen. Louise Michel bezat namelijk het griezelige vermogen om zich in het middelpunt van de historische gebeurtenissen te plaatsen, daar waar het gevaar het grootste was. Tijdens de strenge winter van het beleg komt Louise Michel op voor de directe noden van de armen en zij smeekt de burgemeester te helpen met voedsel voor de hongerigen en te voorzien in de onderwijsbehoeften voor de jeugd. Haar bijnaam is de “Rode Maagd” en zij zorgt ervoor dat ongehuwde vrouwen hetzelfde pensioen zouden ontvangen als gehuwde, laat een wet stemmen die de discriminatie van buitenechtelijke kinderen verbiedt en zorgt voor de baanbrekende toezegging van gelijk loon voor vrouwen.

Wie meer wil weten over deze “pasionaria” kan naar het Musée de la Photographie van Charleroi voor de tentoonstelling “Le temps des cerises. La commune en photographies”.
 

Simone de Beauvoir (9/01)



De heldin van de dag is Simone de Beauvoir.

Op 9 januari, precies 104 jaar geleden, wordt Simone de Beauvoir geboren. Zij is de Franse filosofe, schrijfster en feministe die berucht en geducht zal worden met haar uitspraak: “On ne naît pas femme, on le devient”. Aan de Parijse Sorbonne studeert ze literatuurwetenschap, wiskunde en filosofie en leert er Jean – Paul Sartre kennen. Haar vader ziet niets in de bebrilde man met zijn metalen stem en waarschuwt Simone: “Je zult nooit meer worden dan de hoer van die worm”. Maar Sartre wordt haar gezel voor het leven. Hij verbindt zich aan Beauvoir met een pact: van een klassiek huwelijk, dat beiden als “bourgeois” aanzien, kan geen sprake zijn. Ze zouden beiden tot elke prijs hun zelfstandigheid bewaren, wat vooral inhoudt dat seksuele omgang met anderen mogelijk moet zijn, waarna ze hierover aan elkaar verslag uitbrengen. In 1949 verschijnt: “Le deuxième sexe”, waarin zij pleit voor de complete onafhankelijkheid van de vrouw want “al wat door mannen is geschreven, moet als verdacht worden beschouwd omdat zij zowel rechter als partij zijn”. In 1954 publiceert zij haar roman “Les Mandarins”, een onverbiddelijk en prachtig portret van de Parijse intelligentsia. Als in 1980 Sartre overlijdt, is zij kapot van verdriet en schrijft het intiem, ontroerende “La Cérémonie des Adieux”. Zij sterft zes jaar later, lichamelijk en geestelijk uitgeput. En net zoals Héloïse en Abélard liggen zij naast elkaar begraven in één graf.
 

Billy the Kid (6/06)



De held van de dag is Billy the Kid.

William Henry Mc Carty Junior, alias Billy the Kid werd geboren op 23 november 1859. Billy is zestien jaar oud, wanneer zijn moeder aan tuberculose overlijdt. Omdat hij geen geld heeft en zijn stiefvader niet naar hem omkijkt, moet Billy noodgedwongen de kleding stelen die aan de waslijn hangt. Hij werkt als afwasser en serveerder in een bar en komt in contact met een zekere Sombrero Jack die, zoals de naam het zegt, een dief en een gokker is. Met Jack gaat Billy de paarden van het leger stelen. Zij worden gearresteerd maar Billy kan ontsnappen via de schoorsteen van de gevangenis. Wanneer in een saloon iemand zijn moeder beledigt, schiet Billy hem koelbloedig neer en voortaan leidt hij een voortvluchtig en crimineel bestaan. Hij is de onversaagde revolverheld die zowel met de linker als met de rechterhand iedere tegenstander neerknalt. Uiteindelijk wordt Billy the Kid op de nacht van 14 juli 1881in doodgeschoten door Pat Garret. Ondanks zijn reputatie, hij zou zo’n 21 mensen vermoord hebben, was de knappe Billy zeer geliefd bij de lokale bevolking: iedere keer dat hij in de gevangenis zat, brachten de dorpelingen hem eten, drank en serenades. Tijdens zijn leven was hij al een legende en de kranten schreven gretig over zijn misdaden. De enige foto van Billy the Kid werd vorig jaar voor 2,3 miljoen dollar geveild in New York. En vandaag kunt u in de Cinematek in Brussel naar de eerste verfilming van Billy the Kid door King Vidor.
 

Manon Lescaut (10/01)

   

De heldin van de dag is Manon Lescaut.

Manon Lescaut is het hoofdpersonage van de gelijknamige opera van Jules Massenet. In een herberg in Amiens maken enkele edellieden en drie wulpse actrices goede sier. Onder hen zijn Brétigny en Lescaut, die er zijn nichtje Manon opwacht. Wanneer de betoverende Manon aankomt, is zij gefascineerd door de luxe van de actrices en droomt ervan ooit zoals zij te zijn. Ridder Des Grieux ziet Manon en wordt onmiddellijk verliefd op haar. Zij vluchten naar Parijs, waar zij in armoede leven. Op een dag krijgen zij het bezoek van Manons neef Lescaut en Brétigny. Lescaut vertelt dat vader des Grieux boos is op zijn zoon en deze wil laten opsluiten, Brétigny belooft aan Manon een weelderig leven. Des Grieux gaat een smeekbrief naar zijn vader posten en Manon zingt: “Adieu petite table”, waarin zij duidelijk maakt dat zij voor Brétigny kiest. Manon is de ongekroonde koningin van het mondaine leven en heeft veel aanbidders. Op een avond hoort zij dat haar voormalige geliefde in het klooster is getreden. Manon smeekt hem om vergeving. Zij leven weer samen maar Manon kan niet zonder luxe. Des Grieux gaat gokken, wint, maar wordt van vals spelen beschuldigd en belandt samen met Manon in de gevangenis. Een laatste keer halen zij herinneringen op aan het geluk van hun liefde en Manon sterft met de woorden: “Et c’est là l’ Histoire de Manon Lescaut”.

Vanavond gaat in de Parijse Opéra Bastille “Manon” in première met in de titelrol de goddelijke Nathalie Dessay
 

Carmen (8/06)


Emma Calvé (1858-1942) als Carmen

De heldin van de dag is Carmen.

Carmen is de heldin van de gelijknamige novelle van Prosper Mérimée en werd wereldberoemd met de opera van Georges Bizet. Wij zijn in Sevilla, omstreeks 1820. Op het stadsplein is een jonge vrouw, Micaëla, op zoek naar haar geliefde, de korporaal José. Hun gezellig samenzijn wordt plots onderbroken door de pauzebel van de tabaksfabriek. Carmen valt onmiddellijk op tussen de andere vrouwen: zij is heel mooi, vrijgevochten en heeft iets van een wilde kat. De bewoners bespotten haar, José komt tussenbeide en Carmen geeft hem een bloem om hem te bedanken. Er breekt een gevecht los in de tabaksfabriek en Carmen wordt gearresteerd op beschuldiging van geweldpleging. José wil Carmen redden van de gevangenis, hij laat haar lopen met als resultaat dat hijzelf gevangen wordt gezet. Tijdens een feest laat de toreador Escamillo zijn oog vallen op Carmen, maar zij wil wachten op José, die net uit de gevangenis is vrijgelaten. Zij kan hem overtuigen met hem te vluchten. Ondertussen is de brave Micaëla nog steeds op zoek naar haar José, Escamillo wil kost wat kost Carmen en daagt José uit voor een gevecht. Micaëla smeekt José de strijd te staken en met haar mee te gaan. José geeft toe en verlaat Carmen met de dood in hat hart. De dag van de corrida is aangebroken en Escamillo paradeert met Carmen aan zijn arm Een wanhopige José probeert Carmen terug te winnen. Zij wijst hem af, hij steekt haar neer. Vanaf volgende zondag is “Carmen” te bewonderen in de Vlaamse Opera in Antwerpen.
 

Siegfried (3/10)




De held van de dag is Siegfried.

Siegfried is het hoofdpersonage van het middeleeuwse Duitse heldenepos het “Nibelungenlied”, die wij vooral kennen van Richard Wagners tetralogie “Der Ring des Nibelungen”. De moeder van Siegfried sterft bij zijn geboorte en hij wordt opgevoed door de smid Mime. Siegfried ergert zich eraan dat Mime er niet in slaagt een onbreekbaar zwaard te smeden en hij gaat zelf aan de slag. Het lukt hem en hij slaat met één geweldige slag het aambeeld in twee stukken. Nu kan Siegfried de draak Haffner verslaan en drinkt van het drakenbloed. Voortaan is Siegfried in staat de gedachten van Mime te lezen en zo komt hij te weten dat deze van plan is hem te vermoorden. Siegfried steekt hem dood. Een vogel vertelt hem over de mooie Brünhilde en brengt hem naar de Walkürenrots, waar zij achter een vlammenzee ligt te slapen. Siegfried kust haar wakker en zij bezingen elkaar hun liefde.
De Siegfried-idylle is het symfonische gedicht dat Richard Wagner schreef voor de verjaardag van zijn vrouw Cosima Liszt. Zij was jarig op 24 december, maar haar verjaardag werd altijd op eerste kerstdag gevierd. Het stuk werd om half acht ’s ochtends in de hal van het huis uitgevoerd. Cosima schreef hierover in haar dagboek dat zij zachtjes wakker werd door hemelse muziek.

Siegfried is ook het symbool voor Duitsland waar het vandaag de nationale feestdag is en om dat volwaardig te vieren vertoont de cultuurzender Arte vanavond de complete “Die Niebelungen”, het filmepos van Fritz Lang. De operaliefhebbers moet ik wel waarschuwen dat het om een stomme film gaat.
 

Alberto Giacometti (11/01)

 
                                                                                                      Three Men Walking II

De held van de dag is Alberto Giacometti.

Begin februari van vorig jaar werd een recordbedrag van 74 miljoen euro neergeteld voor “L’Homme qui marche”, een beeldhouwwerk van Alberto Giacometti die vandaag, 111 jaar geleden geboren werd in Borgovino, een klein dorpje in Zwitserland. Zijn vader en zijn broer Diego, die later zijn assistent en belangrijkste model zal worden, zijn beiden kunstschilders. Zijn vader stimuleert Alberto, een voormalige schuur richt hij in als atelier en tijdens de vakantie oefent hij zijn zoon in het landschap schilderen. Alberto Giacometti studeert in Genève, reist naar Italië en volgt kunstonderwijs in Parijs bij Antoine Bourdelle, een leerling van Rodin. Giacometti is een “Einzelgänger, een solitaire wandelaar die ’s nachts werkt, tegen de morgen iets gaat eten in “La Coupole” in Montparnasse en bij de dageraad in bed kruipt. Als hij in 1948 in New York exposeert, betekent dit het debuut van een internationale erkenning en in 1962 ontvangt hij op de Biënnale van Venetië de Grote Prijs voor Beeldhouwkunst. Met zijn figuren die breekbaar zijn als een opgebrande lucifer vindt Giacometti een nieuwe anatomie uit. Zoals zijn vrienden Sartre, Jean Genet en Samuel Beckett is hij op zoek naar herovering van de vrijheid.
Als er één beeldhouwer is, die zich die zich “existentialist” mag noemen, dan is het wel Alberto Giacometti, die ooit verklaarde: “Als ik in een brand zou moeten kiezen tussen een kat en een Rembrandt, dan red ik de kat”.
 

Monrico (11/06)



De held van de dag is Monrico, de Troubadour.

Manrico is het hoofdpersonage uit “Il Trovatore” de magistrale opera van Giuseppe Verdi, die gisteren in de Muntschouwburg in première ging. Het is een draak van een verhaal, maar ik zal mij toch aan een beschrijving wagen. Lang geleden wou de zigeunerin Azucena haar moeder wreken, die ervan beschuldigd werd één van de twee zonen van de oude graaf Di Luna te hebben behekst: zij besloot het jongste kind te ontvoeren en het in de vlammen te gooien. Maar op het ogenblik dat zij deze fatale daad wil stellen, offert de zigeunerin haar eigen kind op en redt zij de zoon van de oude graaf die zij opvoedt en Manrico noemt. Eenmaal volwassen, kennen de troubadour Manrico en de oudste zoon van de graaf Di Luna elkaar niet, maar dingen ze allebei naar de gunsten van de mooie Leonora. De troubadour Manrico slaagt erin het hart van de jonge vrouw te veroveren, die zich zelf voor hem opoffert en de zoon van de graaf bedriegt. Gek van jaloezie beveelt deze laatste dat de troubadour moet sterven terwijl zijn moeder toekijkt. Azucena onthult hem dan dat Manrico zijn broer was. Ondanks dit “grand guignol” scenario, is “Il Trovatore” een echt meesterwerk, waar theater en bel canto hand in hand gaan, misschien wel de meest opwindende en beangstigende opera van Verdi. Ik weet niet of we de vloek van Azucena en haar moeder zullen voelen maar met dirigent Marc Minkowski en regisseur Dmitri Tcherniakov en de Munt zijn we in goede handen.
 

Louis Paul Boon (13/01)



De held van de dag is Louis Paul Boon.

“Hij was de grootste prozaschrijver die Vlaanderen heeft voortgebracht, de meest gedrevene, de meest bevlogene, de eerlijkste, hij die het meest heeft gedurfd ”, schrijft Jeroen Brouwers over Louis Paul Boon, die dit jaar honderd zou worden. “En …ach, enzovoort, enzovoort” schreef Louis Paul Boon onder het manuscript van “De voorstad groeit”. Zijn vrouw Jeanneke stuurt het op naar de Leo J. Krynprijs, zonder dat Louis dat weet. Boon wint de Krynprijs…en een schrijversloopbaan is begonnen. In 1953 verschijnt: “De Kapellekensbaan”, volgen “Menuet”, “De bende van Jan de Lichte en het heerlijke “Mieke Maaike’s obscene jeugd”. Maar om aan de kost te komen is Boon journalist bij de toenmalige “Rode Vaan”. Zijn dagelijkse cursiefjes, zijn “Boontjes”, blijft hij publiceren tot aan zijn dood. Boon is een anarchist. Boon wil waarheid en eerlijkheid, hij is een revolutionair, hij wil de mensen een geweten schoppen. Met “Pieter Daens ” is hij de grote schrijver van het socialisme.
Eigenlijk kon Boon niet schrijven en toch schreef hij, zoals Vincent van Gogh niet kon schilderen en toch schilderde. “De liefde begint met zichzelf”, schrijft Louis Paul Boon, “slechts als men liefde teveel heeft kan men er van wegschenken, slechts als een kachel helemaal warm was geworden kon zij warmte beginnen af te geven.” En morgen wordt Louis Paul Boon gevierd in “Klara in de Singel”.
 

Humphrey Bogart (12/11)



Humphrey Bogart wordt geboren in New York op 25 december 1899. Na twaalf stielen en dertien ongelukken, belandt hij op Broadway en vandaar gaat het naar de filmstudio’s. Tussen 1936 en 1940 draait hij om de twee maanden een film en soms speelt hij mee in twee producties tegelijkertijd. De grote doorbraak komt in 1941 met de “Maltes Faulcon” en een jaar later wordt in “Casablanca” de Bogart mythe geboren. De verschijning van Bogart, zijn platte Amerikaans accent, zijn lijzige manier van spreken, zijn onafscheidelijke sigaret en het glas bourbon binnen handbereik, groeit uit tot de grootste mannelijke filmlegende aller tijden. Humphrey Bogart is voor eens en altijd het archetype van de harde cynicus met het gouden hart. In 1944 ontmoet hij Lauren Bacall op de filmset van “To have and have not”. Zij is negentien jaar oud en hij vierenveertig…en…tja. Bogart en Bacall zijn een legendarisch filmkoppel en samen draaien zij klassiekers als “The Big Sleep” en “Dark Passage”. Maar de sloffen sigaretten en de liters bourbon eisen hun tol, Bogart lijdt aan kanker en overlijdt op 14 januari 1957, met een toegewijde, liefdevolle Lauren Bacall aan zijn zijde. Vanavond vertoont de Cinematek “To have and have not” van Howard Hawks, met een scenario van William Faulkner naar de roman van Ernest Hemingway. Hawks, Faulkner, Hemingway en Bogart…gelukkig is er de goddelijke Lauren Bacall om al dat machogedoe in goede banen te leiden.

The Girl from Ipanema (4/10)



De heldin van de dag is “The Girl from Ipanema”.

Ik ken “The Girl from Ipanema” van de song van Stan Getz en Asrtrud Gilberto maar mijn eminente jazzvrienden , die het altijd beter weten, vertellen mij dat zij de mooiste vrouw uit de jazzliteratuur is. De echte naam van “The Girl from Ipanema” is Heloisa Eneida de Menezes Paes Pinto. Elke dag passeert de zestienjarige Heloisa voor de bar waar de Braziliaanse muzikanten hun hoofdkwartier hebben. De namen van de muzikanten zijn niet de eerste de beste: Carlos Jobim en zijn tekstschrijver Vinicius de Moraes. Zij zijn de tenoren van de Braziliaanse Bossa nova en vinden hun inspiratie op het terras van hun geprefereerde bar. Zij praten, drinken, schrijven en kijken vooral naar de mooie meisjes die op het hippe strand van Ipanema flaneren. Eén van hen is Heloisa. ’s Morgens wandelt zij in haar schooluniform naar de les en ’s namiddags paradeert zij in haar bikini. “Tall, tan and young and lovely” zullen de heren muzikanten haar beschrijven, maar “The Girl from Ipanema” heeft geen oog voor die oudere mannen. De componist Carlos Jobim heeft het echt te pakken. Hij is smoorverliefd op het mooie meisje maar hij is heel verlegen en, erger nog, hij is getrouwd. Hij vertelt zijn onmogelijke liefde aan zijn tekstschrijver, die stiekem ook verliefd is op de ongenaakbare Heloisa. En zo ontstaat die unieke Braziliaanse song “The Girl from Ipanema”.

En wie de Braziliaanse muziek en cultuur live wil meemaken, die kan vanaf vandaag naar Europalia.Brasil
 

Parsifal (12/06)


Hermann Hendrich (1854 - 1931) - Parsifal

De held van de dag is Parsifal.

Parsifal is het hoofdpersonage uit Wagners gelijknamige opera “Parsifal”, zijn laatste opera en van meet af aan oogstte de muziek veel bewondering, maar het religieus - filosofisch karakter van het libretto geeft steeds weer aanleiding tot heftige discussies. Alleen een “reine dwaas” als Parsifal kan door de kracht van het christelijk mededogen heil en verlossing brengen aan de zieke koning Amfortas en zijn in verval geraakte Graalgemeenschap. Maar is Parsifal nog wel een “reine dwaas”, nadat de wulpse Kundry hem heeft gekust? Aan het slot van de opera blijkt dat Parsifal, de verlosser, zelf behoefte heeft aan verlossing. En ook Kundry draagt twee zielen in zich: zij is zowel verleidster als dienares. “Parsifal” gaat over een verouderd mannengezelschap, dat zich afgesloten heeft van de wereld, dat vrouw – vijandelijk is en dat aan zichzelf ten onder gaat omdat het stagneert. Eerst door Parsifal krijgt deze gemeenschap de kans om zich verder te ontwikkelen en het is de mooie Kundry die deze mogelijkheid schept. Deze tegenstrijdigheid komt in de muziek tot uiting. De spaarzaam gebruikte leidmotieven laat Wagner zodanig met elkaar versmelten en wederzijds op elkaar inwerken dat ambivalentie en gespletenheid muzikaal gestalte krijgen. “Parsifal” is het enige werk dat Wagner voor Bayreuth schreef en vanavond gaat het in première in de Nederlandse Opera in Amsterdam. De muzikale leiding ligt in de handen van Ivan Fischer en de regie is van Pierre Audi.
 

Salman Rushdie (13/11)



Op Valentijnsdag 1989 wordt Salman Rushdie gebeld door een journalist van de BBC die hem vertelt dat hij ter dood veroordeeld is door de ayatollah Khomeini. Voor het eerst hoort hij het woord “fatwa”. Wat heeft Salman Rushdie misdaan? Hij heeft een roman geschreven: “De duivelsverzen” die “tegen de islam, de Profeet en de Koran gericht zou zijn”. Zo begint het ongelooflijke verhaal van een schrijver die moet onderduiken, beschermd wordt door de politie, en die niet onder zijn eigen naam kan leven. Hij kiest de voornamen van twee van zijn favoriete schrijvers, Conrad en Tsjechov, om zijn alias te vormen: Joseph Anton. “Joseph Anton” is een eerlijk, spannend en soms grappig boek over hoe dat gaat, te moeten leven met zo’n dreiging. Hoeveel invloed heeft de wanhoop en hoe vecht je terug? Rushdie vertelt hoe hij als dertienjarige Bombay verlaat en ingeschreven wordt in een chic Londens college, hoe hij als Indische vreemdeling bruusk geconfronteerd wordt met het “Swinging London” van de mini-jurk en de Rolling Stones en hoe op achttienjarige leeftijd zijn geloof verliest: “Tegen het einde van de les was hij onverzettelijk atheïst en om dat te bewijzen wandelde hij in de pauze vastbesloten naar de kantine en kocht een broodje ham. Het vlees van het zwijn kwam die dag voor het eerst over zijn lippen en het feit dat de Almachtige die dag niet met dodelijke bliksems trof, bewees hem wat hij allang vermoedde: dat er daarboven niemand was om bliksems te werpen.” “Joseph Anton” verscheen bij Atlas Contact en vanavond is Salman Rushdie in hoogsteigen persoon te gast in het Bozar te Brussel.

François Vatel (14/11)



François Vatel wordt geboren in Parijs in 1631. Op vijftienjarige leeftijd gaat hij in de leer bij een gerenommeerde banketbakker. Op tweeëntwintigjarige leeftijd wordt hij geëngageerd als keukenhulp aan het hof van Fouquet, Minister van Financiën en machtigste man van Frankrijk, de vijftienjarige koning Lodewijk XIV niet te na gesproken. Vatel is een excellente kok, en een perfecte organisator, en hij wordt benoemd tot “maître d’hotel” én chef van het protocol met als titel “controleur de la bouche”. Op 17 april 1671 nodigt de Minister, die op een goed blaadje wil staan met Lodewijk XIV, de koning en zijn gevolg uit voor een groot festijn op zijn kasteel in Chantilly. Tussen twee haakjes: het is tijdens dit festijn dat Vatel voor het eerst opgeklopte slagroom met suiker en vanille opdient, die hij “crême Chantilly” zal noemen. Het is een waanzinnig feest voor 300 genodigden, met 25 tafels, 15 gangen, een vuurwerk, jachtpartijen, een concert en een ballet dat Jean – Baptiste Lully speciaal voor deze gelegenheid componeerde. Ondanks de feilloze organisatie loopt het feest een beetje in het honderd: tijdens het vuurwerk komt een zingende castraat om het leven, aan één tafel is er niet voldoende gebraad, en wanneer de verse vis niet tijdig arriveert, is het te veel voor Vatel. Hij trekt zich terug op zijn kamer en stort zich op zijn degen de woorden: “J’ai perdu mon honneur”. Morgen begint “De week van de smaak”… de vis wordt duur betaald.

Vladimir Javacheff Christo (13/06)



De held van de dag is Vladimir Javacheff Christo.

De Bulgaarse kunstenaar Vladimir Javacheff Christo, beter gekend onder zijn artiestennaam Christo, werd geboren op 13 juni 1935. En op precies dezelfde dag zag Jeanne-Claude Denat de Guillebon het levenslicht, de vrouw die zijn partner in de kunst en in het leven zou worden. Zij tekenen elk kunstwerk met “Christo en Jeanne –Claude” en reizen altijd in afzonderlijke vliegtuigen voor het geval dat, als de ene in een crash zou omkomen, de andere het werk kan verder zetten. Van kleine, kunstzinzinnige ingrepen evolueert het duo naar spectaculaire performances zoals het draperen van de Pont Neuf in Parijs of het inpakken van de Berlijnse Reichstag. Ondanks de harde commerciële aanbiedingen, maken zij geen gebruik van sponsors, zij betalen alles zelf met de verkoop van de tekeningen en de voorstudies. Christo is het artistieke brein en Jeanne –Claude, die de dochter van een kolonel is, neemt de hele logistieke ondersteuning op zich. Zij weigeren elke inhoudelijke interpretatie van hun werk, zij willen gewoon mooie en vreugdevolle kunstwerken maken die de toeschouwer op een andere manier leert kijken. Zij zijn zich zeer bewust van het efemere van hun werk en dat, eens het gedemonteerd is, er enkel nog de tekeningen overblijven, maken de ervaring “in situ” des te sterker.
Ik was er bij wanneer het duo in 1985 de Pont Neuf in Parijs ingepakt heeft, het was een sacraal moment en nog nooit was de legendarische brug zo mooi.
 

Erik Satie (15/11)



Erik Satie wordt geboren in Honfleur op 17 mei 1866. Als hij dertien jaar oud is, gaat hij naar het conservatorium, maar omdat hij volgens zijn leraren niet het minste talent heeft, wordt hij na twee jaar al weggestuurd. Zes jaar later wordt hij opnieuw toegelaten en schrijft hij zijn eerste werk voor piano “Allegro”. Erik Satie is bevriend met de dichters Mallarmé en Verlaine en samen met Claude Debussy wordt hij lid van de kabbalistische Rozenkruiserbeweging. Na de breuk met zijn geliefde, de schilderes Suzanne Valadon, componeert hij “Vexations”, een korte melodie die 840 keer na elkaar moet gespeeld worden. Het is echter wachten op John Cage, tot het opus integraal uitgevoerd wordt. Voor Diaghilev schrijft hij de balletmuziek van “Parade”, het scenario is van Jean Cocteau, de decors van Picasso en het orkest staat onder de leiding van Ernest Ansermet. Het is het zoveelste “succès de scandale” van “Les Ballets Russes” en Satie loopt een week gevangenis op voor smaad, wanneer hij een criticaster beledigt met de woorden: “Monsieur et cher ami, vous n’êtes qu’un cul, mais un cul sans musique.” Op het festival “A la Française” in Flagey kan u vanavond naar een “Soirée Satie”, de meest dadaïstische toondichter van de XIX° eeuw, die ooit zei: “Toute ma jeunesse, on me disait: Vous verrez quand vous aurez 50 ans. Eh bien, j’ai 50 ans, et je n’ai rien vu.”

Sergio Leone (16/11)



Sergio Leone wordt geboren in Rome op 3 januari 1929 als zoon van een filmfan en een actrice. In de jaren ’50 gaat hij aan de slag bij Cinecitta studio’s. Vanwege de lage productiekosten worden daar veel Amerikaanse films opgenomen. Zo werkt hij mee als hulpregisseur bij filmklassiekers als “High Noon” en “Ben Hur”. In 1962 draait hij een peplumfilm “I Colosi di Rodi” maar zijn echte doorbraak komt twee jaar later met “A Fistful of Dollars” met de koele Clint Eastwood en de overdonderende muziek van Ennio Moricone. Na het succes van de eersteling volgen: “For a few dollars more” en “The Good, the bad and the ugly”. De vaste ingrediënten van de spaghetti western zijn een apocalyptische vormgeving in combinatie met brutaal geweld en zwarte humor, weinig dialoog en heel veel sfeer. Hoofdingrediënt is vooral de opera - achtige dramatiek. Als goede Italiaan is Leone een fervent operaliefhebber. Eigenlijk is elke film bij hem een mini – opera. Net als bij opera zitten de verhalen vol met thema’s als dood, geweld, verraad en wraak. De geladen en altijd prominent aanwezige muziek van Ennio Moricona vervult eigenlijk de zangpartijen. Vanavond vertoont Cinema Zuid in Antwerpen “Once upon a Time in the West”, het absolute meesterwerk van Sergio Leone met in de hoofdrollen – houd u vast- Charles Bronson, Henry Fonda en de voluptueuze Claudia Cardinale.

Diana Vreeland (19/11)



De modeguru Diana Vreeland wordt geboren als Diana Dalziel in Parijs op 29 juli 1903. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, verhuist haar familie naar de Verenigde Staten. Haar rijke ouders zijn prominente figuren in de New Yorkse jet set. Diana volgt balletles, mag optreden in Carnegie Hall, huwt met de bankier Thomas Vreeland, reist naar Europa en begint als columniste bij het chique “Harper’ s Bazar”. Van bij het begin is het zeer opvallend dat Vreeland mode echt “au sérieux” neemt en beroemd is haar uitspraak uit 1946 waarin zij stelt dat de bikini het belangrijkste evenement is sinds de atoombom. Haar geliefkoosde kleur is rood en zij zal zich nooit vertonen zonder dat haar lippen en haar nagels vuurrood gestift en gelakt zijn. Haar salon is in rode schakeringen gedecoreerd en daar ontvangt zij haar vrienden Cole Porter, Bruce Chatwin en Cecil Beaton. Wanneer in 1960 J.F. Kennedy president van Amerika wordt, wordt Vreeland geëngageerd om de “First Lady” te adviseren bij haar garderobe. Maar haar hoofdbezigheid blijft de journalistiek: in 1962 wordt zij hoofdredactrice van “Vogue” en in 1971 wordt zij benoemd tot consultant van de modeafdeling van het New Yorkse Museum of Modern Art. Wie meer wil weten over deze boeiende vrouw, kan naar de Brusselse Cinematek voor de documentaire “Diana Vreeland: The eye has to travel”, een boeiende reis doorheen de modewereld, van de “Belle Epoque” van Parijs tot de Amerikaanse avant–garde.

Raymond Chandler (20/11)



Raymond Chandler wordt geboren in Chicago op 23 juli 1888. In 1912 verhuist hij naar Los Angeles, werkt als bankbediende en in zijn vrije tijd schrijft hij voor het pulpmagazine “Black mask” zijn eerste verhaal “Blackmailers don’t shoot”. Met Raymond Chandler duiken wij in de Amerikaanse “Hard boiled” literatuur, de inspiratiebron voor al die prachtige “films noirs”. Hij is de vader van de cynische privé detective Philip Marlowe, die Lucky Strike rookt, Bourbon drinkt en valt voor fatale vrouwen. Nochtans heeft de gentleman Raymond Chandler niets gemeen met zijn hoofdpersonage, tenzij de drank. Achter de auteur van “Crime novels” schuilt er een romantische ziel die gedichten schrijft en die ervan droomt ooit een echte, literaire roman te schrijven. Chandler schrijft een klassiek Engels maar om zijn stijl zo authentiek mogelijk te maken houdt hij schriftjes bij waarin hij de slanguitdrukkingen, de taal van de straat noteert om zo zijn eigen literaire boeventaaltje te smeden: “Ik ben een snob die verzot is op Amerikaanse slang omdat hij Latijn en Grieks heeft moeten studeren.” “The Big sleep” is het meesterwerk van Chandler, verfilmd door Howard Hawks met Lauren Bacall en Humphrey Bogart en wordt vanavond vertoond in de Cinematek. Het is een prachtige hulde aan de man die ooit schreef: “The tragedy of life is not that beautiful things die young, but that they grow old and mean.”

Gertrude Stein (5/10)




De heldin van de dag is Gertrude Stein.

Gertrude Stein is een cultfiguur van de Parijse kunstscène in de eerste helft van de twintigste eeuw. Ze verhuist op negentienjarige leeftijd van Pennsylvania naar Parijs. Aanvankelijk zou zij haar broer Leo een kort bezoekje brengen maar zij blijft in Parijs hangen. Ze installeert zich met Alice B. Toklas in een appartement in de Rue Fleurus. Alice is haar huishoudster, secretaresse, uitgever en minnares. Samen met haar broer Leo verzamelt Gertrude schilderijen van Matisse, Cézane en Picasso. Deze kunstcollectie is het begin van de regelmatige bijeenkomsten op zaterdagavond met als vaste gasten Picasso, Dali, Zelda en Scott Fitzgerald en Ernest Hemingway. Gertrude begint te schrijven en met woordherhalingen als “A rose is a rose is a rose” wil zij de poëzie vernieuwen. Hemingway zal het vers parodiëren met “A bitch is a bitch is a bitch”.

In de “The Autobiography of Alice B. Toklas” vertelt zij over het bruisende artistieke leven in Parijs met als levensfilosofie: “Ik wil wel graag rijk zijn, maar ik wil niets doen om het te worden.” Niet zo moeilijk voor iemand met een collectie van Gauguin, Picasso, Matisse, Renoir, Cézanne en Toulouse- Lautrec.
En deze formidabele collectie is vanaf vandaag te bewonderen in het “Grand Palais” in Parijs.
 

Voltaire (21/11)



Voltaire werd geboren als François – Marie Arouet in Parijs op 21 november 1694, vandaag precies 318 jaar geleden. Voltaire is schrijver, essayist, filosoof en is de prominente voortrekker van de Franse Revolutie, nooit heeft een schrijver zo het intellectuele leven van zijn tijd beheerst als Voltaire. De jonge Voltaire krijgt les op de prestigieuze jezuïetenschool. Hij verlaat de school op zijn zestiende en al heel snel heeft hij zijn introducties bij de Parijse aristocratie. In 1716 krijgt hij problemen met de Franse autoriteiten vanwege zijn scherpe teksten en een jaar later wordt hij veroordeeld tot elf maanden gevangenschap in de Bastille voor zijn satire op de Franse monarchie. Wanneer Voltaire in 1726 een machtige edelman beledigt, moet hij kiezen: de gevangenis of de verbanning. Hij vlucht naar Engeland waar hij wetenschappen studeert. Op uitnodiging van de mooie en intelligente markiezin Emilie du Châtelet, trekt Voltaire in haar kasteel in. Voltaire, de markiezin en de markies vormen er een hechte “ménage à trois”. Vervolgens nodigt Frederik de Grote hem uit aan zijn hof in Potsdam en de verlichte vorst inspireert Voltaire het schrijven van vele brieven waaronder: “Een van de grootste zegeningen die wij de mensheid kunnen brengen is bijgeloof en fanatisme uitroeien en de machthebbers beletten degenen te vervolgen die anders denken.” Wat bewonder ik toch die man, die ooit schreef: “Rien ne se fait sans un peu d’enthousiasme”, waarvan akte.

Josée Verbeke (6/10)



De heldin van de dag is Josée Verbeke.

Josée Verbeke is het hoofdpersonage van de prachtige roman van Tom Lanoye “Sprakeloos”. De roman is het hartverscheurende en hilarische eerbetoon van Lanoye aan zijn overleden moeder en vanaf de eerste paragraaf is het meteen prijs: “En dit is het relaas van een beroerte, vernietigend als een inwendige blikseminslag, en van de tergende aftakeling die zich daarna twee jaar lang voltrok aan een vijfvoudig moederdier en een amateuractrice eersteklas…Ze verloor eerst haar spraak, dan haar waardigheid, dan haar hartenklop.” Josée Verbeke brengt vijf kinderen op de wereld, staat in de winkel van haar man die slager is, maar bovenal glanst zij als actrice in het amateurtoneel van Sint-Niklaas. Op de bühne is zij op haar best en ook in het dagelijkse leven kan zij een aardig potje komedie spelen. Om beurten is zij Josée de Barmhartige, Josée de Veelzijdige, de Veeleisende, de Veelbewogene, de Welwillende, Josée de Steenezel, de Verpleegkundige, de Achterdochtige.

“Sprakeloos” gaat over een amateuractrice, over taal, over geënsceneerde en vertelde werkelijkheid. “Het boek vertelt behalve over mijn jeugd en de bron van mijn schrijverschap ook over de theatrale ziel die ik ben geworden dankzij die moeder want ik lijk ontzettend op die moeder”, aldus Tom Lanoye.
En nu brengt Tom Lanoye zelf het eerbetoon aan zijn moeder op de planken. De première is vanavond in de Brusselse KVS, waar zijn moeder in 1999 nog meespeelde.
 

Paul Verlaine (16/01)


Eugène Carrière - Paul Verlaine (1891)

De held van de dag is Paul Verlaine.

Paul Verlaine studeert rechten in Parijs, maar de literatuur trekt hem meer aan en hij stopt met zijn studies. Hij vindt werk op het stadhuis maar hij zit liever in de literaire cafés dan op zijn bureau. Verlaine ontdekt er de roes van de poëzie en van het absint. De dood van zijn vader en van een nichtje waar hij zielsveel van houdt, drijft hem in de armen van de groene fee. In 1870 trouwt hij met Mathilde Mahé, aan wie hij de bundel “La Bonne Chanson” opdraagt. Verlaine drinkt meer en meer, rammelt op tijd en stond zijn moeder en zijn vrouw eens goed af, en wanneer het satansjong Arthur Rimbaud op de proppen verschijnt, kan het galante feest pas echt beginnen. Verlaine en Rimbaud vieren hun sadomasochistische relatie met voze seks en vieze alcohol. In een staat van absolute dronkenschap, in Brussel, schiet Verlaine op Rimbaud en verwondt hem lichtjes. Na 18 maanden gevangenis wil Verlaine zijn leven beteren maar hij gaat ten onder aan de drank.
Toch leverde dat ruige leven op de rand van de zelfkant van de maatschappij subliem lyrische verzen op. Zij werden onder meer op muziek gezet door Gabriel Fauré en Claude Debussy. Geef zelf toe, wat klinkt er melodischer dan “Les sanglots longs des violons de l’automne, blessent mon coeur d’une langueur montone”. (Het stage klagen der najaarsdagen prangt mij het hart, als klank van snaren die weemoed baren en doffe smart)
Vanavond zingt de Belgische sopraan Sophie Karthäuser deze verrukkelijke chansons in de Brusselse Muntschouwburg.
 

Esmeralda (7/10)





De heldin van de dag is Esmeralda.

Esmeralda is het verleidelijke zigeunermeisje uit de “Klokkenluider van Notre Dame”, een draak van een roman van Victor Hugo. Zij loopt dansend door de straten van het middeleeuwse Parijs. Frollo, de aartsdiaken van de Notre Dame heeft een sombere passie voor het zigeunerkind en geeft de gebochelde klokkenluider Quasimodo de opdracht om haar te ontvoeren. Kapitein Phoebus kan echter op tijd ingrijpen, hij bevrijdt het meisje en Esmeralda wordt smoorverliefd op hem. Quasimodo wordt aan de schandpaal geketend. Alleen Esmeralda heeft medelijden met hem en zij geeft hem te drinken. De ongelukkige gebochelde wordt verliefd om de mooie gipsy. De jaloerse aartsdiaken doodt kapitein Phoebus en beschuldigt Esmeralda van moord. Quasimodo verbergt haar in de kathedraal van de Notre Dame. Maar Esmeralda wordt gevangen genomen en opgeknoopt. Wanneer Quasimodo de slechtheid van aartsdiaken Frollo inziet, gooit hij hem van de hoogste toren van de Notre Dame. Jaren later vindt men in de kelder van het knekelhuis de ineengestrengelde geraamten van een jonge vrouw en een man met een kromme rug. Zo zijn Esmeralda en Quasimodo voor eeuwig met elkaar verenigd.

Het boek werd bewerkt voor film, tekenfilm, musical en ballet met als beroemdste versie “Esmeralda” door het Bolshoi Theater. En deze “Esmeralda” kan u volgende zondag rechtstreeks vanuit Moskou meemaken in de Kinepolis zalen.
 

Jack London (12/01)

De held van de dag is Jack London.

136 jaar geleden werd Jack London geboren, de schrijver van de prachtige roman “Martin Eden”. Jack groeit op bij de haven van Oakland, San Francisco, waar hij als scheepsjongen een avontuurlijke jeugd beleeft. Als hij 17 jaar oud is, monstert hij aan op een walvisvaarder. Het woeste landschap en het ruige leven van Alaska inspireren hem voor zijn eerste verhalen. Hoewel hij maar tot zijn veertiende naar school is geweest, zit Jack London godganse dagen in de bibliotheek te studeren en op negentienjarige leeftijd slaagt hij in zijn toelatingsexamen aan de universiteit van Berkeley. Maar hij kan aan de lokroep van het avontuur niet weerstaan en hij vertrekt als gouddelver naar Klondike. Jack London is zeer populair bij het grote publiek, niet alleen om zijn werk maar ook om zijn onstuimige leven. Zo is hij als journalist getuige van de oorlog in Korea en van de revolutie in Mexico. Jack zit zwaar aan de alcohol en zal zijn uitputtende verslaving onverbloemd beschrijven in de aangrijpende roman “John Barleycorn”. London schrijft over leven en dood, over de verstotelingen van de maatschappij en over het onrecht in de wereld.
Kapot van alcohol en weemoed sterft Jack London op veertigjarige leeftijd, de man met het levensmotto: “Ik zou liever as zijn dan stof. Ik zou liever een prachtige meteoor zijn dan een slapende planeet. Ik zal mijn dagen niet sparen om ze te verlengen, ik zal ze verslijten tot op het bot.”
 

Che Guevara (14/06)



De held van de dag is Che Guevara.

Che Guevara, de held van de Cubaanse revolutie, de man van wie er geen enkele slechte foto bestaat, werd geboren op 14 juni 1928. Jean – Paul Sartre bewierookte hem met de woorden: “Che is de meest complete mens van zijn tijd. Hij beleefde zijn eigen woorden, sprak met zijn eigen daden, en zijn verhaal en het verhaal van de wereld liepen parallel.” Che Guevara studeert geneeskunde en in 1952 onderneemt hij een avontuurlijke escapade met een zware motor, dwars door Argentinië. Door de confrontatie met armoede, uitbuiting en racisme is de trektocht meer dan een “Easy rider” trip en zijn “Motorcycle Diaries” eindigen met de onheilspellende profetie van een revolutie die heel Zuid –Amerika zou aangrijpen. In Mexico voegt hij zich bij de uit Cuba verbannen guerrillero Fidel Castro. Che wordt als dokter ingeschakeld bij de groep van 82 man die van Vera Cruz naar Cuba vaart om vanuit de jungle het regime van Battista omver te werpen. Tegen de tijd dat dat tegen eind 1958 ook lukt, heeft Che vanwege zijn militaire intuïtie, organisatietalent en moed de titel van “Commandante” verdiend. Later, als Minister van Industrie, blijft de dictatuur van het proletariaat een geloofspunt en in zijn vrije tijd geeft Che Guevara het goede voorbeeld door zelf de hand aan de ploeg te slaan. Wie Che en de Cubaanse revolutie van dichtbij wil meemaken, kan naar het “Musée de la Photographie” in Charleroi voor de prachtige tentoonstelling: “Een eeuw Cubaanse Fotografie”.
 

Benjamin Britten (22/11)



Benjamin Britten wordt geboren op 22 november 1913, vandaag precies 99 jaar geleden. Hij studeert aan het conservatorium van zijn geboortestad, Norfolk en heel jong al componeert hij zo’n 800 werkjes. Hij schrijft filmmuziek voor documentaires en zijn doorbraak komt, met de première - uitvoering van “Variations on a theme of Frank Bridge”, dat in première gaat op de Salzburger Festspiele van 1937. Daarna volgen “Sinfonia da Requiem” en “Serenade”. De première in 1945 van de opera “Peter Grimes” bevestigt ten volle zijn dramatische kwaliteiten. Een jaar later wordt “The Rape of Lucretia” opgevoerd op het Festival van Glyndenbourne. En twee jaar later richt hij de English Opera Group op, een gezelschap dat zich vooral toelegt op de creatie van Britse opera’s. Bij het gezelschap behoren gerenommeerde zangers zoals Kathleen Ferrier en Peter Pears, de levensgezel van Britten . Voor hem componeert Britten in “Seven Sonnets of Michelangelo”, de eerste van een hele reeks liederencyclussen voor Peter Pears. Samen richten zij in 1948 het Aldeburgh Festival op met de creatie van de kameropera “Albert Herring”. Britten wordt tot de adelstand verheven wat hem echter niet belet als overtuigd pacifist tijdens de Tweede Wereldoorlogdienst te weigeren op grond van gewetensbezwaren. En over componeren zegt hij: “ The old idea of a composer suddenly having a terrific idea and sitting up all night to write is nonsense. Nighttime is for sleeping.”

Valmont (15/06)



De held van de dag is Valmont.

Valmont is het hoofdpersonage uit “Les Liaisons Dangereuses” van de Franse schrijver Choderlos de Laclos. Zoals de titel het laat vermoeden is het een heerlijk pervers boek. Het is het verhaal van Burggraaf de Valmont en Markiezin de Merteuil, twee decadente personages zonder de minste compassie voor de anderen. Zij gaan een weddenschap aan waarin Valmont uitgedaagd wordt om de kuise Madame de Tourvel in zijn bed te krijgen. Als het hem lukt, zal de markiezin de zijne zijn, maar als hij faalt, moet Valmont zich terug trekken in een klooster. En dan volgt er een geraffineerd scenario, vol perfide intriges, die meer te maken hebben met de kunst van het oorlogsvoeren dan met de geneugten van het liefdesspel. Vergeten wij immers niet dat de auteur, Choderlos de Laclos, een hogere militair was, gespecialiseerd in de ballistiek. Valmont verleidt de godsvruchtige Madame de Tourvel, maar hij is het slachtoffer van zijn eigen spel en wordt smoorverliefd op haar. Wanneer hij in een duel dodelijk verwond wordt maakt hij zijn schandelijke weddenschap met de Markiezin de Merteuil kenbaar. Zij slaat op de vlucht en wordt zo ziek van de pokken dat haar gezicht helemaal beschadigd is, waardoor zij haar schoonheid, haar sterke wapen, voor altijd is verloren. “Les Liaisons Dangereuses”, de catechismus van de ontucht, werd verschillende keren verfilmd.
De Brusselse Cinematek vertoont vanavond “Valmont”, de versie van Milos Forman uit 1989 met Colin Firth in de hoofdrol
 

Harpo Marx (23/11)


Portret: John DiBiase

Harpo Marx wordt geboren in New York op 23 november 1888, vandaag 124 jaar geleden. Samen met zijn broers Chico en Groucho vormen zij de unieke, onnavolgbare Marx Brothers. De schoolcarrière van Harpo blijft beperkt tot twee klassen lagere school. Want vanaf zijn achtste gaat hij niet meer naar school, omdat twee Ierse bullebakken hem door het raam hadden gegooid, omdat hij –volgens Harpo – te klein voor zijn leeftijd is, een hoge piepende stem heeft en vooral omdat hij jood is. Thuis leert Harpo piano spelen en al heel snel speelt hij met zijn broer Chico in clubs en bioscopen. Bij de “Marx Brothers” is hij “sympathieke stomme”, in de films zie je hem nooit praten. Hij is de lieve naïeveling, de man met het warrige rode haar, de hoge hoed en de regenjas. Met zijn autotoeter loopt hij altijd achter de vrouwen, maar wel op zo’n onhandige manier dat je je afvraagt wat hij zou doen, mocht hij ooit beet hebben. En natuurlijk is er de harp, in verschillende formaten, gaande van een lier tot het klankbord van een gesloopte piano. Verder is er ook de regenjas: daar haalt hij allerlei dingen onder vandaan, gaande van een kaars die aan twee kanten brandt tot een vis. In tegenstelling tot zijn broers is Harpo helemaal geen vrouwengek: hij huwt met de actrice Susan Fleming en samen zullen zij vier kinderen adopteren. “Vier? Omdat er aan mijn huis vier ramen zijn. En ik vind het zo fijn dat wanneer ik ’s morgens vertrek, er aan elk raam mij een kindje tot weerziens wuift”.

Robert Filiou (17/01)



De held van de dag is Robert Filiou.

Op 17 januari 1963, precies 49 jaar geleden, roept de Franse kunstenaar Robert Filiou zijn eigen verjaardag uit tot de officiële geboortedag van de kunst. Dit statement in een Parijse bar groeit al gauw uit in diverse “Art Birthday’s feesten” over de hele wereld. Wanneer Filiou in 1987 overlijdt, ontstaat de traditie waarbij kunstenaars de verjaardag van de kunst blijven vieren. Het idee is om elk jaar op die dag cadeautjes “aan de kunst” te geven via allerlei netwerken, of het nu per fax, Tv, radio, SMS of internet is. Robert Filiou vertrok van de idee dat er één miljoen jaar geleden geen kunst was. Maar op een goede dag, op 17 januari om juist te zijn, werd volgens hem de kunst geboren. Volgens Filiou begon het allemaal met iemand die een droge spons in een emmer met kleurstof stak. Een schamel begin, maar kijk eens waar wij nu staan: de voorbije maanden stonden elk weekend 15.000 mensen aan te schuiven om in de Londense Tate Modern de sublieme schilderijen van Gerhard Richter te bewonderen. Omdat volgens Filiou “Kunst datgene is dat het leven interessanter maakt dan kunst” laten wij op Klara deze verjaardag niet ongestraft voorbijgaan.
Vanavond is het feest in het MUHKA met Chantal Pattyn, Oscar van den Boogaard en Ivo van Hove.
 

Afrodite (18/06)


Sandro Botticelli - De Geboorte van Venus (1483)

De heldin van de dag is Afrodite.

Geboren uit het schuim van de zee waarin de testikels van de oergod Ouranos naar Cyprus afdrijven, is Afrodite de machtige godin van de liefde. Zij kan onstuitbare verlangens opwekken die zelfs de grootste goden niet onder controle hebben. Afrodite steunt iedereen die verliefd is. Zij brengt mensen samen met mensen, dieren met dieren, en ook goden met stervelingen. Niemand ontkomt aan haar macht. Pygmalion bijvoorbeeld is een beeldhouwer met een afkeer van vrouwen. Maar op een dag maakt hij een prachtig beeld van een vrouw waar hij direct verliefd op wordt. Pygmalion kust het kunstwerk en brandt van hartstocht voor het koude beeld. Afrodite verhoort zijn liefdeswens. Als Pygmalion zijn geliefde beeld weer in zijn armen neemt, wordt het koude ivoor een warm meisje dat haar minnaar recht in de ogen kijkt. Hoewel zij de godin van de liefde is, holt Afrodite niet van het ene bed naar het andere, zij laat eerder de anderen hollen. Toch valt er over Afrodites eigen liefdesleven ook wat te vertellen. Tijdens haar huwelijk met de kreupele god Hefaistos heeft zij een relatie met Ares… De godin van de liefde vrijt met de god van de oorlog. Tot hier blijft het “onder goden”. Maar op een dag wordt Afrodite op een gewone sterveling verliefd: de mooie Trojaan Anchises. De godin Afrodite kan echter onmogelijk de sterveling Anchises tot haar man maken. Hun zoon Aeneas zal de eerste vijf jaar van zijn leven door bergnimfen worden opgevoed en wordt de held van Vergilius.
 

Jean-Luc Godard (27/11)



Jean-Luc Godard wordt geboren in Parijs in een chique, conservatieve en intellectuele familie. Godard, de cineast die de cinema op zijn kop zet met de stelling “Een film heeft een begin, een midden en een einde, maar niet noodzakelijkerwijze in die volgorde”, is de auteur van meesterwerken als “Le Mépris” en “Pierrot le Fou”. Hij studeert aan de Sorbonne maar zit meer in de bioscoop dan in de les. Hij heeft geen geld, klust hier en daar een beetje, maar zijn voornaamste bron van inkomsten is diefstal, vooral bij zijn ouders en zijn vrienden want Godard wil snel en luxueus leven, of zoals hij het zelf zegt “avec nonchalance et élégance”. Hij schrijft filmkritieken voor het gezaghebbende cultblad “Les Cahiers du Cinéma” en in 1960 draait hij zijn eerste film “A Bout de souffle”. Een absoluut meesterwerk…de nouvelle vague is geboren en de cinema zal nooit meer zijn zoals voordien. Godard is een herrieschopper, “un vrai emmerdeur” zoals ze dat in Parijs zeggen: hij is berucht voor zijn boude uitspraken tegen “le cinéma de papa”, zijn ruzies met acteurs, zijn vele liefdesperikelen, en zijn vele boeiende maar soms onverstaanbare films, want meneer noemt zichzelf “un kinoclaste”. Godard doet voor honderd procent zijn goesting want – en ik citeer- “La culture, c’est la règle et l’art c’est l’exception.” Vanavond vertoont de “Cinematek”: “Une femma mariée”, waarin Godard vierentwintig uur van een moderne vrouw toont.

Duke Ellington (18/01)



De held van de dag is Duke Ellington.

Edward Kennedy “Duke” Ellington wordt geboren in Washington D.C. op 19 april 1899. Zijn vader, die chef kelner is in het Witte Huis, wil een goede opvoeding voor zijn zoon en vanaf zijn zevende krijgt de jonge Edward pianolessen. Vanwege zijn deftige verschijning wordt de jonge Ellington op school de “duke”, de hertog, genoemd. Zijn hele leven lang zal Ellington er als een seigneur uitzien en ook van zijn muzikanten eist hij dat ze piekfijn uitgedost zijn. Als hij zeventien jaar is, begint zijn professionele carrière als dirigent van “The Washingtonians”. In 1927 wordt hij geëngageerd in de befaamde “Cotton Club” in New York. Als “Duke Ellington and his Jungle Band” wordt hij wereldberoemd door de vele radio- programma’s die vanuit de club in Harlem uitgezonden worden. De “Duke” moet echter elke avond langs de dienstingang naar binnen, want omwille van zijn huidskleur is hem de hoofdentree ontzegd. Duke Ellington experimenteert met wat hij de “Jungle” stijl noemt: composities met een kleurrijke tonaliteit, trompetgeschetter met dempers en scheurende saxofoons. Ellington componeert meer dan 1.500 nummers, die hij liever “American Music” dan “jazz”noemde. En hij schrijft ook nog zijn autobiografie met de veelzeggende titel “Music is my mistress”.

De Cinematek organiseert in Flagey een hele filmcyclus rond de geniale pianist, componist en bandleider en vergeet het niet: “It don’t mean a thing if you aint got that swing”
 

Paul Verlaine (26/11)



Paul Verlaine wordt geboren in Metz op 30 maart 1844. Hij trekt naar Parijs en schrijft zich in aan de Rechtsfaculteit, maar hij zit liever op café in het gezelschap van een kliek literatoren die zich “les Vilains Bonhommes” noemt. Zijn overdadig alcoholgebruik en de dodelijke absint maken hem zeer agressief en verschillende keren zal hij zijn moeder proberen te doden. In september 1871 komt de zeventienjarige Arthur Rimbaud hem opzoeken. Verlaine is smoorverliefd op de geniale jongeling, hij verlaat vrouw en kind en het tweetal leidt een crapuleus zwerversbestaan met veel drank, schandalen en vechtpartijen. Beiden zijn verenigd in de poëzie maar zijn verscheurd door hun verzengende, sadomasochistische liefde. Op 10 juli vuurt Paul Verlaine in Brussel twee schoten af op zijn minnaar Arthur Rimbaud op het einde van een dronken ruzie. Hij verwondt hem lichtjes aan de linkerpols en wordt voor twee jaar in de gevangenis in Mons gestopt. Gespeend van het levensgevaarlijke absint en afgesneden van de duivelse Rimbaud, komt Verlaine tot inkeer en schrijft prachtige gedichten. “Les sanglots longs des violons bercent mon coeur d’une langueur monotone”, een versregel die wereldberoemd wordt tijdens de Tweede wereldoorlog wanneer de Geallieerden hem als code doorgeven aan het Franse verzet. In het Brusselse Museum voor Letteren en Manuscripten kan u tot 13 januari naar de fraaie tentoonstelling “Verlaine in de Gevangenis”.